Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
5 vragen aan johan kenkhuis voormalig topper en zwemanalyticus van de nos

5 vragen aan Johan Kenkhuis, voormalig topper en zwemanalyticus van de NOS

1 november 2016

Nieuws


door: Marc Hoeben | 1 november 2016

1. Laten we met de actuele benoemingen sinds de Spelen beginnen. André Cats is door zwembond KNZB aangesteld als technisch directeur. Marcel Wouda is hoofdcoach geworden en coach van het Nationaal Training Centrum (NTC) in Eindhoven. Mark Faber volgt de weggestuurde Martin Truijens op als coach van het andere NTC, in Amsterdam. Wat vind je daar allemaal van?
“Ik ben daar heel blij mee. We zitten op een dieptepunt, dit zijn misschien wel de grote, hoopvolle stappen die we op dit moment nodig hebben. De zwemsport moet in een rustiger vaarwater komen na het mislukken van de Spelen en alles wat daarmee kwam kijken. Deze drie mensen hebben de expertise en het karakter om rust te kunnen brengen. André Cats is coach geweest bij DWK in Barneveld, hij komt uit het verenigingszwemmen, hij heeft een passie voor de breedtesport en heeft ervaring in de topsport, als coach én als chef de mission van de paralympische ploeg, en een goede visie waar de sport naartoe moet. Marcel Wouda heeft misschien nog nooit bij een vereniging gewerkt, maar hij stelt van nature de zwemmer centraal. Faber is net als Cats een verenigingsman. Die twee kennen elkaar nog van DWK.”

"Wie je ook spreekt, iedereen die al langer meedraait heeft hetzelfde beeld van de Nederlandse zwemsport"

2. Nul medailles op de langebaan in Rio. Hoe is dat mogelijk voor het land van levende legendes als Pieter van den Hoogenband en Inge de Bruijn? Hoe heb je dat als liefhebber en als zwemanalyticus voor de NOS beleefd?
“Ik heb al jaren de top in Nederland steeds smaller zien worden. Slechts twee handen vol aan zwemmers konden zich individueel kwalificeren voor de Spelen. En uiteindelijk denk je vooral: wat gaat Ranomi Kromowidjojo doen? En wat gaat Femke Heemskerk doen? Of bestaat er nog een kansje dat Sebastiaan Verschuren wat doet? Daar moet het dan allemaal om draaien. Nou, Sebastiaan was in Rio internationaal gewoon niet goed genoeg. Femke heeft met het trainen in Frankrijk en haar voorbereiding daar een gok genomen en die pakte verkeerd uit. Ranomi heeft lang niet zo strak getraind als in de vier jaar voor de Spelen van Londen 2012 en kon daardoor de extra stap niet maken."

“Maar met het constateren van zulke tegenvallers houdt het natuurlijk niet op. De onderliggende problemen zijn veel groter dan dat en daarbij is één ding heel opvallend. Wie je ook spreekt, iedereen die al langer meedraait heeft hetzelfde beeld van de Nederlandse zwemsport. In de jaren negentig is Jacco Verhaeren als jonge coach met een groep getalenteerde zwemmers, onder wie Pieter van den Hoogenband en Inge de Bruijn, opgeklommen. Hij vond dat het allemaal veel professioneler kon en hij had daarin ook wel gelijk. Na de succesvolle Spelen van Sydney in 2000 draaide het om de vraag hoe we het landelijk beter konden organiseren. Toen is onder meer de centralisatie gestart, met als resultaat nu twee NTC’s (nationale trainingscentra, red.), in Eindhoven en Amsterdam, en vier RTC’s (regionaal, red.). Maar in die periode is de visie van Jacco, hoe goed die ook was in allerlei opzichten, behoorlijk dominant geworden. Hij heeft voor mijn gevoel destijds vrij spel gekregen, om het naar zijn inzicht in te richten."

"De bond heeft te veel naar zich toegetrokken. De centralisatie was in eerste aanleg goed bedacht, maar het is daarna slecht uitgevoerd"

“Jacco Verhaeren was binnen het topzwemmen op stoom en de KNZB faciliteerde dat. Op zich niks mis mee, maar ondertussen was het op bondsniveau niet goed georganiseerd. Je had vroeger sterke verenigingen, met sterke coaches met eigen visies. Nu werd tegen deze coaches gezegd dat ze bijvoorbeeld niet meer mee mochten naar trainingskampen of toernooien. Wat bij de NTC’s en RTC’s gebeurde, was leading. Dat proefde je aan alles. Talenten moesten zo snel mogelijk worden weggeplukt en onder de hoede van de KNZB komen. Dat is een denkfout geweest. Het heeft ervoor gezorgd dat veel topcoaches hun conclusies hebben getrokken. Want voor hun visie was geen ruimte meer. En talenten werden veel gestuurd, gedwongen om te kiezen. Dat is dodelijk voor de motivatie. Terwijl je wel sterke verenigingen nodig hebt, met eigen helden, met coaches die hun visie kunnen uitrollen. De bond heeft te veel naar zich toegetrokken. De centralisatie was in eerste aanleg goed bedacht, maar het is daarna slecht uitgevoerd. Het is prima als je in het land een aantal punten hebt waar de regio voordeel mee kan doen en waar coaches hun kennis door hadden kunnen vergroten. Maar dit is veel te ver doorgeslagen.”

3. Na de Spelen is een onafhankelijke evaluatiecommissie onder leiding van oud-hockeyer Marc Delissen aan de gang gegaan om het echec in beeld te brengen. Deze maand kwamen de bevindingen van de commissie naar buiten. Wat vind je van het proces en de uitkomst?
“De evaluatie was kwalitatief en kwantitatief. De zwemmers hebben eerst zelf een aantal zaken mogen aangeven, er is een enquête gehouden, mede op basis daarvan zijn er conclusies getrokken. Op de eerste plaats: ik vind het heel goed dat die evaluatie publiekelijk heeft plaatsgevonden. Dat gebeurt sowieso veel te weinig en al helemaal als het gaat om beleids- en bondszaken."

"We hebben het hier niet over zoiets als jetlag of een verkeerde planning. Het gaat niet om simpele, sporttechnische fouten. Dit is gekomen door mismanagement"

“Ik vind de conclusies heel concreet. Want wat werd er gezegd? Nou, allereerst dat de ploeg kwalitatief goed genoeg was voor het halen van medailles. Op de tweede plaats kwam de conclusie dat het klimaat niet veilig genoeg was geweest om optimaal te presteren. Als je die twee zaken bij elkaar optelt, dan wordt het dus wel heel droevig. We hebben het hier namelijk niet over zoiets als jetlag of een verkeerde planning. Het gaat niet om simpele, sporttechnische fouten. Dit is gekomen door mismanagement. Technisch directeur Joop Alberda (die zich vlak voor de Spelen terugtrok, red.) en teammanager Aad van Groningen hadden publiekelijk onenigheid. Dat was al twee jaar aan de gang, als ik de berichten en de geluiden mag geloven."

“De tweestrijd had invloed op alles daaronder, het heeft veel te lang doorgeëtterd. De inhoud van het conflict doet er dan helemaal niet toe. Het interesseert mij niks waarover dat ging. De zwemmers hadden er nooit mee belast moeten worden. Het is gewoon ongelooflijk dat de algemeen directeur Jan Kossen en het bestuur, onder leiding van voorzitter Erik van Heijningen, niet hebben ingegrepen. Zij moeten dit ook hebben geweten, anders hebben ze geen enkele binding met hun organisatie. Iedereen wist hier ook van. Zij waren verantwoordelijk en hebben verzuimd iets met die verantwoordelijkheid te doen. Het gaat er bij mij dan ook niet in dat je je verschuilt achter een afspraak uit het verleden, dat er niet mag worden ingegrepen bij sporttechnische zaken. Dit had niks met sporttechnische zaken te maken. Dit ging om communicatie en mensen. Het is volgens mij niet zo moeilijk en ingewikkeld. Het wordt pas ingewikkeld als mensen onder hun verantwoordelijkheid op dit vlak uit proberen te komen.”

