11 mei 2023
Nieuws
door: Leo Aquina | 11 mei 2023
Yuri van Gelder, Camiel Eurlings, Vladimir Poetin en de kroonprins, allemaal komen ze langs in het boek van Gerard Dielessen. ‘Als je de lat lager legt, ga je niet hoger springen’, luidt de titel. Een kleine twee jaar geleden nam Dielessen na een carrière van meer dan veertig jaar in leidinggevende functies afscheid als algemeen directeur van NOC*NSF. Als oud-journalist wilde hij het schrijven weer oppakken. Dielessen beschrijft welke overtuigingen en waarden voor hem belangrijk zijn voor leiderschap, en tot welke dilemma’s dat in de praktijk leidt. ‘Je hebt principes en vaste lasten’, schrijft hij. Tijd voor een interview.
Integriteit, integriteit en nog eens integriteit, luidt de titel van het vijfde hoofdstuk. De balans tussen grenzen verleggen en grenzen overschrijden is wankel. “Volgens mij wordt die grens getrokken door mensen die ergens last van hebben”, stelt Dielessen. “Als ik onaardig doe en jij voelt je daar ongelukkig over, ben jij degene die de grens bepaalt en niet ik. Bij de ene organisatie ligt de grens iets verderop dan bij de andere en dat geldt ook voor individuen. Het is belangrijk altijd in gesprek te blijven. Je ziet dat we als samenleving met deze problematiek worstelen en we zijn er nog lang niet. Een groot gevaar in het huidige tijdsgewricht is bovendien dat leiders te voorzichtig worden. Dat ze denken: 'ik word maar niet meer boos' en dat we daardoor ook ambitie kwijtraken.”
Studio Sport
Dielessen was tussen 2002 en 2003 korte tijd hoofdredacteur van Studio Sport, dat onlangs ook onder het vergrootglas van de #metoo-beweging kwam te liggen vanwege een giftige machocultuur. “Dat begon in die periode”, zegt hij. “Maar die thematiek speelde toen niet. Ik was daar helemaal niet mee bezig.” De vraag of hij er indertijd iets aan had kunnen doen, houdt Dielessen bezig, maar een echt antwoord heeft hij niet.
“Natuurlijk heb ik mijzelf achteraf afgevraagd of ik iets gemist heb, of ik er blind voor was, maar de eerste keer dat ik op dit gebied merkte dat er op grotere schaal iets niet pluis was, was in 2016, bij NOC*NSF. Marijn de Vries schreef een column over wat haar met een masseur was overkomen, en meer oud-sporters zoals Petra de Bruin traden naar buiten met hun verhaal. Dat is heel dapper. Ik dacht altijd dat we bij NOC*NSF een vertrouwenspunt hadden, dat we het goed geregeld hadden, maar dat hadden we helemaal niet. Daarom heb ik ook meteen een commissie in het leven geroepen om het echt te onderzoeken. Dat was de Commissie Klaas de Vries, die heeft het taboe doorbroken. Er zijn goede aanbevelingen uit voortgekomen. We zijn er nog lang niet, maar ik ben er wel optimistisch over. Had ik er twintig jaar geleden als baas van de NOS meer oog voor moeten hebben? Wellicht, maar ik wist het niet. Toen ik het wist in 2016, heb ik er wel werk van gemaakt.”
Kennis van nu
Dielessen maakt nog een kanttekening: “Je moet uitkijken dat je mensen niet met de normen van nu afrekent op wat zij twintig of dertig jaar geleden hebben gedaan. Natuurlijk waren er ook mensen die de grenzen van toen overgingen, bijvoorbeeld in de turnwereld. Meisjes die tot bloedens toe werden gedwongen te trainen, dat kon ook toen niet. Maar met de kennis van nu worden er ook mensen afgerekend op zaken die binnen de cultuur van toen niet abnormaal waren.”
