Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Goed gespeeld is leuk hoe goed is leuk gespeeld

Goed gespeeld is leuk, hoe goed is leuk gespeeld?

8 januari 2015

Nieuws

Max Koops (1936) ademt sport. We kennen hem als speldocent van de Academie voor Lichamelijke Opvoeding (ALO) te Amsterdam. Met enkele jaren onderbreking in de negentiger jaren was hij daar van 1961 tot 2001 werkzaam, om vanaf 1974 het hockey te omarmen als jeugdtrainer/coach. Eerst drie jaar in Amersfoort en daarna, tot op heden, bij hockeyclub Pinoké te Amsterdam. Van 1976 tot en met 2002 verzorgde hij meerdere trainerscursussen.

Goed gespeeld is leuk, hoe goed is leuk gespeeld? is een verzameling van vijftien publicaties die Max gedurende zijn lange carrière heeft geschreven. Het boek eindigt met de rede die hij tijdens het speciaal voor hem georganiseerde symposium voor zijn afscheid van de ALO, op 2 oktober 1990 in de Meervaart te Amsterdam, heeft uitgesproken. Koops heeft een aantal van zijn oud-leerlingen bereid gevonden hun eigen praktijkervaringen te reflecteren op de afzonderlijke publicaties. Het is daardoor een verzamelwerk geworden waar theorie en hedendaagse praktijk elkaar tegenkomen en aanvullen.

fotobijboekMaxKnoops_2

Techniek, tactiek, didactiek, methodiek, communicatie, verschillen in leeftijd en hoe daarop te anticiperen, fysiologie, trainingsmethoden, conditioneren, gecategoriseerde weerstanden, hoe ben je of word je in een team complementair aan elkaar, zijn onderwerpen die aan bod komen. Welke keuzes maak je in het spel? Hoe maak je ze? En vooral: Waarom? Wat ging er niet goed en hoe kan je dat verbeteren? Maar ook: Hoe kan je het beste een situatie analyseren en ‘buiten de situatie treden’?

Spelen, waarnemen, lezen, combineren, passing en balaanname, gegroepeerd spelen, vragen om de bal, speelruimte, transitie, spelregie, coaching, manoeuvres, veilig lesgeven, looptraining en motoriek zijn de hoofdstukken waar het in het boek praktisch om gaat. Teveel om hier allemaal aan te stippen. We lichten er op basis van de interviews vanuit de didactiek een paar thema’s uit met behulp van enkele quotes uit het boek.


KINDEREN
Max Koops: elke jongere brengt in de onderwijsleersituatie enige kennis, vaardigheden en bewegingservaring mee. Naarmate de lesgever, leraar of trainer meer kennis en inzicht heeft in de mogelijkheden van die jongeren, zal hij beter instructie kunnen geven.

Hans Jorritsma: ik ben voorstander van een algemene opleiding, ik wil kinderen graag laten inzien dat ze op verschillende posities kunnen spelen. Dat bevordert het spelinzicht, wat het niveau en het vertrouwen van zowel de speler als het team doet toenemen. Laat je ze niet op verschillende posities spelen, dan loop je het risico dat spelers vastlopen.

Charles van Commenée: het is goed om kinderen een groot assortiment aan bewegingen aan te reiken, ze verschillende sporten te laten ervaren zodat ze kunnen bepalen wat het beste bij ze past. Een ruime bewegingservaring op jonge leeftijd geeft mogelijkheden voor verdere ontwikkeling en zelfs eventueel uitblinken later.

Kern: in staat zijn om in algemene zin training te geven maar ook maatwerk per individu te leveren op basis van didactische en spelinhoudelijke kennis. Klinkt vanzelfsprekend maar hoe combineer je dat?

SUCCESFACTOR
Max Koops: succes is de beste stimulans om gemotiveerd door te gaan’. Kortom ‘goed gespeeld’ geeft een lekker gevoel. Er is sprake van voldoening. Naarmate het spel beter lukt, wordt het leuker. Goed gespeeld is leuk!

Charles Urbanus: het is erg moeilijk om een aangegooide bal te raken. Dit aspect betekent dat in het spel ook een component van falen zit: het mislukt maar al te vaak! Iedereen ziet dat in een wedstrijd omdat de focus altijd ligt op degene die de bal krijgt. Zoiets kan slecht zijn voor het zelfvertrouwen. De omgang met falen en succes is daarmee essentieel voor het plezier houden in het spelletje. Dat betekent voor de trainer dat hij ervoor moet zorgen dat kinderen zo veel mogelijk succesvol zijn in een veilige situatie.

