3 juli 2025
Nieuws
door: Emilie Maclaine Pont | 3 juli 2025
Hoe ervaar je balans als je zit in plaats van staat? Wat vraagt het van je schouders als je jezelf voortbeweegt op een zachte ondergrond? En waarom zou iedereen, ook mensen zónder beperking, moeten leren rijden in een rolstoel? Tijdens de tweede bijeenkomst van Masters of Movement in 2025, georganiseerd door Athletic Skills Model, stond de rolstoel centraal. Niet als beperking, maar als inspiratiebron. Voor motorisch leren, voor veelzijdig bewegen en voor een inclusiever sport- en beweegaanbod. De deelnemers kregen een mix van theorie en praktijk voorgeschoteld. Met bijdragen van rolstoelsporters Reda Haouam en Mustafa Jebari, hoogleraren Geert Savelsbergh en Thomas Janssen, en een sportieve kickstart onder leiding van de podcastmakers van Slimmer Presteren.
De bijeenkomst begon speels. Deelnemers testten hun kennis over rolstoelvaardigheid via een interactieve quiz van Slimmer Presteren. Wat is bijvoorbeeld de tijd van een tophandbiker op de marathon? Hoeveel spelers van één team mogen opgesteld staan bij rolstoelbasketbal? En hoeveel calorieën verbranden paralympische atleten gemiddeld per dag? Het zorgde niet alleen voor een luchtige start, maar zette ook meteen de toon: sporten vanuit een rolstoel vraagt om techniek, kracht, timing - en dus om training.
Wat een stoel je leert over coördinatie
Daarna nam prof. dr. Geert Savelsbergh het woord. De hoogleraar motorisch leren aan de VU en medegrondlegger van het Athletic Skills Model zoomde in op het thema vanuit zijn expertise. Een centrale term in zijn verhaal was affordances: de kansen die een omgeving biedt om een bepaalde beweging uit te voeren, afhankelijk van wie je bent. “Een trap is iets anders voor een kleuter dan voor een rolstoelgebruiker”, legde hij uit. “Maar als je mensen andere vormen van voortbewegen aanbiedt - zoals rolstoelrijden - laat je ze op een nieuwe manier bewegen. Dat verrijkt hun motorisch repertoire.”
De rolstoel is in die zin geen beperking, maar een extra beweegvorm. Savelsbergh: “Het leert je veel over balans, timing, krachtverdeling en waarneming. Daarom past het perfect bij de uitgangspunten van het ASM.”
Leren van het andere lichaam
Vervolgens sprak prof. dr. Thomas Janssen, hoogleraar revalidatieonderzoek aan de VU en onderzoeker aan het revalidatiecentrum Reade. In een helder betoog schetste hij de impact van een dwarslaesie en benadrukte hij de (belangrijke) rol die sport en bewegen spelen in het herstel en dagelijks functioneren van mensen met een beperking.
“Bij een dwarslaesie werkt een deel van je zenuwstelsel niet meer. Veel mensen denken dan meteen aan verlamming, maar het gaat veel verder dan dat”, aldus Janssen. Hij noemde voorbeelden als verminderde hartfunctie, ademhalingsproblemen, botontkalking, darm- en blaasproblemen en thermoregulatieproblemen. “Al deze zaken beïnvloeden hoe iemand zich voelt, functioneert en meedoet in de samenleving.”
Bewegen blijkt op meerdere vlakken gunstig. “Het helpt zowel bij spierkracht en uithoudingsvermogen, als bij mentale gezondheid, sociale participatie en het verbeteren van de dagelijkse zelfstandigheid.” Tegelijk waarschuwde hij voor overbelasting van de schouders: het enige ‘aandrijvingssysteem’ van een rolstoelgebruiker.
Om zo efficiënt mogelijk te ‘rollen’ is er veel onderzoek naar drie factoren die van invloed zijn op hoe efficiënt en veilig iemand zich in een rolstoel kan bewegen. Ten eerste speelt de rolstoel zelf een grote rol: zaken als gewicht, bandenspanning en zithouding maken een wezenlijk verschil. Daarnaast is ook de rijtechniek van belang, bijvoorbeeld de manier waarop je kracht zet bij het duwen en of dat met een vloeiende beweging gebeurt. Tot slot draait het om de interactie tussen mens en hulpmiddel: hoe goed sluit de stoel aan op het lichaam en het doel waarvoor je hem gebruikt?
