Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
De gelukkige vereniging een nieuwe aanpak om succesvol te verenigen

De gelukkige vereniging: een nieuwe aanpak om succesvol te verenigen

8 december 2022

Nieuws

door: Bas Kammenga | 8 december 2022

Roel van der Weide en Job van Eunen werkten vier jaar lang aan een boek over een nieuwe aanpak om succesvol te verenigen. Het uitgeven van een boek was aanvankelijk geen doel op zich, maar nu is de onderbouwde visie alsnog in boekvorm uitgebracht. Over de filosofie waarin leden zich gedragen als trotse eigenaren van ‘de gelukkige vereniging’.

gelukkigevereniging-1Roel van der Weide omschrijft zichzelf als de ‘trotse vader van twee dochters’ en is anno 2022 werkzaam als programma-manager bij sportkoepel NOC*NSF. “Ooit rolde ik na een master bestuurs- en organisatiewetenschappen als beleidsadviseur binnen bij het korfbalverbond. Daar kwam in contact met medeauteur Job van Eunen, die er toen ruim zeven jaar als accountmanager werkzaam was. Daar hebben we een begin gemaakt met onze gezamenlijke visie over verenigen. We zijn allebei behoorlijk filosofisch. We stelden elkaar de vragen: ‘wanneer ben je eigenlijk succesvol en wanneer is een vereniging succesvol?’. Onze conclusie is dat je niet succesvoller kunt zijn dan gelukkig zijn. Maar let op, omgekeerd is het niet automatisch zo dat je per se gelukkig wordt door succesvol te zijn.”

Geluk zit van binnen
“Hoe mooi zou het zijn als iedereen tevreden is met zichzelf, of zelfs trots is op zichzelf? Dat zou toch fantastisch zijn?” stelt Van der Weide. Uit de vele gesprekken die hij en Van Eunen gevoerd hebben met clubbestuurders blijkt dat clubs veelal trots zijn op ‘externe’ resultaten, zoals de kampioenschappen van het eerste elftal, een nieuwe accommodatie, het binnenhalen van een grote sponsor, enzovoorts. “Deze resultaten zijn natuurlijk hartstikke mooi. Ze geven een impuls aan je club, maar onze overtuiging is dat het niet zorgt voor structureel geluk. Want die nieuwe accommodatie is na tien jaar verouderd, het eerste elftal is dan misschien weer gedegradeerd en de sponsor blijkt toch de overeenkomst te hebben opgezegd. We dagen clubs uit om een beweging naar ‘binnen’ te maken”, stelt Van der Weide. Clubs moeten zichzelf goed kennen. Wie zijn we als vereniging? Wat vinden we belangrijk? Waar zijn we dan eigenlijk trots op?

“Wij draaien het om en beginnen met de vraag wat de leden leuk vinden om te doen en waar hun talenten liggen"

In het boek wordt de situatie geschetst zoals die bij alle verenigingen gangbaar is. “Een vereniging is georganiseerd rondom de alledaagse vragen en gebeurtenissen, die ontelbaar zijn. Bijvoorbeeld: de scheidsrechter komt niet opdagen, de koffieautomaat functioneert niet, de ballen zijn niet opgepompt, enzovoorts. Veel verenigingen zijn flexibel genoeg om daar op in te spelen. Maar als het probleem vaker voorkomt dan moet dit patroon worden opgelost. Er wordt dan een structuur aangebracht met commissies en specifieke taken. Bijvoorbeeld: er is een scheidsrechterscommissie die zich bezighoudt met de werving van nieuwe scheidsrechters. Verenigingen die nog wat ‘verder’ zijn, richten zich ook nog op de vaardigheden van de mensen in deze structuur. Clubs bieden dan de mensen in een training of workshop aan om nét even ietsje beter worden in hun taken.”