"De bond heeft geen commercieel interessant portfolio, de zwemcompetitie is zwakker dan vroeger, we hebben geen medailles gehaald, veel verenigingen zijn zwakker geworden"

4. In december komt er een rapportage over de rol van directie en bestuur. Je kunt nu al niet wachten wat dat gaat brengen?
“Ik ben er supernieuwsgierig naar. Want hoe gaan ze om met hun rol? Het gaat mij er niet eens om of mensen weg moeten gaan of niet. Maar je kunt je dat wel sterk afvragen. Van Heijningen is al zestien jaar voorzitter en we zijn in al die tijd niet veel opgeschoten als je naar de feiten kijkt. De bond heeft geen commercieel interessant portfolio, de zwemcompetitie is zwakker dan vroeger, we hebben geen medailles gehaald, veel verenigingen zijn zwakker geworden. Kossen zit er twaalf jaar, met hetzelfde resultaat. Ik ben daarvan allemaal niet onder de indruk. Ik hoop dat ze naar zichzelf willen kijken, zoals topsporters dat ook moeten doen. Als je stagneert of achteruit gaat, kun je daaruit je conclusies trekken. Kossen heeft al aangegeven dat hij een vast contract heeft en blijft zitten. Dat is wel heel ambtelijk en dat gaat er bij mij niet in. Ik wil helemaal niet kritisch zijn. Maar ik zie te vaak dat mislukte beleidsplannen worden goedgepraat. Dan denk ik: waar is jullie kritische blik? De KNZB moet leren zelfkritisch te zijn.”

"Ik vraag me wel af of die switch nog gemaakt kan worden onder de huidige leiding"

5. Wat moet de toekomst nou brengen?
“De bond moet niet te bepalend zijn, want zo veel expertise zit daar eigenlijk niet. De bond moet in eerste instantie ondersteunend en dienstverlenend zijn naar alle stakeholders binnen de zwemsport, niet alleen de topsport. Focus niet op prestigieuze randzaken, maar zorg dat de basis weer op orde is. Een mooie wedstrijdkalender voor verenigingen bijvoorbeeld. Of een competitie waar iedereen weer aan mee wil doen. Kerntaken die te lang verwaarloosd zijn. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat het door die professionalisering te ver is doorgeslagen en dat we terug moeten naar de basis. Schoenmaker blijf bij je leest. Zoiets, heel simpel. Die omslag moet nu weer worden gemaakt, de bond moet eerst eens kijken wat ze voor de verenigingen, coaches en sporters kan betekenen. Maar ik vraag me wel af of die switch nog gemaakt kan worden onder de huidige leiding."

“Bij alle bonden is nu gedoe en dat is er niet voor niets. Ze moeten hier echt weer over nadenken. Ik las dat de nieuwe directeur van wielerunie KNWU het niet meer over leden had, maar over klanten. Dat vind ik wel mooi en verfrissend. De KNZB moet nadenken hoe het de toekomst wil ingaan. Het moet zich realiseren dat het geen dingen door de strot kan drukken."

“Marcel Wouda zegt dat er nog wel talent is, maar dat we een moeilijke periode tegemoet gaan. Ik geloof hem wel. Ik heb wel het vertrouwen dat er talent is en dat er nieuwe talenten zullen opstaan. We moeten weer zorgen dat de spoeling dikker wordt en dat zal een behoorlijke tijd gaan duren. Over vier jaar gaat Nederland niet opeens allemaal medailles halen op estafettes. Maar, weet je, eigenlijk is dat op dit moment helemaal niet zo interessant. Het is nu veel interessanter wat er op een breder niveau moet gebeuren.”

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.