Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Nieuws
5 vragen aan henk uildriks directeur van sportservice noord holland

5 vragen aan Henk Uildriks, directeur van Sportservice Noord-Holland

8 januari 2009

Nieuws

door: Peter Hopstaken | 8 januari 2009

1. Waar werken jullie 130 medewerkers en wat zijn hun werkzaamheden?
“We hebben twaalf front offices en een hoofdkantoor dat verdeeld is over twee panden in Haarlem aan de Nieuwe Gracht. De twaalf front offices bevinden zich allemaal in Noord-Holland. Sommige zijn heel klein en andere wat groter, zoals in Schagen, Den Helder en Zaanstad. Het kantoor in Schagen werkt bijvoorbeeld voor zeven gemeenten. Dat is ook de primaire taak van de front offices: het uitvoeren van lokaal of – bij voorkeur - regionaal sportbeleid. Noord-Holland bestaat uit acht regio’s waar wij een Huis van de Sport vestigen. Dat huis is een regionaal samenwerkingsverband dat zich richt op de breedtesport en als doelstelling heeft om op allerlei manieren de sportdeelname te stimuleren. Ook dient het huis - dat uit meerdere front offices kan bestaan - als vraagbaak en helpdesk. We adviseren bijvoorbeeld verenigingen en bonden over juridische aangelegenheden, vrijwilligersbeleid, sponsoring en marketing, training en opleiding, personeelszaken, accommodatiezaken en vraagstukken op het gebied van milieu.”

“De gemeente Amsterdam voert het sportbeleid zelf uit. We werken echter vaak met Amsterdam samen, zoals bij de aanstelling van combinatiefunctionarissen. Het is voor Amsterdam niet handig om functionarissen zelf in dienst te nemen, omdat deze dan onder het rigide ambtenarenreglement vallen. Een deel van de Amsterdamse combinatiefunctionarissen komt daarom bij ons in dienst. In een ander geval kiest de gemeente er voor om een stichting op te richten die dan vervolgens de werkgever wordt. Ook dan voeren wij de loonadministratie. Behalve voor Amsterdam verzorgen wij ook het werkgeverschap van combinatiefunctionarissen in de rest van Noord-Holland, Zuid-Holland, Flevoland, Gelderland, Overijssel en Utrecht.”

2. Kun je wat vertellen over de financiën? Hoe houden jullie die hele organisatie in stand?
“Onze bureaukosten bedragen 8 miljoen euro en de omzet in 2008 bedroeg ongeveer 38 miljoen euro, inclusief detachering. Het overgrote merendeel van onze kosten financieren we uit zelf gegenereerde inkomsten. Van de provincie Noord-Holland krijgen we 650.000 euro projectsubsidie voor een prestatieplan. Voor het oprichten van de regionale Huizen van de Sport hebben we van de provincie tweeënhalf miljoen euro subsidie gekregen dat bedoeld is om gedurende zes jaar de opstartkosten te financieren. Daarna moeten de Huizen van de Sport financieel zichzelf bedruipen, met behulp van de bijdragen van opdrachtgevers. Dat zijn meestal gemeenten en soms sportbonden. Er worden honderden projecten per jaar uitgevoerd. Van elk plan maken we overigens een productboek. Deze boeken zijn vervolgens voor iedereen beschikbaar om te gebruiken. Met gemeenten werken we grofweg op twee verschillende manieren samen. Of de gemeente stelt het sportbeleid op en wij voeren dat beleid in opdracht van de gemeente uit. Of Sportservice Noord-Holland stelt – binnen de kaders die de gemeente aangeeft – het sportbeleid op en voert het vervolgens uit.”

3. Wat zou er volgens jou als ervaringsdeskundige in de sport heel anders georganiseerd moeten worden?
“We communiceren te weinig. Okay, we sms’en en mailen ons een breuk, maar praten doen we niet. Mede daardoor loopt de sport, bijvoorbeeld politiek gezien, soms achter de feiten aan. Sinds enkele jaren worden sportverenigingen gecompenseerd voor de ecotaks. Bedrijven mochten compenseren via de vennootschapsbelasting en personen via de inkomstenbelasting, maar sportverenigingen vielen tussen wal en schip. Tijdens een overleg tussen provinciale sportservicebureaus stelde ik deze kwestie aan de orde. Iemand vroeg toen of het om veel geld ging. Ik rekende op de achterkant van een sigarendoosje en kwam uit op dertig miljoen euro. Niet kinderachtig dus. We zijn ermee naar de politiek gegaan en twee maanden later was er een speciale reparatiewetgeving ontworpen. De sport moet zich meer proactief opstellen om zulke dingen voor te zijn. Dat is volgens mij toch één van de kerntaken van NOC*NSF. Nu hebben we ook dat gedoe rond de horecawet. Het is toch te gek voor woorden dat als er om half drie ’s middags A-junioren van achttien jaar voetballen volwassen mensen voor, tijdens en vlak na de wedstrijd geen biertje kunnen drinken?”

“Zo door redenerend, wat is tegenwoordig eigenlijk de kerntaak van bonden? Waarom beperken ze zich niet tot een aantal taken? Zoals de organisatie van de competitie, de opleidingen op sporttechnisch gebied en de opleiding tot scheidsrechters. De KNVB heeft meer dan vijfhonderd mensen in dienst en ik zou best eens willen weten wat die mensen allemaal doen. Een aantal jaren geleden heb ik tegen Ruud Bruijnis – directeur amateurvoetbal – gezegd: ‘Jullie moeten niet alles willen kunnen!’. Een paar jaar later belde hij me op om een afspraak te maken. Bruijnis vertelde dat die uitspraak van mij altijd in zijn hoofd had gezeten en dat hij er op terug wilde komen. Vanwege het VWS-project ‘Meedoen Allochtone Jeugd door Sport’ had de KNVB een aanzienlijk deel van de voor het gehele project beschikbare 65 miljoen euro toegewezen gekregen. De voetbalbond wilde 250 mensen parttime aantrekken om het deelproject dat de bond ging uitvoeren in goede banen te leiden. De KNVB wilde die mensen echter niet zelf in dienst nemen. Dat mochten wij doen, vanwege onze grote ervaring met detachering.”

4. Waar hebben jullie je sterke positie in het bijzonder aan te danken?
“Dat heeft zijn oorsprong in 1998. Toen hebben we een inventarisatie gemaakt van het sportbeleid in gemeenten. Wat bleek? In bijna alle gemeenten hadden ze op sport bezuinigd. Ook de landelijke sportbonden trokken zich terug uit gemeenten. De bonden gingen zodoende meer direct contact onderhouden met de verenigingen, zonder gebruik te maken van de lokale/regionale ondersteuningsstructuur. Daarmee werd het sportbeleid in feite gecentraliseerd. Toen hebben we besloten het gat op te vullen dat bonden lieten liggen. Ons werk bleek in een sterke behoefte te voorzien. Vandaar dat sportverenigingen tegenwoordig veelal bij ons aankloppen. De verenigingen hebben overigens vaak vragen die de tak van sport overstijgen. Zulke vragen passen ook beter bij ons dan bij een sportbond.”

“Ik denk dat het van belang is dat we onze ogen open houden voor allerlei ontwikkelingen in de samenleving. Vroeger hadden we confessionele zuilen en die zijn inmiddels grotendeels vervallen. Hoe zal dat in de toekomst gaan? Ik sluit niet uit dat we een islamitische voetbalbond kunnen krijgen. Maar zou een dergelijke bond naast de KNVB kunnen bestaan? In Nederland hebben we de vrijheid om ons te verenigen. Maar zou deze bond net als de KNVB een competitie mogen organiseren? En zou een islamitische voetbalbond lid kunnen worden van NOC*NSF? Niet zonder meer. Onze sportstructuur is monopolistisch samengesteld. Ik vraag me af hoe dat zich verhoudt tot de mededingingswetgeving.”