Begin van de visie op gelukkig verenigen
Van der Weide en Van Eunen gaan echter voor een fundamenteel andere aanpak. “Wij draaien het om en beginnen met de vraag wat de leden leuk vinden om te doen en waar hun talenten liggen. De talentenlaag is dus een andere benadering dan die voor de vaardigheden. Clubs vragen dan niet aan mensen welke taken ze willen invullen vanuit de structuur, maar stellen de open vraag: ‘wat vind je leuk om te doen en waar zou je aan bij willen dragen?’ “Uit onze ervaringen bij diverse clubs merken we dat daar een totaal andere energie uit vrijkomt en veel nieuwe initiatieven uit ontstaan. Hoe fijn is het als je zelf mag aangeven wat je leuk vindt? Je wordt dan ook echt gezien en gehoord”, aldus Van der Weide.

gelukkigevereniging-2Maar daarmee is de aanpak nog niet volledig. “Want je moet ook nog zorgen dat mensen hun bijdrage leveren aan iets wat ze belangrijk vinden”, aldus Van der Weide. “Je moet de juiste drijfveer raken. De laag boven die talenten noemen we kernwaarden. Wat is nu eigenlijk belangrijk en waar staan we voor? De crux is dat de kernwaarden van het individuele lid moeten matchen met de gedeelde kernwaarden van de vereniging. “Ik vind gezelligheid belangrijk, maar als mijn club alleen maar voor prestaties zou gaan, dan word ik daar niet gelukkig van”, stelt Van der Weide. De laag die daar weer bovenop komt, is die van ‘sociale veiligheid’. Uit onderzoeken blijkt dat die veiligheid een randvoorwaarde is om jezelf bloot te geven of überhaupt je identiteit te kunnen bepalen en fijn samen te werken. Van boven naar onder gaat het dus om de onderwerpen sociale veiligheid, kernwaarden en talenten, om daarna pas de structuur van de vereniging in te vullen.

Van wie is de vereniging?
De grote vraag is ‘hoe en met wie doen we dat dan?’. “We lijken met z’n allen de bestuursleden van clubs enorm belangrijk te maken. Er wordt gezegd dat als het bestuur maar goed functioneert, dat de hele club dan wel draait. Maar van wie is de vereniging nu eigenlijk? Die is van alle leden. Ieder lid is mede-eigenaar van de club”, concludeert Van der Weide. Hij vervolgt: “Laat duidelijk zijn: het bestuur is heel belangrijk, maar niet belangrijker dan de rest. Zij hebben talenten om deze rol goed uit te voeren. Het is de kunst dat zij vooral samen met de leden bepalen hoe de sociale veiligheid gerealiseerd kan worden en bespreken wat de kernwaarden en talenten van de club zijn. Het bestuur heeft daarin vooral een faciliterende rol.”

"Uit ervaring blijkt dat veel vragen van clubs veelal over de alledaagse vraagstukken gaan"

Praktisch gezien kan het voor een grote vereniging lastiger zijn om dit proces te organiseren dan voor een kleine vereniging. “Maar de filosofie om het samen te doen, blijft overeind. Hoe zorg je ervoor dat leden zoveel mogelijk betrokken zijn? Iedere club moet dat vooral op de eigen manier gaan regelen. Zoveel mogelijk samen en door in contact te komen met de leden. Het eigenaarschap van het hele proces ligt bij de club. En als je daar tips over wilt, dan moet je vooral even het boek lezen”, grapt Van der Weide.

covergelukkigevereniging Boek voor clubs en clubondersteuners
Het boek ‘De gelukkig vereniging’ is geschreven voor verenigingsbestuurders en gelijktijdig is de inhoud herkenbaar voor alle leden. “Maar we willen ook verenigingsondersteuners helpen om vanuit deze visie te handelen. Uit ervaring blijkt dat veel vragen van clubs veelal over de alledaagse vraagstukken gaan (bijvoorbeeld: we hebben een trainersbegeleider nodig, kun je ons helpen?). De uitdaging is om het gesprek te verplaatsen van structuurvragen naar meer kennis over de identiteit van clubs (Wat vinden jullie dan belangrijk? Gaat jullie club voor de gezelligheid en het pedagogisch klimaat of gaan we voor de talentontwikkeling en topsport? Dat bepaalt namelijk wie we zoeken als trainersbegeleider). En sterker nog: “Wij denken dat deze visie ook van toepassing is voor andere organisaties dan sportverenigingen of sportorganisaties”.

Ooit zijn we begonnen met dingen op te schrijven voor onszelf, maar aanvankelijk niet met het doel er een boek van te maken. We hebben alles vooral voor onszelf opgeschreven en getoetst in de praktijk en onderbouwd met kennis uit de wetenschap. De droom is dat alle 25.000 verenigingen vanuit deze visie gaan handelen. Maar het hoofddoel van het boek en onze aanpak is om de wereld elke dag een klein beetje gelukkiger te maken.”

Voor meer informatie: De gelukkige vereniging - Het geheim van trotse leden

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.