Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Open Podium-Item

Sportief kapitaal ontwikkelen met Gronings sportbeleid 15 september 2020

door: Hans Slender & Hiske Wiggers

De afgelopen tien jaar is er onder de noemer ‘Meer ruimte voor sport en bewegen’ in Groningen hard gewerkt aan het versterken van wat tegenwoordig het gemeentelijk sportkapitaal wordt genoemd. Er is veel geïnvesteerd in het verbeteren en betaalbaar houden van gemeentelijke sportaccommodaties, het ontwikkelen van sport- en beweegfaciliteiten in de openbare ruimte, faciliteren en versterken van sportverenigingen en via het Bslim-programma wordt er al jarenlang veel energie gestoken in het activeren van doelgroepen die in sportdeelname achterblijven. Hoewel dit gemeentelijk sportkapitaal continu aandacht vraagt en ‘nooit af’ is, wordt er voor de nieuwe sport- en beweegvisie juist het individueel sportief kapitaal centraal gesteld. Willen we de tweedelingen in de samenleving tegengaan, die helaas ook in sport nog steeds zichtbaar zijn, dan zullen we ons nog meer moeten richten op hoe we voor ieder individu het verschil kunnen maken.   

Groningen staat bekend als studenten- en kennisstad. Ruim 60.000 studenten studeren aan de Rijksuniversiteit Groningen of Hanzehogeschool Groningen, waarvan ongeveer de helft in de stad woont. Tel daar het MBO nog bij op en het is niet verrassend dat Groningen de jongste populatie heeft van de grote steden in Nederland. De gemiddelde leeftijd was in 2018 slechts 36,4 jaar, vergeleken met 41,6 jaar landelijk. Sport en bewegen nemen in Groningen dan ook een belangrijke maatschappelijke positie in. 

"Het is duidelijk tijd voor een nieuwe lange termijn sport- en beweegvisie voor Groningen"

Een rijk verenigingsleven, een groeiend aantal commerciële aanbieders, steeds meer sportfaciliteiten in de openbare ruimte en diversiteit in sportaanbod vormen één van de sterke punten van de Groningse sport. De sportdeelname in Groningen is relatief hoog, maar helaas zijn er ook nog steeds doelgroepen of buurten die hierin achter blijven. Combineer dit gegeven met de transities die zich voordoen in sport en samenleving en het is duidelijk dat het tijd is voor een nieuwe lange termijn sport- en beweegvisie voor Groningen.

Een leven lang
OpenPodiumHS-G-1Toen in 2019 het Gronings Sportakkoord werd ondertekend, met als titel ‘een leven lang bewegen’, viel voor het eerst de term sportief kapitaal1 in Groningen. In het sportakkoord werd met alle stakeholders gezocht naar wat er naast een sterke sportinfrastructuur nog meer nodig is om een volgende stap te maken in het benutten van de kracht van sport en bewegen. Er is in Groningen vanuit verschillende kennisinstellingen en healthy ageing-partners veel kennis aanwezig over sport, bewegen, gezonde leefstijl en gedragsverandering. Conclusie was dat als we de maatschappelijke kracht van sport optimaal willen benutten, we én een sterke sportieve infrastructuur moeten hebben én dat we moeten investeren in een sportieve basis van doelgroepen die deze het hardst nodig hebben. Zo is er in het sportakkoord veel aandacht voor aangepaste sport, maar ook voor het ontwikkelen van een wijkgerichte aanpak op maat om van onderaf mensen bij sport en bewegen te betrekken.

OpenPodiumHS-G-2Uitgangspunt van het sportief kapitaal is dat iedereen wel eens barrières2 tegenkomt in zijn of haar sportbeoefening. Een drukke periode, blessures, persoonlijke tegenslagen, er kunnen allerlei redenen zijn waardoor de motivatie tijdelijk even wat minder is. Psychologische factoren (zelfvertrouwen3, zelfregulatie4, sportidentiteit5), fysiologische factoren (gezondheid, bewegingsvaardigheid6) en sociale factoren (sociale connecties7, familie/vrienden/collega’s die aan sport doen) vormen gezamenlijk een soort kapitaal dat maakt hoe je met deze barrières omgaat. Mensen met veel sportief kapitaal zullen de barrières overwinnen en vroeg of laat het sporten en bewegen weer oppakken. Veel sportief kapitaal leidt tot een leven lang sport en bewegen.

