23 november 2010
Achtergronden
door: Frans Rinsema
Sportparken (of sportaccommodaties in het algemeen) vervullen bij het bereiken van maatschappelijke effecten een belangrijke rol. Maar wordt de beschikbare ruimte wel voldoende benut?
Onder invloed van diverse maatschappelijke ontwikkelingen is de vraag naar accommodaties de laatste jaren sterk veranderd. We zien bijvoorbeeld een overheid die allerlei beweegprogramma’s ontwikkelt in de strijd tegen overgewicht en beweegarmoede. Daarnaast wil de overheid met sport andere maatschappelijke effecten bereiken: van zelfontplooiing tot leefbaarheid, van sociaal contact tot gezondheid. Maatschappelijke baten, met effecten op de lange termijn, verliezen vaak de strijd van economische, korte termijn, voordelen. Er is dus dreiging: ruimte is schaars en duur, zeker in dichtbevolkte stedelijke gebieden. Sport krijgt in de strijd om het ruimtegebruik weinig aandacht. Centraal gelegen voorzieningen voor sport en recreatie staan vaak op de agenda als mogelijke locatie voor herontwikkeling, verschuiving naar de periferie ligt in het verschiet. In andere gebieden is juist sprake van krimp van de bevolking en dreigt afbrokkeling van het voorzieningenaanbod. Daarnaast is er de ontwikkeling van de veranderende sporter: een sportconsument met andere eisen dan vroeger.
Sportparken (of sportaccommodaties in het algemeen) vervullen bij het bereiken van maatschappelijke effecten een belangrijke rol. Maar die rol wordt steeds kritischer beschouwd: wordt de beschikbare ruimte wel voldoende benut? Betekent dit dat er minder sportvelden nodig zijn? Wie zijn nu eigenlijk de gebruikers? Kunnen we die ruimte niet anders gebruiken? Kan het goedkoper? En zo zijn er nog meer vragen. Vragen die terecht gesteld worden, want de wereld om ons heen verandert en het zou gek zijn als het sportpark hetzelfde zou blijven. Het sportpark als verzameling van privédomeinen van sportclubs is passé. Om in tijden van verandering, maatschappelijke, economische en ruimtelijke druk het bestaan van voldoende sportmogelijkheden te behouden, zijn er zeker kansen voor zowel de sport als voor de omgeving. Kansen door functieverbreding, kansen door concentratie en kansen op organisatorisch vlak.
Kansen door functieverbreding
Als je goed naar de sporters luistert, zijn er wellicht andere velden en organisatievormen nodig. Velden die voor meer doeleinden te gebruiken zijn. Denk aan de sporthal met een belijningpatroon dat aan een bord spaghetti doet denken. Daar zijn vele sporten – en andere activiteiten – mogelijk. Sportvelden, zeker als ze van een kunstgrastoplaag zijn voorzien, kunnen ook op die manier worden ingekleurd. Dat bevordert het gebruik, de beleving (er gebeurt meer) en het rendement. Sportparken hoeven bovendien geen strak omlijnde (en omheinde) verkavelingspatronen te hebben: minder hekwerken, meer zicht op het sportgebeuren en minder prominent in beeld gebrachte parkeerinfrastructuur. Voeg daarbij een aantrekkelijke groen- en routestructuur met voorzieningen voor vrij sportgebruik en er ontstaat een attractief sportpark dat meer aansluit op haar omgeving. Zo komen de verenigingen meer in het blikveld van de omgeving. We zien een transformatie van be- (en soms ge-) sloten sportlocatie naar levendig beweegtrefpunt.
Kansen door concentratie van het voorzieningenaanbod
Grond is duur en veel kleinere sportterreinen liggen verspreid op dure stukjes grond. Versnippering kan vanuit het oogpunt van spreiding gunstig zijn, maar is financieel vaak nadelig. Wil een gemeente ruime sportfaciliteiten voor haar inwoners handhaven, is clustering daarbij een serieus alternatief. Met de toekomstige vergrijzing en in sommige regio’s krimp van de bevolkingsomvang is het onvermijdelijk dat aan het aantal velden wordt getornd. Het concentreren en centraliseren van voorzieningen kan dan een oplossing zijn voor behoud van voorzieningenaanbod, beperking van kosten én versterking van het aanbod. In krimpgebieden (vaak kleinere kernen) ontstaat de mogelijkheid om ondanks vermindering oppervlakte voor sport door functieverbreding (ook ongebonden sport en recreatief) het aantal sporttakken uit te breiden. Concentratie gaat verder dan het delen van één gemeenschappelijk sportpark: gedeeld gebruik van specifieke voorzieningen (ook clubgebouwen!) hoort daar nadrukkelijk bij.
