Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Open Podium-Item

Bewegen moet vanzelfsprekend worden in het dagelijks leven 12 juli 2022

door: Conny Helder

Sport en beweging is essentieel voor een fysiek, maar ook mentaal gezonde samenleving. Voldoende sport en bewegen zorgt ervoor dat je lichamelijk fitter bent, je je goed voelt en het draagt bij aan sociale ontmoeting en cohesie. Daarom moet in 2040 sport en beweging een vanzelfsprekend onderdeel zijn van het leven van iedere Nederlander.

Plezier in sporten en bewegen is nodig om mensen duurzaam actief te krijgen en te houden. Dit is makkelijker gezegd dan gedaan. Nederland kent een breed en divers sport- en beweegaanbod. Maar sportbehoeften verschillen van persoon tot persoon en tussen verschillende levensfasen en er zijn groepen die hun weg naar het aanbod moeilijk weten te vinden. Er is daarom meer nodig om sport en beweging vanzelfsprekend te maken voor iedere Nederlander.

We moeten het aanbod van sport passend houden bij veranderende behoeften en mensen aanmoedigen in beweging te komen als ze dit niet of te weinig doen. Daarnaast is het essentieel dat sporten en bewegen in een veilige omgeving mogelijk is. Ook mogen we de inspirerende rol van topsport daarbij niet vergeten.

"Ik investeer dit jaar 5 miljoen euro extra om financiële drempels weg te nemen voor deelname aan sport"

 Op 24 juni heb ik hiervoor mijn plannen naar de Tweede Kamer gestuurd. Kwalitatief investeren we vooral in het menselijk kapitaal. Met meer professionals in de sport kunnen we de toegang tot het bestaande aanbod vergemakkelijken en het aanbod beter toespitsen op verschillende mensen en behoeften. In deze professionalisering investeer ik in de vorm van ondersteuningsbudgetten voor sportaanbieders en sportkoepels. Met een extra inzet op het Sportakkoord brengen we mensen samen om het sport- en beweegaanbod passend te maken.
 
XL15Nieuws-2Financiële drempels slechten
Meer mensen moeten aangemoedigd worden deel te nemen aan het sport- en beweegaanbod. We moeten mensen die in armoede leven ondersteunen bij het gaan sporten en bewegen. Ik investeer dit jaar 5 miljoen euro extra om financiële drempels weg te nemen voor deelname aan sport. Daarmee start ik met een integrale aanpak om mensen met lage inkomens (van jong tot oud) meer toegang tot sport te verlenen. Ook verbeteren we de randvoorwaarden voor mensen met een handicap en investeren we in de toegankelijkheid van sportevenementen voor een breder publiek en zwemmen voor kinderen. Voor sommige mensen is maatwerk nodig. Dat leveren we door buurtsportcoaches, die gefinancierd worden door de Rijksoverheid.
 
Om mensen in beweging te krijgen en te houden moet sporten in een veilige omgeving kunnen. Recent laten veel verhalen, bijvoorbeeld die van de voormalige turnsters en iemand uit de danswereld, zien dat dit nog niet het geval is. Ik voel het als mijn plicht om dat voor elkaar te krijgen. Daarom wordt breed onderzoek gedaan naar een veilige en integere sport, inclusief een evaluatie van het sporttuchtrecht. Ik trek drie miljoen euro extra uit voor een veilige sportcultuur. Hiermee moet grensoverschrijdend gedrag stevig opgevolgd worden door het Centrum Veilige Sport, moet bewustwording bij sportaanbieders, trainers en gemeenten gecreëerd worden en het dient voor de opleiding van meer vertrouwenspersonen. Een veilige sport is echter niet alleen een uitdaging voor mij als minister. Alle betrokkenen, in de sport maar ook daarbuiten, moeten hun verantwoordelijkheid nemen om grensoverschrijdend gedrag tegen te gaan.

"Mensen meer laten sporten en bewegen betekent een duurzame gedragsverandering. Dit is een kwestie van de lange adem en we kunnen het als ministerie niet alleen"

We moeten de inspiratie van topsport optimaal benutten. Maar we moeten ons dan wel realiseren dat inspiratie meer is dan medailles. Ook de weg naar de prestatie of een prestatie die geen medaille oplevert kan tenslotte inspirerend zijn. Deze inspiratiefunctie van topsport breder in zetten kan een heel goed podium zijn voor maatschappelijke vraagstukken en bijdragen aan de oplossingen.

Lancering Beweegalliantie
Mensen meer laten sporten en bewegen betekent een duurzame gedragsverandering. Dit is een kwestie van de lange adem en we kunnen het als ministerie niet alleen. Bovendien geldt hierbij: jong geleerd is oud gedaan. Van jongs af aan moeten we werken en blijven werken aan onze beweegvaardigheden. Factoren als leefomgeving, onderwijs, werkomgeving en de verbinding met de zorg spelen bovendien allemaal een rol. Op 6 juli jl. hebben we daarom met maatschappelijke organisaties de Beweegalliantie gelanceerd. Met deze alliantie maken we afspraken om bewegen in het leven van alledag te stimuleren, bijvoorbeeld met beweegonderwijs in de Rijke Schooldag en het beweegvriendelijk maken van de leefomgeving.
 
Om bewegen vanzelfsprekend te maken moeten we het verankeren in het dagelijks leven. Het doel is om driekwart van alle mensen in 2040 voldoende te laten bewegen. Hier zet ik me samen met staatssecretaris Van Ooijen voor in. Op 6 juli is in Amsterdam het startsein gegeven voor de start van de brede beweegalliantie. Onze buitenboordmotor welke ons gaat helpen dit doel te verwezenlijken. We zijn trots dat Carl Verheijen zich als voorzitter aan deze alliantie heeft verbonden.

Conny Helder is sinds 10 januari 2022 minister voor Langdurige Zorg en Sport op het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Eerder was zij was van 2020 tot 2022 bestuurder bij ActiZ, de branchevereniging voor de zorg en van 2017 tot 2022 bestuursvoorzitter bij zorginstelling TanteLouise in Bergen op Zoom. Daarvoor was zij van 2010 tot 2017 bestuursvoorzitter bij Stichting Gezondheidscentra Eindhoven SGE. Tussen 2000 en 2010 bekleedde zij verschillende managementfuncties bij het UMC Utrecht.

« terug

Reacties: 2

Hugo Gruijters
12-07-2022

Veel mooie woorden. Nu nog daad bij woord voegen.

John Weggeman
13-07-2022

Veel mooie woorden, hoe kan ik helpen?

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst