Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Genetische tests zeggen vooralsnog niets over sporttalent

Genetische tests zeggen vooralsnog <em>niets</em> over sporttalent

3 september 2015

Nieuws

door: Leo Aquina | 3 september 2015

DNA-tests die duidelijk maken voor welke sport iemand aanleg heeft. Op internet worden die aangeboden voor rond de 150 dollar. “Onzin”, vindt Kamiel Maase, performance manager sport & innovation bij NOC*NSF. “Die tests zijn onvoldoende onderbouwd om er fatsoenlijke uitspraken mee te doen.” Naar aanleiding van een symposium afgelopen voorjaar in Griekenland werkte Maase samen met een twintigtal wetenschappers zelfs aan een artikel voor een wetenschappelijk tijdschrift om een duidelijk statement hierover af te geven. Bewegingswetenschapper Herman IJzerman is het roerend met Maase eens. De projectleider van Topsport Topics schreef een artikel op basis van literatuuronderzoek van de Noorse sportethicus Sigmund Loland en besteedt daarin ook uitgebreid aandacht aan de ethische aspecten.

XL29GenetischeTests-1Zowel Maase als IJzerman laat er geen misverstand over bestaan. De wetenschap is op dit moment nog bij lange na niet in staat om op basis van DNA-materiaal zinnige uitspraken te kunnen doen over sporttalent.

“Een sportprestatie is enorm complex en een mens heeft rond de vierentwintigduizend genen. We hebben nog absoluut te weinig inzicht in welke genvarianten en combinaties daarvan voor sportprestaties van belang zouden kunnen zijn”, aldus Maase. “En de ontwikkelingen in dit type wetenschap gaan niet hard. Je moet zo eens in de tien jaar kijken wat de stand van zaken is.”

Duurvermogen of sprinten
IJzerman schrijft in zijn artikel op TopsportTopics.nl: ‘genetische testen zijn (nog) niet geschikt zijn om talent te herkennen.’ Dat impliceert toch dat er op termijn wel uitspraken over gedaan kunnen worden? “We zijn al verder dan een jaar of tien geleden”, aldus de bewegingswetenschapper. “Maar het enige dat we nu met enige waarschijnlijkheid kunnen zeggen, is of iemand meer aanleg heeft voor sprinten of voor duursporten. De ontwikkeling zal op dat gebied wel doorgaan, maar ik geloof niet dat we over vijftig jaar op basis van genetische profielen met zekerheid kunnen zeggen of iemand de nieuwe Usain Bolt wordt.”

"Het verschil in sprint en duurcapaciteit is natuurlijk maar een fractie van de capaciteiten die je nodig hebt in de sport"

Maase zet zelf daar vraagtekens bij. “Ik zeg zeker niet dat alles dat tot op dit moment gepubliceerd is onzin is, maar het verschil in sprint en duurcapaciteit is natuurlijk maar een fractie van de capaciteiten die je nodig hebt in de sport, zeker als het gaat om complexe balsporten als bijvoorbeeld hockey. Bovendien zie je - om weer even terug te komen op de explosieve versus duurprestaties - ook sporters die topprestaties leveren met wat eigenlijk de ‘verkeerde’ genvarianten zouden zijn. Er zijn met andere woorden correlaties gevonden, maar die zijn tot op heden niet honderd procent voorspellend. Blijkbaar zijn de genen waarover wordt gepubliceerd niet allesbepalend en dus zou je bij het trekken van conclusies verschrikkelijke fouten kunnen maken.”

Ethische bezwaren
IJzerman schreef zijn artikel omdat hij de ethische aspecten bij het genetisch testen belangrijk vindt. Loland voert als belangrijkste ethisch bezwaar aan dat kinderen niet op al te jonge leeftijd al een stempel opgedrukt moeten krijgen op basis waarvan zij een eenzijdige opvoeding zouden krijgen. “Loland zegt dat kinderen sowieso een allround-opvoeding zouden moeten krijgen.”

XL29GenetischeTests-2Ook Maase vindt het belangrijk om na te denken over de ethische aspecten. Niet voor niets wilde hij met de gezamenlijke wetenschappelijke publicatie een statement maken. “Ik ben de enige ondertekenaar die niet werkzaam is bij een wetenschappelijke instelling, maar bij een sportorganisatie. Het is mijn taak om de sportwereld te informeren en met dergelijke publicaties uit de wetenschappelijke hoek kan ik een sterk punt maken.”

Voordelen
Hoewel genetische tests voor talentidentificatie op dit moment vooral ethisch ontoelaatbaar zijn vanwege de onbetrouwbaarheid, denkt Maase ook verder. Hij ziet ook kansen.

“Volgens mij wordt er in Italië bij sportkeuringen al gekeken naar een variant van een gen dat plotselinge hartdood kan veroorzaken. Zo’n genvariant is overdraagbaar en dus kun je testen of mensen die variant hebben. Als je daarmee kan voorkomen dat mensen opeens dood neervallen op een voetbalveld zie ik niet waarom je dat niet zou moeten doen, zeker bij leden van families waarin de afwijking eerder is geconstateerd. Een tweede terrein waarop het voordelen zou kunnen hebben is dat van de blessures. Er bestaat een sterke correlatie tussen bepaalde genvarianten en vooral peesgerelateerde blessures. Daar zou je in de training van topsporters rekening mee kunnen houden.”

Kamiel Maase kan zich voorstellen dat in de toekomst genetische testen een rol kunnen spelen bij beslissingen in topsportprogramma’s

Tot slot kan Maase zich voorstellen dat in de toekomst, wanneer de wetenschap verder is, genetische testen een rol kunnen spelen bij beslissingen in topsportprogramma’s. “In de topsport wordt dagelijks geselecteerd, dat is keihard en geaccepteerd. Indien je in de toekomst op basis van goed onderbouwde genetische testen inschattingen kunt maken over iemands maximale niveau of blessuregevoeligheid, kun je dat meenemen in je overwegingen – naast andere criteria”.

Manipulatie uit den boze
Maase benadrukt echter dat die eventuele toepassingen op dit moment puur hypothetisch zijn.

“Het is goed dat we nieuwsgierig zijn en als we in de toekomst beter inzicht hebben kan die informatie wellicht ook leiden tot betere beslissingen. Maar nog even los van het feit dat we nu nog niet zover zijn, moet je je natuurlijk ook afvragen of je bepaalde dingen wel wilt. Eén ding is helder: als het gaat om gendoping of genetisch manipuleren – het beïnvloeden van genetische eigenschappen – dan zijn we (NOC*NSF, red.) daar absoluut op tegen. Dat moet je sowieso niet willen. Daarnaast vind ik niet dat je tegen (jonge) mensen moet zeggen dat ze op basis van die tests bepaalde sporten wel of niet moeten gaan doen. Maar wellicht kan het wel richting geven. Stel je weet dat iemand in aanleg slechte knieën heeft, dan zou je die persoon bijvoorbeeld af kunnen raden om zich te richten op marathonlopen. Dat zou een lijdensweg worden.”

Voor meer informatie: klik hier

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.