door: Leo Aquina | 28 augustus 2014
“Kamerleden zouden zich er druk over moeten maken”, zegt Marjan Olfers. Begin volgend jaar moet de nieuwe kansspelwet ingaan en daarmee wordt Nederland een van de liberaalste landen als het gaat om online gokken. Het gevaar van matchfixing ligt op de loer. Volgens Olfers - hoogleraar Sport en Recht aan de Vrije Universiteit - is de wet zoals die op hoofdlijnen staat nog lang niet toereikend. “Er zijn nog veel witte vlekken. Wat mij betreft moeten we praten over een gecontroleerde opening van de markt en aanbodregulering is daar een onderdeel van.” 
Olfers deed eerder uitgebreid onderzoek naar matchfixing in Nederland en concludeerde in 2013 in een uitgebreid rapport dat ‘matchfixing zich ook in Nederland voordoet, maar dat het fenomeen - voor zover de verzamelde informatie strekt - niet als structureel en wijdverbreid moet worden beschouwd.’ Dat lijken geruststellende woorden, maar zo ziet Olfers dat niet:
“Je moet ieder geval van matchfixing buitengewoon serieus nemen, want het is de dood van de sport. We zijn in Nederland relatief minder kwetsbaar voor matchfixing. Je denkt bij matchfixing toch vaak aan voetbal. Nederlandse voetballers krijgen goed betaald, bovendien ontvangen zij hun salaris altijd op tijd. Dat maakt het voor fixers lastig. Aan de andere kant is Nederland wel weer heel aantrekkelijk voor fixers, want iedereen gelooft onze competitie nog. Dat is op sommige plekken, bijvoorbeeld op de Balkan, heel anders.”
Die relatief lage kwetsbaarheid geldt voor de Eredivisie, maar veel minder voor de Jupiler League, waar spelers veel minder betaald krijgen. Andere sporten waar nog minder geld in omgaat, zijn op dat gebied nog kwetsbaarder. In tennis op challenger-niveau zijn de gages laag. “Dat zijn bovendien vaak wedstrijden zonder camera’s en het is een individuele sport dus het is heel erg moeilijk om matchfixing te bewijzen’, aldus Olfers.
Half augustus ontstond er ophef over een wedstrijd tussen Antal van der Duim en Boy Westerhof op het challengertoernooi van Meerbusch in Duitsland. De Koninklijke Nederlandse Lawn Tennisbond KNTB kreeg in eerste instantie via sociale media en later via de pers en online-gokaanbieders signalen dat er iets aan te hand was met weddenschappen op die wedstrijd. De bond heeft dat doorgegeven aan de Tennis Integrity Unit TIU van de Internationale Tennis Federatie ITF en die onderzoekt het incident.
Aanbodregulering
Of er in Meerbusch iets onoorbaars is gebeurd of niet, het incident illustreert de kwetsbaarheid van de sport en zeker van sporten waarin relatief weinig wordt verdiend. Precies daarom pleit Olfers voor aanbodregulering:
“Het wetsvoorstel voor de nieuwe kansspelwet staat op hoofdlijnen, maar op een heleboel punten is nog onduidelijkheid. Er zijn mogelijkheden om met lagere regelgeving voorwaarden te stellen en daar moet bij de behandeling van de wet in de Kamer goed over worden nagedacht. Willen we straks gokken op rode kaarten? Of op de eerste uitbal in een wedstrijd? Dat soort zaken is makkelijk te fixen. Dat geldt ook voor lagere competities. Gokken op jeugdcompetities is al verboden, maar je moet serieus overwegen of je gokken op lagere seniorenniveaus wel moet willen.” Gokaanbieders zijn mordicus tegen aanbodregulering, maar dat is volgens Olfers eigenlijk onverstandig. “Zij hebben zelf uiteindelijk ook baat bij een geloofwaardig aanbod.”
Rad van Fortuin
Hoewel er nog diverse haken en ogen zitten, vindt Olfers het goed dat er nieuwe kansspelwet komt. “De huidige wet is uit 1964. Dan praat je over het Rad van Fortuin. Mijn kinderen weten echt niet meer wat dat is. Het is van ver voor het internet, dus er was niets in vastgelegd over online gokken.”
Online gokken mag officieel niet in Nederland, maar er is nauwelijks iets gedaan aan de handhaving. “Je mag online gokken niet aanbieden op een .nl website, maar dat is een farce”, aldus Olfers. “Als je op internet zoekt op ‘wedden en Nederland’ word je omgeleid naar allerlei sites waar het gewoon kan.
Goktips als beloning voor drugkoeriers
Kennis van de gokmarkt is essentieel voor een goede aanpak. “Ik heb onlangs voor het eerst met een professionele gokker gesproken en de risico’s zijn nog vele malen groter dan ik eigenlijk al dacht”, aldus Olfers. “Hij kan met het gokken makkelijk in zijn levensonderhoud voorzien. Hij werkt in een groep, waar hij ook tips van krijgt. Zelf krijgt hij vijftig procent van de opbrengst en de rest gaat naar de groep. Ik kwam er ook achter dat jongeren goktips krijgen als beloning voor drugskoeriersdiensten. Er zijn duistere machinaties aan de gang waar mensen veel geld aan verdienen. Hoe zit dat nu echt in elkaar?” Olfers zet haar speurtocht in ieder geval voort.
Het internationale karakter van de online gokmarkt maakt de aanpak des te lastiger. Sommige landen zijn al veel verder dan Nederland in het reguleren en handhaven. “In Amerika wordt er met name vanuit de sport zelf heel actief tegen online gokken opgetreden. Online gokken op sport is in de meeste staten sowieso verboden”, vertelt Olfers. “In Frankrijk komt binnenkort een rapport uit met betrekking tot matchfixing. Daar wordt enorm stevig gehandhaafd. In de ons omringende landen zijn ze al heel hard bezig.”
Voor meer informatie: rapport Matchfixing in Nederland. De aard en reikwijdte van het probleem, de risico’s en de aanpak (pdf)