13 december 2011
Achtergronden
In de praktijk zien we vaak dat er in deze situatie wordt gekozen voor één grote sporthal. De bouw van zo’n hal is immers goedkoper dan de bouw van drie losse gymzalen. Omdat de investeringsbudgetten beperkt zijn, wordt vanuit financieel oogpunt gekozen voor deze ‘goedkopere’ variant. Ook omdat de verhuurmogelijkheden op het eerste oog kansrijker lijken. Wat de consequenties zijn voor de latere exploitatie wordt veelal niet in de afweging meegenomen. En ook naar de primaire gebruikersgroep wordt bij deze keuzemogelijkheid over het algemeen matig geluisterd.
Primaire gebruikersgroep baat bij gymzaalDe primaire gebruiker van een sporthal of gymzaal is de vaksectie lichamelijk Opvoeding (LO). De sportaccommodatie is hun ‘werkdomein’. Zij brengen er de hele dag door. Is een sporthal voor hen ook de meest ideale oplossing? De grotere functionele ruimte is een veel gebruikt argument in het voordeel van een sporthal. Maar is dit wel altijd wenselijk? Een sporthal is wat het woord al zegt: ‘een hal om te sporten’. Vaak zien we dat er in deze hallen concessies gedaan zijn in de inrichting wat met name de gymlessen overdag niet ten goede komt. En hoe zit het met de akoestiek en de toetreding van daglicht? De veelbesproken nagalmtijd is bijvoorbeeld veel hoger bij sporthallen dan bij de kleinere gymzalen.
De afwegingen op een rij
Voor het nemen van de beslissing sporthal of gymzalen, adviseren we betrokkenen een aantal basisvragen te stellen:
1. Wat is het primaire gebruik van de hal/zaal en wat zijn de wensen van deze groep?
2. Wat is de meerwaarde van een sporthal ten opzichte van meerdere gymzalen?
3. Hoeveel brengt die meerwaarde op? Welke exploitatielast wil de school zelf aangaan?
4. Welke partijen willen een langjarige huurovereenkomst aangaan en wat is de netto bijdrage aan de exploitatie (bij een gemiddelde huurprijs zijn de kosten nog wel eens hoger dan de opbrengsten)?
5. Zijn er participanten (bijvoorbeeld gemeente) en zo ja welke belangen hebben zij?
6. Hoe zijn de leerlingenprognoses? En voor hoeveel jaar is de sportaccommodatie ‘vol’ met het aantal uren voor school- en avondgebruik?
Oog voor de toekomst
Naast de functionele wensen van de gebruikers, is het een kwestie van in de toekomst kijken. Alleen uitgaan van het beschikbare bouwbudget betekent dat de initiële investering zwaarder weegt dan de jaarlijks terugkerende exploitatiekosten. De ervaring leert dat exploitatielasten op den duur een enorme ‘bottleneck’ kunnen vormen. Niet zelden wordt de inhoudelijke ontwikkeling van de school en het vakonderwijs er zelfs door geremd.
Ontgroening en vergrijzing
Een sportaccommodatie wordt gemiddeld afgeschreven in veertig jaar. Dat betekent dat er ook goed gekeken moet worden naar toekomstige dekking. Hoe zijn de leerlingenprognoses? Hoe wordt de demografische ontwikkeling ingeschat? Als blijkt dat de dekking voor een sporthal voor wat betreft uren onderwijsgebruik over een aantal jaren sterk terugloopt, dan kan dat ook een argument zijn om te kiezen voor losse gymzalen. Je kunt eenvoudiger een gymzaal afbreken of andere (beweeg)functies geven dan een sporthaldeel afstoten.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.