16 september 2010
Nieuws
Als enige Nederlandse sport is beugelen terug te vinden op de werelderfgoedlijst van Nederlandse sporten. Hoewel dat bemoedigend klinkt kan de sport – die vooral in Noord-Brabant en Limburg wordt beoefend – wel een steuntje in de rug gebruiken. Samenwerking met de KNVB kan beugelen bij een breder publiek populair maken.
“In de 14e eeuw begonnen als spel van de adel, werd het beugelen al snel een volkssport. Nagenoeg elk dorp in Limburg en Brabant had wel een beugelbaan. Nu zijn er nog ongeveer dertig verenigingen in Nederland”, legt Mayke Breeuwer persvoorlichter van het Huis voor de Sport in Limburg uit. De sport draait erom zoveel mogelijk punten te scoren door een bal door een metalen beugel te spelen, of door de bal van een tegenstander uit de baan te ketsen. Omdat niet zozeer kracht of conditie maar juist spelinzicht en tactiek centraal staan, is de sport voor een breed publiek toegankelijk. Van de dertig verenigingen die zijn aangesloten bij de Nederlandse Beugel Bond (NBB) hebben de meeste een eigen accommodatie. De NBB kiest er echter voor om nieuwe banen vooral aan te leggen binnen bestaande infrastructuren van andere verenigingen.
“Voetbalclubs die ruimte over hebben kunnen er bijvoorbeeld voor kiezen om die te benutten voor de bouw van een beugelbaan”, zegt Breeuwer. De NBB is in dat geval bereid de voorfinanciering voor haar rekening te nemen. Een nieuwe baan kost gemiddeld ongeveer achtduizend euro. Dat is een investering die voor veel voetbalclubs op de lange termijn lonend kan zijn, denkt Breeuwer: “Leden die op den duur tegen fysieke beperkingen oplopen, kunnen wel blijven beugelen en zodoende langer aan de club verbonden blijven.” Bovendien biedt een kantine met een beugelbaan een betere exploitatie van de accommodatie omdat er zowel overdag als in de avonduren gebruik van gemaakt wordt.
De samenwerking tussen de KNVB en de Beugelbond sluit aan bij een trend die Breeuwer al een tijdje signaleert: het sportaanbod bij verenigingen wordt breder. Breeuwer: “Clubs passen zich aan. De sportconsument is individualistisch ingesteld, eist flexibiliteit. Het is één van de redenen dat de sportschool zo populair is. Wil de vereniging een goed alternatief blijven, dan is die aanpassing noodzakelijk.” Ook demografische ontwikkelingen als de vergrijzing spelen een rol. Bij een ouder wordend publiek hoort een sport die laagdrempelig is. Breeuwer: “Uiteraard richt de Beugelbond zich met de samenwerking met de KNVB vooral op jonge aanwas, maar de steeds grotere groep ouderen blijft een belangrijke doelgroep.”
De NBB en de KNVB concentreren zich vooralsnog op de provincies Noord-Brabant en Limburg waar de beugelsport van oudsher het meest beoefend wordt. Andere delen van Nederland komen wellicht later in het vizier, maar voorlopig is dat niet aan de orde. Breeuwer: “Het is wel zo praktisch om de samenwerking daar te beginnen waar ook beugelclubs zijn.”Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.