Er is volgens Dielessen sprake van voortschrijdend inzicht, ook bij hemzelf. Hij trekt bovendien nog een andere les uit de Studio Sport-affaire. “Leiders moeten tegenspraak organiseren. Vanuit televisieoogpunt is het niet vreemd dat kijkcijfercoryfeeën als Mart Smeets en Jack van Gelder lang op hun plaats zitten, maar dat brengt ook een bepaalde machtspositie met zich mee. Het is de verantwoordelijkheid van de leiding om hen tegen te spreken. Ik heb er maar kort gezeten, maar ik heb dat wel altijd gedaan en daar hadden ze ook respect voor. Het zijn ook vakmensen die beter willen worden.”
Yuri van Gelder
‘Denk na, ook al is het maar een minuut’, is de titel die Dielessen meegaf aan het hoofdstuk waarin hij onder meer het wegsturen van turner Yuri van Gelder tijdens de Olympische Spelen van Rio in 2016 bespreekt. “Die hele kwestie ontrolde zich in een razend tempo”, zegt hij. “Nu ik er jaren later op terugkijk heb ik daar wel van geleerd dat je het - in de publieke opinie - nooit wint van een atleet, zelfs al heb je, zoals wij achteraf, het gelijk van de rechter aan je zijde.” Dielessen vindt ook achteraf dat er een sanctie op het gedrag van Van Gelder moest staan, want er was meer aan de hand dan ‘een paar biertjes drinken en te laat thuiskomen’. Maar het besluit om Van Gelder per direct naar huis te sturen, werd misschien wel wat al te drastisch en te weinig doordacht genomen.
Dielessen: “Toen Maurits (Chef de Mission Maurits Hendriks) mij belde, zei ik meteen: dat is een kloek besluit. Ik snapte het wel. Het team was Van Gelder zat en er was genoeg gebeurd. Ik heb Maurits daarin destijds altijd gesteund, ook publiekelijk, want die loyaliteit moet je tonen. Achteraf hebben we ons wel afgevraagd of dit de goede route was en we hebben ook lessen getrokken met het oog op volgende Spelen. Je komt natuurlijk nooit meer in exact dezelfde situatie, maar er gebeuren altijd dingen die je niet verwacht en daar moet je als leider een zesde zintuig voor ontwikkelen. Als het gaat om zo’n zwaar besluit, moet je de discussie verbreden met mensen die ook buiten de cirkel zitten. Een andere les is de rol van Maurits Hendriks. Hij was zowel Chef de Mission als Technisch Directeur. De grondslag voor het al eerder dat jaar genomen besluit om die functies uit elkaar te trekken, werd in Rio bevestigd.”
Poetin
Als het gaat om onvoorspelbare gebeurtenissen, publicitaire mijnenvelden en morele dilemma’s komt alles samen als Dielessen op de openingsdag van de Olympische Winterspelen 2014 in Sotsji een telefoontje krijgt. De Russische president Vladimir Poetin wil diezelfde avond graag het Holland Heineken House bezoeken. Dielessen: “Poetin was toen nog niet de Poetin die hij nu is, maar hij had wel al de afslag genomen met de anti-LHBTIQ+ wetgeving. Ik was het voorafgaand aan die Spelen eens met de mensenrechtenorganisaties en ik sliep er echt slecht van. Het COC wilde zelfs de Spelen boycotten, maar daar gaan wij als NOC*NSF niet over. Dat is uiteindelijk aan de politiek.”
Ook het bezoek van Poetin aan het Holland Heineken House was een politiek besluit. “Ik besprak het met de koning ”, aldus Dielessen. “Hij zei dat we eerst met Den Haag moesten overleggen. Het kabinet wilde volgens mij, mede vanwege de toch al lastige verhoudingen met Rusland, graag on speaking terms blijven. Dat begreep ik, maar aan de andere kant snapte ik ook dat we daarmee gebruikt zouden worden in een propagandaoorlog. Of het een politieke blunder was van Den Haag? Dat is moeilijk te zeggen. Ik ging er niet over en achteraf kan ik alleen het dilemma schetsen.” De foto van een met Poetin proostende kroonprins achtervolgt koning Willem-Alexander tot op de dag van vandaag. Gedronken is er overigens niet van dat bier. Dielessen beschrijft de ongemakkelijke situatie in het boek kleurrijk.
