Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
5 vragen aan jan willem hoogendoorn kandidaat bondsvoorzitter van de knvb

5 vragen aan Jan Willem Hoogendoorn, kandidaat-bondsvoorzitter van de KNVB

19 augustus 2008

Nieuws

door: Peter Hopstaken | 19 augustus 2008

1. Voor het grote publiek bent u een grote onbekende, zeker vergeleken met uw tegenkandidaat Michael van Praag. Kunt u zich aan de bezoekers van Sport Knowhow XL kort voorstellen?
“Ik ben 57 jaar. Ik ben getrouwd en ik heb twee dochters, van dertig en vijfentwintig jaar. Ik heb tot eind 2006 gedurende elf jaar in het bondsbestuur van de KNVB gezeten. Maar ik ben al vanaf mijn jeugd in het voetbal actief. Eerst als voetballer, later ook als scheidsrechter en bestuurder. Na de HBS ben ik bij ABN AMRO gaan werken. Momenteel ben ik bij deze bank directeur van het district Hilversum.”

“Oorspronkelijk ben ik afkomstig uit het amateurvoetbal. Mede daarom werd ik in 1995 gevraagd om penningmeester te worden van het bestuur amateurvoetbal. Op dat verzoek ben ik ingegaan en daarmee kwam ik tevens in het bondsbestuur van de KNVB. Behalve het beheren van de financiën zaten clubondersteuning, commercie, sponsoring, media, ‘medisch centrum’ en ‘sportcentrum Zeist’ ook in mijn portefeuille. Vervolgens werd ik later penningmeester van de stichting die verantwoordelijk was voor de organisatie van EURO 2000, het WK-voetbal  onder 20 jaar en het EK-voetbal onder 21 jaar, allemaal in Nederland gehouden zoals je weet. Eind 2006 heb ik mijn bestuursfunctie neergelegd. Van tevoren had ik mij namelijk voorgenomen om het niet langer dan ongeveer tien jaar te doen.”

2. Wanneer besloot u om u kandidaat te stellen voor het algemeen voorzitterschap van de KNVB?
“Ruim twee jaar geleden al. Ik heb destijds eerst een aantal intensieve en goede gesprekken gehad met Jeu Sprengers die mij graag als zijn opvolger zag. Over de inhoud van de functie, over de eventuele invulling daarvan door mij. Daar heb ik toen een goed gevoel aan over gehouden. Daarom besloot ik mij kandidaat te stellen. Als Sprengers niet was overleden, zou hij weliswaar aan het eind van dit jaar gestopt zijn als bondsvoorzitter omdat hij de statutaire leeftijdsgrens bereikt zou hebben, maar hij zou als UEFA-bestuurder nog enkele jaren doorgegaan zijn. Dat zou het voor mij als nieuwe bondsvoorzitter - vooral in het begin – wellicht een stukje gemakkelijker gemaakt hebben. Het lijkt misschien een hels karwei om zo’n respectabel en nationaal én internationaal gewaardeerd bestuurder als Jeu Sprengers als bondsvoorzitter op te volgen, maar ik zie het vooral als uitdaging. Ik zie hem als een groot voorbeeld, ik heb hem gelukkig van nabij meegemaakt en veel van hem kunnen leren. ”

3. Wat houdt de functie van de bondsvoorzitter precies in volgens u? Waarom denkt u dat u een goede kandidaat bent?
“De bondsvoorzitter geeft ten eerste leiding aan het bondsbestuur. Dat bestuur bestaat uit zeven personen: behalve de voorzitter drie vertegenwoordigers van het amateurvoetbal en drie van het betaald voetbal. Op een aantal gebieden komen de belangen van betaald- en amateurvoetbal samen of overlappen ze elkaar zelfs. Wat ik belangrijk vind is dat beide secties in het bondsbestuur op één lijn zitten. Dat er zo veel mogelijk overeenstemming in de besluitvorming zal zijn. De bondsvoorzitter dient zijn stem formeel nooit nodig te hebben. Ik ben een goede kandidaat , omdat ik – zonder arrogant te willen overkomen – één van de weinige mensen in de voetbalwereld ben die het vertrouwen geniet van beide secties. Dat vertrouwen heb ik ontvangen en ervaren door mijn werk als bondsbestuurder, waarin ik met beide secties veel te maken heb gehad. Ik zie me zelf ook meer als een KNVB-kandidaat dan een kandidaat vanuit het amateurvoetbal.”