"Ieder kind of jongere zou geholpen kunnen worden om te ontdekken welke sportbeleving bij hem of haar persoonlijkheid past"

Sportief kapitaal groeit of krimpt door de ervaring die je opdoet gedurende je levensloop. Positieve ervaringen doen het sportief kapitaal groeien, negatieve ervaringen doen het sportief kapitaal krimpen. Nu worden onze kinderen juist steeds minder vaardig in bewegen. Aandacht voor buitenspelen, vakleerkrachten in het basisonderwijs, naschoolse programma’s, meer diversiteit in bewegingsvormen voor de pupillen bij sportclubs, er is veel dat samen gedaan kan worden om hierin tot een kentering te komen. 

OpenPodiumHS-G-3De invloed van de sociale omgeving in sport is echter minimaal zo belangrijk. Een kind dat eenmaal gepest is tijdens gymnastiek of bij de sportclub, kan daardoor zo’n enorme mentale deuk op lopen, dat het plezier in sport en bewegen nooit meer wordt teruggevonden. Ieder kind of jongere zou geholpen kunnen worden om te ontdekken welke sport- beleving bij hem of haar persoonlijkheid past. Waar heb je aanleg voor, wat past bij jouw motivatie, waar ontmoet je gelijkgestemden waar je samen mee op kan trekken? Juist in de combinatie van vaardigheid, plezier, motivatie en sociale steun is het antwoord op de sportdeelnamepuzzel te vinden.

Nieuwe accenten
Het sportlandschap is sterk in beweging. Sportverenigingen, geholpen door hun sportbonden op de achtergrond, denken steeds meer vanuit doelgroepen en ontwikkelen meer flexibele lidmaatschapsvormen of aangepaste activiteiten voor de allerkleinsten of de ouderen. Commerciële aanbieders zijn continu op zoek naar de nieuwste aantrekkelijke sportvormen om hun deelnemers te blijven binden en boeien. De ongeorganiseerde sporter, veelal actief in de openbare ruimte, zoekt steeds meer online verbinding met gelijkgestemden of werkt toe naar een aansprekend evenement. Overal waar samen gesport wordt, of het nu een lichtere of zwaardere organisatievorm betreft, spreken wij over een sportclub. Het is juist de diversiteit in het sportlandschap dat we moeten koesteren, zodat iedereen een club kan vinden die bij hem of haar past.

"In Groningen werken we steeds meer met sportwijken. Lokale samenwerkingsverbanden tussen sportclubs, onderwijs, buurtsportcoach, buurtverenigingen, zorg, etc."

Daarbij volstaat het volgens onze visie niet om als gemeente enkel een faciliterende rol te pakken in deze sportinfrastructuur. Samen met de stakeholders in het lokale netwerk kan gewerkt wordt aan slimme interventies, gezamenlijk buurtgericht aanbod en het vergroten van het bewustzijn van het belang van sport en bewegen. Wanneer je door de bril van sportief kapitaal kijkt naar onze faciliteiten, naar het aanbod, naar de begeleiding in het bewegingsonderwijs, buurtsport en sportclubs, dan ontdek je genoeg kansen en mogelijkheden om winst te boeken. Als professionals en vrijwilligers in Groningen zich nog meer afvragen wat hun activiteiten en begeleiding bijdragen aan de sportidentiteit, bewegingsvaardigheid en het sportief sociaal netwerk van de sporter, dan kunnen we met elkaar al heel veel bereiken.

