16 juni 2016
Nieuws
door: Leo Aquina | 16 juni 2016
“De impact van de EK Atletiek in Amsterdam moet verder reiken dan 2016”, aldus André Hoogink. Als projectleider EK2016 bij de Atletiekunie is hij verantwoordelijk voor de spin-off rond het toernooi, dat van 6 tot en met 10 juli wordt gehouden in het Olympisch Stadion. De bond wil het toernooi niet alleen gebruiken om de sport groter te maken, maar vooral ook sterker. Daarom organiseert de Atletiekunie voor en tijdens het evenement bijeenkomsten voor kennisoverdracht. Om ervoor te zorgen dat de verenigingen de aanwas van nieuwe (jeugd)leden aankunnen, ontwikkelde de bond de ‘Toolkit Werf de Jeugdtrainer’. “Het mag geen verrassing zijn als we straks succes hebben”, licht Hoogink toe.
Tijdens de EK organiseert de Atletiekunie dagelijks kennissessies voor diverse doelgroepen. In de aanloop naar het toernooi heeft de bond een programma lopen om LO-docenten in het basis- en voortgezet onderwijs bij te scholen op atletiekgebied. “Met de gymdocenten begeven we ons op een nieuwe markt. Wij zijn gewend jeugdtrainers op te leiden, maar we zien dat docenten vaak een brugfunctie hebben naar de lokale vereniging”, vertelt Hoogink. “Met de bijscholing jeugdatletiek spelen we daarop in. We organiseren in de vijf grote steden (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Eindhoven) bijeenkomsten voor gymleraren.”
Kinderen geen minivolwassenen
Wat leren de gymdocenten? “Kinderen zijn geen minivolwassenen, dus de manier waarop je lesgeeft aan kinderen is ook heel anders dan de manier waarop je volwassen atleten traint”, aldus Hoogink. “Er zijn twee dingen waar een docent lichamelijke opvoeding rekening moet houden. Ten eerste: hoe werkt de psyche van een kind? Dat weten LO-docenten over het algemeen prima. Maar op het tweede punt kunnen wij ze helpen. Hoe vertaal je dat concreet in een atletiekles?"
"Op een van de bijscholingsbijeenkomsten moesten de deelnemers een spel doen, met dobbelstenen en een toren van Pisa. Tijdens dat spel moesten ze rondjes lopen. De deelnemers liepen op die manier twee keer zeven minuten hard. Als je kinderen tijdens een gymles vraagt om een kwartier te gaan hardlopen, krijg je niemand mee, maar met zo’n spel doen ze uiteindelijk hetzelfde. Op die manier sluit je aan bij de belevingswereld van kinderen.”
Verplichte nascholingen
De bijscholingscursussen worden gegeven door specialisten van de Atletiekunie. “Zij leiden ook onze jeugdtrainers op”, vertelt Hoogink. De bond benaderde deelnemers aan de bijscholingen veelal via de gemeenten. “Bijna alle docenten lichamelijke opvoeding zijn in dienst van de gemeente en daar is verplicht tijd vrijgemaakt voor nascholingen. In Amsterdam hebben er ongeveer tachtig docenten meegedaan, in Rotterdam en Den Haag dertig. Van Utrecht en Eindhoven hebben we nog geen cijfers. Op 6 juli organiseren we tijdens de EK in Amsterdam een bijscholing in combinatie met een bezoek aan het toernooi en daar hebben zich al zo’n tachtig man opgegeven. Er is plek voor honderd deelnemers.”
De verbinding van atletiekverenigingen met de maatschappij gaat verder dan alleen samenwerking met scholen. “Ook het contact tussen sportverenigingen en zorginstellingen wordt steeds nauwer. Daarnaast wordt de samenwerking tussen verschillende soorten sportaanbieders steeds belangrijker. Voor de EK hebben we EK-ambassadeurs geïntroduceerd bij atletiekverenigingen. Zij hebben tal van activiteiten opgezet om de clubs naar buiten te laten treden, zoals polsstokspringen in het centrum van Rotterdam. Verenigingen waren in het verleden veelal naar binnen gekeerd en op hun leden gericht."
"Met de vele initiatieven hebben de ambassadeurs enorm bijgedragen aan de open-club-gedachte. Dat is iets wat ik in het kader van ons meerjarenbeleid en de transitie in de sport heel belangrijk vind. Je ziet allerlei soorten samenwerking ontstaan, bijvoorbeeld een trainer die op een bejaardenhuis training gaat geen. Vroeger had een vereniging gezegd dat die ouderen naar de club konden komen, want ‘iedereen is bij ons welkom’, nu wordt er door verenigingen proactief gezocht naar nieuwe samenwerkingsverbanden. Er zijn veel mogelijkheden voor maatschappelijke verbinding en op die manier kunnen verenigingen ook weer geld voor de club te verdienen.”
Inspiratiesessies
Met die open-club-gedachte in het achterhoofd organiseert de Atletiekunie tijdens de EK naast de bijscholing voor LO-docenten ook inspiratiesessies voor mensen die werkzaam zijn in de sport. “Je moet denken aan gemeenteambtenaren die zich met sport bezighouden of bestuursleden in de sport. Met Tom van ’t Hek als dagvoorzitter en sprekers als bijvoorbeeld Bram Bakker en Cees Vervoorn hebben we een mooi programma. Uiteraard bezoeken we na de inspiratiesessies in de middag ’s avonds de EK.”
Op zoek naar jeugdtrainers
Om ervoor te zorgen dat alle verenigingen de verwachte nieuwe aanwas van leden na de EK en de Olympische Spelen van Rio de Janeiro goed aankunnen, heeft de Atletiekunie de ‘Toolkit Werf de Jeugdtrainer’ ontworpen. Hoogink: “Vroeger waren de cursussen voor jeugdtrainers aanbodgericht, maar tegenwoordig verzorgen we trainerscursussen op verzoek van de verenigingen vaak bij de verenigingen zelf. Dat heeft geleid tot meer en beter opgeleide mensen, maar tegelijkertijd komen verenigingen bij ons met de vraag hoe en waar zij nieuwe trainers kunnen vinden."
"Voor ons is het vanuit Papendal ondoenlijk om zelf trainers voor clubs te werven, maar we kunnen de verenigingen wel handvatten geven. Wat zijn best practices? Hoe doen andere clubs het, hoe doen andere sporten het en hoe doen bijvoorbeeld andere vrijwilligersorganisaties als de ANWB en het Rode Kruis het? Op grond van dat soort ervaringen hebben wij de toolkit ontwikkeld die we tijdens de EK presenteren.”
Na 2016
De Atletiekunie grijpt de EK aan om mensen te enthousiasmeren, maar de bond wil de opgedane kennis bij de organisatie van het evenement ook borgen. “Er zijn veel mensen die nu ervaring opdoen met de organisatie van het evenement bijvoorbeeld met jureren, in de event-presentatie of in de toernooiorganisatie. Die ervaring is van grote waarde. We willen de mensen die er nu allemaal dicht bij betrokken zijn een rol geven op workshops en congressen die we de komende jaren organiseren, zoals de Dag van de Atletiek en de Looptrainersdag. We willen in 2018, ’19 en ’20 ook nog profiteren van de EK in Amsterdam.”
Voor meer informatie: www.amsterdam2016.org
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.