1 februari 2011
Achtergronden
Uit het trendrapport Bewegen en Gezondheid (TNO, 2010) blijkt dat de tot nu toe uitgevoerde beweegstimulering voor bepaalde groepen die al jarenlang te weinig bewegen, zoals jeugdigen, ouderen, mensen met chronische aandoeningen, niet-werkenden, mensen met overgewicht, Nederlanders met een niet-Nederlandse herkomst (eerste generatie), en werknemers in bepaalde beroepsgroepen, onvoldoende is gebleken. De eigen omgeving blijkt vooral bij minder- en niet-actieven als niet erg beweegvriendelijk te worden ervaren en ook niet als stimulerend om meer te gaan bewegen (TNO, 2010). In de stadscentra zijn fitnesscentra en her en der een paar parken en pleinen, maar om te kunnen sporten in verenigingsverband moet men naar de nieuwbouwwijken aan de rand van de stad. De Cruyff Courts, Richard Krajicek playgrounds en andere innovatieve concepten zijn het bewijs van succesvolle sportprojecten in de wijk. De Nederlandse Basketball Bond (NBB) is echter minder te spreken over de talloze openbare basketballpleintjes.
De pleintjes uit de jaren zeventig en tachtig maken vooral een verloederde indruk of zijn bezet door voetballers (citaat bewoner Weert uit case study: ‘Er wordt met name gevoetbald. De basket wordt eigenlijk nooit gebruikt als je het mij vraagt.’). Uit observatierondes blijkt dat tamelijk veel voorzieningen beschadigd, vernield of verwaarloosd zijn, opdat een verdere afname van gebruikers en bezoekers in de hand is gewerkt. Het basketballen in overdekte sporthallen draagt ook niet bepaald bij aan de zichtbaarheid van de sport, terwijl uit het project Meedoen alle jeugd door sport naar voren kwam dat voor basketball voldoende belangstelling bestaat, mits de beoefening ervan ook op andere wijze kan plaatsvinden dan doorgaans gebeurt in traditioneel verenigingsverband.
Uit het onderzoek onder Cruyff Courts (Breedveld, Romijn & Cevaal, 2009) bleek dat sportverenigingen de moderne sportplekken nog te weinig benutten om hun sport te promoten. De NBB grijpt zijn kans om niet alleen scholieren, maar ook bovengenoemde groepen aan zich te binden door, onder de noemer Streetwise Sporten, in samenwerking met basketballverenigingen wijkprogramma’s op te zetten. Bij Streetwise Sporten worden één of meerdere takken van sport beoefend, die qua organisatie en regelgeving zijn aangepast aan de fysieke omgeving zonder daarbij het oorspronkelijke karakter van de sporten te verliezen. Ten behoeve van een plan van aanpak heeft het Mulier Instituut in opdracht van de NBB en VWS onderzoek gedaan naar de randvoorwaarden om Streetwise Sporten te bewerkstelligen.
De aanpak
Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van een viertal meetinstrumenten:
a) een literatuurstudie over sport en bewegen in de wijk;
b) interviews met achttien sleutelinformanten van foundations, sportkoepels- en bonden, gemeenten, sociale wetenschap en bedrijfsleven;
c) een case study onder basketballpleintjes in vier gemeenten;
d) een viertal expertmeetings met medewerkers van bonden, foundations, gemeenten en woningbouwcorporaties.
Het resultaat
Uit het onderzoek is gebleken dat grofweg twee organisaties nodig zijn voor het georganiseerd sporten op wijkniveau. In de eerste plaats de gemeente, die in eerste instantie verantwoordelijk is voor (een deel van) de financiering van de aanleg en het beheer en onderhoud van pleintjes of trapveldjes. Uit de interviewronde met sleutelinformanten werd duidelijk dat bij de (her)inrichting van een wijk teveel wordt voorbijgegaan aan de wensen van bewoners. Daarnaast is niet de kwantiteit, maar de kwaliteit (begeleiding en staat van onderhoud) van de voorziening essentieel gebleken. Succesvolle plekken onderscheiden zich van andere doordat ze ruimer, mooier, groener, veiliger, veelzijdiger, gebruiks- en publieksvriendelijker zijn. De kritiek op veel bestaande sport- en speelplekken is dat het vaak ontbreekt aan regie (of een ‘eigenaar’), waardoor na verloop van tijd problemen ontstaan met de afstemming van activiteiten en met het onderhoud en beheer van een locatie.
In de tweede plaats zijn sportaanbieders nodig voor de inhoudelijke begeleiding van sportactiviteiten. Tijdens de expertmeetings merkten gemeenteambtenaren op dat ze het erg op prijs stellen als een continu programma van activiteiten gewaarborgd is. Veel initiatieven zijn incidenteel of van korte duur en het ontbreekt te vaak aan een beleidsmatige inbedding. Hier is een belangrijke rol weggelegd voor de sportbond en haar verenigingen.
De toekomstIdealiter wordt er vanuit gemeenten een (combi)functionaris aangesteld die de coördinatie heeft over de te organiseren sportactiviteiten en over het onderhoud en beheer van de sportvoorzieningen in de wijk. Voor een optimale bezettingsgraad van deze playground(s) heeft de combinatiefunctionaris daarnaast de taak om afstemming te zoeken met omringende maatschappelijke organisaties (sportbuurtwerk, woningbouw), sportverenigingen en scholen. Het combineren van gymlessen, clinics voor brandweerlieden en trainingen voor verenigingsleden kan prima, mits er roosters bestaan.
Voor toekomstige wijkprojecten zouden sportbonden in samenwerking met lokale sportverenigingen programma’s kunnen ontwikkelen en evalueren. Essentiële procesvragen zullen herhaaldelijk gesteld moeten worden, zoals: worden de activiteiten voldoende op maat uitgevoerd? Is de staat van de playground voor de geplande sportbeoefening nog optimaal? Vindt er voldoende afstemming plaats tussen de betrokken partijen? Voor veel plekken geldt dat het aantal bezoekers en gebruikers na een flitsende start afneemt. Wat is daarvan de reden (geweest)? Kan er iets in het proces worden bijgesteld?
Momenteel organiseert de NBB met drie lidverenigingen een aantal pilots in een drietal gemeenten. Aan het einde van het jaar zullen de eerste resultaten daarvan bekend zijn. Ook is naar aanleiding van het onderzoek en ten behoeve van de pilots samenwerking gezocht met de Johan Cruyff Foundation en de Richard Krajicek Foundation. Met de opgedane informatie en eerste stappen tot samenwerking tussen verschillende sportbonden en foundations heeft Streetwise Sporten zeker kans van slagen.
Meer informatie en een digitale versie van het onderzoek Sport terug in de wijk (2010) is verkrijgbaar bij Gerge Emmen, projectmedewerker Basketball Unites: gerge.emmen@nbb.basketball.nl, 030-751 3505 en/of Astrid Cevaal, onderzoeker W.J.H. Mulier Instituut: a.cevaal@mulierinstituut.nl, 073-612 6401.Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.