OpenPodiumHS-G-4De crux zit in de samenwerkingskracht. In Groningen werken we steeds meer met sportwijken. Lokale samenwerkingsverbanden tussen sportclubs, onderwijs, buurtsportcoach, buurtverenigingen, zorg, etc. Door het kijken naar sport en bewegen heel lokaal op te pakken, komt de beweging van onderaf sneller op gang en ontstaat er nieuwe energie. Sportwijken zijn een soort hyperlokale sportakkoorden. De uitdaging is om in deze sportwijken de in Groningen volop aanwezige expertise vanuit kennisinstellingen en (top)sportorganisaties te benutten. Hierin worden al verschillende pilots gedraaid met innovatiewerkplaatsen of living labs. Veelal zijn dit tijdelijke projecten, terwijl dit een manier van werken is die uitstekend past bij de complexe uitdagingen van de huidige samenleving. Het zou mooi zijn als deze manier van samenwerken een structureel karakter kan krijgen.

Het Gronings Sportmodel
Groningen staat net als de meeste grotere steden in ons land voor een aantal grote complexe maatschappelijke uitdagingen: generatiearmoede, eenzaamheid, overgewicht en obesitas, sociale ongelijkheid, polarisering, ongezonde prestatiedruk en klimaatverandering zijn hier voorbeelden van. Vraagstukken die ieder op zichzelf uniek zijn, vanuit verschillende invalshoeken te definiëren, waarvan de oorzaken niet eenduidig aan te wijzen zijn en waar ondanks alle kennis die er is geen eenduidige oplossingen voorhanden zijn. Oplossingen leiden vaak weer tot nieuwe problemen en ondanks alle inspanningen ontwikkelen deze uitdagingen zich enorm onvoorspelbaar.8

"De nadruk ligt niet op wat je niet kan, wat je niet hebt of wat je niet mag. De nadruk ligt op de activiteit zelf en het plezier dat hierin ervaren wordt"

Sport en bewegen zullen vaak niet op zichzelf deze complexe uitdagingen uit de wereld kunnen helpen, maar toch heeft deelname in sport wel vaak als bijvangst dat er bijgedragen wordt aan het bestrijden van deze problemen. Sport en bewegen moeten in eerste instantie leuk zijn, het is een positieve manier om bij te dragen aan de maatschappelijke uitdagingen die spelen. De nadruk ligt niet op wat je niet kan, wat je niet hebt of wat je niet mag. De nadruk ligt op de activiteit zelf en het plezier dat hierin ervaren wordt. De bijvangst is dat mensen sportief kapitaal ontwikkelen, geactiveerd worden, fitter worden en zich ontwikkelen. Deze bijdrage van sport en bewegen is echter niet vanzelfsprekend. Ook in de sport vraagt het continu inspanning om mensen te activeren, sociale verschillen te overbruggen, een gezonde omgeving te bieden en een positief pedagogisch klimaat te creëren. 

OpenPodiumHS-G-5Het Gronings Sportmodel werkt van binnen naar buiten. Het ontwikkelen van sportief kapitaal begint bij speelplekken in de buurt, de kinderopvang, het onderwijs en de sportclub. Het van jongs af aan ontwikkelen voor sportief kapitaal zorgt er voor dat meer mensen gaan meedoen én blijven meedoen naarmate ze ouder worden. Als de vraag toeneemt, komt dit ook ten goede aan een sterke sport- en beweeginfrastructuur. Meer mensen actief in een florerend sportlandschap maakt dat de maatschappelijke impact van de sport in Groningen toeneemt.

Anderzijds werk het Gronings Sportmodel ook van buiten naar binnen. Als organisaties binnen het Groninger sportlandschap meer aandacht besteden aan maatschappelijke waarden als meedoen, samen leven, gezondheid en positief opgroeien, dan zal dit de sport- en beweeginfrastructuur versterken. Een ouder laat zijn of haar kind graag lid worden bij een sportclub met een positief sportklimaat. Fitnessen doe je graag bij een club die echt weet bij te dragen aan jouw gezondheid en welbevinden. Iedereen hoort graag bij een sportgroep met een sterke sociale samenhang. Tegelijkertijd zorgt het ontwikkelen van de sportinfrastructuur vanuit deze maatschappelijke waarden er ook voor dat er sportief kapitaal wordt ontwikkeld bij de individuele deelnemer. Sport voor een sterke samenleving én maatschappelijke waarden voor een sterke sport. 

