Skip Navigation LinksHome-Nieuws-5 vragen aan...-Item

5 vragen aan Michael van Praag, voorzitter Nederlandse Sportraad 8 februari 2022

De staat van dienst van Michael van Praag als sportbestuurder behoeft eigenlijk geen toelichting. Van 1989 tot 2002 was hij voorzitter van Ajax. Na zijn vertrek bij de Amsterdamse club werd hij voorzitter van Raad van Commissarissen van de Eredivisie CV en maakte Van Praag ‘qualitate qua’ deel uit van het Bondsbestuur en de Raad van Toezicht van de KNVB. Tussen 2008 en 2019 was hij voorzitter van de KNVB en sinds maart 2009 is hij lid van het Executive Committee van de UEFA. Toen toenmalig minister Edith Schippers in 2016 de Nederlandse Sportraad instelde, werd Van Praag voorzitter. In die hoedanigheid spreekt hij met Sport Knowhow XL over sport in het nieuwe regeerakkoord - waar hij teleurgesteld over is - en over het advies van de Nederlandse Sportraad ten aanzien van de organisatie en financiering van de Nederlandse Sport, waarbij de centrale positie van NOC*NSF ter discussie staat.

door: Leo Aquina | 8 februari 2022

1. Er is loopt momenteel een wetstraject om de Nederlandse Sportraad uiterlijk 1 april 2022 als permanent adviescollege in te stellen. Aan welke criteria moet de Sportraad hiertoe voldoen en wat houdt die status als permanent adviescollege in?
“Toen Edith Schippers zes jaar geleden de sportraad heeft opgericht, was sport de enige branche in Nederland die geen adviesraad had. Er was al een gezondheidsraad, een raad voor de veiligheid, een raad voor het onderwijs, noem maar op. De eerste vier jaar is zo’n raad tijdelijk en dan gaan ze kijken of het waardevol is. Vervolgens komt er een verlenging en de laatste stap is stoppen of definitief maken. Dat laatste is bij ons het geval, maar dan moet er een wet gemaakt worden en dat duurt altijd even. De Tweede Kamer had tot 14 januari de tijd om schriftelijk op- of aanmerkingen te maken. De vragen worden nu beantwoord door het ministerie van VWS. Daarna volgt eventueel nog een debat en daarna is er een plenaire stemming. Daarna volgt dezelfde procedure in de Eerste Kamer.”

"Het zou pedant zijn als wij het allemaal op eigen houtje doen"

“Aanvankelijk was de opdracht te adviseren op het gebied van evenementen, maar Schippers vond dat te krap, dus is ervan gemaakt: ‘sport in de breedste zin des woords'. Daarom is de samenstelling van de raad heel divers. Het zijn niet alleen topsporters met medailles, maar mensen uit allerlei disciplines en eigenlijk maar twee mensen die echt uit de topsport komen. Zelf ben ik ook geen sporter. Ik was een leuke scheidsrechter, maar ik kon niet voetballen. Ik zit er omdat ik weet hoe de bestuurlijke kant loopt.”

XL5-5vragenaanMichaelVanPraag-1“We geven gevraagd en ongevraagd advies. De wettelijke status legt de kaders vast. We vallen binnen de kaderwet adviescolleges, daar staat in wat wij wel en niet mogen doen. Volgens de wet moeten we een jaarlijks werkprogramma inleveren en wordt het adviescollege iedere vier jaar geëvalueerd. De thema’s waarop we adviseren, bedenken we zelf, maar we hebben ook overleg met VWS. Het zou pedant zijn als wij het allemaal op eigen houtje doen. Nederland heeft 17 miljoen bondscoaches en er is daarnaast heel veel kennis, bijvoorbeeld bij Kenniscentrum Sport & Bewegen en het Mulier Instituut. Als wij iets doen, betrekken we daar die instituten en andere stakeholders bij. Aan ons laatste advies over de organisatie en de financiering van de sport heeft KPMG meegewerkt. In totaal zijn daar 250 mensen bij betrokken geweest.”

"We hebben in dit land klimaatdoelstellingen, maar we hebben geen sportdoelstellingen"

“Maar het blijft bij advies, vervolgens worden wij geacht ons om te draaien. Ik vind het jammer als er weinig met die adviezen wordt gedaan en dat is een geluid dat ik ook hoor in overleg met voorzitters van andere adviesraden. Maar in de sport hebben we mensen die niet bij de pakken neer gaan zitten. We mogen niet lobbyen, maar we mogen wel toelichten en dat doen we dan ook. Ik ga alle departementen af en alle provincies. We onderhouden onze contacten met de sportorganisaties en natuurlijk met de woordvoerders sport in de Tweede Kamer.”

2. Het nieuwe kabinet geeft aan sport en bewegen te willen stimuleren en trekt daar jaarlijks 25 miljoen euro extra voor uit. De NLsportraad pleit in het advies ‘De opstelling op het speelveld’ voor een onderbouwde investering die begint bij 485 miljoen euro. Hoe kijk je aan tegen de kabinetsplannen als het gaat om sport?
“Sport staat niet op de agenda. We hebben in dit land klimaatdoelstellingen, maar we hebben geen sportdoelstellingen. In het regeerakkoord staat één zinnetje over sport. En ik heb uit betrouwbare bron dat dat ene zinnetje er een dag voor de bekendmaking van het coalitieakkoord nog niet eens in stond. Ze waren het vergeten en hebben het er op het laatste moment nog even ingefietst.”

XL5-5vragenaanMichaelVanPraag-2“Het is allemaal vrijblijvend en zo wordt er ook tegen de sportbegroting aangekeken: hier is 25 miljoen als pleister op de wonde. In totaal gaat het om een begroting van 400 miljoen miljoen euro. Als je dat afzet tegen de miljardenbegroting die ons land heeft, is dat een fooi. Dat heeft zijn oorsprong misschien in het idee dat mensen bij sport denken aan Dafne Schippers, Max Verstappen, Ajax en Feyenoord, maar het is veel breder. Kijk bijvoorbeeld wat experts zeggen naar aanleiding van de pandemie. Er wordt zeer duidelijk een verband gelegd tussen sport en bewegen, en gezondheid en het immuunsysteem.”

“We hebben ook te maken met een andere pandemie: Nederland beweegt niet voldoende. De helft van onze kinderen haalt de beweegnorm niet: twee keer een half uur per dag matig tot intensief bewegen. Bij defensie wordt de helft van de sollicitanten afgekeurd wegens gebrek aan motorische vaardigheden. We staan er slecht voor. De NLsportraad heeft een sportstelsel geadviseerd dat ervoor moet zorgen dat in 2030 in ieder geval 75 procent van de mensen kan sporten en bewegen. En wat gebeurt er in Den Haag? Ze mikken op 2040. Schuif het maar vooruit. Dat vind ik teleurstellend.”

“Sport is niet voor iedereen in dit land gelijkelijk toegankelijk. Het is een hobby voor de meeste bestuurders. Lokaal ben je afhankelijk van het enthousiasme van de dienstdoende wethouder en in Den Haag van hoe de minister of de staatssecretaris erover denken. In ons laatste advies ‘De opstelling op het speelveld’ pleiten wij voor een sportregisseur in Den Haag, in de vorm van een minister of staatssecretaris die coördinerend optreedt voor sport en bewegen.”

"Zitten is het nieuwe roken, maar het eerste dat je op school leert, is dat je moet zitten…"

“We hebben het sportakkoord en het preventieakkoord, maar daar is nauwelijks een link tussen. Dat is een enorme gemiste kans. Waar het aan ontbreekt – en het heeft mij een halfjaar gekost om dat woord fatsoenlijk uit te kunnen spreken – is interdepartementale samenwerking. Daar heb je die minister of staatssecretaris voor nodig. Ik kom op verschillende departementen. Gisteren heb ik bijvoorbeeld gesproken over mobiliteit en fietspaden. Dat gebeurt op het ministerie voor onder andere ruimtelijke ordening. Dan zou je denken, die hebben wel een linkje met de directie Sport van VWS, maar daar ontbreekt het vaak aan.”

“Ander voorbeeld: zitten is het nieuwe roken, maar het eerste dat je op school leert, is dat je moet zitten… Wij hebben daarover samen met de Onderwijsraad en de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving een advies uitgebracht. Dan zou je verwachten dat de ministeries van OCW en VWS de handen ineen slaan, maar wat denk je? Nada.” 

XL5-5vragenaanMichaelVanPraag-33. In het advies ‘De opstelling op het speelveld’ pleit de NLSportraad naast de sportregisseur voor een sportwet. Wat willen jullie daarmee bereiken?
“Het gaat ons niet zozeer om een sportwet, maar om een sportstelsel waarin je vastlegt dat je als overheid verplicht bent om sport aan te bieden aan de bevolking. Aan de héle bevolking, dus ook aan gehandicapten en gezinnen die er weinig geld voor hebben. In het sportstelsel leg je vast wie waarvoor verantwoordelijk is, Rijksoverheid, gemeenten en provincies. Hoe die gemeenten en provincies dat vervolgens invullen is aan hen, maar het is een verplichting, want alleen dan ben je niet langer afhankelijk van de goedwillende wethouder. 

“De gemeenten verdienen overigens een groot compliment. Zij zijn de grootste sponsoren van de Nederlandse sport, met name als het gaat om accommodaties. Maar gemeenten bezuinigen ook op sport. In Amsterdam is de sportbegroting nu 50 miljoen, twaalfenhalf procent van de totale Nederlandse sportbegroting. Dat komt doordat er in Amsterdam mensen zitten die het belangrijk vinden. Maar er zijn ook gemeenten waar weinig gebeurt. Die willekeur, daar moeten we vanaf. En bij veel provincies stond sport helemaal niet op de agenda. Dat is wel aan het veranderen, maar het is niet verankerd, daarvoor is die sportwet. Provincies spelen een belangrijke rol als het gaat om bijvoorbeeld infrastructuur.”

"Er moet een koepel komen die namens iedereen kan praten in Den Haag"

“Naast het sportstelsel en de sportregisseur pleiten wij in ons laatste advies over de organisatie en de financiering van de sport ook voor een sportkoepel voor de gehele sport, want met alle respect, NOC*NSF is dat niet. Er moet een organisatie komen die de hele Nederlandse sport vertegenwoordigt. NOC*NSF wil het doen, maar zij zijn daar niet voor. Zij gaan over de olympische sport en dat doen ze fantastisch, maar ze vertegenwoordigen zeker niet het hele Nederlandse sportlandschap. Niet eens alle bonden zijn lid en ze zijn er ook niet voor de commerciële sportaanbieders. Er zijn zelfs organisaties in de gehandicaptensport die wel lid hadden willen worden, maar niet mochten. Het is prima dat NOC*NSF eigen voorwaarden heeft voor het lidmaatschap, maar er moet een koepel komen die namens iedereen kan praten in Den Haag.”

4. Hoe moet die nieuwe sportkoepel eruit komen te zien en wat is dan de positie van NOC*NSF?
“Die sportkoepel moet een nieuw orgaan zijn waarvan iedereen die sport aanbiedt in Nederland lid is: verenigingen, bonden, commerciële sportaanbieders, aangepast sporten, noem maar op. NOC*NSF praat natuurlijk ook namens de bonden, maar een belangrijk deel van de sport wordt aangeboden door commerciële partijen. Die hebben sinds kort hun eigen brancheorganisatie (Platform Ondernemende Sportaanbieders POS), terwijl ze hetzelfde aanbieden wat heel veel clubs en verenigingen ook aanbieden. Dat moet samenkomen en met één stem spreken richting Den Haag.

XL5-5vragenaanMichaelVanPraag-4“Een fusie tussen POS en NOC*NSF? Dat is denk ik niet de juiste oplossing. NOC*NSF moet zich blijven concentreren op het eigen aandachtsgebied. Maar op dit moment gaat NOC*NSF ook over de verdeling van het geld onder de leden en dat zou niet moeten. In het verleden werd de jaarlijkse bijdrage vanuit Den Haag rechtstreeks overgemaakt naar de bonden, maar uit efficiëntieoverwegingen gaat al het geld nu naar NOC*NSF en die verdeelt het. Voor de bonden is dat helemaal niet prettig. Aan de ene kant willen zij zich als lid kritisch opstellen tegen NOC*NSF, maar hoe stel je je kritisch op tegen de partij waar je geld van krijgt? Er is een afhankelijkheidsrelatie gecreëerd tussen bonden en NOC*NSF en dat moet je weer uit elkaar trekken. Er zou een zelfstandig bestuursorgaan, onafhankelijk fonds of een stichting moeten komen die het geld verdeelt.”

“De NLSportraad is niet tegen NOC*NSF, integendeel. Natuurlijk hebben wij op onderdelen onze kanttekeningen bij de organisatie, maar NOC*NSF is medeopdrachtgever van ons advies over de organisatie en de financiering van de sport en in die hoedanigheid hebben we ze regelmatig geconsulteerd en op de hoogte gesteld. Ik denk eerlijk gezegd dat het voor hen ook een enorme teleurstelling is dat er maar één zinnetje over sport in het coalitieakkoord staat. Daarom kan ik er eigenlijk met mijn pet niet bij dat ze er gematigd enthousiast over zijn. Je zou als sportsector tegen Den Haag moeten zeggen: 'ben je nou helemaal betoeterd dat je ons links laat liggen?'”

"Een sporter heeft maar een heel korte tijd in zijn leven om topsport te bedrijven. Je mag sporters niet de kans ontnemen om zich op een WK in de kijker te spelen"

5. Tot slot iets heel anders, het WK voetbal wordt komend jaar gehouden in Qatar. Op het gebied van mensenrechten en met name ook de arbeidsomstandigheden van gastarbeiders die de stadions hebben gebouwd is daar veel kritiek op. Je bent KNVB-voorzitter geweest en internationaal voetbalbestuurder. Wat vind jij persoonlijk een passende wijze voor de KNVB om met het WK in Qatar om te gaan?
XL5-5vragenaanMichaelVanPraag-5“Ik spreek nu even op persoonlijke titel. Ik vind de manier waarop de KNVB ermee omgaat een voorbeeld voor iedereen. Het heeft geen zin om een spandoek op te hangen en boe te roepen over alles wat daar gebeurt. Het heeft ook geen zin om te boycotten. We zijn allemaal tegen de manier waarop ze in Qatar met mensen omgaan en iedereen weet dat. Waar het om gaat is dat je probeert iets te veranderen. De KNVB heeft twee dingen gedaan, en dat weet ik omdat ik het zelf heb voorgesteld. We hebben via de UEFA kunnen bewerkstelligen dat er bij alle toekomstige toernooien - EK’s, WK’s noem maar op - mensenrechtenclausules in de contracten worden opgenomen die ook bindend zijn. Die clausules stonden nog niet in de FIFA-contracten en die zijn er op initiatief van de KNVB in opgenomen.” 

“En het tweede wat de KNVB doet, is naar Qatar gaan, daar praten met de bond en met de lokale sportminister om hen te vertellen wat wij ervan vinden. Marianne van Leeuwen (directeur betaald voetbal van de KNVB, red.) en Gijs de Jong (secretaris-generaal van de KNVB, red.) zijn in december een week in Qatar geweest. Zij leggen daar de vragen op tafel. Wat gaat u doen om in de toekomst te voorkomen dat er zoveel misstanden zijn met gastarbeiders? Wat gaat u doen aan een schadevergoeding? Ze hebben geld zat daar. De KNVB doet dat met stille diplomatie, maar ze doen het wel en ik vind dat de bond daar wel bewondering voor verdient. Dat is anders dan bijvoorbeeld Noorwegen – maar goed, die zijn nu uitgeschakeld – met statements over niet gaan. Dat heeft helemaal geen zin en je mag het ook niet doen. Een sporter heeft maar een heel korte tijd in zijn leven om topsport te bedrijven. Je mag sporters niet de kans ontnemen om zich op een WK in de kijker te spelen. Ik vind ook niet dat je sporters mag verplichten om daar straks een shirt aan te trekken met allerlei statements. Laat de sporters lekker sporten en laat ons als bestuurders nou het werk doen met de autoriteiten daar.”

« terug

Reacties: 4

Jan Raateland
08-02-2022

Hear, hear ....!!

Goed dat er een (onafhankelijke) NL Sportraad is, die los van belangen en emotie het beste voor de sport adviseert. 'Die sportkoepel moet een nieuw orgaan zijn waarvan iedereen die sport aanbiedt in Nederland lid is: verenigingen, bonden, commerciële sportaanbieders, aangepast sporten, noem maar op.'

Feike Tibben
10-02-2022

Een koepel waar van Praag voor pleit, lijkt misschien aantrekkelijk van uit eenvoud en overzichtelijkheid, maar ik vraag me af of het goede antwoord op een sportlandschap dat zichtbaar steeds veelvormiger en veelkleuriger wordt, die ene alomvattende koepel zou moeten zijn. 

Allemaal door één mal, onder één koepel: is misschien te simpel is en doet de sport geen recht. Juist die veelkleurigheid, veelvormigheid en dynamiek in de sport vragen veel meer dat we krachten kunnen bundelen op een manier en in een vorm die past bij de vragen van dat moment, dat we ruimte bieden aan nieuwe samenwerkingvormen, aan nieuwe niches. Ja zo'n samenwerking is wat ingewikkeld en dynamisch, soms zelfs misschien onoverzichtelijk, maar daagt partijen ook uit om - samen - relevant te blijven, meerwaarde te bieden.

Laten we ons daarom niet blind staren alsof één koepel dé oplossing voor dé sport is. Laten we ruimte bieden voor zelforganiserend vermogen, ruimte bieden voor niches, voor innovatieve samenwerkingsverbanden. We hebben toch ook niet één politieke partij, één bank, of één ... vul maar in. 

En al zou er al één koepel zijn: waar ligt dan de grens en hoe hard is die? Is buurtsport sport of maatschappelijke / sociale integratie en moet belangenbehartiging uit die hoek komen (en dus niet ten laste van de sportbegroting?) Het zelfde zou je kunnen zeggen over herstelsport sport in relatie tot gezondheidszorg.  Als er één - verplichte - koepel is: wat doe je dan met kwaliteiteisen en hoe bewaak en sanctioneer je die. Zo maar een paar vragen.

Kortom: de sportraad als adviesraad die het speelveld overziet: prima. Een sportraad die op basis daarvan advies geeft over stelselmaatregelen en sport een plek geeft in relatie tot gezondheidzorg ruimte of financiering: ook top. Maar een raad die overkoepelend belangen zou behartigen, dat is in mijn ogen een flinke stap te ver en zou ook niet passen bij het zijn van adviesraad. Laat staan dat, waar jan raateland voor pleit, iedere aanbieder verplicht lid zou moeten worden van zo'n koepel.

Jan Raateland
10-02-2022

Beste Feike, ik heb het niet zo bedoeld als ik opgeschreven heb... dat iedere aanbieder verplicht lid moet zijn van de nog te vormen  koepelorganisatie. Fijn dat je met jouw opmerking mij de gelegenheid biedt dit nader toe te lichten. Ik vind het belangrijk dat er naast een vertegenwoordiging ook een belangenbehartiger is van een bepaald type sportaanbieder. Evenzo vind ik het belangrijk dat die vertegenwoordiging en belangenbehartiging ook lokaal een 'invulling' krijgt.

Voorts... is het de NLsportraad niet te doen om zelf als belangenvertegenwoordiger op te gaan treden. Zo lees ik de uitspraken van voorzitter Michael van Praag niet. Hij spreekt over een nieuw orgaan.

John van Echtelt
10-02-2022

Inderdaad erg jammer dat de politiek niets met de adviezen van de Sportraad doet én heel teleurstellend dat er op het laatste moment er slechts één zinnetje in het coalitieakkoord is opgenomen. Heeft iemand bij de politiek nagevraagd waar dat door komt?

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst