Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Arbeidsintensief en tijdrovend traject naar menukaart sportimpuls

'Arbeidsintensief en tijdrovend traject naar Menukaart Sportimpuls'

13 februari 2014

Nieuws

Sportimpuls 2014 van start
Vandaag gaat de Sportimpuls 2014 van start, de derde ronde van de subsidieregeling van het Ministerie van VWS en onderdeel van het programma Sport en Bewegen in de Buurt. Met het aanbod op de Menukaart Sportimpuls kunnen sportaanbieders net als in voorgaande jaren subsidie aanvragen voor het opzetten van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen. Deze activiteiten zijn als zogenaamde ‘interventies’ opgenomen op de Menukaart Sportimpuls en zijn ontwikkeld door sport- en beweegorganisaties. Wel zijn op dit vlak een aantal verschillen met eerdere Sportimpuls-edities. Zo heeft er onder meer een kwalitatieve selectie van interventies plaatsgevonden door uitgebreidere en heldere beschrijvingen van de interventie-eigenaren te vragen. Daarnaast moet bij de aanvraag van een interventie in 2014 niet alleen de gemeente worden betrokken, maar ook de organisatie die verantwoordelijk is voor de interventie en op de Menukaart als eigenaar staat vermeld. Hoe ervaren de interventie-eigenaren deze Sportimpuls-veranderingen en wat hebben zij sportaanbieders te bieden met hun interventies?


door: Lennart Bloemhof | 13 februari 2014

Net als de sportbonden Nederlandse Ski Vereniging (NSkiV) en voetbalbond KNVB - die twee weken geleden hier hun visie gaven op de nieuwe procedures rond de Menukaart Sportimpuls in 2014 - komen Stichting Onbeperkt Sportief (sinds juli 2013 de nieuwe naam van Stichting Gehandicaptensport Nederland) en Sportservice Noord-Holland met elk drie interventies vaak voor op de nieuwe Menukaart. De twee organisaties kijken terug op de gewijzigde Sportimpuls-procedure en vertellen wat zij potentiële aanvragers met hun interventies te bieden hebben.

Erna Mannen is bij Stichting Onbeperkt Sportief manager van Special Heroes, het gezamenlijk sportstimuleringsproject van NOC*NSF, Onbeperkt Sportief en de PO-Raad voor leerlingen uit het speciaal en voortgezet speciaal onderwijs met een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of meervoudige beperking. Mannen herinnert zich dat er aan het einde van de vorige Sportimpuls-tranche rondetafelgesprekken met de bij Sportimpuls betrokken organisaties plaatsvonden, waarin de Sportimpuls werd geëvalueerd op zowel inhoud als procedure.

Mannen: “Er was toen een tafel met interventie-eigenaren, waar ik ook aan zat. Daar hebben we aangegeven dat de procedure soms wat ondoorzichtig was voor de interventie-eigenaar en dat we graag een kwalitatieve toets op de interventies zouden willen zien.” De programmamanager is daarom tevreden met de gewijzigde procedure rond het selecteren van interventies voor de Menukaart door aan te sluiten bij Effectief Actief en het besluit om interventieaanvragen ook langs de interventie-eigenaar te laten gaan.

 “Als je tijdig zicht hebt op wie wat aanvraagt, kun je veel eerder een kwalitatieve toets doen op de aanvraag en aanvragers ook ondersteunen. Verder zorgen goed beschreven en theoretisch onderbouwde interventies voor een overzichtelijke Menukaart. De interventies die nu op de kaart staan hebben daarmee een kwaliteitsstempel, of werken daar hard aan. Voor de aanvrager is dat helder en prettig”, aldus Mannen.

Interne expertise
Wel begrijpt Mannen de sportbonden, die benadrukten dat het herschrijven van de interventies een zeer arbeidsintensief en tijdrovend traject was. “Ik kan me voorstellen dat zoiets intensief is en eigenlijk vraagt dit binnen je organisatie een specialist. Gelukkig hebben wij bij Onbeperkt Sportief een adviseur monitoring en onderzoek die daar ervaring mee heeft. Wij zijn twee jaar geleden al begonnen met het theoretisch onderbouwen van onze interventies ‘Special Heroes’ en ‘Revalidatie, Sport en Bewegen’, omdat wij het als organisatie belangrijk vinden dat onze interventies dat keurmerk hebben. Daardoor was het traject voor ons nu minder intensief.”

Volgens Annelijn de Ligt, adviseur bij Sportservice Noord-Holland, verliep het herschrijftraject van de interventies bij haar organisatie minder ontspannen dan bij Onbeperkt Sportief. “Maar het kwam eigenlijk wel goed uit”, zegt ze.

“Adviesbureau Movisie is al sinds 2009 een partner bij ons project ‘Buurtsportvereniging’ en samen hebben we de handleiding voor de interventie opgesteld. Verder heeft Movisie de ‘Buurtsportvereniging’ beschreven voor de databank Effectieve Sociale Interventies en met NISB afspraken gemaakt over de wederzijdse erkenning van elkaars databank. Zelf hebben we de interventie ‘Alle Leerlingen Actief / VMBO in Beweging’ herschreven en de nieuwe naam ‘Maki’ meegegeven om het aantrekkelijker te maken voor jongeren. De nieuwe omschrijving van ‘Jeugdsportpas’ kostte de meeste tijd, omdat dit project al heel lang draait en er veel varianten zijn ontstaan in de loop van de jaren. Bij het aanpassen van deze interventie hebben we gelukkig ondersteuning gehad vanuit NISB”, zegt De Ligt.

