Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
5 vragen aan ton boot succesvol basketbalcoach die afgelopen jaar een sabbatical hield

5 vragen aan Ton Boot, succesvol basketbalcoach die afgelopen jaar een sabbatical hield

12 augustus 2008

Nieuws

door: Peter Hopstaken | 12 augustus 2008

1. Je was van plan om in het afgelopen jaar diverse coaches te bezoeken, maar je bent alleen bij Louis van Gaal langs geweest. Waarom is het bij Van Gaal beperkt gebleven?
“Ik vind dat je een sabbatical ten eerste moet gebruiken om je een beetje te ontspannen. Daarnaast wilde ik mij ontwikkelen. Daarom was ik van plan verschillende coaches uit andere takken van sport dan mijn eigen sport basketbal te bezoeken. Uiteindelijk ben ik alleen bij Louis van Gaal langs geweest, omdat ik het veel te druk kreeg met andere zaken die overigens όόk met ontwikkeling te maken hebben. Zo werd ik commentator van basketbalwedstrijden voor Sport1, was ik de ‘sidekick’ van Frits Barend bij het digitale televisieprogramma ‘Het Gesprek’, had ik een column in De Telegraaf en heb ik verschillende praatjes voor het bedrijfsleven gehouden. Ik had het dus druk genoeg. Ik ben nog wel van plan om de komende maanden andere voetbalcoaches te bezoeken: Piet Hamberg die bij Liverpool traint en Co Adriaanse die tegenwoordig werkt voor Red Bull Salzburg in Oostenrijk.”

2. Kan je vertellen over je ervaringen bij Van Gaal?
“Ik ben ruim een maand elke dag bij Van Gaal op de training geweest. Ik kreeg een trainingspak van AZ en ik stond tussen de spelers en trainers op het veld, als één van hen. Van Gaal is dus niet bang voor pottenkijkers, dat waardeer ik. Ik heb vooral geobserveerd. Met Van Gaal zelf heb ik nauwelijks gesproken, althans niet over inhoudelijke zaken. Wat ik van hem geleerd heb? Niet zo veel. Ik stond daar ook niet als leerling. Het klinkt misschien arrogant, maar ik ben van hetzelfde niveau als Van Gaal. Ik wilde vooral ideeën op doen.”
 “Wat mij aan Van Gaal is opgevallen: hij twijfelt nooit. Dat zegt hij ook hardop. Ik vind dat een groot nadeel voor een coach. Dan ben je weinig flexibel. Hij heeft de neiging om alles wat zich buiten zijn vaste patronen bevindt niet te observeren. Hij ‘weet’ alles al. Ik heb daar over nagedacht en het heeft mij geïnspireerd tot het schrijven van een column met als titel ‘Ik twijfel, dus ik ben’. Ik heb overigens wel ideeën gekregen door oefeningen van Van Gaal. Simpele oefeningen hoor. Lummelen, een rondootje, positiespel dus. Ik heb er een toepassing van uitgewerkt voor basketbal, op een letterlijk principiële manier. Ofwel, bij de uitwerking heb ik eerst vastgesteld van welke principes de oefening uitgaat. Als een speler principes leert, hoeft hij niet meer aan de hand van vaste systemen te handelen. En dan leert hij beter te anticiperen op spelsituaties. Van eigen initiatief en creativiteit ben ik een groot voorstander. Daarom ben ik ook zo tegen oordopjes in de Tour de France. Renners hoeven niet meer na te denken. Met die oordopjes moeten ze doen wat de ploegleider hen opdraagt. Dat vind ik een slechte zaak. Om dezelfde reden ben ik tegen hartslagmeters tijdens een tijdrit.”

3. Jij staat synoniem met ‘willen winnen’. Doelstellingen nastreven zijn daarbij heilig. Hoe doe je dat eigenlijk, doelstellingen formuleren?
“Doelstellingen moeten hoog maar haalbaar zijn. Als je ze niet haalt, is het niet erg. Dan moet je gaan evalueren en zaken bijstellen om het doel de volgende keer wél te halen. NOC*NSF wil na de Olympische Spelen in het landenklassement bij de beste tien landen van de wereld staan. Maar is dat een doelstelling of een ambitie? Een ambitie uitspreken vind ik veel te vrijblijvend, het gaat om doelen stellen. Veel mensen denken dat een plek bij de beste tien landen van de wereld te hoog gegrepen is. Ik niet. Sterker nog, waarom stellen we de doelstelling niet hoger?! We hebben daar als volk de potentie voor. Onze bevolking bestaat deels uit lange, blanke en deels uit snelle, zwarte mensen. Ze kunnen van alle faciliteiten gebruikmaken die ze zich maar wensen kunnen. Bedenk ook dat een land als Australië na de Olympische Spelen van Athene vierde was op de landenranglijst. Vierde!! Een land dat in bevolkingsomvang te vergelijken is met Nederland. Waarom zijn we dan al tevreden met een tiende plek?! Wel prettig is dat het nu ook een regeringsdoelstelling geworden is. Wat ik mij wel afvraag: als de doelstelling niet gehaald wordt, verandert dan het overheidsbeleid? Gaat er dan vervolgens meer geld naar de sport?”

