5 juni 2012
Achtergronden
door: Marjan Kok
De kans dat tijdens het komend EK voor het Nederlands elftal en de Oranjesupporters uitdraait op een zenuwslopende reeks penalty’s is best groot: één op de vijf wedstrijden tijdens een eliminatiefase in internationale toernooien wordt door strafschoppen beslist. In een paar seconden bepalen penaltynemer en keeper in een onderling duel in welk land euforie los barst of deceptie heerst. De mentale druk is vooral aan de kant van de penaltynemer hoog, aangezien hij in dit duel voordeel heeft en geacht wordt de bal in het net te laten belanden. Om hierin te slagen is de stressbestendigheid van de speler waarschijnlijk doorslaggevender van aard dan zijn eigenlijke voetbalcapaciteiten. Gebleken is dat wanneer het belang van een penalty toeneemt - als het bijvoorbeeld om een belangrijk toernooi gaat of als er nog weinig speeltijd rest - de kans op een treffer afneemt. Met andere woorden: hoe groter de stress, des te kleiner het succes.
Het beslissende karakter van penalty’s zorgt ervoor dat er fel gediscussieerd wordt over verschillende strategieën voor keeper en penaltynemer: moet de keeper vroeg of juist laat in beweging komen? In het midden staan of net daarnaast? Een opvallend of juist camouflerend groen tenue dragen? Voor de penaltynemer bestaan er minstens twee strategieën: een strategie waarin de penaltynemer van te voren bepaalt waar hij de bal plaatst en één waarin hij de keuze af laat hangen van de bewegingen van de keeper. In deze keeperafhankelijke strategie anticipeert de speler op de beweging van de keeper en schiet hij de bal in de hoek waarin hij voorspelt dat de keeper juist niet zal duiken. De penaltynemer kan zich deze ’luxe’ permitteren, omdat de keeper zijn bewegingstijd hard nodig heeft. Het kost een keeper meer tijd om naar een hoek te duiken dan de tijd die voorhanden is tussen het moment van schot en het moment dat de bal de doellijn nadert.
‘Point of no return’ voor de penaltynemer
Aan de andere kant speelt de penaltynemer bij deze strategie hoog spel door op een laat moment een beslissing te nemen en zijn actie hierop aan te passen. Het nemen van een beslissing en het uitvoeren van een (aangepaste) beweging kost tijd. Er komt een moment waarop de penaltynemer zijn beslissing genomen moet hebben om alsnog te kunnen schieten. Dit moment - waarop de speler zijn beslissing niet meer kan veranderen om de beweging adequaat uit te voeren - is het zogenaamde ‘point of no return’. Uit onderzoek van John van der Kamp (2006) blijkt dat penaltynemers (Nederlandse amateurvoetballers met gemiddeld twaalf jaar ervaring) minimaal vierhonderd milliseconden de tijd nodig hebben om de richting van het schot te veranderen (om een beeld te krijgen van de omvang van deze tijdspanne: de penaltynemer zet zijn standbeen ongeveer tweehonderd-tweehonderdvijftig milliseconden voor het raken van de bal neer). Binnen die vierhonderd milliseconden voorafgaand aan het balcontact kon in de helft van de gemeten pogingen de schotrichting adequaat worden aangepast. Voor een groter slagingspercentage was aanzienlijk meer tijd nodig (resp. zeshonderd milliseconden voor 75% adequaat aangepaste schoten). Verder gold hierbij: hoe minder tijd de penaltynemer had, hoe onnauwkeuriger de richting van het schot. Bovendien bleek de nauwkeurigheid van het schot minder stabiel bij een keeperafhankelijke strategie dan in een strategie waarin het mikpunt voor de penaltynemer vooraf al vast ligt.
Invloed van hoge druk op ‘point of no return’
In het onderzoek van John van der Kamp hadden de spelers niet te kampen met de hoge druk waarmee de spelers van het Nederlands elftal mee te maken krijgen. Een penaltynemer vraagt nogal wat van zichzelf om onder grote mentale druk in tienden van seconden misschien wel dé beslissing van zijn carrière te nemen. Een interessante en relevante vraag is of het ‘point of no return’ verandert onder stresscondities en of dit consequenties heeft voor de effectiviteit van de keeperafhankelijke strategie. Martina Navarro en anderen (2012) onderzochten deze vraag in een situatie waarin het nemen van penalty’s op een computer werd gesimuleerd.
In deze studie namen 31 studenten deel in de rol van penaltynemer. Op een computerscherm werd de keeperafhankelijke strategie nagebootst. Drie stippen representeerden de penaltysituatie vanuit een bovenaanzicht: één stip stond in het doel en stelde de keeper voor, een andere stip was de stil liggende bal en de laatste stip was de penaltynemer. Het was de taak van de deelnemers om zodra de ‘penaltynemer’ de bal was genaderd onmiddellijk een ‘schotrichting’ te kiezen door een hendel naar links of naar rechts te bewegen. Als de student hierin een grote fout in timing maakte, werd de poging niet meegeteld en moest de ‘penalty’ opnieuw worden genomen. De ‘keeper’ begon in 90% van de gevallen variërend van 51 tot 459 milliseconden voor het balcontact met bewegen naar links of rechts. De bedoeling was dat de deelnemers de hendel in de tegenovergestelde richting van de bewegende keeper verplaatsten, en zo als het ware de keeperafhankelijke strategie gebruikten. In tien procent van de gevallen bewoog de ‘keeper’ niet en mocht de student zelf beslissen in welke richting hij of zij de hendel bewoog.
De studenten namen honderd penalty’s in een situatie met lage mentale druk en honderd penalty’s onder hoge druk. In de lagedruk-situatie zat de student alleen in een klein computerhok. In de hogedruk-situatie zat de student in een grote collegezaal, waarin zeventig studenten van twee verschillende opleidingen zijn of haar acties op een groot scherm konden volgen. Het publiek werd aangemoedigd om openlijk en luidkeels de student aan te moedigen (als deze bij dezelfde opleiding hoorde) of te ontmoedigen (als hij of zij een andere opleiding volgde). Om te testen of deze situatie inderdaad in verhoogde stress resulteerde, werd tijdens de test de hartfrequentie gemeten en meteen voor, meteen na en vijfenveertig minuten na de test, speeksel van de deelnemer afgenomen om de hoeveelheid cortisol (stresshormoon) te meten. Hieruit bleek dat zowel de hartfrequentie als de hoeveelheid cortisol significant hoger was in de hogedruk-situatie. De metingen in de twee situaties vonden op verschillende dagen plaats. De helft van de studenten begonnen in de lagedruk-situatie, de andere helft in de hogedruk-situatie.
Wat als eerste opviel, was dat de studenten - los van het al dan niet maken van juiste beslissingen - significant meer timingfouten maakten in de hogedruk-situatie. Voor zowel de lage- als hogedruk-situatie hebben de onderzoekers bekeken hoe het vermogen van de studenten om de goede kant te kiezen zich verhield met het moment waarop de keeper in beweging kwam. In beide condities was het succespercentage vanzelfsprekend het hoogst als de keeper vroeg begon met bewegen en lager als er minder tijd was om de beslissing te nemen. Als er nauwkeuriger naar deze relatie werd gekeken, viel op dat de studenten op totaal verschillende manieren op de hoge druk reageerden:
• bij elf studenten was het ‘point of no return’ significant verlengd in de hogedruk-situatie t.o.v. de lagedruk-situatie. Dit betekent dat deze studenten onder stress een langere periode nodig hadden (316 i.p.v. 228 milliseconden) om een juiste beslissing te nemen en de hendel te bewegen naar aanleiding van de beweging van de keeper.
• bij veertien studenten zag de relatie tussen het vermogen om de goede kant te kiezen en het moment waarop de keeper in beweging kwam er totaal anders uit dan in de lagedruk-situatie. Deze groep maakte systematisch fouten in de hogedruk-situatie en speelde de bal vaker richting de keeper als er weinig tijd voor handen was.
• zes studenten hadden net zoveel tijd nodig om te beslissen als in de lagedruk-situatie.
Als er naar deze groep studenten afzonderlijk werd gekeken, bleek dat zij geen verhoogd percentage cortisol vertoonden in de stress situatie. Waarschijnlijk heeft de hogedruk-situatie minder vat op hen gehad.
Keeperafhankelijke strategie risicovol
Ondanks dat de studie van Navarro en anderen (2012) een computersimulatie betreft en dus geen ‘real life’ penaltysituatie, geeft de studie wel inzicht in de invloed van stress tijdens een situatie waarin er onder tijdsdruk een beslissing genomen moet worden aan de hand van de informatie van één stimulus (i.e. het gedrag van de keeper). Stress zorgt ervoor dat er meer fouten gemaakt worden en dat er meer tijd nodig is om een correcte beslissing te maken. De vierhonderd milliseconden die een penaltynemer volgens Van der Kamp (2006) nodig heeft in een neutrale situatie lijken in het geval van stress veel te weinig te zijn. De interessante vraag die vervolgens naar voren komt, is of de informatie die de keeper op dat moment in het duel prijs geeft betrouwbaar is. En zo rijst de vraag of de keeperafhankelijke strategie in de aanwezigheid van stress (nog) wel effectief is. Zeker als in ogenschouw wordt genomen dat zelfs zonder stress de accuraatheid van het plaatsen van de bal minder stabiel is in een keeperafhankelijke methode dan bij de strategie waarin de penaltynemer bij voorbaat een mikpunt kiest (van der Kamp, 2006).
