2 september 2010
Nieuws
Dat er een tekort aan donoren is, is een algemeen bekend probleem. De overheid voert zelfs campagne om meer mensen zich te laten registreren als donor. Niemand weet meer hoe hard dat nodig is dan de getransplanteerden zelf. Het doel van de Stichting Sport en Transplantatie is dan ook zoveel mogelijk aandacht genereren voor het tekort aan orgaandonoren en daarmee de donorregistratie te bevorderen. Maar daarnaast is de stichting ook bezig om actieve sportbeoefening door orgaangetransplanteerden op zowel recreatief als competitief nationaal en internationaal niveau te bevorderen.
Wolter van Tarel - bestuurslid van de Stichting Sport en Transplantatie - vertelt hoe de stichting is ontstaan: “De stichting is in 1993 opgezet onder de naam World Transplant Games Netherlands, maar we moesten toen steeds uitleggen wat we nou precies deden. Daarom hebben we in 2008 onze naam veranderd in Stichting Sport en Transplantatie. En deze naam zegt genoeg!” De stichting heette oorspronkelijk World Transplant Games Netherlands (WTGN) omdat er voor getransplanteerden elke twee jaar wereldkampioenschappen gehouden worden. Van Tarel: “Dit toernooi staat open voor alle getransplanteerden uit landen die zijn aangesloten bij de World Transplant Games Federation (WTGF).”
Om atleten naar de World Transplant Games te kunnen sturen is de Stichting Sport en Transplantatie begonnen met een programma waarin sporters onder leiding van een trainer en een sportcoördinator kunnen trainen voor deze wereldkampioenschappen. “De sporters die hieraan willen meedoen melden zichzelf bij de stichting die - als dat nodig is - vervolgens een selectie maakt. In tien takken van sport wordt daarna één keer per maand getraind.”, aldus Van Tarel. Naast de groep mensen die mee willen doen aan de wereldkampioenschappen zijn er ook tweehonderd mensen die op recreatieve basis sporten bij de stichting. Alle sporters die aangesloten zijn bij de stichting sporten vaak ook nog bij reguliere sportverenigingen. “Voor de recreatieve sporters is dit uiteraard niet verplicht. Maar voor de atleten die naar de wereldkampioenschappen gaan is het van belang dat zij ook bij een reguliere club sporten, om zo hun niveau te verbeteren”, vertelt Van Tarel.
De sporten waar de Stichting Sport en Transplantatie zich op richt zijn: badminton, bowling, golfen, volleybal, zwemmen, atletiek, squash, tafeltennis, tennis en wielrennen. “Wij hebben gekozen voor deze sporten, omdat dit geen contactsporten zijn. Na een niertransplantatie zit de nieuwe nier namelijk in de lies. Stel dat je bij een sport als voetbal een trap in je lies of iets dergelijks krijgt, dan zijn de rapen gaar”, vertelt Van Tarel. Behalve dat contactsporten niet weggelegd zijn voor getransplanteerden, zijn zij niet anders dan andere sporters. Van Tarel: “Alleen als men getransplanteerd is, duurt het een tijdje duurt voordat men weer in conditie is. Verder kunnen ze alles wat niet-getransplanteerden ook kunnen, hoor!”
Voor meer informatie: www.sportentransplantatie.nlDeel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.