“Als bondsvoorzitter is één van de speerpunten van mijn beleid om de KNVB ook naar de buitenwereld meer eenheid te laten uitstralen. We vormen met twee secties één bond en dat moeten we meer laten zien. De laatste tien jaar is er op dat gebied al veel verbeterd hoor. Vroeger stonden de twee secties als twee kampen tegenover elkaar. Ik heb in die verbetering van de onderlinge verhoudingen zelf ook een actieve rol kunnen spelen. Ik denk dat de twee secties uiteindelijk meer als een KNVB-eenheid moeten kunnen functioneren, hoewel ze beide wel hun eigen verantwoordelijkheden zullen houden. Daar moet je ook niet aan tornen. Natuurlijk heeft de bondsvoorzitter naast de functie van bruggenbouwer ook een representatieve functie, in binnen- en buitenland. Ook dat zal mij goed af gaan. De KNVB heeft overigens een uitgebreid profiel opgesteld met eisen waaraan de nieuwe bondsvoorzitter moet voldoen. Aan dat profiel voldoe ik volledig.”

4. Maar uw tegenkandidaat Michael van Praag heeft een heel groot voordeel. Zowel nationaal als internationaal kent iedereen hem en hij kent iedereen. Tijdens een interview met Sport Knowhow XL zei Van Praag dat de KNVB internationaal enorme steken zou laten vallen als de nieuwe voorzitter eerst nog een paar jaar nodig zou hebben om iedereen een beetje te leren kennen. Dat zou ook het binnenhalen van de organisatie van het WK 2018 niet ten goede komen. Bent u het met Van Praag eens? Schept dat voor u sowieso geen enorme verantwoordelijkheid?
“Nee, ik ben het in dat opzicht niet eens met Van Praag. De KNVB staat er in bestuurlijk opzicht internationaal heel goed voor. We hebben veel mensen die binnen UEFA-commissies actief zijn, waarbij Harry Been uiteraard een van onze belangrijkste pionnen is. Zelf ben ik nauw betrokken geweest bij de organisatie van EK’s en een WK, en heb met het Nederlands elftal onder 17 veel EK’s en een WK meegemaakt. Ik heb dus internationaal veel ervaring, en ook ik ken dus veel mensen. Misschien ben ik niet zo bekend als Michael van Praag, maar zei iemand niet ooit ‘elk nadeel heeft zijn voordeel’? Zo heb ik bijvoorbeeld een blanco dossier bij de UEFA. De vraag is echter: wat is het meest relevant. Als bondsvoorzitter kom je sowieso overal binnen, ook in het buitenland. Het gaat er volgens mij om dat je ook de kracht hebt om daarvan op een goede manier gebruik te maken. Ik heb die kracht, mede gezien mijn ervaringen. Natuurlijk, het binnenhalen van het WK zal een zware verantwoordelijkheid worden voor de nieuwe bondsvoorzitter. Gelukkig hebben we een groot team vanuit de KNVB die daar mee bezig is. Maar ik vind het ook een enorme uitdaging. Hoewel gezien de concurrentie van andere landen de kans statistisch niet groter is dan twintig procent dat we het WK zullen mogen organiseren- nog onder de voorwaarde dat Europa wordt aangewezen als continent waar het WK in 2018 zal gaan plaatsvinden -  heb ik toch veel vertrouwen in de goede afloop. We gaan het zoals je weet weer samen met België doen. Eerder zijn we er als buurlanden in geslaagd om het EK van 2000 binnen te halen. Voor een deel zullen nu dezelfde mensen aan het roer van de projectorganisatie komen te staan.”

5. Wat is volgens u dé aangewezen manier om de organisatie van het WK Voetbal toegewezen te krijgen? Welke stappen moeten gevolgd worden?
“Het is heel belangrijk om in de volle breedte veel steun te verwerven. We zullen bijvoorbeeld commitment moeten hebben van de regering en de lokale overheden. Daarin zijn de Belgen trouwens een stukje verder dan wij. Niettemin is premier Balkenende positief gestemd over ons voornemen het WK Voetbal te organiseren. De eerste gelden zijn ook al toegewezen om onze kandidatuur vorm te geven. We moeten nu een stevig projectteam aan het werk zien te krijgen. Feitelijk moeten we een nieuwe organisatie oprichten, met mankracht en met financiële armslag. We zullen ook het nodige aan commercie en marketing moeten doen. Het organiseren van een WK betekent gigantisch veel voor Nederland en biedt unieke kansen. Voor het voetbal, de sportinfrastructuur zoals stadions, de naamsbekendheid van ons land, de economie en het toerisme. Zelf zal ik als nieuwe bondsvoorzitter de eerste drie maanden veel bezoeken in binnen- en buitenland afleggen. Van belang is om de voortgang erin te houden, om met name het buitenland te blijven laten zien wat onze ambities zijn. Ja, dat kan ik goed combineren met mijn huidige werk bij ABN AMRO. In die functie heb ik voor de KNVB wel vaker flink rondgereisd. Ik vind het ook vanzelfsprekend dat de bondsvoorzitter een vrijwilliger is en geen professional. Alleen al omdat de KNVB bijna 1,2 miljoen amateurleden telt en maar een paar honderd professionals.”

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.