Verklaringen voor de risico’s van een keeperafhankelijke strategie
Wat maakt het hanteren van een keeperafhankelijke strategie nu zo moeilijk? Navarro en anderen (2012) geven een mogelijke verklaring vanuit de ‘Attentional Control Theory’. In deze theorie gaat men er vanuit dat er twee aandachtssystemen zijn. Het eerste is een ‘doelgericht aandachtssysteem’ dat ’top-down’ gecontroleerd wordt. Naar aanleiding van het doel dat de sporter heeft, richt dit systeem de aandacht op zaken die van belang zijn om het doel te bereiken. Het tweede is een ‘stimulusgestuurd aandachtssysteem’ dat reageert op stimuli in de omgeving. Dit systeem ondervindt een ‘bottum-up’ controle. Waarop de aandacht van de sporter wordt gericht, is afhankelijk van de verschillende stimuli die in de omgeving aanwezig zijn. Deze twee controlesystemen staan in interactie met elkaar. Volgens de ‘Attentional Control Theory’ verstoort angst, stress of mentale druk de balans tussen deze twee systemen, waarbij de invloed van het doelgerichte aandachtssysteem afneemt en het stimulusgestuurde aandachtssysteem toeneemt.
Hoge mentale druk zorgt ervoor dat het doelgerichte aandachtsysteem minder efficiënt functioneert. Hierdoor is er meer tijd nodig om de beslissing te nemen en de schotrichting aan te passen. Verder zorgt de druk ervoor dat het doelgerichte aandachtssysteem minder effectief functioneert, waardoor er fouten worden gemaakt. Een veel gemaakte fout in de keeperafhankelijke strategie is dat de bal toch richting de keeper gespeeld wordt. Dit is een fout die verwacht kan worden bij grote invloed van het stimulusgestuurde aandachtssysteem; de penaltynemer schiet de bal immers richting te stimulus (keeper). De moeilijkheid van de keeperafhankelijke strategie is dat de penaltynemer goed moet kijken naar de stimulus (keeper), maar uiteindelijk moet schieten in de richting waarin de stimulus niet beweegt. Het is een functie van het doelgerichte aandachtssysteem om dit natuurlijke, voor de hand liggende gedrag te onderdrukken, om zo uiteindelijk toch het doel (namelijk scoren in de tegenovergestelde hoek) te behalen. Jammer genoeg voor de penaltynemer is dit doelgerichte aandachtsysteem minder invloedrijk in de stressvolle situatie.
Aanbevelingen voor keeper en penaltynemer
Als penaltynemer, trainer of Oranjefan zakt de moed je misschien in de schoenen bij het lezen van deze moeilijkheden. Hoe moet dat nu met die penalty’s? We kunnen op basis van de twee besproken studies zowel de keeper als de penaltynemer een tip geven:
• als keeper is het verstandig om niet te vroeg (niet eerder dan zeshonderd milliseconden voor balcontact) in beweging te komen. Op deze manier heeft de penaltynemer minder informatie om zijn beslissing te nemen in het geval van een keeperafhankelijke strategie. Hoe langer je wacht hoe groter de kans op fouten van de penaltynemer. Hier komt bij dat is aangetoond dat de positie van het standbeen van de penaltynemer waardevolle informatie bevat over de richting van het schot. Deze informatie is er ongeveer op tweehonderdvijftig milliseconden voor het balcontact van de penaltynemer. Lang wachten en daarna zo snel mogelijk bewegen, is het devies. En dan maar hopen dat je op tijd bij de bal kunt zijn..
• Als penaltynemer is het goed om van jezelf te weten hoe stressbestendig je bent. Als je een koele kikker bent en veel lef hebt, kun je een kans wagen met de keeperafhankelijke strategie. Maar als je knieën knikken en je het gevoel hebt dat je lijf niet meer van jou is, dan doe je er verstandig aan om van te voren een mikpunt te kiezen en je aandacht hierop te vestigen. Op deze manier heb je zelf meer controle over je actie én heb je meer kans dat de bal daadwerkelijk op de plek van bestemming komt.
Bronnen:
• Kamp, van der J. (2006). A field simulation study of the effectiveness of penalty kick strategies in soccer: Late alterations of kick direction increase errors and reduce accuracy. Journal of Sports Sciences, 24(5), 467-477.
• Navarro, M., N. Miyamoto., J. van der Kamp, E. Morya, R. Ranvaud., G.J.P. Savelsbergh (2012). The effects of high pressure on the point of no return in simulated penalty kicks. Journal of Sport & Exercise Psychology, 34, 83-101.
Marjan Kok werkt bij EXPOSZ, het opleidings-, advies- en onderzoekscentrum voor Sport en Zorg dat verbonden is aan de Faculteit der Bewegingswetenschappen van de Vrije Universiteit. Marjan is gespecialiseerd in het onderwerp motorisch leren en richt zich hierbij vooral op het maken van de vertaalslag van wetenschappelijke kennis naar de sportpraktijk. Dit deed ze in haar werk als hogeschooldocent op de Haagse Academie voor Lichamelijke Opvoeding, nu doet ze dat bij EXPOSZ door sportcoaches en docenten LO te scholen. Voor meer informatie: m.j.kok@vu.nl
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.