“Over te lage doelstellingen gesproken, ik heb mij ook zo geërgerd aan de tevredenheid van de Rabobank over het verloop van de Tour de France. Het meest treurig vond ik wel dat de passieve, conservatieve, initiatiefloze houding van de bestuurders van de Raboploeg neersloeg op de renners. Ik heb behalve de etappe naar de Alpe d’Huez - die ik live meemaakte - bijna elke etappe op televisie gezien. Ik heb vrijwel geen Oranjeshirtje van de Raboploeg in de kopgroep gezien! En wat hebben de Raborenners nu bereikt? Alleen een groene trui. Je moet hόge doelstellingen stellen, dat leer je van elke motivatietheorie. De doelstellingen van de Raboploeg hadden moeten zijn: Mentsjov de gele trui, Freire de groene trui en vijf etappeoverwinningen. Wint Mentsov de Tour niet? Dan ga je als ploegleiding evalueren waarom het niet gelukt is. Vergis je niet, zo’n gekke doelstelling is het niet die ik hier neerleg. Veel kenners vonden Mentsjov in potentie de beste renner. Michael Boogaard riep dat bijvoorbeeld, zelfs nog na de mislukte etappe naar de Alpe d’Huez.”

4. Hoe kan het dat basketbal in Nederland maar geen sterke sport kan worden. Het heeft alles mee. Een schoolsport bij uitstek, het is leuk om te doen, spectaculair om te zien…
“Basketbal is jarenlang slecht bestuurd. Uit zichzelf komt een sport niet op. Kijk maar naar volleybal. Ondanks de gouden plak in Atlanta is het bij volleybal ook niet gelukt om er een sterke sport van te maken. In het basketbal behoorden we vijfentwintig jaar geleden tot de top van Europa. Nu kijkt niemand raar op als we van Luxemburg verliezen. De bond had vroeger veel meer aandacht moeten besteden aan topbasketbal en tegelijkertijd aan de jeugd. Er had een goed plan moeten zijn waar een goede visie aan ten grondslag lag. Plannen zijn misschien wel gemaakt, maar het gaat όόk nog om de uitvoering. Als ik het voor het zeggen had, dan zou ik voor de ontwikkeling van het basketbal in Nederland de tijd nemen. Tien tot vijftien jaar. Maar daar doen bestuurders niet aan, die willen altijd op korte termijn scoren.”

5. Je bent nog niet gevraagd om ergens weer basketbalcoach te worden. Snap jij hoe dat kan, je haalt toch bijna altijd successen?
“Als ik gevraagd zou worden, zou ik er goed over moeten nadenken. Als ik bij de club die mij zou vragen perspectief zou zien, wie weet. Ik ga er dus niet met zekerheid op in. Ik was namelijk supergelukkig in het afgelopen jaar. Waarom? Daar wil ik niet over nadenken, dan gaat het gevoel misschien weer weg. Als iemand verliefd is, vraag je toch ook niet waarom dat zo is? Ik ben nog niet benaderd, en dat verwondert mij niet zo hoor. Ik wil altijd winnen. Maar bestuurders niet. Zij vinden status, reputatie, geld en macht veel belangrijker. Bovendien, ik ga altijd mijn eigen gang, ik trek mij niets van mijn omgeving aan, ik opereer onafhankelijk. Dat vinden bestuurders vaak gevaarlijk voor hun positie, dat tast hun macht aan. Vergeet ook niet: ik ben 67 jaar. Dat kan ook best in het achterhoofd van de bestuurders zitten. En dat ik overal met ruzie vertrokken ben. Bij elke club. Meestal ging het om een vertrouwenskwestie. Als iemand mijn vertrouwen beschaamt, is het afgelopen. Tuurlijk had ik naast Nederland en België ook in andere landen kunnen werken. Ik weet precies wat je moet doen om bij Real Madrid op de trainersbank te komen: tot zes uur in de bar zitten met de voorzitter. In de top opereren nu eenmaal veel charlatans. Een netwerk opbouwen, dat doe ik niet. Maar nogmaals, ik ben heel gelukkig zo. Als ik afgelopen jaar een coach aan het werk zag, dacht ik vaak: ‘mijn hemel, hoe is het mogelijk dat ik dat werk gedaan heb!’. Coaches staan onder veel stress, ze moeten werken in een oneerlijke omgeving. Als je erin zit, merk je dat niet. Zelf voelde ik als coach dus geen stress. Integendeel, ik was altijd relaxed. Ook omdat ik nu eenmaal geleerd heb om niets van mijn omgeving aan te trekken.”

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.