Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Achtergronden
Onderzoek naar maatschappelijke betrokkenheid amateurclubs biedt perspectieven

Onderzoek naar maatschappelijke betrokkenheid amateurclubs biedt perspectieven

3 september 2013

Achtergronden

door: Lennart Bloemhof | 3 september 2013

Frank van Eekeren is als onderzoeker van de Universiteit Utrecht (UU) en manager van het kennis- en innovatienetwerk Sport & Society al sinds 2010 betrokken bij het thema 'maatschappelijke betekenis van sport'. In zijn werk staat onder meer de dynamische relatie tussen betaald voetbal en maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) centraal. Inmiddels is MVO niet meer weg te denken uit het beleid van BVO’s. Maar hoe zit dat eigenlijk in het door vrijwilligers gerunde amateurvoetbal? Met die invalshoek onderzocht Van Eekeren met zijn collega Bake Dijk de maatschappelijke betrokkenheid van Nederlandse amateurclubs. Het onderzoek rondde hij in juni af. Sport Knowhow XL sprak met Van Eekeren over zijn nieuwste doorlichting en peilde de reactie van Edu Jansing - directeur van de stichting Meer dan Voetbal - op het onderzoek.

Het was de eerste keer dat er uitgebreid onderzoek werd gedaan naar de maatschappelijke activiteiten van amateurclubs. Daarom besloot Van Eekeren allereerst een nulmeting uit te voeren via een enquête onder het ledenpanel van de KNVB, dat bestond uit 1200 bestuurders en leden van de voetbalbond. Met die nulmeting en daaropvolgende analyse werden de MVO-bezigheden van 269 amateurverenigingen in kaart gebracht.

Vervolgens werden er voor het onderzoek zes werksessies georganiseerd in de verschillende districten van de KNVB, waar amateurclubs hun MVO-initiatieven presenteerden en over maatschappelijke betrokkenheid in het amateurvoetbal discussieerden. Ongeveer 130 clubs namen deel aan de sessies. De resultaten van de nulmeting en werksessies werden gebundeld voor een inkijk in de maatschappelijke betrokkenheid van Nederlandse amateurclubs.

Juiste knoppen
Het opvallendste resultaat, volgens de onderzoeker zelf? “Dat er een hoog percentage - namelijk 58 procent - van de onderzochte amateurclubs maatschappelijk actief is en dus meer doet dan trainen en wedstrijden spelen. Dat is toch opvallend in een tijd met veel klachten over tekorten aan mankracht en vrijwilligers”, zegt Van Eekeren.

Hij heeft wel een verklaring voor het volgens hem hoge aantal amateurclubs dat maatschappelijke projecten onderneemt. “Wanneer je de juiste knoppen in weet te drukken bij mensen motiveert dat enorm. Je moet bijvoorbeeld een moeder die haar zoon naar de club brengt maar verder niets met voetbal heeft niet vragen om trainer te worden. Maar als je haar voor iets vraagt dat dicht bij haar werkachtergrond ligt, wil ze misschien wel heel graag de club helpen. Dat waren ook de ervaringen die de maatschappelijk betrokken koplopers met ons deelden tijdens de werksessies.”

Van Eekeren is zich ervan bewust dat de MVO-ervaringen van die ‘koplopers’ niet representatief hoeven te zijn voor het gehele Nederlandse amateurlandschap. “In het onderzoek zeggen we daarom ook een slag om de arm te houden. We hebben bewust de maatschappelijke actieve clubs uitgenodigd voor de werksessies om zicht te krijgen op hun motivaties. Maar de cijfers van bijvoorbeeld de nulmeting zijn gebaseerd op een representatieve steekproef en daarmee mag je uitspraken doen over het geheel.”

Samenwerkingskansen
Andere bevindingen van het MVO-onderzoek focussen op de samenwerkingspartners van amateurclubs op maatschappelijk gebied. Dat blijken voornamelijk gemeenten (58 procent) en onderwijsinstellingen (50 procent) te zijn, terwijl er minder vaak projecten worden opgezet met welzijnsinstanties (23 procent) of woningcorporaties (6 procent). Van Eekeren ziet kansen voor amateurverenigingen in dergelijke relatief onontgonnen sectoren.

