4 september 2012
Achtergronden
Speelpleinen bij basisscholen zijn niet allemaal even groot. Is daar een reden voor? Wat zijn de mogelijkheden als je een nieuwe school gaat bouwen en graag invloed wilt uitoefenen op de grootte en invulling van het plein?
Het ministerie van OC&W hanteerde tot 1997 het ‘Wenkenblad’ uit 1986 met een overzicht van de geldende normen in het basisonderwijs. Het speelplein heette toen nog ‘speelgebied’ en daarvoor gold het volgende: ‘Het speelgebied bestaat uit een verhard en een onverhard gedeelte in de verhouding 2:1, waarbij het verharde deel een oppervlakte heeft van tenminste 300 vierkante meter.’
Tegenwoordig zijn de eisen beperkt tot 3 m2 buitenruimte per leerling met een minimum van 300 m2. Voor scholen groter dan 200 leerlingen volstaat 600 m2 buitenruimte.
Als er sprake is van een brede school met kinderdagverblijf en naschoolse opvang dan wordt een afgesloten en ‘op de leeftijd van de kinderen passend ingerichte buitenspeelruimte’ gevraagd. Ook daarvoor geldt een minimaal oppervlak van 3 m2 bruto oppervlakte speelruimte per aanwezig kind.
Minder ruimte
Het klopt dus dat bij de meeste nieuwe scholen de speelpleinen kleiner zijn dan bij scholen van voor 1997. Zeker als de ruimtenorm strak gehanteerd wordt. Maar er mag in positieve zin afgeweken worden van de norm. Een gemeente of schoolbestuur kan ervoor kiezen een plein groter te maken dan het minimum van 300 m2. Dat vraagt wel om goede argumenten.
Argumenten voor een groter plein?
Veel kinderen op een kleine ruimte die in korte tijd hun energie kwijt moeten, is vragen om problemen. Bij een gemiddeld schoolplein van 300 m2 is dat al snel het geval. Zeker als het om een smal plein gaat dat om de school heen ligt levert dat al snel conflicten op en gedoe over activiteiten die elkaar in de weg zitten. Als een plein ook geschikt moet zijn voor sportactiviteiten, buitengym of als het plein ingezet wordt voor naschoolse activiteiten, kan dat argumenten opleveren voor meer ruimte. Daarbij speelt ook nog dat in het kader van gezondheid, obesitas en het belang van bewegen op scholen het plein een steeds belangrijker rol krijgt.
Bouwbesluit biedt veel vrijheid
Voor wat betreft de inrichting van het speelplein worden geen specifieke eisen gesteld. Het Bouwbesluit geeft slechts eisen rond de bereikbaarheid en toegankelijkheid (voor bijvoorbeeld hulpdiensten). Dat betekent dat de school zelf veel kan beslissen, zowel over de verhouding tussen verhard en onverhard terrein als over de inrichting. Die vrijheid biedt veel kansen maar vraagt wel om een helder beeld welke functie het plein krijgt. Niet in de laatste plaats omdat bij nieuwbouw een architect soms gebouwkeuzes voorstelt die consequenties hebben voor de locatie en het gebruik van het speelplein.
Hoe groot een plein ook is, bepalend voor succesvol gebruik is dat er voorafgaand aan de inrichting of renovatie nagedacht is over de rol en functie van het plein. In het volgende deel van dit artikel wordt stilgestaan bij de inrichting van het plein en de kansen voor sport.
Meer weten?
U kunt nu al een aantal pleinoplossingen bekijken. Wilt u inhoudelijk meer informatie, neem dan contact op met Nijha: 0573-288 555 of info@nijha.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.