8 december 2016
Nieuws
door: Thomas van Zijl | 8 december 2016
Met data over het verleden en heden onder de arm iets zeggen over de komende ontwikkelingen. Dat is wat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) doen in de Sport Toekomstverkenning (STV). Het gaat met nadruk om een verkenning en geen voorspelling, maar kan wel zijn stempel drukken op het sportbeleid in de komende periode.
SCP en RIVM werpen een blik op de toekomst in opdracht van het ministerie van VWS. Dat departement wilde in aanvulling op de Rapportage Sport uit 2014 – waarin trends en ontwikkelingen in de sport zijn gebundeld en becommentarieerd – een onderzoek naar komende ontwikkelingen. De STV houdt om een lijn te trekken dezelfde ruim twintig kernindicatoren aan (zie tabel onderaan dit artikel).
“Het spectrum is heel breed en gaat van vrijwilligerswerk tot topsport en van sportblessures tot werkgelegenheid in de sector”, zegt projectcoördinator Marieke van Bakel van het RIVM. Samen met Ine Pulles - onderzoeker Sport van het SCP - is zij verantwoordelijk voor de totstandkoming van de Verkenning.
Vier clusters
Om die informatie overzichtelijk te bundelen verdelen SCP en RIVM de indicatoren onder in de vier clusters participatie, economie, vitaliteit en topsport. Onder meer door samenwerking met universiteiten en organisaties als het CBS en het Mulier Instituut kregen de onderzoeksinstituten gegevens aangeleverd die resulteren in een trendlijn die ook iets zegt over de toekomst.
Het RIVM past voor de uitwerking van de Sport Toekomstverkenning de methode toe die ook al 25 jaar gebruikt wordt voor de Volksgezondheid Toekomstverkenning. Van Bakel merkt dat er in de volksgezondheid meer data voorhanden zijn. "De sport gaat daar de komende jaren zeker in groeien.” Overigens zijn de cijfers belangrijk voor de STV, maar niet allesbepalend. Het RIVM en SCP nemen ook maatschappelijke ontwikkelingen mee die al eerder onderzocht en vastgesteld zijn, zoals de vergrijzing en individualisering.
“Voor de sport zijn dat geen nieuwe verschijnselen, dat is absoluut waar, maar voor een duidelijk beeld van de aankomende jaren is het wel nodig om ze mee te nemen in deze verkenning.” Met de STV schetsen SCP en RIVM een waarschijnlijk beeld van de toekomst, Van Bakel noemt het liever geen voorspelling. Bovendien benadrukt ze dat het beeld van de waarschijnlijke toekomst betekent dat het onderzoek pas halverwege is.
“Er kan een groot verschil zitten tussen waarschijnlijk en wenselijk. Met dat laatste zijn we nu bezig onder de noemer 'Perspectieven'.” Daarbij blijft het belangrijk onderzoekers te betrekken, maar ook zoveel mogelijk visies te horen van experts uit de praktijk. Om die mensen de gelegenheid te geven hun licht op de zaak te laten schijnen organiseren RIVM en SCP drie workshops waarvan er inmiddels twee achter de rug zijn.
“We willen samen optrekken met het veld, niet zomaar allerlei maatregelen dicteren. Daarom waren vertegenwoordigers van bonden aanwezig, maar bijvoorbeeld ook beleidsmedewerkers van gemeenten en buurtsportcoaches. We zijn nog niet zover dat we de Perspectieven kunnen publiceren, maar het is wel van belang dat we met elkaar een duidelijke richting bepalen.”
Discussie als motor
Van Bakel weet dat het een illusie is om te denken dat al deze experts met elkaar op een lijn zitten, maar dat hoeft wat haar betreft ook niet. Juist de discussie kan de zaak op scherp zetten. Het gaat uiteindelijk om het maken van keuzes en het pakken van kansen. Alles op alles zetten om de sportparticipatie omhoog te brengen zou bijvoorbeeld wel eens ten koste kunnen gaan van de aandacht voor topsport. Of is er wellicht een model te bedenken waarin beide kernindicatoren er in de toekomst op vooruit gaan?
Van Bakel zoekt in het onderdeel Kansen en Keuzes met de experts zoveel mogelijk naar koppelingen om het waarschijnlijke te combineren met het wenselijke. Daar moeten in de loop van volgend jaar acties en aanbevelingen uitrollen waar beleidsmakers en sportorganisaties mee uit de voeten kunnen. Het gaat erom de sport vooruit te helpen, met daarin uiteraard een belangrijke stem voor de sport zelf.”
| 20 kernindicatoren Sport Toekomstverkenning | |
| Meedoen in Nederland | |
| 1 | sportparticipatie |
| 2 | sportparticipatie gehandicapten |
| 3 | clublidmaatschap |
| 4 | vrijwilligerswerk |
| 5 | waarden en normen/veilig sportklimaat |
| 6 | bewegingsonderwijs |
| 7 | dopinggebruik breedtesport |
| Vitaal Nederland | |
| 8 | beweeggedrag |
| 9 | blessure-incidentie |
| 10 | sedentair gedrag |
| Talentvol Nederland | |
| 11 | top-10 ambitie |
| 12 | top-10 ambitie gehandicaptensport |
| 13 | gehandicaptensport |
| 14 | talentonwikkeling |
| Kaart van Nederland | |
| 15 | subjectieve beoordeling sport- en beweegaanbod |
| 16 | voorzieningenniveau |
| 17 | beweegvriendelijke omgeving |
| Nederland in beeld | |
| 18 | sportfan |
| 19 | bruto binnenlands product sport |
| 20 | werkzaamheid in de sport |
Voor meer informatie: www.sporttoekomstverkenning.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.