Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
Amsterdamse clubs omarmen niet alle doelen stimuleringsprogramma

Amsterdamse clubs omarmen niet alle doelen stimuleringsprogramma

4 februari 2010

Nieuws

door: Sytske Tjeerdema en Meike Elfring

 

Sport biedt allochtonen en in het bijzonder de jeugd mogelijkheden om zich een plaats in de samenleving te verwerven. Het ministerie van Wonen, Werk en Integratie en het ministerie van VWS hebben daarom in 2005 dan ook besloten een vijfjarig programma (2006-2010) op te stellen met als oorspronkelijke titel ‘Meedoen Allochtone Jeugd door Sport’.

Vanaf begin 2010 is de naam van dit programma gewijzigd in ‘Meedoen Alle Jeugd door Sport’. Het programma zet zich in om de sportparticipatie van alle jongeren in achterstandswijken te verhogen, waaronder allochtone jongeren. De gemeente Amsterdam is één van de elf gemeenten die deelneemt aan het programma. Het einde van het programma komt inmiddels in zicht. Het is daarom tijd om de balans op te maken. DMO Amsterdam heeft onderzoeksbureau Kennispraktijk gevraagd het programma in Amsterdam nader te onderzoeken met als doel meer inzicht te krijgen in de succes- en faalfactoren van het programma.

Het onderzoek is uitgevoerd onder 103 deelnemende Amsterdamse sportverenigingen in het landelijke programma ‘Meedoen Alle Jeugd door Sport’. Daarnaast zijn gesprekken gevoerd met sportbonden en betrokkenen van de gemeente Amsterdam.

De opvallendste uitkomst van het onderzoek is dat het werven van nieuwe jeugdleden voor Amsterdamse sportverenigingen het belangrijkste doel is van het programma, maar dan wel vanuit financiële overwegingen en niet vanwege een maatschappelijke betrokkenheid. Nieuwe jeugdleden geven een vereniging meer financiële draagkracht en of dit allochtone of autochtone jeugd is maakt de verenigingen weinig uit.

Overige uitkomsten
Het plan van aanpak – door de deelnemende verenigingen bij aanvang van het programma in 2006/2007 opgesteld - vormt nog steeds de leidraad voor de uitvoering van activiteiten. De verenigingen waarderen het zeer dat binnen de plannen - naast het werven van (allochtone) jeugdleden - ook ruimte wordt geboden voor het verbeteren van de randvoorwaardelijke zaken van de vereniging. Hieronder wordt onder andere verstaan het opleiden van gekwalificeerd kader, het betrekken van ouders bij de vereniging en de mogelijkheid van structurele samenwerking met scholen. Een ruime meerderheid van de sportverenigingen geeft aan dat de basis van het project mede hierdoor sterker is geworden en dat de vereniging zich hierdoor beter kan ontwikkelen. Een bijproduct van het programma is dat een aantal deelnemende verenigingen binnen één tak van sport - via bijvoorbeeld een stichting - zijn gaan samenwerken. Dit zorgt voor een versterking van de verenigingssport in Amsterdam en vormt een meerwaarde voor de afzonderlijke verenigingen.

Knelpunten
Niet alle doelstellingen van Meedoen Alle Jeugd door Sport worden door de verenigingen omarmd of zijn realiseerbaar. Zo zijn er nauwelijks verenigingen die een aanbod van activiteiten voor Islamitische en Hindoestaanse meiden willen realiseren. De meeste verenigingen hebben daar praktische bezwaren tegen, en enkele verenigingen hebben ook principiële bezwaren tegen het aanbieden van een sportaanbod speciaal voor Hindoestaanse en Islamtische meiden. Verder vinden verenigingen het belangrijk om voldoende en goed gekwalificeerd technisch kader te hebben maar blijkt dit in de praktijk moeilijk haalbaar. Het tekort aan vrijwilligers, de overbelasting van de huidige vrijwilligers en het tekort aan geschikte accommodatie vormt voor veel verenigingen een knelpunt in de uitvoering van het programma en het werven van nieuwe (allochtone) jeugdleden.

Toekomst
Voor een derde van de verenigingen is de toekomst na het beëindigen van het programma in 2010 onduidelijk. Door het wegvallen van financiële middelen en/of personele inzet zullen activiteiten moeten worden stopgezet en zal er bij de verenigingen minder aandacht zijn voor maatschappelijke doelen.

DMO Amsterdam zal de komende tijd onderzoeken op welke manier pijlers van het programma ‘Meedoen Alle Jeugd door Sport’ ingebed kunnen worden in het sportbeleid van Amsterdam zodat de opbrengsten van het programma na 2010 niet verloren zullen gaan. De uitkomsten van het onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau Kennispraktijk zijn hierbij een belangrijk uitgangspunt.

Voor meer informatie over het onderzoek ‘De Kracht van Meedoen Amsterdam’: Sytske Tjeerdema (beleidsmedewerker bij DMO Sport, s.tjeerdema@dmo.amsterdam.nl of 020-251 8241) of Meike Elfring (onderzoeker bij Kennispraktijk, m.elfring@kennispraktijk.nl of 024-329 5781).

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.