Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Hoe integreer je bewegen in de behandeling van prostaatkanker

Hoe integreer je bewegen in de behandeling van prostaatkanker?

13 februari 2025

Nieuws

door: Leo Aquina | 13 februari 2025

Bewegen blijkt op vele fronten effectief in de gezondheidszorg. Myrthe Joosten doet aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) en The Netherlands Cancer Institute (NKI) promotieonderzoek naar de manier waarop zorgprofessionals patiënten met prostaatkanker beter kunnen adviseren op het gebied van bewegen. Dat is geen overbodige luxe, aangezien prostaatkanker bij mannen met zo’n 15.000 diagnoses per jaar ongeveer even vaak voor komt als borstkanker bij vrouwen. “Uit onderzoek is gebleken dat patiënten behandelingen beter kunnen volhouden, dat mensen met kanker die veel bewegen langer leven en dat door bewegen de kwaliteit van leven toeneemt, vertelt Joosten. Toch is het beweegadvies bij kanker vaak beperkt. Joosten licht haar onderzoek toe.

XL6MyrtheJoosten-1B“Niet alleen bij kanker, maar eigenlijk bij alle gezondheidsproblemen heeft bewegen positieve effecten”, aldus Myrthe Joosten. “In mijn onderzoek richt ik mij op prostaatkanker en daarbij hebben mensen als gevolg van behandelingen vaak plasklachten, klachten op seksueel gebied, vermoeidheid en andere gezondheidsrisico’s zoals afnemende bot- en spiermassa. Veel klachten zijn minder zwaar als patiënten gericht bewegen. Daarnaast blijkt ook dat bewegen, vaak in combinatie met voeding, ervoor kan zorgen dat mensen sneller aansterken voor een volgende behandeling.” Uit bestaand onderzoek blijkt dat conditie- en krachttraining helpt bij verschillende gezondheidsklachten als gevolg van de ziekte en de behandeling. Joosten: “Er is inmiddels een richtlijn opgenomen over bewegen tijdens de behandeling van kanker. Toch is het aanbieden van beweegprogramma’s bij prostaatkankerbehandelingen nog niet vanzelfsprekend.” Hoe dat komt? Joosten heeft het in haar onderzoek opgesplitst in vijf deelvragen.

Perspectieven
De eerste deelvraag luidt: welke perspectieven hebben zorgprofessionals, patiënten met prostaatkanker en hun partners op bewegen? Vooruitlopend op de resultaten van het onderzoek zegt zij: “Zorgprofessionals zien wel dat bewegen belangrijk is, maar denken ook vaak dat de verantwoordelijkheid bij de patiënt ligt. Als die niet wil, zijn ze terughoudend. Voor patiënten is het vaak niet helemaal duidelijk waarom ze moeten bewegen. Het advies blijft vaak beperkt.”

"Als de behandeling dan eenmaal begint of in gang is, komen de klachten en de vraag wat ze er dan aan kunnen doen"

De tweede deelvraag gaat over de informatiebehoefte en adviesbehoefte van patiënten, waarbij ook gekeken wordt in hoeverre ‘lage gezondheidsvaardigheden’ een rol spelen. Joosten: “Mensen worden in het begin vaak overweldigd door alle informatie die op hen afkomt. Dat houdt ze vaak meer bezig dan bewegen. Als de behandeling dan eenmaal begint of in gang is, komen de klachten en de vraag wat ze er dan aan kunnen doen.” Dit laatste geldt vaker voor mensen die van huis uit minder bewegen, aangezien mensen die toch al veel bewogen dat vaak ook in overleg blijven doen.

Prioriteiten en stigma's
Bij de derde deelvraag onderzoekt Joosten in hoeverre de karakteristieken van de zorgverlener zelf een rol spelen bij beweegadvisering. “Maar er is verschil waar zorgverleners de prioriteit leggen”, aldus Joosten. “Of zij bewegen als onderwerp aan bod laten komen en hoe ver ze daarin meedenken. Het hangt er ook vanaf hoeveel tijd zorgverleners hebben.” Bij de vierde vraag onderzoekt Joosten stigma’s die patiënten kunnen ervaren als het gaat om bewegen: “Ik wil onderzoeken in hoeverre dit stigma invloed heeft op het zelf informatie zoeken over bewegen, of het zoeken van hulp zoeken maar dat niet durven omdat ze zich schamen. Daarbij wil ik ook mogelijke cultuurverschillen meenemen.”

XL6MyrtheJoosten-2In de vijfde deelvraag komt alles samen: welke aspecten zijn zowel belangrijk als haalbaar voor het verbeteren van beweegadvisering van zorgprofessionals? Joosten heeft nog lang niet voldoende data verzameld om echt conclusies te kunnen trekken, maar zij heeft wel hypotheses: “Ik denk dat het belangrijk is dat zorgverleners weten waar ze naartoe kunnen verwijzen, maar ook dat ze aansluiten bij de patiënten. De zorg staat enorm onder druk en het zou mooi zijn als er ruimte komt om meer vanuit de patiënt te kijken. Tijdgebrek speelt dus een rol, maar er zijn ook onderzoeken die laten zien dat er praktische problemen kunnen zijn, en soms is er te weinig kennis over waar je patiënten naartoe kunt verwijzen. Vanuit het hele land komen er patiënten naar het Antoni van Leeuwenhoek. Dan is het voor zorgverleners moeilijk om te weten wat voor patiënten het lokale beweegaanbod is.”

Joosten zegt nadrukkelijk dat zij geen kritiek wil leveren op zorgverleners, die immers naar eer en geweten hard werken om patiënten te helpen. Wel denkt zij dat zaken verbeterd kunnen worden: “We kunnen veel winnen op het gebied van gedragsverandering, gesprekstechnieken en de aangeboden informatie.” Uiteindelijk moet de studie aantonen welke aspecten belangrijk zijn in het communiceren over bewegen. Ook streeft Joosten naar praktische aanbevelingen over hoe zorgprofessionals hun beweegadvies kunnen verbeteren. Zij is pas net begonnen aan het promotieonderzoek aan het lectoraat geïntegreerde complexe zorg en het lectoraat functioneel herstel bij kanker van de HvA in samenwerking met het NKI-AVL. Afronding van het onderzoek staat in de planning voor 2028, maar komend jaar hoopt zij de eerste resultaten te kunnen publiceren.

Voor meer informatie: Myrthe Joosten is bereikbaar via m.joosten@nki.nl. En/of lees de projectinformatie op de site van de HvA: Beter leven met of na prostaatkanker door voldoende beweging

“We kunnen veel winnen op het gebied van gedragsverandering, gesprekstechnieken en de aangeboden informatie"

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.