Ze vervolgt: “Die ondersteuning was goed, maar minimaal. Dat was overigens ook begrijpelijk met al die interventies die herschreven moesten worden en bij NISB op het bureau terechtkwamen. Het herschrijven kost tijd, maar levert veel op. Je gaat kritischer kijken naar je interventies en voor de Menukaart is het denk ik heel goed dat er minder interventies op de kaart staan. Ook al kan het zijn dat er nu interventies niet op de kaart staan die wel heel goed werkten, omdat de eigenaren onvoldoende tijd hadden om te herschrijven.”

Veel werk, geen vergoeding
Wel plaatst De Ligt een kritische noot rond de nieuwe Sportimpuls-procedure en de toegenomen arbeidsintensiteit die daar voor interventie-eigenaren bij hoort, zonder dat daar een vergoeding tegenover staat. “We vinden het heel goed dat we betrokken worden bij de aanvragen en dat we input kunnen leveren, zodat er kwalitatief goede aanvragen worden gedaan. Maar deze ureninvestering levert ons verder financieel niets op. Het is daarom veel gratis werk. Die verhouding klopt niet helemaal. Dat het Sportimpuls-budget vooral naar de lokale uitvoering gaat juichen we uiteraard toe, want daar wordt de doelgroep bereikt. ”

Het toevoegen van de financiële bijlage bij de interventies was één van de grootste hindernissen die Sportservice Noord-Holland voor de nieuwe Menukaart-procedure moest nemen. De Ligt: “Het format was best lastig om in te vullen. Sommige kostenposten hangen samen. Als je bij Jeugdsportpas bijvoorbeeld zonder de ondersteunende applicatie van de interventie werkt dan valt deze kostenpost weg, maar zullen de coördinatie-uren wel weer flink omhoog gaan.”

Helder
Wel is De Ligt tevreden met de uiteindelijke nieuwe beschrijvingen van de interventies en komt daarin volgens haar voor de aanvrager duidelijk naar voren wat de succesfactoren van de interventies zijn. “Dan weten de aanvragers waar ze aan beginnen”, zegt ze. “En dankzij de financiële paragraaf weten ze ook met welke kosten ze rekening moeten houden om de interventie in te zetten. Het is op dat gebied ook goed dat we nu als interventie-eigenaar aan de voorkant van dat proces zitten. Dan kunnen we goed naar de relevantie, aanpak en de begroting kijken, en ook zien of de goede partners aan boord zijn.”

De Ligt verheldert haar opmerking via de interventie ‘Maki’, die als doel heeft leerlingen in het voortgezet onderwijs meer te laten bewegen en gezonder te laten eten. “Bij die interventie bouwen we voort op de goede ervaringen met ‘VMBO in Beweging / Alle leerlingen actief’ en vullen dit aan met de principes van gaming. De makigame brengt gezond eten en meer bewegen via de jongeren binnen de scholen”.

Maar bij de ‘Maki’-interventie is het volgens haar wel cruciaal dat de directeur van de school de interventie steunt. “Als je dat draagvlak niet hebt, kun je er beter niet aan beginnen. De interventie kan namelijk niet alleen door een enthousiast persoon binnen de school worden gedragen. Een overeenkomstig doel bij al onze interventies is het stimuleren van samenwerking tussen lokale partijen en het borgen van die samenwerking, zodat het uiteindelijk zichzelf staande kan houden. Daar heb je een breed draagvlak voor nodig.”

Duurzaam samenwerken
Onbeperkt Sportief legt met haar interventies ook de nadruk op duurzame samenwerking tussen partijen. Erna Mannen: “Onze drie interventies - ‘Zo kan het ook!’, ‘Special Heroes’ en ‘Revalidatie Sport en Bewegen’ - zijn aan de ene kant beweeginterventies met speciale methodieken voor volwassenen of kinderen met een beperking. Daarnaast stimuleren wij met onze interventies het organisatorisch duurzaam samenwerken en verankeren. Ons doel is dat mensen met een beperking via onze interventies structureel gaan bewegen en daaraan kan Sportimpuls bijdragen.”

Wel plaatst Mannen nog een kanttekening bij het hoofddoel van de sportsubsidie, namelijk het ondersteunen van lokale sport- en beweegaanbieders bij de opzet van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen. “Dat lokale is bij ons lastig, omdat gehandicaptensport veelal een regionale organisatie vraagt. Als we bijvoorbeeld in Deventer een interventie starten in samenwerking met een school, nemen er kinderen aan deel die veertig kilometer verderop wonen. Maar de Sportimpuls weet dat en houdt daar rekening mee.”

Zowel Onbeperkt Sportief als Sportservice Noord-Holland zijn enthousiast over het feit dat hun interventies inmiddels op de definitieve Menukaart Sportimpuls 2014 terecht zijn gekomen en onderschrijven het belang van de sportsubsidie voor het stimuleren van lokaal sportaanbod en beweging. Erna Mannen besluit fris: “Daar zijn we erg blij mee. We willen graag lokale coalities bouwen, door sportaanbieders met partijen in hun regio te laten samenwerken.”

Voor meer informatie: www.effectiefactief.nl/menukaart of www.sportindebuurt.nl

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.