“Gelukkig kennen de bestaande structuren ook de nodige flexibiliteit. Een veteranenteam van de Koninklijke HFC uit Haarlem had genoeg van al dat schoppen op het veld. Ze zijn gaan bellen met andere teams in West-Nederland met de vraag of zij daar ook last van hadden. Dat bleek het geval. Binnen ‘no time’ hadden ze een aantal teams verzameld die van het ruwe spel af wilden. Deze clubs zijn vervolgens naar de KNVB gestapt en de voetbalbond heeft deze teams toen samen in een competitie gezet. Dat vind ik nou mooi beleid.”

5. Wat worden in 2009 jullie belangrijkste projecten?
“In dit nieuwe jaar lanceren we ‘Sport in Holland’, een crossmediaal breedtesportplatform. Dat bestaat onder meer uit een internetsite, een huis-aan-huisblad en zelfs een televisieprogramma op de publieke zender. Van het ministerie van VWS hebben we subsidie gekregen voor de eerste twee fasen. Eind 2009 is het derde en laatste stadium afgerond en moet het hele project er staan. De breedtesporter zal dan alle mogelijke relevante informatie tot zijn beschikking hebben. Op dit platform worden interessante artikelen geplaatst, maar de sporters kunnen ook zien waar welke activiteiten plaats vinden en welke voeding in een specifieke situatie van belang is? Maar ook mensen die met anderen willen sporten kunnen elkaar vinden. Op een Hyves-achtige manier zullen er ‘communities’ ontstaan. Zijn de sportschoenen van je zoon te klein geworden, maar zien ze er nog gaaf uit? Zet ze te koop via Sport in Holland. Kandidaten kunnen zich aanmelden via Sport in Holland. Sportclubs kunnen een profiel aanmaken en hun leden vervolgens ook. Die leden maken ‘vrienden’ en zo breidt het netwerk zich uit. In ‘Sport in Holland’ werken alle provinciale sportservicebureaus samen. Dit is echt een uniek project. Ik ken menig grote sportorganisatie die zich voor het hoofd slaat het zelf niet te hebben bedacht. Je kunt vast zelf wel raden wie ik nu bedoel.”

“Een ander groot project in 2009 wordt de verdere ontwikkeling van Panna Knock Out. Dit project breidt zich als een olievlek uit. Het is begonnen met toernooien waar alleen scholieren aan mee konden doen; met voorrondes en uiteindelijk een finale. We hebben het nu al over 250 evenementen per jaar, maar het verhaal gaat verder. Vorig jaar werden we benaderd door het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ze wilden dat we Panna-evenementen gingen organiseren in Zwitserland, tijdens het EK voetbal, rondom het Nederlands Elftal. Dat is een groot succes geworden; mensen waren heel enthousiast. Het is natuurlijk ook een prachtmiddel om jongens van de straat te bereiken en ze samen te laten sporten. Als Oranje de halve finale gehaald zou hebben, zouden we hetzelfde ook in Oostenrijk hebben mogen organiseren. Helaas is dit niet gebeurd. Ondertussen is er echter via het ministerie van Buitenlandse Zaken ook contact gelegd met Engeland. Ook daar zijn ze werkelijk laaiend enthousiast geworden. Ze hopen op die manier kansarme allochtone jeugd aan het sporten te krijgen. Afgelopen zomer hebben we samengewerkt met grote clubs als Liverpool, Arsenal, Chelsea en Celtic. Het doel is nu dat we in juni en juli 2009 langs nog veel meer grote clubs een tour gaan maken. De opnames die we daarvan maken zijn dan later via Jamba te downloaden.”

"Voor de open dag van Ajax mogen we sinds enkele jaren panna als side-event organiseren. Wij hebben als waarderingscijfer een 9 gekregen en velen vonden ons het beste side-event".

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.