26 februari 2013
Achtergronden
Tijdens de bekerwedstrijd FC Den Bosch-AZ op dinsdag 29 januari maakte het Bossche publiek oerwoudgeluiden als AZ-spits Jozy Altidore aan de bal was. Wat zijn eigenlijk de richtlijnen van de KNVB in een dergelijke situatie? Wat doet de bond om dit soort dingen te bestrijden? Sport Knowhow XL legde het voor aan Gijs de Jong, manager competitiezaken bij de KNVB: “In de richtlijn bestrijding verbaal geweld staat dat de thuisclub als gastheer verantwoordelijk is voor de veiligheid van de spelers en scheidsrechter en dat zij op een normale manier bejegend moeten worden. Het behoeft geen betoog dat oerwoudgeluiden daar niet bij horen. Gelukkig horen we het al niet vaak meer. Het is alweer twintig jaar gelden dat dit op deze schaal voor het laatst gebeurde.”
Volgens de richtlijn verbaal geweld moet de club voor, tijdens en na de wedstrijd alles doen om verbaal geweld te bestrijden. Wat houdt dat in? “In de preventieve sfeer kun je denken aan het bespreken van dit probleem op supportersavonden, het opnemen van een statement in het programmaboekje en het goed instrueren van stewards”, vertelt De Jong. “Tijdens een wedstrijd kan een club de wedstrijd stilleggen. De club kan stewards erop afsturen en men kan er bijvoorbeeld voor kiezen het publiek toe te spreken.” Als er ondanks deze maatregelen toch ontoelaatbare spreekkoren te horen zijn geweest, moet de club er alles aan doen om de supporters die zich daaraan schuldig hebben gemaakt te bestraffen.
Verantwoordelijkheid bij club
De KNVB heeft er bewust voor gekozen de verantwoordelijkheid tijdens de wedstrijd bij de clubs te leggen en niet bij de scheidsrechter. De Jong: “In het verleden lag de verantwoordelijkheid voor het stilleggen van de wedstrijd bij de arbiter, maar dat is eigenlijk niet werkbaar. De scheidsrechter moet zich concentreren op het spel en alleen als hijzelf niet meer kan functioneren of als een speler bij hem aangeeft dat het niet verder kan, mag een scheidsrechter de wedstrijd stilleggen. In alle andere gevallen is dat de verantwoordelijkheid van de club.”
Is er op basis van deze richtlijn juist gehandeld in Den Bosch? De Jong: “Wat scheidsrechter Reinold Wiedemeijer deed, was juist. Hij vroeg aan Altidore wat hij wilde, dat is volgens onze richtlijn.” Altidore liet de arbiter weten door te willen. In de tweede helft legde de arbiter de wedstrijd wel enige tijd stil omdat de grensrechter werd bekogeld met ijsballen. De Jong: “Ik denk sowieso dat Altidore de grote winnaar is van de avond. Hij was degene die zich ook in zijn reactie na afloop verhief boven alle uitlatingen.” Voor de camera zei Altidore na afloop: 'Het is teleurstellend dat dit soort dingen in deze tijd nog steeds aan de orde zijn. Ik kan alleen maar hopen dat deze mensen tot inkeer komen. We kunnen slechts voor ze bidden.'
Daders aanpakken
Wat zijn de consequenties van de gebeurtenissen in Den Bosch voor de club? “Ik wil niet vooruitlopen op het vooronderzoek in deze specifieke zaak. Op basis van dat onderzoek komt de aanklager met een schikkingsvoorstel en dat kan variëren van vrijspraak, geldboetes tot wedstrijden zonder publiek.“ De Jong noemt de bekerwedstrijd FC Utrecht-Ajax van vorig jaar als voorbeeld. Daar waren antisemitische spreekkoren te horen. “Dat is bij de tuchtcommissie geëindigd met 15.000 euro boete voor de club en een wedstrijd zonder publiek met een proeftijd van twee jaar.”
De KNVB wil de spreekkoren aanpakken. Dat hoeft niet per se te betekenen dat een club altijd wordt bestraft als het misgaat. “Als een club er echt alles aan heeft gedaan, is het niet rechtvaardig om die club te bestraffen. Stel dat je als club altijd richtlijnen bespreekt op supportersavonden en gedragsregels opstelt in het programmaboekje. Voor aanvang van de wedstrijd doe je een oproep tot goed gedrag en er worden desondanks vijf vuurpijlen afgestoken. Als een club dan ook nog eens zorgt dat die vijf onruststokers worden gepakt en een boete of een stadionverbod krijgen, dan valt de club niets te verwijten.”
De Jong benadrukt dat het wel belangrijk is om alle maatregelen duidelijk te communiceren. ”We hebben vorig jaar drie grote incidenten gehad: met Feyenoord-aanhangers bij het Maasgebouw, rondom N.E.C.-Vitesse en bij FC Utrecht-Ajax. We hebben er met alle partijen, club, gemeente, justitie, KNVB, steeds expliciet voor gekozen om duidelijk naar voren te brengen wie er zijn aangehouden en welke sancties er zijn gesteld. Wij zijn er als KNVB niet op uit om de clubs te bestraffen. We willen ervoor zorgen dat er in de stadions een leuke ambiance is voor de 99 procent van de toeschouwers die met goede bedoelingen komen. Dat willen we doen door vooral de daders aan te pakken.”
Voetbalwet
Als de KNVB de verantwoordelijkheid bij de clubs legt, rijst de vraag of de clubs niet strenger tegen hun eigen aanhang moeten optreden? “Ik denk dat dat op de meeste plekken al gebeurt”, zegt De Jong. “Maar het is moeilijk spreekkoren terug te voeren op individuele daders die je kan bestraffen. Je zult juridisch moeten bewijzen dat iemand echt heeft meegedaan. Als het aan ons ligt, gaan we meer uit van het principe: ‘je staat erbij dus je bent erbij’. Neem die situatie bij het Maasgebouw. Daar waren misschien maar twintig man die echt wat deden, maar er stonden er tweehonderd omheen die mede voor de dreigende sfeer zorgden. Die mensen zou je ook aan moeten pakken. Die zouden zich van de rellen moeten distantiëren, gewoon weggaan als het aan de orde is.”
Wat De Jong betreft biedt de voetbalwet in de toekomst meer mogelijkheden. “Die wet is geëvalueerd en daarbij hebben we als KNVB ook input gehad. Dat moet voor het zomerreces in de Tweede Kamer worden behandeld. Als je naar de cijfers kijkt, zie je dat de clubs jaarlijks tussen de vijfhonderd en de zevenhonderd stadionverboden opleggen. Bij de strafrechter zijn dat er slechts twintig tot vijftig. Bij een maatschappelijk probleem van deze omvang zou het goed zijn als de rechter vaker een stadionverbod oplegt, bij voorkeur met meldplicht. Dit laatste kan de KNVB namelijk alleen op vrijwillige basis doen.”
Sportiviteit en respect
De KNVB vraagt aandacht voor sportiviteit en respect. Niet alleen rond het veld, maar ook op het veld is dat respect soms ver te zoeken. De bond liet in de winterstop weten dat protest tegen de scheidsrechter als het niet door de aanvoerder gebeurt, in de toekomst automatisch tot een gele kaart zou moeten leiden. Die regel wordt niet al te strikt toegepast. Wat is zo’n regel dan eigenlijk waard? De Jong: “Er gaan dingen goed en er gaan dingen minder goed. Ik denk dat we de goede lijn te pakken hebben, maar we moeten natuurlijk niemand gek maken. Je kunt niet opeens hele elftallen geel gaan geven. Dat leidt tot de verdubbeling van het aantal gele kaarten en dan heb je weer een ander probleem. Die richtlijn gaat over protesteren, dat is iets anders dan communiceren. Als een speler op een normale toon uitleg vraagt aan de scheidsrechter, moet dat kunnen. We hebben de afgelopen jaren vele geïnvesteerd in bijeenkomsten tussen spelers coaches en scheidsrechters. Zij geven zelf aan dat ze het idee hebben dat we wel degelijk vooruitgang boeken op dit gebied.”
Zit het de KNVB niet dwars dat coaches - zoals recentelijk Robert Maaskant en Gertjan Verbeek - iedere week weer enorm veel kritiek hebben op de arbitrage? De Jong: “Maaskant is daar ook terecht op aangesproken. Maar in het algemeen heeft iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid. Ik denk dat trainers zich zoveel mogelijk met hun ploeg moeten bezighouden en met de wedstrijd. Dan houden wij ons wel bezig met de scheidsrechters. Het gaat erom dat we gewoon normaal met elkaar omgaan.”
Inmiddels heeft de aanklager van de KNVB de kritiek van AZ-trainer Verbeek ter beoordeling aan de tuchtcommissie voorgelegd. De bond licht dit op haar site toe: ‘Het bestuur betaald voetbal is van mening dat de heer Verbeek hiermee niet alleen de integriteit van de aanklager betaald voetbal, maar ook het gehele tuchtrechtelijke proces in zijn geheel in twijfel trekt en daarmee de belangen van het betaald voetbal schaadt.’
Vanwege de onrust over de nieuwe richtlijnen ten aanzien van commentaar op de leiding, heeft de KNVB de ondertekenaars van het zogenaamde ‘handvest betaald voetbal’ vorige week uitgenodigd om opnieuw met elkaar in gesprek te gaan. De Jong: “De discussie is totaal afgeweken van het oorspronkelijke doel: het creëren van meer respect. Kaarten worden in twijfel getrokken en de prestaties van onze arbiters staan ter discussie. Laat één ding helder zijn: de regels zijn onveranderd gebleven.”
“We zijn van ver gekomen”
De Jong benadrukt dat er vooral als het gaat om supportersgeweld en spreekkoren de afgelopen twintig jaar al veel is bereikt. “Als je kijkt hoe het er twintig jaar geleden aan toe ging in bijvoorbeeld het Olympisch Stadion in Amsterdam. Vuurwerkbommen op het veld, ME-cordons rond supportersgroepen op weg naar het stadion, bananen op het veld… We zijn van heel ver gekomen. Tegenwoordig hebben we betere stadions, betere camerasystemen, betere stewards, betere toegangscontrole, goede veiligheidsplannen en goede afspraken met gemeente, politie en justitie. Ik wil de problemen in Den Bosch niet bagatelliseren, laat dat helder zijn. Maar bij negen van de tien wedstrijden gaat het prima. Er zijn nog altijd mensen die denken dat het niet mogelijk is om met je kinderen naar het stadion te gaan, maar dat beeld klopt echt allang niet meer.”
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.