24 november 2016
Nieuws
door: Thomas van Zijl | 24 november 2016
In sporten als judo en karate lijkt een zwarte band het hoogst haalbare, maar in Japan kijken ze daar anders tegenaan. Daar gaat het er niet alleen om de sport goed te kunnen uitoefenen, maar de kunst en diens geheimen te begrijpen. Voor twee docenten van de Hogeschool van Amsterdam gaat dat zeker op. Het certificaat dat Sandy Spil en Jack van de Wal onlangs kregen uitgereikt is er een officiële bevestiging van. Ze zetten hun kennis in om studenten ook mentaal klaar te maken voor de toekomst.
Het systeem met verschillende kleuren banden is bedacht door het Westen om de sport beter te begrijpen en een idee te krijgen van het niveau. Zwart wordt gezien als het einde van het traject. In Japan, waar traditionele krijgssporten hun oorsprong vinden, heerst een andere benadering.
“Tegen iemand met een zwarte band zeggen ze daar: heel goed, je begrijpt de kunst. We kunnen beginnen”, zegt Van de Wal. Na de zwarte band kunnen sporters titels behalen die horen bij verschillende dannen, een andere indicatie van het niveau. Van de Wal is sinds begin deze maand Mokuroku, Dat wil zeggen dat hij de geheimen van de kunst, in dit geval tai ki ken, begrijpt. Het certificaat kreeg hij uit handen van zijn leraar Jan Kallenbach, negende Dan Karate en Kyoshi Tai-Ki-Ken. “Het is een enorme eer dat hij mij dit niveau toekent. Jan is een absolute autoriteit Hij heeft zo’n gezag. Niemand zal aan zijn oordeel twijfelen. Voor mij persoonlijk betekent het veel. Hij is al 27 jaar mijn trainer.”
Beheersing
Voor de titel Mokuroku is jarenlange training nodig. Het gaat er anders dan bij een examen niet om op een gezet tijdstip een kunstje te doen. Het draait om beheersing op ieder willekeurig moment. Van de Wal: “Natuurlijk wordt er gekeken naar technische vaardigheden, maar nog belangrijker is dat een trainer ‘voelt’ of iemand er klaar voor is.”
De Japanse krijgskunsten zijn verzameld onder de noemer Budo en vinden op de Hogeschool van Amsterdam hun weg tijdens een jaarlijks terugkerende projectweek, met als titel ‘Budo en de weg van de moderne krijger’. Van de Wal, zelf docent Sport Management & Ondernemen, merkt in eerste instantie regelmatig aarzeling. Eenmaal op de mat weet hij de meeste deelnemers te overtuigen door snel een vertaalslag te maken naar de dagelijkse praktijk van managers.
Meebewegen loont
Van de Wal ziet dat veel mensen die de confrontatie met een ander aangaan daar op dezelfde manier naar kijken. Er komt aan het eind van het liedje één winnaar uit en één verliezer. Dat scherpe onderscheid wil hij zelf liever niet maken. “Vergelijk het met een vechtpartij. Je kunt er voor kiezen om er vol op te gaan, met het risico dat je verliest. Een andere optie is iets minder fanatiek zijn en vooral meebewegen. Dat kan uiteindelijk echt een beter resultaat opleveren. Voor sommige managers is dat een wijze les.”
Om innerlijk in evenwicht te blijven luisteren Japanners die traditionele krijgskunsten beoefenen naar het hart, het hoofd en de buik. Het hoofd is contragewicht voor de passie die het hart ingeeft. De buik geeft als basis van het gevoel vaak de doorslag. De buik beslist. Van de Wal constateert dat managers op topposities toch vaak de passie de overhand laten nemen. Chef de Mission Maurits Hendriks illustreerde dat volgens hem afgelopen zomer.
“Een aantal beslissingen viel ongelukkig uit. Dat kan gebeuren en hoeft geen ramp te zijn, maar Hendriks ging de strijd aan. Zeker niet onbegrijpelijk, maar hij had beter kunnen meegeven en eerder kunnen zeggen: 'ik zat verkeerd'.” Overigens pretendeert Van de Wal geenszins dat hij via tai ki ken de waarheid vertelt en het altijd bij het rechte eind heeft. Het gaat hem er veel meer om nieuwe perspectieven te bieden. “Als studenten op een andere manier gaan kijken naar hun omgang met elkaar is er voor mij al veel bereikt.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.