Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Hoe krijg je alle leerlingen met plezier naar de gymles

Hoe krijg je alle leerlingen met plezier naar de gymles?

23 maart 2023

Nieuws

door: Emma Meertens | 23 maart 2023

Deze maand start de Hogeschool van Amsterdam met een nieuw onderzoeksproject: Samen Bewegen, diversiteit en inclusie in de gymles. In samenwerking met de Haagse Hogeschool en de Fontys Sporthogeschool wordt onderzocht hoe jongeren met diverse achtergronden meer geënthousiasmeerd kunnen worden voor gymlessen op school en daarmee ook een leven lang bewegen. Met behulp van succesvolle buurtinitiatieven gaat men op zoek naar de werkzame ingrediënten die ervoor zorgen dat alle jongeren met plezier gymmen.

gymleuk-1Sinds 2018 houdt het lectoraat Bewegen In en Om School (BIOS) zich bezig met projecten op het voortgezet onderwijs waarin goed leren bewegen, plezier in bewegen en regelmatig bewegen centraal staan. Een van de betrokken onderzoekers is Eva-Luca Pouwer. Ze deed de opleiding tot dansdocent en volgde de universitaire master Arts & Society. Gedurende die master werkte ze als dansdocent op plekken waar, zoals ze het zelf omschrijft, dansen niet zo logisch was. “Dus in asielzoekerscentra, blijf-van-mijn-lijfhuizen, jeugdgevangenissen, maar ook in het Amsterdamse basisonderwijs.” Het was een hele bewuste keuze om juist bij dit soort instellingen aan de slag te gaan. “Ik wil zoveel mogelijk kinderen in een veilige omgeving aan het bewegen krijgen, dat doe ik door middel van dans. Ik vind het belangrijk dat de les een plek is waar iedereen zich gezien voelt en zich herkent in het lesmateriaal.”

Inspelen op diversiteit
In dat laatste punt gaat het vaak mis in de gymlessen op het voortgezet onderwijs. In eerdere onderzoeken van het lectoraat BIOS viel op dat bepaalde groepen leerlingen achterbleven qua beweeggedrag en sportdeelname. Uit drie focusgroepen met 24 docenten Lichamelijke Opvoeding op zes Amsterdamse scholen bleek dat de docenten vaak niet goed weten hoe ze om moeten gaan met de toenemende diversiteit van jongeren in hun gymles. Pouwer: “De docenten geven aan dat zij tijdens hun opleiding vooral stage hebben gelopen buiten Amsterdam en weinig diversiteit van jongeren in Amsterdam hebben gezien. De meeste docenten LO gaven aan geen idee te hebben van de bijvoorbeeld de genderdiversiteit in hun klassen, laat staan hoe bijvoorbeeld genderstereotyperingen tegen te gaan.”

"We hebben begrepen dat sommige leerlingen dwanguitoefening ervaren, het gevoel hebben dat ze voor gek gezet worden voor de klas of het gevoel dat ze er niks van kunnen"

Ook blijken de reguliere gymlessen niet altijd aan te sluiten op de beweegbehoeften van jongeren. “In het bewegingsonderwijs bereiken we in het voortgezet onderwijs 100% van de leerlingen. De vraag is echter of we ook 100% van de leerlingen ráken”, aldus Pouwer. Dat de gymlessen niet altijd aansluiten op de behoeften is geconcludeerd nadat er met de leerlingen van diverse scholen is gesproken. “Uit die gesprekken hebben we opgemaakt dat sommige leerlingen dwanguitoefening ervaren, het gevoel hebben dat ze voor gek gezet worden voor de klas of het gevoel dat ze er niks van kunnen.”

In gesprek gaan met de leerlingen zou hiervoor een oplossing kunnen zijn. “Toch worden de leerlingen zelden geraadpleegd en hebben ze vaak radicaal andere opvattingen over gym in vergelijking met de perspectieven van hun docenten.” Dat begint al op de ALO: “Wat onze studenten gemeen hebben is de positieve ervaring met bewegen en sport. Vanuit dat succesverhaal is het moeilijk om je in te leven in de leerlingen op middelbare scholen die dat niet zo ervaren.”

gymleuk-2Succes van buurtinitiatieven
Omdat uit onderzoek blijkt dat leerlingen die niet enthousiast zijn om te gymmen en niet sporten bij een vereniging wel regelmatig deelnemen aan buurtinitiatieven omtrent bewegen, wordt er in dit onderzoek samengewerkt met vijf buurtinitiatieven. Er zal gekeken worden naar waarom die buurtinitiatieven juist wel succesvol zijn in het raken van jongeren en wat we daarvan kunnen leren in de gymlessen. De vijf initiatieven waar mee samengewerkt wordt zijn het LGBT+ Youth Performance Initiative Amsterdam, Favella Street, SK-coaching, 3x3Unites en Dynamo Jeugdwerk.

