17 mei 2016
Achtergronden
1. In 2004 - toen je 26 jaar was - kreeg je een ongeluk met een deltavliegtuig met een incomplete dwarslaesie als tragisch gevolg. Was je vóór je ongeluk ook een actief sporter?
"Voor mijn ongeval op 23 augustus 2004 was ik wel sportief maar totaal niet bezig om ergens de beste in te zijn en al helemaal niet via of met een club of vereniging. Ik schaatste en skeelerde een beetje, deed wat aan hardlopen, zwom af en toe, en fietste naar mijn werk. In de winter ging ik zeker twee keer per jaar naar de wintersport. Dat was het wel."
2. Hoe snel na je ongeluk besloot je om (weer) te gaan sporten? Was toen ook meteen je doel om topsporter te worden of kwam dat pas later?
"In het revalidatiecentrum Heliomare is sporten eigenlijk gewoon therapie. Van lieverlee ben je lekker in beweging in je rolstoel en alleen al daardoor word je wat sterker in je armen. Je leert hoe je zelf transfers kan maken en een trap op en af kan en drempels kan nemen. Met deze basis hoor en zie je van alle sporten voorbij komen, behalve skiën. Laat dat nou zijn wat ik graag wilde. Niet wat iedereen doet, rolstoelbasketbal en -tennis, maar skiën."
"In de winter van 2006/2007 ben ik voor het eerst gaan zitskiën en dat had ik snel onder controle. In 2007/2008 ben ik serieus gaan trainen om wedstrijden te gaan skiën. Door de hoge kosten en de zwangerschap van mijn vrouw moest ik deze passie een beetje laten varen. Ik werd skileraar en begeleider voor jonge zitskitalenten en daar had ik behoorlijke voldoening van. Via het skiën kwam in aanraking met sledge hockey - ijshockey op een prikslee - en ook dit had ik snel onder controle. Het ijshockey vond ik fantastisch. Lekker beuken en een beetje tegen de puk rammen. Heerlijk, behalve dan dat het in een team was en alleen in de winter beoefend kon worden. Daarom kocht ik een gebruikte handbike om in de zomermaanden lekker te fietsen. Ik deed hier en daar een fietswedstrijdje en werd ineens Nederlands Kampioen tijdrijden. Bij een handbike clinic in Heliomare - waar ik eigenlijk alleen een beetje wilde netwerken - kwam ik mijn huidige trainer tegen. Ik had totaal niet de ambitie om professioneel triatleet te worden of überhaupt te gaan triatlonnen. Maar kennelijk heb ik bewust en onbewust keuzes gemaakt en ben ik het toch gaan doen. En gelukkig niet zonder resultaat."
3. Hoe is jouw weg naar de wereldtop vervolgens verlopen? Welke positie neem je als momenteel in op de wereldranglijst?
"De weg naar de top is sneller en compleet buiten mijn verwachtingspatroon gelopen. Na de ontmoeting met Bas - mijn trainer bij de handbike clinic - deed ik een aantal maanden later mee met het NK triatlon in Didam. Omdat ik enige in mijn klasse was, werd ik Nederlands Kampioen. 'Alweer', dacht ik nog. Ik kon hetzelfde jaar nog meedoen met het WK in Londen. Ik had wel ambities maar vond dat dit wel heel snel was. Ook zou ik in die periode voor een maand met mijn gezin in Canada zitten."
"Na een winter hard trainen kwam ik het seizoen erop drie keer oprij als eerste over de streep bij World Cup-wedstrijden en was daarmee verzekerd van een startplek bij het WK in Edmonton waar ik vervolgens derde werd. Met dit resultaat kreeg ik mijn status bij NOC*NSF en was ik ineens professioneel triatleet. Afgelopen seizoen was iets roeriger. Een 'did not finish' in Madrid door een zware fietscrash. En een diskwalificatie bij het EK in Genève. Maar uiteindelijk wel een vierde plek op het WK. Vorig jaar won ik ook twee keer een World Cup-wedstrijd en werd ik tweede en derde bij een World Cup-test event in Rio."
4. Op je website worden veel sponsors genoemd. Kom je daarmee uit de kosten en houd je er ook nog een boterham aan over of is het sappelen?