Charles van Commenée: succes is de beste motivatie. Je moet situaties creëren waarin kinderen succes ervaren. Dus kleine stapjes voorwaarts, stap voor stap, zodat falen erg onwaarschijnlijk wordt. Die stapjes moet je als docent dus wel kennen. Als je alleen maar succesbeleving kunt halen uit het bereiken van het grote doel, zullen velen gedesillusioneerd afhaken.

Kern: ondanks de vanzelfsprekendheid die hier van uit gaat is het goed hierbij stil te staan. Niet alleen met betrekking tot de doelstelling van de trainer / coach maar zeker ook van de (impliciete) verwachtingen van de omgeving.

OMGEVING

Max Koops: mij lukte het bij gemotiveerde kinderen op een prima sportvereniging, met hulp van aardige en enthousiaste ouders, en met deskundige collega’s op de betreffende aandachtsgebieden ten dele datgene te bereiken wat op school als leerdoelen staat aangegeven.

Helen Lejeune: ouders in de sport, daar heb ik mij de afgelopen jaren in verdiept. Mooie artikelen over drop-outs in Amerika, over de druk die ouders leggen op de kinderen, het moeten presteren. Je hebt gelukkig ook veel goede ouders die ruimte en richting geven maar niet zeggen hoe kinderen het moeten doen. Dat zijn de beste coaches. Ze wijzen je waar je moet kijken maar zeggen niet wat je moet zien.

René Wormhoudt: talentvolle kinderen worden vaak afgerekend op hun prestaties. Deze kinderen mogen geen fouten maken en kiezen voor veilige motorische oplossingen. Ze kiezen voor zekerheid. Daardoor ontwikkelen ze zich niet in de breedte, maar in dat wat ze al kunnen.

Kern: het lijkt soms een kunst kinderen op een zo natuurlijk mogelijke manier te laten leren.

OUD-SPELERS ALS COACH

Max Koops: een trainer of coach noem ik evenzeer agoog als een onderwijzer of leraar. Allen zijn immers werkzaam in een situatie waarin zij geacht worden te sturen.

Andries Jonker: op de een of andere manier moeten die oud-voetballers ook de vaardigheid hebben (of ontwikkelen) om de vertaling te kunnen maken naar het leren voetballen van kinderen. Dan moet je ook iets weten of leren van en over kinderen. Types als Max Koops zijn in vrijwel elke technische staf complementair vanwege hun enorme kennis van methodiek en didactiek. Zij kunnen de link zijn tussen de oud-voetballer en het talent.

Louis van Gaal: trainers die op het hoogste niveau hebben gespeeld behalen niet altijd het succes wat van hen wordt verwacht. Ze weten wat het allemaal inhoudt om daar te komen en zijn derhalve ervaringsdeskundige en weten welke druk dat met zich meebrengt. Om dit te kunnen vertalen naar je spelers, moet je toch nog steeds uit de situatie kunnen treden tijdens een wedstrijd of training om het spel en de posities in je elftal te kunnen observeren en te evalueren. En dan moet je het nog kunnen overbrengen naar je spelersgroep. Dat is een ander verhaal en meestal heel lastig, omdat die trainers dat nooit gedaan en ook nooit geleerd hebben. Ze zijn geconditioneerd in het spelinzicht vanuit hun rol en positie in hun eigen carrière. Kun je dat allemaal wel, dan ben je met die extra ervaring natuurlijk wel een heel complete trainer.

Kern: een zeer actueel thema gezien de hoeveelheid oud-spelers die met name in het voetbal trainer worden. Niet alleen deze quoten zijn hieraan gerelateerd. Het komt bij de interviews regelmatig terug.

Titel: Goed gespeeld is leuk, hoe goed is leuk gespeeld?

Auteur: Max Koops
Samenstelling: Cees Vervoorn (organisatie) en Nick van Sinderen (interviews)
Uitgever: Arko Sports Media
Prijs: € 29,95 (excl. btw en verzend- en administratiekosten)
ISBN: 978-90-5472-301-1
Omvang: 336 pagina’s
Bestellen: klik hier

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.