Aan het onderzoek zijn vier lectoraten verbonden van drie onderwijsinstellingen. Het gaat dus om het lectoraat BIOS (HvA), lectoraat De Pedagogische Functie van Onderwijs en Opvoeding (HvA), lectoraat Gezonde leefstijl in stimulerende sportomgeving (Haagse Hogeschool) en lectoraat Move to Be (Fontys). Allemaal hebben ze hun expertisegebied; zo is BIOS expert op het gebied van bewegingslessen op scholen in grootstedelijke context, De Pedagogische Functie van Onderwijs en Opvoeding heeft veel kennis over de onderzoeksmethode storytelling en Move to Be heeft veel ervaring met design thinking.

Storytelling
In de eerste en tweede fase van het onderzoek staat het ophalen van ervaringen van leerlingen en docenten/trainers centraal. De onderzoeksmethode die gebruikt wordt in deze fases is storytelling. “Dat is een methode waarbij mensen uitgenodigd worden om hun levensverhaal onder woorden te brengen, in dit geval de verhalen met betrekking tot bewegen en de gymles”, zo legt de onderzoeker aan de HvA uit. “We hebben dan persona’s van de leerlingen als resultaat waarmee we de verhalen en ervaringen van jongeren met de gymles blootleggen. We proberen door het vertellen van deze verhalen onzichtbare processen van in- en uitsluiting tijdens de gymles zichtbaar te maken.”

"Er wordt gestart met onderzoek naar het probleem en de praktische, psychologische en emotionele behoeftes van de jongeren"

gymleuk-3Als dit inzichtelijk is gemaakt, gaan docenten LO, leerlingen en de andere initiatiefnemers aan de slag met het ontwerpen van prototypes (zoals organisatie van lesaanbod, benaderingswijze, handelingen van de docent etc.). Dit wordt gedaan met behulp van de Design Thinking-methode. “Er wordt gestart met onderzoek naar het probleem en de praktische, psychologische en emotionele behoeftes van de jongeren. Vervolgens worden veel en verschillende ideeën gegenereerd, waarin een patroon wordt gezocht en wordt in overleg bepaald welke ideeën uitgewerkt en geconcretiseerd worden. In de laatste fase worden de prototypes getest in de gymles en geëvalueerd”, aldus Pouwer. Wat deze prototypes precies zullen zijn, is van tevoren niet te voorspellen. Wel zegt Pouwer hierover: “We gaan geen uitgewerkte lessen aanreiken, juist omdat het per school zo verschillend is. Het zullen dan ook prototypen zijn die gebruikt kunnen worden bij het ontwerpen van gymlessen door docenten LO. Belangrijk is dat de jongeren hiermee versterkt worden in het ontwikkelen van hun eigen beweegidentiteit.”

Handvatten
Over twee jaar hopen de onderzoekers een aantal handvatten te hebben gecreëerd voor docenten LO (in opleiding) waarmee ze hun lessen zo kunnen inrichten dat bijvoorbeeld (islamitische) meisjes of lhbtiq+-jongeren ook een positieve ervaring met de gymles hebben. Maar makkelijk zal het niet zijn, het vergt een lange adem van alle betrokken partijen: “Een quick fix voor het creëren van een inclusieve leeromgeving en het verkleinen van kansenongelijkheid bestaat niet. Om 100% inclusief bewegingsonderwijs te creëren moet je nadenken over de hele keten: van bekwame docenten in het bewegingsonderwijs tot nieuwe toelatingseisen bij ALO’s tot de toegankelijkheid van naschoolse sportclubs.”

Het hele onderzoek wordt gefinancierd met behulp van een RAAK-subsidie van het Regieorgaan SIA.

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.