24 maart 2011
Nieuws
NOC*NSF streeft naar een ideaal sportklimaat voor atleten. Onderdeel daarvan is het op een hoger peil brengen van de voedingsbegeleiding. Daartoe richt de sportkoepel een expertgroep voor sportvoeding op.
Als het om topsport gaat, wil Nederland in 2016 structureel een top tien positie bezetten op de wereldranglijst. Juiste voedingsbegeleiding vergroot de medaillekansen op de Olympische Spelen in Londen, Sochi en Rio de Janeiro. Kamiel Maase - coördinator Wetenschappelijke Ondersteuning Topsport bij NOC*NSF - is daarom samen met professor Asker Jeukendrup op zoek naar voedingsdeskundigen met specifieke expertise op het gebied van sport. “Bij NOC*NSF schenken we al langer aandacht aan sportvoeding, maar we gaan de kwaliteiten nu beter in kaart brengen”, zegt Maase. “De huidige structuur kan worden samengevat als een vel papier met namen van sportdiëtisten. Als er bij een prestatiemanager van NOC*NSF een verzoek komt van een coach of technisch directeur voor begeleiding op het gebied van voeding, wordt het papier met namen erbij gepakt en dan schakelen we een kandidaat in. De intentie is dat we ons nu gaan onderscheiden. De kennis die bestaat is in ontwikkeling en om bij te blijven moeten we dichter op de nieuwe ontwikkelingen zitten. Bovendien willen we er meer dan voorheen voor zorgen dat onze topsportprogramma’s met medaillepotentieel echt worden voorzien van de beste sportdiëtisten.”
Expertgroep
Een onderdeel van de nieuwe aanpak is de oprichting van een kleine expertgroep van twee of drie gekwalificeerde sportdiëtisten. Als freelancers gaan de sportdiëtisten functioneren binnen de belangrijkste topsportprogramma’s om de voedingsbegeleiding te verzorgen. Deze groep wordt aangestuurd door Asker Jeukendrup die aangesteld is als consultant. Door zelfstudie en bijscholing moet de expertgroep op de hoogte blijven van de laatste relevante ontwikkelingen. Jeukendrup helpt daarbij. “De expertgroep richt zich op topsporters die op medaillekoers liggen”, vertelt Maase, die Nederland als langeafstandsloper zelf drie maal vertegenwoordigde op de Olympische Spelen. “Het moet een actieve groep worden die belangrijke topsportprogramma’s gaat begeleiden. We screenen de sportdiëtisten op hun kwaliteiten en beschikbaarheid. Ze worden ingezet als freelancers, dus we moeten op de hoogte zijn wanneer ze inzetbaar zijn. We kijken voorts naar de ambitie, de ervaring en specialisatie van de diëtisten. We hebben te maken met onder meer duursporters, sporters in gewichtsklassen of sprinters. Het zijn verschillende disciplines die ook een ander voedingspatroon vereisen.”
Resultaat moeilijk aan te tonen
De topsportprogramma’s en de trainingsschema’s worden ontwikkeld door de bonden en coaches. De sportdiëtist ontwikkelt zelf geen sportprogramma’s, maar legt een voedingsprogramma voor aan de coach. Een overzichtelijke verdeling, maar de vraag is wanneer je resultaten gaat boeken en wat de inbreng is geweest van een voedingsdeskundige? Maase: “Je kunt nagaan of de adviezen meehelpen aan het eetgedrag van een topsporter. Mensen zijn gewoontedieren en hebben vaak ingeslepen eetpatronen. Op basis van beschikbare wetenschappelijke inzichten, kan het wenselijk zijn die patronen aan te passen. Als het patroon wijzigt en de prestaties zijn beter, kan dat te maken hebben met de juiste sportvoeding, al is het altijd lastig dat één op één aan te tonen. Andersom geldt ook dat als een topsporter niet de beoogde prestatie haalt de sportdiëtist nog wel goed zijn werk kan hebben gedaan.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.