Momenteel kampt de internationale olympische wereld met een soortgelijk dilemma tussen principes en vast lasten. IOC-voorzitter Thomas Bach lijkt er ondanks felle kritiek op te willen voorsorteren om Russische atleten toe te laten tot de Olympische Spelen van Parijs 2024. “Nu ik geen directeur meer van NOC*NSF kan ik er wat vrijer over praten”, aldus Dielessen, die het desondanks moeilijk vindt een standpunt in te nemen. “Natuurlijk wil je politiek en sport gescheiden houden. Ik snap Thomas Bach wel. Maar in dit geval… Het is toch lastig te verkopen, ook uit respect voor Oekraïne als zelfstandig land dat onwettig en bruut is aangevallen, als je in Parijs wel Russen mee laat doen, waardoor op hun beurt de Oekraïners niet mee zouden doen.”
Camiel Eurlings
In het boek komt ook een van de grootste teleurstellingen van Dielessen als directeur van NOC*NSF ter sprake: het moment dat Camiel Eurlings zich naar aanleiding van een #metoo-affaire terugtrok als IOC-lid. “We hebben er veel aan gedaan om hem te behouden. Eurlings was een internationaal gerespecteerd IOC-lid”, aldus de oud-directeur. Ik realiseerde me dat we een belangrijke positie zouden kwijtraken en uit Lausanne kreeg ik ook die signalen. Als je een IOC-lid verliest, krijg je er niet automatisch een voor terug en dat is ook wel bewaarheid geworden, want we hebben nog altijd geen IOC-lid.”
Het IOC vond dat Eurlings aan kon blijven. Dielessen: “Ze begrepen niet dat hij moest opstappen als hij volgens de Nederlandse wetgeving zelfs nog minister kon worden. De zaak tussen Eurlings en zijn vriendin is bij de rechter tot een schikking gekomen met een taakstraf. Daarmee was het juridisch afgedaan, maar zelf vond Eurlings dat hij niet verder kon omdat hij niet de steun voelde van het NOC-bestuur.” Dielessen vindt het achteraf vooral jammer dat Eurlings de deur dichtgooide. “We hebben Camiel advies gegeven, om zelf met zijn verhaal naar buiten te treden en in het openbaar schoon schip te maken, maar dat wilde hij niet. Op een gegeven moment nam hij de telefoon niet meer op en reageerde niet meer op berichten. Dat vind ik heel spijtig.”
Hoewel Nederland met het verlies van Camiel Eurlings als IOC-lid pas op de plaats heeft moeten maken als het gaat om invloed in de hoogste regionen van het internationale sportbestuur, lopen er volgens Dielessen nog genoeg lijntjes van Papendal naar Lausanne: “Op zichzelf zijn de contacten met Nederland uitstekend, maar met een IOC-lid heb je toch iemand die deuren kan openen”, zegt hij. Dielessen zelf was afgelopen jaar een van de lijntjes tussen Nederland en Lausanne. Samen met oud-NOS-collega Roeland Stekelenburg deed hij voor het IOC onderzoek op het gebied van digitale strategie. Hij legt uit: “De vraag waar ze antwoord op wilden hebben, was in hoeverre de digitale strategie van het IOC goed was afgestemd met die van alle aangesloten NOC’s. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om mediarechten en het delen van content. Wij hebben in ons rapport een voorstel gedaan voor een pilot op de Spelen van Parijs volgend jaar, waarbij het IOC met een stuk of vijf NOC’s gaat kijken hoe je digitale content makkelijker toegankelijk kunt maken. Dat rapport is ingeleverd en wat ermee gaat gebeuren, weet ik eerlijk gezegd niet.”
Wat het IOC met zijn onderzoek gaat doen en of huidige en toekomstige leiders lessen zullen trekken uit de opgetekende ervaringen van Dielessen, is nog ongewis. Zelf gaat Dielessen zijn vrije tijd nu eerst benutten om op de racefiets Italië te doorkruisen. Achter de geraniums zullen we hem in ieder geval niet aantreffen. Zoals hij zelf schrijft: ‘Ik ben dan wel gestopt met een vaste baan, maar ik ben nog lang niet klaar!’
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.