“Materiële aanpassingen, maar ook techniektraining helpen aantoonbaar”, stelde Janssen. “Zelfs een kwartiertje oefenen met variatie maakt al verschil in efficiëntie. Daarom pleiten wij voor meer aandacht voor wheelchair skills in revalidatie en sport.” Zijn conclusie: “Zorg dat mensen zich goed kunnen bewegen in hun rolstoel. Daar heeft iedereen baat bij, of je nu recreatief rolt of topsport bedrijft.”
“Ik wilde weer kunnen bewegen”
Vervolgens ging de aandacht naar twee ervaringsdeskundigen, waaronder Reda Haouam, rolstoelrugbyer van Oranje en oprichter van het sporttechnologiebedrijf 4littlebirds. Als zeventienjarige brak hij zijn nek bij een duik, dat leidde tot een hoge dwarslaesie. Dat is nu 22 jaar geleden. Tijdens zijn revalidatie leerde hij alles opnieuw: zelfstandig eten, zichzelf aankleden, maar ook bewegen.
“Ik was als kind altijd sportief en wilde niet alleen maar in bed liggen. Dus maakte ik van mijn herstel een training”, vertelde hij. “Eerst in het revalidatiecentrum, later in de gym, en uiteindelijk in het veld. Dat is voor mij allesbepalend geweest. Sport gaf me mijn gevoel van zelfstandigheid terug. Bovendien profiteerde ik ervan bij dagelijkse handelingen, zoals een stoepje op en af gaan of de rolstoel uitkomen. Dat doe ik dankzij alle training al jaren zonder hulpmiddelen.”
Wat hem opviel, was dat hij niet alleen fysiek, maar ook motorisch opnieuw moest leren bewegen. “Mijn lijf werkte anders. Mijn balans, mijn reactievermogen, zelfs mijn timing, alles was nieuw. Dus ben ik gewoon gaan trainen. Op verschillende ondergronden, in verschillende stoelen. Net als een atleet.” Rugby was de sport die hij met zijn vorm van dwarslaesie kon beoefenen. Het resulteerde onder meer in het zijn van vijftien jaar aanvoerder van het Nederlands team. Nog altijd is Haouam international.
Zijn overtuiging: niet alleen mensen met een beperking hebben baat bij rolstoeltraining. “Je leert er ongelooflijk veel van. Coördinatie, ruimtelijk inzicht, omgaan met onverwachte situaties. Iedereen zou eigenlijk moeten leren rollen.”
“Rollen is topsport”
Die boodschap werd krachtig onderstreept door Mustafa Jebari, oud-rolstoelbasketballer (o.m. drie Paralympische Spelen) en voormalig assistent-bondscoach. Hij kreeg als peuter polio in Marokko, groeide op in Amsterdam-Oost en begon op zijn dertiende met rolstoelsport. Het werd een levensveranderende ervaring.
“Rollen is topsport”, zei hij. “Je traint je schouders, je balans, je oriëntatie. Maar je ontwikkelt ook zelfvertrouwen. Het is een skill en die moet je oefenen, net als bij elke andere sport.”
Jebari werkt tegenwoordig als adviseur rolstoelvaardigheid en mobility coach. Zijn missie: zorgen dat mensen goed leren omgaan met hun stoel. “Zodat ze zelfstandig kunnen leven, maar ook plezier kunnen maken. En als het even kan: sporten. Maar,” zo benadrukte hij, “ook voor degenen die niet gebonden zijn aan een rolstoel is ermee oefenen zinvol en wellicht zelfs een mooi alternatief voor iemand die een sport op een andere dan de gebruikelijke manier wil beoefenen. Uiteindelijk gaat het er immers om dat je in beweging komt.”
Spelen, botsen, oefenen
De bijeenkomst werd afgesloten met twee praktijkblokken. In de sessie ‘Life Skills’, onder leiding van Jebari, oefenden de deelnemers met basisvaardigheden in een standaardrolstoel: draaien, balanceren, achteruitrijden, obstakels nemen. En vooral: ontdekken hoe snel je vordert met de juiste aanwijzingen.
Hedaouam leidde de clinic ‘Rolstoelrugby’, met stevige wedstrijdrolstoelen en intensieve spelsituaties. Duwen, draaien, botsen, tactisch manoeuvreren, de deelnemers gingen los en leerden meteen waarom een sportrolstoel iets totaal anders is dan een revalidatiemodel. Beide sessies maakten duidelijk: rollen is niet alleen functioneel, maar ook uitdagend, leuk en leerzaam. Voor iedereen.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.