"Het is goed om voor een nieuw lange termijn beleid eens met een frisse blik te kijken naar wat er speelt en wat we aan het doen zijn"

Beleid maken in corona-tijd
OpenPodiumHS-G-6Beleid maken in tijden van corona is geen eenvoudige opgave. Waar het Gronings Sportakkoord tot stand kwam vanuit vele interactieve sessies en gesprekken met stakeholders, was het door de pandemie zoeken hoe het proces richting een nieuwe sport- en beweegvisie ingevuld moest worden. Ondanks dat we in veel samenwerkingsverbanden, netwerken en projecten altijd in continue verbinding proberen te staan met het veld van sport- en bewegen, is het toch goed om voor een nieuw lange termijn beleid eens met een frisse blik te kijken naar wat er speelt en wat we aan het doen zijn. Veelal hebben we gebruik gemaakt van online meetings, webinars bij grotere groepen stakeholders en een open vragenlijst richting de sporter zelf. Het is helaas niet hetzelfde als echt met elkaar in gesprek gaan, maar online heeft als voordeel dat we misschien zelfs wel meer professionals en vrijwilligers om ‘tafel’ hebben gekregen.

De volgende stap in dit proces is een nog grotere uitdaging. De lange termijn sport- en beweegvisie zal uitgewerkt worden naar een meerjarenprogramma en dan gaan we het in 2021 ook daadwerkelijk in praktijk brengen. Waar veel sportakkoorden toch wat stil hebben gelegen tijdens de lock down, hopen wij dat er in 2021 een goede start mogelijk is om onze nieuwe visie in praktijk te brengen.

Hans Slender is beleidsadviseur sport bij de gemeente Groningen en daarnaast een dag in de week werkzaam bij SportDrenthe bij het Kenniscentrum Events Drenthe en Sportclub Drenthe. In het verleden deed hij veel onderzoek naar de (maatschappelijke) impact van sportevenementen en organisatieprocessen binnen sportorganisaties vanuit bedrijfskundig en bestuurskundig perspectief. Zijn aandacht gaat uit naar de bijdrage die sport kan leveren aan complexe maatschappelijke uitdagingen door recht te doen aan de intrinsieke kracht die sportclubs, sportevenementen en talentprogramma’s hebben te bieden.

Hiske Wiggers is werkzaam als beleidsadviseur sport bij de gemeente Groningen. Binnen de gemeente houdt zij zich bezig met de doorontwikkeling en optimale benutting van sportaccommodaties en –faciliteiten, maar ook met topsport en talentprogramma’s. In verleden was ze ook erg betrokken bij kennisontwikkeling rondom het thema beweegvriendelijke inrichting van de openbare ruimte en deed onderzoek naar de opkomst van outdoorfitness in Nederland.

Bronnen:

  1. Row, N.F. (2018). Sporting capital. Transforming sports development policy and practice. Routledge.
  2. Bouma, A. J., van Wilgen, P., & Dijkstra, A. (2015). The barrier-belief approach in the counseling of physical activity. Patient education and counseling, 98(2), 129-136.
  3. Vealey, R. S., Garner-Holman, M., Hayashi, S. W., & Giacobbi, P. (1998). Sources of sport-confidence: Conceptualization and instrument development. Journal of Sport and Exercise psychology, 20(1), 54-80.
  4. Bandura, A., Freeman, W. H., & Lightsey, R. (1999). Self-efficacy: The exercise of control.
  5. Rees, T., Haslam, S. A., Coffee, P., & Lavallee, D. (2015). A social identity approach to sport psychology: Principles, practice, and prospects. Sports medicine, 45(8), 1083-1096.
  6. Whitehead, M. (Ed.). (2010). Physical literacy: Throughout the lifecourse. Routledge.
  7. Skinner, J., Zakus, D. H., & Cowell, J. (2008). Development through sport: Building social capital in disadvantaged communities. Sport management review, 11(3), 253-275.
  8. Van Berkel, K. & Manickam, A. (2019). Wicked world: systeeminnovatie voor complexe vraagstukken. Noordhoff Business.
« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst