9 juni 2022
Nieuws
door: Leo Aquina | 9 juni 2022
Op 19 augustus gaat in Utrecht de Vuelta a España van start. Het is de tweede keer dat de Spaanse wielerronde Nederland aandoet en de elfde keer in totaal dat een van de drie grote wielerronden (Tour, Giro, Vuelta) op Nederlandse bodem start. Waarom is het voor Nederlandse steden interessant om zo’n wielerevenement te organiseren? De Universiteit Utrecht doet onderzoek naar de impact van het evenement. “Er is binnen de projectorganisatie en binnen de gemeente duidelijk geleerd van voorgaande evenementen”, aldus Maarten van Bottenburg, die in 2015 al onderzoek deed naar de impact van de Tourstart in de Domstad.
De Universiteit Utrecht en Utrecht Science Park zijn officieel partner van ‘La Vuelta Holanda’, de organisatie achter de start van de Vuelta in Nederland. ‘Het internationale en het sportieve karakter van de Vuelta past perfect bij ons en het werk dat we samen met andere instellingen en bedrijven op het science park doen’, aldus Anton Pijpers, voorzitter College van Bestuur Universiteit Utrecht in een persbericht. ‘We gaan er met onze medewerkers, studenten en samenwerkingspartners een feest van maken en tevens de impact van het evenement wetenschappelijk onderzoeken’, zo vervolgt het persbericht.
Onafhankelijk
Die ronkende aankondiging roept de vraag op in hoeverre het onderzoek naar de impact van de Vuelta-start in Utrecht onafhankelijk is. Van Bottenburg is daar stellig over: “Meneer Pijpers heeft niets te maken met Maarten van Bottenburg. Als wetenschapper wil ik gewoon weten wat de impact is. Daarbij gaat het om maatschappelijke impact, organisatorische impact en economische impact. Wat levert het op en kan het op een andere manier beter? Dat zijn neutrale vragen, die los staan van de vraag of ik het een mooi evenement vind.” Van Bottenburg is verbonden aan het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO) van de Universiteit Utrecht en garandeert dat niemand anders dan de wetenschappers zelf bepalen wat er in het rapport komt: “Wij zijn eindverantwoordelijk, het wordt een openbaar rapport en alle cijfers die eronder liggen zijn vanzelfsprekend transparant. Natuurlijk heeft de projectorganisatie ons de opdracht gegeven, maar dat wil niet zeggen dat we onze onafhankelijkheid als wetenschappers prijsgeven.”
Voor het impact-onderzoek naar de Tourstart in 2015 werkte USBO samen met onder meer Mulier Instituut en de Hanzehogeschool in Groningen. Mulier is dit maal niet van de partij. Van Bottenburg: “De Vuelta komt niet alleen in Utrecht, maar ook in Breda en Den Bosch. We werken dan ook samen met partners uit die steden; Fontys Hogeschool, BUas (Breda University of applied sciences), Avans Hogeschool in Breda en de Hogeschool van Utrecht. Het Mulier Instituut was destijds vooral betrokken bij het deel over economische impact, dat doen we nu met Fontys.”
Lessons Learnt
Als een van de belangrijkste lessons learnt van 2015 noemt van Bottenburg het succes van het activatieprogramma dat al honderd dagen voor de Tourstart begon. “Er is destijds met verschillende activiteiten echt naartoe gewerkt, zodat er een Tourkoorts in de stad ontstond. Dat gebeurt dit jaar opnieuw. Wij maken een selectie van vijf evenementen in de aanloop naar de Vuelta-start waar we onderzoek doen. Denk daarbij aan activiteiten als een dikkebandenrace in Doorn, de onbeperkte Vuelta in Breda en de Prokkelsterrenslag in Utrecht. We hebben gekozen voor geografische spreiding en we gebruiken drie methodes om onderzoek te doen. Door middel van enquêtes verzamelen we data over bezoekers. Hoeveel mensen komen erop af en waarom? Met interviews zoeken we naar verdieping. Als het gaat om bijvoorbeeld duurzaamheid: hoe zie je dat terug? Maar ook als het gaat om bestuurlijke samenwerking. Daarvoor interviewen we bestuurders, ambtenaren en mensen in de uitvoering. En de derde methode is observeren. We maken opnamen en sfeerreportages waarmee we proberen te achterhalen wat bijdraagt aan het succes van de activatieprogramma’s.”
