15 september 2011
Nieuws
Het Nationaal Actieplan Sport en Bewegen (NASB) is gestopt en momenteel wordt het nieuwe plan ‘Sport & Bewegen in de Buurt 2012–2016’ geschreven. Voorsorterend op het nieuwe beleid is de overgangssubsidie ‘Pilotfase concepten Sporten en Bewegen in de Buurt’ ingegaan. Zeven geselecteerde sportbonden maken er tot eind 2012 gebruik van.
In het kader van het Nationaal Actieplan Sport en Bewegen verstrekte het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in 2008 subsidie aan tien sportbonden voor dertien verschillende projecten. “De bonden wisten dat ze tot en met juni 2011 subsidie zouden ontvangen en hun projecten moeten het nu zonder afkunnen. Veruit de meeste concepten gaan ook zelfstandig door.” Hein Veerman is projectleider Sportontwikkeling bij NOC*NSF en betrokken bij zowel de oude als de overgangsregeling. “Het eindresultaat van NASB moet nog bekend worden, maar het lijkt erop dat het de doelstellingen ruimschoots behaald heeft.” Als voorbeelden noemt Veerman het aantal deelnemers dat met nog een jaar te gaan al bijna op het gewenste aantal lag en de positieve invloed op het beweeggedrag van deelnemers aan concepten als Start to Run (Atletiekunie) en Fiets-Fit (Nederlandse Toerfiets Unie).
Het nieuwe plan ‘Sport & Bewegen in de Buurt 2012–2016’ ligt volgens Veermans verwachting eind van dit jaar in de Tweede Kamer. In de tussentijd maken zeven geselecteerde sportbonden gebruik van de overgangssubsidie ‘Pilotfase concepten Sporten en Bewegen in de Buurt’. Veerman: “Deze tijdelijke regeling heet in de volksmond NASB2, maar dat is het eigenlijk niet. Het maakt deel uit van het nieuwe beleid van een ander kabinet.” De eerdere NASB-doelstelling om mensen te activeren en blijvend in beweging houden blijft van kracht. “Daar komt de doelstelling van het nieuwe beleid bij: iedereen kan sporten en bewegen in de buurt.”
De atletiekunie, bridgebond, hockeybond en wandelsportorganisatie vielen eerder onder het NASB en nu ontvangen ze voor een nieuw project ook de overgangssubsidie. De andere drie geselecteerde bonden die tot eind 2012 subsidie krijgen zijn de voetbal-, tafeltennis- en basketballbond. “De hockeybond richt zich bijvoorbeeld met een beweegprogramma op ouders van jonge hockeyende kinderen, terwijl de tafeltennisbond clinics gaat geven bij hockey- en voetbalverenigingen.”
Voor de tijdelijke regeling werden in mei dertien conceptplannen voorgelegd aan een onafhankelijke commissie, bestaande uit Femke van Brussel (NISB), Cindy Veenhof (NIVEL), Geke Buwalda (ROC Midden-Nederland), Hans van Egdom (Van Egdom Consultancy), David van der Welle (Sportservice Noord-Holland) en Gerben van Hardeveld (marketing NOC*NSF). “Deze zes personen hebben de plannen beoordeeld aan de hand van zes criteria: verankering in bestaand beleid, laagdrempeligheid, klant- en doelgroepgerichtheid, meetbare doelstellingen, doordachte implementatiestrategie en activiteitenplan.”
De zeven geselecteerde bonden scoren volgens Veerman op verschillende punten hoog. “Zo had de KNVB erg goed nagedacht over de implementatiestrategie: de bond wist al precies bij welke zaalvoetbalverenigingen het project uitgevoerd ging worden.” Veerman noemt ook het plan ‘Van Start tot Finish’ van de Atletiekunie. “Dat bouwt voort op het succesverhaal van ‘Start to Run’ en mede om die reden had de commissie veel vertrouwen in het plan.”
Ging het bij NASB-projecten om een paar ton subsidie voor een paar jaar, de bonden die gebruik maken van de overgangssubsidie ontvangen elk een ton of iets minder. “Precieze bedragen ga ik niet noemen, maar in die richting moet je denken.” En terwijl de oude en de overgangsregeling gericht zijn op het ontwikkelen van sportconcepten, zal het toekomstige Sport & Bewegen in de Buurt 2012–2016 zich concentreren op de implementatie ervan. Veerman: “In het hele land zal er gekeken worden wat er in de buurt nodig is. Waar zit de energie? Wie trekt de kar? Er zal onderzocht worden waar qua sport en bewegen de witte vlekken zitten en waar de mensen in zo’n buurt behoefte aan hebben. Er is inmiddels zoveel ontwikkeld dat we precies kunnen gaan kijken welk aanbod en welke aanpak waar past.”
De zeven projecten binnen de Pilotfase concepten Sporten en Bewegen in de Buurt zijn dus de laatste die gesubsidieerd aan innovatie kunnen doen en de meest succesvolle projecten maken kans om ook op ‘de witte vlekken’ geïmplementeerd te gaan worden. “Iedereen kan sporten en bewegen in de buurt. Daarop is het beleid van minister Schippers van VWS gericht. In het verlengde hiervan ligt de ambitie om het percentage mensen dat sport en beweegt omhoog te brengen. We willen van 65 naar 75 procent sportparticipatie.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.