Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Nieuwsberichten-Nieuwsbericht

Afgekeurd zweefvliegrecord na jaren getouwtrek alsnog erkend

door: Thomas van Zijl | 20 juli 2017 

Het gaat hem om het principe, want zweefvlieger Jan Ritsma heeft het record inmiddels officieel in de boeken gezet, maar toch is hij blij dat de bond erkent dat een eerder record ten onrechte werd ingetrokken. De Koninklijke Vereniging voor Luchtvaart (KNVvL) heeft hem na drie jaar excuses aangeboden en de reglementen verduidelijkt. Voor Ritsma betekent dit gebaar vooral dat hij zijn gelijk haalt bij het Instituut Sportrechtspraak (ISR).

Ritsma grossiert in Nederlandse records op het gebied van zweefvliegen. Hij kan er een over het hoofd gezien hebben, maar komt uit zijn hoofd uit op een aantal van 67. Het record waar het in deze zaak om gaat is dat van de 100 kilometer driehoek met gemiddelde snelheid van 192 kilometer dat hij in 2014 in Zuid-Afrika op zijn naam zette. In eerste instantie werd dat erkend door de KNVvL, maar later toch weer ingetrokken. Toen de piloot daar bewaar tegen maakte, verwees de bond hem zelf door naar het ISR. Daar is, zo geeft de arbiter zelf in zijn vonnis aan, nooit serieus onderzocht of het record volgens de regels gevlogen is. Ritsma: 

“Voor die arbiter was het voldoende dat een populair computerprogramma aangaf dat de vlucht niet gedeclareerd was. Dat geldt overigens ook voor vele andere records. De KNVvL had zelfs in reglementen opgenomen dat de schriftelijke declaratie bepalend was en niet de elektronische.”

XL26Zweefvliegen-1

Bij het ISR is geen beroepsmogelijkheid, maar als er sprake is van ernstige nalatigheid kan een burgerrechter het vonnis wel nietig verklaren

Herevaluatie
In een brief geeft de Commissie Sportzaken Zweefvliegen (CSZ) nu aan dat het record van Ritsma ten onrechte is ingetrokken. De nieuwe voorzitter van de KNVvL - Ronald Schnitker - zat al langer met de kwestie in zijn maag en vroeg om een herevaluatie. Daaruit kwam naar voren dat de regels zoals die toentertijd golden en gepubliceerd stonden ruimte gaven voor onduidelijkheid. Voorzitter Bas Seijffert van de CSZ stelt dat Ritsma naar de huidige inzichten in 2014 wel degelijk een nationaal record vloog en biedt excuses aan. Ritsma: “Ik ben blij met dit sportieve gebaar en de erkenning van het feit dat ik niet netjes behandeld ben.” 

Daarmee lijkt de zaak gesloten, terwijl het niet veel gescheeld had of het was totaal anders gelopen. Bij het ISR is geen beroepsmogelijkheid, maar als er sprake is van ernstige nalatigheid kan een burgerrechter het vonnis wel nietig verklaren. “Dat leek me hier wel aan de orde, aangezien het ISR nooit heeft vastgelegd of ik het record reglementair heb gevolgen.” 

Advocaat verprutste het
Hij nam een advocatenkantoor in de arm dat de zaak, zoals hij het uitdrukt, op een reuze manier verprutste door een termijn over het hoofd te zien. De zaak is dus nooit voor de rechter gekomen. Ondertussen bleef Ritsma met frustratie en de nodige financiële schade achter. De arbitrage bij het ISR kostte hem bijna vierduizend euro, de mislukte missie met het advocatenkantoor zo’n twaalfhonderd euro. Nu hij alsnog in het gelijk is gesteld, gaat hij die bedragen niet verhalen op de KNVvL. “Zij hoeven die excuses niet te maken. Dat ze dat nu toch doen beschouw ik als een sportief gebaar dat ik niet wil beantwoorden met een financiële claim.” 

“Ik zou iedere sporter met klem de gang naar het ISR willen ontraden. Of het bondslid gelijk heeft of niet, is onbelangrijk, hij trekt altijd aan het kortste eind"

Ritsma verwacht dat zaken als deze in de toekomst nauwelijks nog zullen voorkomen. De KNVvL volgt net als vóór 1998 weer ‘gewoon’ de regels van de internationale bond FAI en heeft afscheid genomen van allerlei uitzonderingen. De kans dat het ISR zich nog moet buigen over dergelijke kwesties is XL26Zweefvliegen-2gering, en dat is volgens Ritsma maar beter ook. Hij heeft geen goed woord voor het instituut over. De rechtspraak van het ISR is niet openbaar, net als de vonnissen die alleen door de bond kunnen worden ingezien. Hij verwijt het instituut afhankelijk van bonden en dat is terug te zien in de arbitrage. 

“Ik zou iedere sporter met klem de gang naar het ISR willen ontraden. Of het bondslid gelijk heeft of niet, is onbelangrijk, hij trekt altijd aan het kortste eind. Dat heeft mijn zaak wel duidelijk gemaakt lijkt mij.” Ritsma kijkt zelf vooral vooruit, naar nieuwe records. Hij hoopt komend seizoen een duizend kilometer driehoek te vliegen met een gemiddelde snelheid van 150 kilometer per uur. Dat zou hem een wereldrecord opleveren. Hij kent zijn grootste beperking: het weer. “Er gaan soms jaren voorbij dat het niet mogelijk is om duizend kilometer te vliegen, laat staan met die snelheid, maar ik houd goede moed.”

Voor meer informatie: ISR; Pseudo-rechtspraak in de sport-wereld (bron: Zweefvliegenonline.nl)

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst