Peter Bonthuis
2 juli 2026
Maurice Leeser nam in juni na drieënhalf jaar afscheid als directeur-bestuurder bij de Koninklijke Nederlandsche Wielren Unie KNWU. Daarvoor bekleedde hij diverse andere directie- en bestuursfuncties in de sportwereld. Samen met Sport Knowhow XL blikt hij terug. Op de financiële situatie: "Ik heb me lange tijd een traumachirurg gevoeld, bezig om de zieke patiënt weer beter te maken." Op de niet tot stand gekomen intensieve samenwerking met de NTFU: "Je zou hopen dat er meer onderling vertrouwen gaat ontstaan tussen de twee wielersportbonden." En op de internationale vertegenwoordiging van Nederland in het wielrennen: "Het is gezien onze prestaties en positie logisch dat we meepraten en dat vinden ze in het buitenland ook."
2 juli 2026
Nieuws
Je hebt veel verschillende functies in de sport gehad. Wat is daarin de rode draad?
"Het zijn altijd organisaties geweest met aan de ene kant (top)sport, maar aan de andere kant ook beweging en gezondheid, maatschappelijke impact. Ik ben altijd gezegend geweest dat ik mocht werken bij bonden die aan de ene kant een groot topsportprogramma hadden, zoals zeilen, maar ook roeien en de afgelopen tijd de KNWU, waar je aan de ene kant te maken hebt met topsport en talentontwikkeling, maar aan de andere kant ook verenigingen en de maatschappelijke impact die je daarmee kunt maken."
Maurice Leeser
Jij bent niet de enige sportbestuurder die bij verschillende bonden directeur is (geweest). Jouw voorganger bij de KNWU (Nicolien Nicolai) is nu bijvoorbeeld directeur bij de KNRB (Roeibond), waar jijzelf in het verleden ook directeur bent geweest. Waarom is het zo'n klein wereldje?
"Ik snap wat je bedoelt. Het is inderdaad best een klein wereldje. Ik constateer in ieder geval dat een aantal mensen van buitenaf het lastig hebben gevonden om te aarden in de sportwereld. Er is best een aantal mensen met heel respectabele banen, die vrij snel om verschillende redenen uitvielen toen ze in de sportwereld terechtkwamen. Die vonden het toch lastig om te aarden, want er is echt wel een andere dynamiek in deze wereld."
"Ik kan me voorstellen dat een dergelijke baan niet voor iedereen is weggelegd"
Maurice Leeser
"Bij sportbonden moet je van alle markten thuis zijn. De breedte van de rollen die je gelijktijdig moet beheersen is uitdagend. Dat geldt voor grote bonden, maar misschien nog wel meer voor kleinere bonden, met een klein aantal fte tot je beschikking. Je moet niet alleen de organisatie draaien, maar je moet bijvoorbeeld ook iets vinden van politiek sensitieve en zwaarwegende maatschappelijke vraagstukken of commerciële proposities. Je bent op allerlei thema's betrokken en doordat er ook nog vaak een vergrootglas op staat, moet je je ook echt in veel verschillende terreinen verdiepen en publiekelijk verantwoorden. Die breedte en de toch ook vaak beperkte capaciteit als het gaat om mensen op kantoor, maken dat het wel een uitdagende job is. Daarnaast is het ook geen baan van negen tot vijf. Je bent vaak weg van huis, je werkt vele uren en vaak ook in de avond of in weekends en dan moet je zorgen dat het je niet naar de keel grijpt. Ik kan me voorstellen dat een dergelijke baan niet voor iedereen is weggelegd, zonder andere banen te willen diskwalificeren."
Welke eigenschappen heb je nodig om zo'n rol goed te kunnen vervullen?
"Wat de sportwereld onderscheidt van andere werelden, is de emotie en de passie. Ik heb ook bij het ministerie van VWS gewerkt en daar werken ook heel gecommitteerde mensen, maar in de sport is het meer resultaatgericht en meer emotie. Dat is voor mensen die van buiten komen niet altijd even makkelijk, ook als iemand buiten de sport zijn sporen al ruimschoots heeft verdiend."
"Een directeur-bestuurder van een sportbond opereert daarnaast ook in een unieke legitimiteitsparadox: leden, clubs, commerciële ploegen, vrijwilligers en sporters zijn tegelijkertijd klant, eigenaar en criticus. Ze geven je mandaat en claimen het voortdurend terug. Daar komt bij dat sport identiteit is, waardoor rationele besluiten altijd landen in een emotioneel geladen context. De vereiste bestuurlijke vaardigheid is daarmee niet primair analytisch, maar relationeel en politiek."
In het persbericht over jouw afscheid bij de KNWU lezen we: 'Bij zijn aantreden in 2023 stond de KNWU voor aanzienlijke uitdagingen.' Welke uitdagingen waren dat?
"Als eerste de organisatie. Die was uitgekleed. Kort gezegd: veel mensen waren vertrokken en de kas was leeg. Ik heb me lange tijd een traumachirurg gevoeld, bezig om de zieke patiënt weer beter te maken. Ten tweede was er, als je kijkt naar de toekomstbestendigheid van de sport, wel een aantal aandachtspunten: het vrijwilligerskader was verouderd; door de terugtredende overheid is er steeds minder politie beschikbaar voor wedstrijden en er zitten steeds minder kinderen op de fiets."
"Als je naar de KNWU kijkt, zie je eigenlijk een omgekeerde piramide"
Maurice Leeser
"Aan de andere kant slaagden we er wel in om onze topsporters goed te laten floreren op EK's, WK's en Olympische Spelen, maar je moet de basis en het fundament wel op orde houden. zodat we ook op de lange termijn Nederland trots kunnen maken met onze prestaties. Dat dilemma leidde ertoe dat de middelen niet voldoende evenwichtig werden ingezet toen ik aantrad. Met andere woorden, we investeren zwaar in de top, maar het fundament onder de sport is ontoereikend gefinancierd, de basis werd wel eens uit het oog verloren."
En dan is er ook nog een andere bond die zich in Nederland met (sportief) fietsen bezighoudt: de NTFU. Moeten die twee bonden niet gewoon fuseren?
"We hebben de afgelopen jaren niet gesproken over fusies, wel over samenwerking. Daar heb ik mij sterk voor proberen te maken en ik ben niet de enige. Ook NOC*NSF heeft geprobeerd die samenwerking duurzaam tot stand te brengen, maar ik constateer helaas dat dit onvoldoende is gelukt en dat betreur ik."
"Er is wel een gezamenlijk onderzoek gestart van de KNWU, NOC*NSF en de Hogeschool van Amsterdam. We kunnen constateren dat er in een jaar tijd bijna 300.000 mensen op de fiets zijn gestapt, allemaal sportieve fietsers. Dat is goed nieuws. De ongeorganiseerde fietssport floreert, maar de georganiseerde kant staat onder druk. Dat alleen al zou voldoende moeten zijn voor de KNWU en de NTFU om elkaar een hand te geven. In het onderzoek moeten we op zoek naar de vraag hoe we relevanter kunnen zijn voor de sporter. Gelukkig werken we wel samen in een onderzoek naar het verbeteren van de veiligheid in de sport."
"In mijn optiek bedien je als KNWU in ieder geval de bovenkant, de mensen die aan wedstrijden deelnemen en de mensen die aan de top zitten. Maar er moet wel voldoende fundament zijn. Als je naar de KNWU kijkt, zie je eigenlijk een omgekeerde piramide. Zowel bij de KNWU als bij de NTFU zie je een licht teruglopend ledental (steeds minder renners en rensters zijn aangesloten bij de clubs), maar er is voor de gezamenlijke bonden een veel groter potentieel. Dat blijkt wel als je kijkt naar de stevige groei bij de ongeorganiseerde fietssport, terwijl de georganiseerde wielersport onder druk staat. Hoe breder de basis van de sportpiramide, hoe duurzamer tenslotte de top en hoe meer (breedte)sporters er kunnen genieten van de fietssport. Daarom vind ik het ongelooflijk jammer dat het niet is gelukt om de NTFU aan te haken bij dit onderzoek. We moeten echt over onze schaduw heen springen. Voor mij is het een no-brainer dat de NTFU en de KNWU intensiever moeten gaan samenwerken."
Terug naar de uitdagingen. Volgens het al eerdergenoemde persbericht zijn de financiën structureel op orde gebracht. Hoe heb je dat gedaan?
"Dat was niet makkelijk. Het weerstandsvermogen was bijzonder laag en er was in de jaren daarvoor steeds sprake van een stevig negatief resultaat. Om de financiën op orde te krijgen hebben we een nieuw systeem geïntroduceerd: de ABC-systematiek. Dat houdt in dat we kosten, zowel direct als indirect, toewijzen aan specifieke activiteiten. Daarmee creëer je een helder beeld. Wat kost nou een trainingskamp? Wat kost clubsupport? En vervolgens hebben we ook gezegd dat iedereen binnen die kolom de eigen broek moet ophouden."
"Er waren partnerships waar we meer uitgaven aan hadden dan inkomsten"
Maurice Leeser
"Daarnaast zijn we ook anders gaan begroten en is de begrotingsdiscipline aangescherpt. We hebben alleen maar inkomsten begroot waarvan we honderd procent zeker wisten dat we ze binnen zouden krijgen. Op die manier konden we tegenvallers vermijden, en als er aanvullende inkomsten waren, konden we op dat moment kijken waar we die in zouden zetten. Op deze ‘conservatieve’ manier zijn we erin geslaagd de afgelopen drie jaar zwarte cijfers te schrijven en het weerstandsvermogen is terug op niveau. Maar dat is niet het hele verhaal."
In het persbericht staat ook dat het verdienvermogen is verdubbeld. Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?
"We hebben meer partnerships en financiële middelen binnengehaald. Ik heb de getallen niet in mijn hoofd, maar dat gaat bijvoorbeeld om het nieuwe contract met de Rabobank. Daarnaast hebben we afscheid kunnen nemen van een aantal ongelukkige overeenkomsten. Daar wil ik verder niet op ingaan, maar dat waren partnerships waar we meer uitgaven aan hadden dan inkomsten. We hebben er inmiddels een aantal gezonde partnerships bij, zeker ook barter-overeenkomsten, maar het zou nog altijd fijn zijn om meer partners aan te haken die ook cash investeren. Daarnaast is de integrale datagedrevenheid en het bereik bij de KNWU ook sterk verbeterd en kunnen we beter inspelen op de behoefte van nieuwe partners. Dit is echter wel een weg van de lange adem."
Er zijn de afgelopen jaren 'strategische keuzes' gemaakt, waarmee de wielersport 'structureel gekoppeld is aan maatschappelijke en economische impact'. Welke keuzes zijn dat?
"De wielersport heeft natuurlijk in de kern en in de volle breedte al heel veel maatschappelijke waarde in zich, maar we zien steeds minder kinderen op de fiets naar school gaan, de fietsvaardigheden nemen af en daar maken we ons zorgen over. Niet ieder kind op de fiets wordt een wielrenner, maar als wij onze financiële basis willen versterken, moeten we werken aan het vergroten van de instroom van onder meer vrouwen, jeugd en kinderen naar onze verenigingen. Wat het daarbij niet altijd even makkelijk maakt, is dat een deel van onze verenigingen meer gericht is op prestatie dan op plezier. Onze wielerclubs zijn kort gezegd nog niet allemaal voldoende kidsproof of voldoende gericht op de behoefte van vrouwelijke leden, wat leidt tot een kleine instroom en een grotere uitstroom."
"We hebben een dochteronderneming opgericht: Stichting op de Fiets. Daarmee hebben we een aantal maatschappelijke activaties opgezet, zoals de Nationale Klimaat Fietsdag en het Woezel en Pip Fietsdiploma. Met het fietsdiploma proberen we meer kinderen te stimuleren om meer de fiets te pakken en zo op een plezierige manier kennis te laten maken met de wielerclub. Dat geeft meer kinderen de kans om te bekijken of ze wielersport leuk vinden en het heeft ook als voordeel dat de wielerclubs veel meer in aanraking komen met het lokale netwerk. Dat is belangrijk omdat je ziet dat het sportbeleid in Nederland steeds meer lokaal wordt vormgegeven."
Met het 100-jarig bestaan van de KNWU in 2028 organiseren jullie het Dutch Cycling Festival en jullie mikken ook op topsportevenementen in Nederland. Wat houdt dat festival in en welke topsportevenementen organiseren jullie de komende jaren?
"Het Dutch Cycling Festival is geen traditioneel evenement van enkele dagen of weken. Het is een jaarvullend programma dat Nederland in het Olympische jaar 2028 tot middelpunt maakt van internationale wielersport én maatschappelijke impact. Zo zijn we in 2028 gastheer van het EK BMX en het UEC Congres op Papendal, het EK BMX Freestyle in Eindhoven, het EK Wegwielrennen en het WK Veldrijden in de provincie Noord-Brabant, en ik verwacht dat daar nog iets moois bijkomt, maar daar kan ik op dit moment nog niets over zeggen."
"Nederland is een belangrijk wielerland, dus het is logisch dat we internationaal meepraten en dat vinden ze in het buitenland ook"
Maurice Leeser
"We zetten erop in dat deze evenementen als springplank gebruikt worden ter versterking van wielerclubs. We hebben de evenementen naar Nederland gehaald met de verplichting dat er maatschappelijke activaties plaatsvinden. De Stichting op de Fiets geeft daar mede invulling aan."
WK Wielrennen 2012 ©SCS Soenar Chamid
"De topsportevenementen maken deel uit van het Dutch Cycling Festival, dat begint met het NK Veldrijden in Emmen. Het NK Wegwielrennen zal in 2028 plaatsvinden in Valkenburg, Limburg. We willen er echt een nationaal feestje van maken. We proberen ook zoveel mogelijke andere fietssportevenementen te koppelen aan onze NK’s en EK’s."
Tot slot, ondanks je vertrek bij de KNWU, blijf je internationaal deel uitmaken van de UCI Road Commission. Hoe ziet jouw toekomst eruit?
"We zijn als KNWU zo'n 15 jaar internationaal afwezig geweest. Sinds Hein Verbruggen was er geen prominente Nederlandse vertegenwoordiging meer bij de UCI. Met Robert Slippens en nog een paar anderen zijn we nu ook weer vertegenwoordigd in de Europese wielerbond UEC."
"Nederland is een belangrijk wielerland, dus het is logisch dat we internationaal meepraten en dat vinden ze in het buitenland ook. Nu we internationaal weer mensen in commissies hebben zitten, kunnen we weer een woordje meepraten en de Nederlandse belangen vertegenwoordigen. Daarbij moet je denken aan het binnenhalen van evenementen, maar ook aan andere ontwikkelingen in de sport, zoals toegankelijkheid, businessmodellen en veiligheid. Internationaal wordt het gewaardeerd dat we weer onze verantwoordelijkheid nemen en dat we weer meepraten."
"Mijn plek in de Road Commission van de UCI is op persoonlijke titel. Dat is eigenlijk een beetje raar, want ik ben natuurlijk op die plek terechtgekomen door mijn internationale contacten via de KNWU, maar als ik die plek opgeef of de UCI het alsnog lastig vindt dat ik de KNWU niet meer representeer, dan komt er niet automatisch iemand van de KNWU voor terug."
"Bij de KNWU is Andreas Roodbeen, die al drie jaar manager bedrijfsvoering was, mijn opvolger ad interim en er is inmiddels een vacaturetekst voor de definitieve opvolger. Zelf begin ik na mijn vakantie op 1 september in een nieuwe baan, ik word namelijk managing consultant bij BMC en blijf dus ook nauw betrokken bij relevante vraagstukken in de (lokale) sport. Ik kijk daar erg naar uit, maar nu eerst even genieten van vakantie."
Deel dit bericht:
Door: Leo Aquina
1 reacties
Peter Bonthuis
2 juli 2026
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.