“Amateurclubs komen vaak in contact met gemeenten en scholen via hun combinatiefunctionarissen. Dat er nauwelijks verbindingen liggen met andere instellingen valt me op, omdat de contacten met die partijen er vaak wel zijn in het betaald voetbal. Zij zien dus dat voetbalclubs interessante partners zijn. Dat kan te maken hebben met de publiciteit die een BVO genereert, maar amateurclubs zijn maatschappelijk net zo relevant en interessant. Die gedachte ligt er bij zowel de clubs als welzijnsinstanties en woningcorporaties nog weinig.”

Open
De onderzoeker verwijst naar het KNVB-concept ‘Open Clubs’ als middel om die gedachte te settelen bij amateurverenigingen. De voetbalbond werkt al enkele jaren met het begrip, waarin het stimuleren van een open houding tegenover onder meer de club zelf, de buitenwereld, creatieve ideeën en veranderingen centraal staan. Van Eekeren: “Als amateurclub sta je met dat principe ook open voor nieuwe samenwerkingen.”

Die openheid op MVO-gebied hebben amateurclubs niet van nature, legt Van Eekeren uit. “Uit het onderzoek blijkt dat er binnen de club een bepaalde aanleiding of betrokkenheid moet zijn om maatschappelijk actief te zijn. Het idee om op de club een voetbaltoernooi voor gehandicapten te organiseren, ontstaat bijvoorbeeld omdat het zoontje van de voorzitter een beperking heeft. Een duidelijk omslagpunt is een ander kenmerk dat maatschappelijk betrokken clubs vaak delen als aanleiding om maatschappelijke actief te worden. Dat kan een verhuizing of fusie zijn, waardoor ze gedwongen worden om samen te zitten en na te denken over de grondbeginselen van hun vereniging.”

Couleur locale

Hoe de amateurverenigingen hun maatschappelijke activiteiten precies inrichten, is afhankelijk van de groep kartrekkers en omgevingsfactoren die een rol spelen bij totstandkoming van het MVO-beleid. Of ‘couleur locale’, zoals Van Eekeren die lokale omstandigheden noemt in zijn doorlichting. “Dat is een belangrijk thema in het onderzoek en daarom zijn clubs op ontzettend veel verschillende manieren maatschappelijk actief.”

Hij noemt als voorbeeld een club die haar kantine verhuurt voor begrafenissen of aanbiedt als neutraal vergaderterrein voor partijen met een conflict. Verder zijn er verenigingen die cultuuravonden organiseren, ouderensport faciliteren of een opvang voor kinderen met een beperking hebben opgezet. Volgens Van Eekeren moet voor ontwikkeling van een dergelijk creatief en succesvol maatschappelijk initiatief een geïnspireerde sfeer ontstaan binnen de amateurclub.

De wetenschapper denkt dat er een rol voor overkoepelende organisaties als de KNVB is weggelegd om dat proces te stimuleren. “Maar je moet dit soort zaken niet van bovenaf opleggen, dat werkt averechts. Mensen worden lid van een vereniging omdat ze voetbal leuk vinden en niet omdat een club gezonde wraps verkoopt in plaats van hamburgers. Een amateurclub heeft in essentie al een maatschappelijke betekenis als bindende factor in de wijk en positieve factor op het gebied van gezondheid, en hoeft dus niet verplicht maatschappelijk actief te zijn.”

Faciliteren

Edu Jansing is directeur van de stichting Meer dan Voetbal. De organisatie werd in 2004 opgericht door de KNVB, Eredivisie en Eerste Divisie met als doel de verbindende kracht van het voetbal in te zetten voor een sterkere samenleving. Jansing onderschrijft de woorden van Van Eekeren. Hij vindt dat maatschappelijke betrokkenheid niet afgedwongen kan worden en ziet voor zijn stichting een faciliterende rol weggelegd, maar vindt dat de clubs zelf wel degelijk een taak hebben op maatschappelijk gebied.

“De amateurvereniging is het sterkste sociale verband van onze samenleving. De kern van een club is simpelweg verenigen en verbinden”, zegt Jansing. De basis - het voetbal - moet eerst in orde zijn. Als een club vervolgens in staat is om meer te doen, levert dat ook wat op, toont het onderzoek aan.”

Platform

De directeur is 'heel positief' over het onderzoek en de maatschappelijke betrokkenheid van amateurclubs. “Onderzoek is altijd nuttig. Op deze manier krijgen we inzicht in de stand van zaken van de maatschappij en wat onze inspanningen opleveren. Onze ambitie is dat straks iedere club meer dan voetbal is.”
    