Een belangrijke component van onderzoek naar sportevenementen is altijd de economische impact. In het onderzoeksrapport van 2015 constateerden de wetenschappers dat de resultaten niet goed te vergelijken waren met het impactonderzoek dat werd gedaan naar de Tourstart van 2010 in Rotterdam, omdat in Rotterdam de WESP-richtlijnen minder strak waren gehanteerd. Is het onderzoek van 2022 straks wel goed vergelijkbaar met dat uit 2015? Van Bottenburg: “De WESP-richtlijnen veranderen in de loop van de tijd. dat is logisch, maar het maakt vergelijken lastiger. Een van de zaken die veranderd zijn, is in hoeverre bestedingen van de lokale overheid worden meegenomen. Zij investeren in het evenement, maar je kunt je afvragen of dat extra investeringen zijn die je aan het evenement moet relateren. In de huidige richtlijnen is dat niet meer het geval. Wij proberen het huidige onderzoek zoveel mogelijk vergelijkbaar te maken met 2015.”
Genegeerde adviezen
In 2015 leidde de Tourstart tot 23 miljoen aan extra bestedingen in Utrecht. Of de Vuelta eenzelfde economische impact heeft, kan Van Bottenburg op voorhand onmogelijk zeggen: “Dat is heel moeilijk voorspelbaar. Het hangt er vanaf hoeveel mensen er komen. Daarbij is bijvoorbeeld het weer ook een enorm belangrijke factor.” In het rapport van 2015 stond ten aanzien van de economische impact een kritische noot en een advies: ‘Bepaalde cafés, restaurants, snackbars en ijssalons hebben duidelijk geprofiteerd van de Tourstart, terwijl andere ondernemers, waaronder kleding- en boekwinkels, in de periode van de Tourstart (veel) minder omzet realiseerden dan gebruikelijk is (…). Verder is een dergelijke scheve verdeling van economische opbrengsten hooguit te voorkomen door middel van een soort vereveningsfonds.’ Van Bottenburg constateert dat de organisatie in 2022 deze aanbeveling niet ter harte heeft genomen.
Een andere aanbeveling die niet ter harte werd genomen was het meenemen en bestuurlijk medeverantwoordelijk maken van private partners in de projectorganisatie. “Dat snap ik wel”, zegt van Bottenburg. “In 2015 was er sprake van één lokale overheid. Nu is het een gezamenlijke organisatie van de gemeenten Utrecht, Breda en Den Bosch en de provincies Utrecht en Noord-Brabant. Ze willen de verantwoordelijkheid zoveel mogelijk bij de publieke partners houden.”
Geleerde lessen
Ondanks het niet ter harte nemen van een aantal aanbevelingen, heeft de huidige projectorganisatie volgens Van Bottenburg duidelijk geleerd van 2015 en eerdere evenementen: “De continuïteit zit ten eerste in personen. Het bestuur van de projectorganisatie was er destijds voor een deel ook al bij betrokken en er is in Utrecht een businesspeloton van bedrijven die destijds bij de Tour ook een belangrijke rol hebben gespeeld. Uiteraard willen wij weten waar zij nog meer hadden kunnen profeteren van de beschikbare kennis, maar nu is het nog te vroeg om conclusies te trekken.”
Van Bottenburg doet alleen onderzoek naar de directe impact van de Vuelta-start en niet naar de lange termijn. Het rapport zal na het evenement dan ook niet al te lang op zich laten wachten. Sport Knowhow XL besteedt tegen die tijd uiteraard opnieuw aandacht aan de resultaten.
Voor meer informatie: La Vuelta 22 Holanda
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.