"Sponsors heb ik wel maar 'veel' kun je het niet echt noemen. Met de inkomsten van rolstoel clinics die ik op scholen geef en lezingen voor het bedrijfsleven betaal ik deels de kosten van mijn sport. Een groot deel van de inkomsten geef ik uit aan clinics die ik geef voor mensen met een fysieke beperking via mijn stichting SPORTISLEVEN. We organiseren uitdagende activiteiten voor mensen met fysieke beperkingen: zoals roeien, abseilen van de Euromast, wakeboarden, skiën, quad rijden enzovoorts. Gemiddeld ben ik wel anderhalve dag per week bezig met clinics geven. Je kunt het geen baan noemen, want ik ben vrijwilliger van mijn eigen stichting, maar het kost mij vooral in de voorjaarsmaanden genoeg tijd. De paar sponsors die ik heb helpen mij bijvoorbeeld met wat materiaal en zwemwater, mijn website en een klein beetje financieel. Als ik muntjes tekort kom betaal ik dat privé."
5. Hoe ziet jouw begeleidingsteam er momenteel uit?
"Mijn trainer is ook mijn coach en persoonlijk begeleider bij veel trainingen en wedstrijden. Zonder zijn hulp en kennis zou het serieus lastig zijn om deze sport helemaal zelf te organiseren. Denk dan vooral aan het vervoer op en naar de wedstrijdlocatie van mijn handbike en wheeler. Verder is een flexibel thuisfront waarschijnlijk het allerbelangrijkste. Mijn vrouw werkt nu nog twee dagen op kantoor en één dag thuis. Ik train in ieder geval zes dagen per week. Wij proberen een vaste oppas voor onze twee dochters van 3 en 7 jaar te vermijden. Soms mijn ouders of schoonouders vragen doen we wel maar zo min mogelijk. Het is soms best lastig om thuis, het gezin, en mijn sport goed te combineren. Ik ben toch ook wel vaak weg en koester de momenten dat ik echt met mijn gezin ben. Een huis hebben is wat anders dan een thuis hebben. Ik wil het laatste."
"Voorafgaand aan een wedstrijd informeer ik de lokale krant voor een artikel en regelmatig post ik iets op Facebook en Twitter. Eigenlijk hoef ik voor mezelf helemaal niet steeds in de picture te staan, maar om sympathie en bekendheid te krijgen in de sport kringen is het wel degelijk van belang dit te doen."
6. Hoe ver ben je af van kwalificatie voor Rio? Wat moet er daar nog voor gebeuren en hoe bereid je je daarop voor?
"Rio is nog ongeveer honderd dagen ver weg en komt rap dichterbij. Met mijn vierde plek op het WK en drie overwinningen bij World Cup-wedstrijden (waaronder afgelopen weekend in Spanje, red.) heb ik inmiddels genoeg punten om met zekerheid te zeggen dat ik wel op de Paralympische Spelen kom. De definitieve startlijst voor Rio wordt pas opgemaakt na de laatst tellende Word Cup in Besançon in juni. Tot die tijd zal ik terughoudend zijn om in de media te melden dat ik op de Paralympische Spelen kan starten. Ik wil deze laatste wedstrijd zeker ook nog doen, al is het alleen maar omdat ik deze al twee keer oprij gewonnen heb en graag een derde keer wil winnen."
7. Als je je mocht kwalificeren voor Rio, wanneer zouden de Paralympische Spelen dan geslaagd zijn voor jou?
"Onbewust heb ik al een tijd een paralympische droom. Het lijkt er sterk op dat deze gaat uitkomen en hoe mooi is dat om dat te doen met een gouden plak. Ik vind meedoen belangrijker dan winnen en de beste moet winnen. Realistisch is het om te zeggen dat ik voor het podium ga. Goud zal lastig zijn. Ik ken mijn concurrenten en mijn grootste concurrent komt ook nog uit Nederland. Ik wil het beste uit mezelf halen en denk dat zilver of brons tot de mogelijkheden kan behoren. Ik ben tevreden als ik alles uit mezelf heb gehaald wat er in zit."
Deel dit bericht:
0 reacties
Nog geen reacties. Wees de eerste!
Voeg je reactie toe
Wij sturen jou één keer per twee weken een e-mail met de belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.