Jansing is daarom enthousiast over de voorbeelden van maatschappelijke activiteiten die hij tegenkwam in het onderzoek van Van Eekeren. “Bijvoorbeeld een club uit het onderzoek als FC Oldemarkt, met een inspirerend idee om de kantine duurzamer te maken. Dan zouden we toch gek zijn als we dat niet zouden delen?” Hij legt uit wat Meer dan Voetbal doet, als organisatie met een landelijk bereik, om soortgelijke initiatieven te ondersteunen.

“Alle profclubs zijn al bij Meer dan Voetbal aangesloten. Het komende seizoen verleggen we de aandacht naar het amateurvoetbal. Gezien het onderzoek gebeurt er veel binnen de verenigingen en er is ook behoefte aan het delen van kennis. Als stichting helpt Meer dan Voetbal zowel prof- als amateurclubs bij het zichtbaar maken van maatschappelijke initiatieven en ondersteunen zij hen bij het delen van kennis”, zegt Jansing. “De amateurverenigingen die maatschappelijk actief zijn, kunnen zich aanmelden op onze website. Zij krijgen vervolgens van ons het motto ‘Meer dan Voetbal’, dat zij mogen gebruiken in al hun uitingen. Op deze manier laat de vereniging zien dat zij Meer dan Voetbal zijn. Wij helpen hen vervolgens met een stukje publiciteit en kennisdeling. Er hebben zich nu 30 clubs aangemeld en we mikken op meer dan 125 clubs in 2014.”

Met het platform wil Meer dan Voetbal initiatieven bundelen, inspireren en voorbeelden uitdragen naar andere voetbalclubs.
 
Positief

Frank van Eekeren verwacht een positieve ontwikkeling van MVO in het amateurvoetbal. Hij baseert zijn voorspelling op onder meer het feit dat 85 procent van de clubleden in zijn onderzoek aangeeft het belangrijk te vinden dat zijn of haar club maatschappelijk actief is. Nog belangrijker, volgens Van Eekeren: “29 procent van de leden geeft aan bereid te zijn om betrokken te worden bij het opzetten en uitvoeren van maatschappelijke activiteiten voor de club. Daarmee is zowel het potentieel als de bereidheid er.”

De onderzoeker zegt dat het verenigingen daarom ook vaak lukt om nieuw vrijwilligerspotentieel aan te boren met het lanceren van een succesvol maatschappelijk initiatief. “Er moet een ‘MVO is leuk en simpel’-atmosfeer binnen de vereniging ontstaan”, zegt hij. “Dan gaan verenigingen mensen zoeken en aantrekken buiten de bekende groepjes.”

Simpel
Van Eekeren verduidelijkt het belang van een simpele MVO-aanpak via zijn ervaringen als jeugdelftalleider bij een kleine amateurclub in Noord-Brabant, waar zijn zoontje voetbalt. “Als ik zie hoeveel ouders zich naar de training haasten, hun kind afleveren, vervolgens net zo haastig weer vertrekken om thuis nog even te werken en een klein uur later weer terugkomen om hun kind op te halen, denk ik: ‘Dat schiet toch niet op’.

“Met iets simpels als bijvoorbeeld gratis wifi in de kantine kunnen ze dat uurtje op de club overbruggen. In die tijdspanne ontstaat er onder de ouders misschien wel een sfeer om iets op te knappen in de kantine of iets anders te doen voor de vereniging. Zo simpel is het. Vanuit dat perspectief leverden de werksessies misschien wel het belangrijkste onderzoeksresultaat op: clubs wisselden contactgegevens uit en inspireerden elkaar met hun ideeën.”

Edu Jansing is realistisch en erkent dat een geïnspireerde groep mensen binnen een club cruciaal blijft voor het aanwakkeren van maatschappelijke betrokkenheid in een amateurvereniging. “Dat is de kern in dit hele verhaal”, benadrukt hij. Maar de Meer dan Voetbal-directeur onderschrijft de opvatting van Van Eekeren, dat het niet ingewikkeld is om als amateurvereniging maatschappelijk actief te zijn.

“Het is onze taak om dat aan te tonen. Mensen denken vaak te moeilijk over maatschappelijke activiteiten en zien hoge drempels, terwijl je juist op allerlei manieren de diversiteit van je leden kunt benutten; de een vindt het leuk om fondsen te werven, de ander om achter de bar te staan. Een brede betrokkenheid levert de club tegelijkertijd nieuw elan op en het onderzoek toont aan dat mensen wel degelijk willen bijdragen.”

Voor meer informatie: Meer dan Voetbal

Deel dit bericht:

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.