Kansen benutten: organisatie als kritische succesfactor
Kansen door verbreding en kansen door concentratie. Het benutten van bovengenoemde kansen vraagt om een andere organisatie. Met alleen het creëren van fysieke mogelijkheden en clustering is de toekomst van sportparken niet gegarandeerd. Juist in de wijze van organiseren schuilt de belangrijkste verandering. Meer activiteiten en een breder aanbod behoeven meer regie en coördinatie. Zeker als een gemeente met sport ook nog eens maatschappelijke effecten nastreeft.
Een mooi voorbeeld is sportpark De Eendracht in Amsterdam (Geuzenveld-Slotermeer). Tot voor kort een monotoon en onderbespeeld sportpark, nu een locatie met de ambitie en potentie om zich te ontwikkelen tot ‘toppark’ met een grootstedelijke uitstraling door een breed aanbod voor de buurt en ongebonden sporten, eventueel faciliteiten voor topsport, huisvesting voor een groot aantal sterke verenigingen en aanverwante bedrijvigheid op een sterke op ondernemerschap gerichte exploitatie. Er zijn behoeftepeilingen in de buurt uitgevoerd, nieuwe ontwikkelingen in kaart gebracht en een nieuw exploitatieconcept opgesteld. Nieuwe sporten zijn ingevoerd en ondernemers (bijv. fitness, kinderopvang) aangetrokken. Daarbij is een eigentijds marketingconcept ontwikkeld: één organisatiestructuur met één parkmanager, één logo en huisstijl en partnerships met onderwijs, zorginstellingen, bedrijven en overheden. De achterliggende gedachte: herkenbaar en laagdrempelig.
En dan zijn er nog de sportverenigingen. Ook voor hen heeft verbreding en concentratie effecten. Dat die ook in kansen vertaald kunnen worden blijkt wel uit de situatie van SV Twello. Een jaar of vijf geleden ontstaan uit een succesvolle fusie, met sterk verenigingsmanagement, groeide de vereniging tot een grote maatschappelijk ondernemende club met de verantwoordelijkheid voor een sportpark met sporthal en fitnessruimte. Binnen dat sportpark zijn diverse sporttakken mogelijk, alles georganiseerd door vrijwilligers en professionals (verenigingsmanager) van de vereniging. De maatschappelijke verantwoordelijkheid die SV Twello neemt is breed: het integreren van een G-elftal, de buitenschoolse sportopvang, het scheppen van een leerafdeling voor leerlingen van sportopleidingen en het laten schoonmaken van de accommodatie door bewoners van een instelling voor verstandelijk gehandicapten. Het zijn daarmee de vereniging en haar activiteiten die het sportpark aantrekkelijk maken.
Dat ook de fysieke concentratie van voorzieningen op één nieuwe plek organisatorische ontwikkelingen in de hand kunnen werken, bewijst een case in Medemblik. Toen twee voetbalverenigingen op één complex werden geplaatst, besloten ze om gedurende de voorbereiding / uitvoering van de realisatiewerken te fuseren. Waar al jaren over werd gesproken, werd nu in een half jaar tijd beklonken.
Sportparken in een dynamische omgeving
De sportaccommodaties van nu zijn in het licht van maatschappelijke en economische veranderingen aan een update toe. De uitdaging is om maatoplossingen te bedenken voor de ontwikkeling van nieuwe sportparken, niet om concepten te kopiëren. Al met al liggen functieverbreding, aanbodvernieuwing, concentratie en multifunctioneel gebruik in het verschiet. In fysieke zin is dat allemaal vrij eenvoudig uitvoerbaar, maar het staat of valt met de organisatie. Door gelijktijdig te vernieuwen, te verbreden en de organisatie op een andere wijze vorm te geven ontstaat een sportpark dat is voorbereid voor gebruik door huidige en toekomstige sporters. De aansluiting op de fysieke en sociale omgeving kan worden geborgd en er blijft een waardevolle ruimte voor de gemeente bewaard.
Maatschappelijk rendement, economisch rendement én duurzaamheid in optima forma!
Frans Rinsema is afgestudeerd vrijetijdswetenschapper en is ruim tien jaar werkzaam als adviseur sportbeleid en sportaccommodaties bij Grontmij en voorheen Marktplan Adviesgroep. Hij heeft een brede werkervaring op het gebied van beleidsadvisering bij gemeenten op het gebied van sport en leisure. Voor meer informatie en reacties: frans@beweeg-meer.nl.
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.