Go with Golazo
Sportknowhowxl
Home
Branded content
Hoge raad houdt oordeel hof in stand vitesse mag deelnemen aan het betaald voetbal

Hoge Raad houdt oordeel hof in stand: Vitesse mag deelnemen aan het betaald voetbal

Op 17 juli 2026 kwam de Hoge Raad met de verlossende woorden voor Vitesse: de KNVB moet Vitesse weer toelaten tot de competities betaald voetbal. Hierbij sloot de Hoge Raad aan bij de beslissing van het gerechtshof. Een jaar nadat de licentiecommissie van de KNVB de licentie van Vitesse, per 11 juli 2025, besloot in te trekken, kwam er eindelijk duidelijkheid voor de club uit Arnhem, maar is dat nu ook echt definitief? Juristen Martin Bax en Tim Hillenaar van Vissers Legal lichten het vonnis toe.

20 augustus 2026

BRANDED CONTENT

Intrekken licentie

In het voorjaar 2024 dreigde Vitesse al haar licentie kwijt te raken. De licentiecommissie gaf Vitesse toen een laatste kans. De club beloofde toen om een definitief einde te maken aan het herhaaldelijk overtreden van de regels (en doelstellingen) van het licentiesysteem. Om herhaling in de toekomst te voorkomen, moest Vitesse onder andere strenge maatregelen nemen en volkomen openheid van zaken geven over wie de eigenaar is, hoe de financiering in elkaar zit en wie de feitelijke macht binnen de club heeft.

"De toezeggingen die Vitesse in het voorjaar van 2024 deed, kwam de club niet na"

Martin Bax en Tim Hillenaar

Desondanks stelde de licentiecommissie vast dat Vitesse de regels van het licentiesysteem is blijven ontduiken. Bovendien bleken diverse corrigerende maatregelen, bedoeld om herhaling te voorkomen, binnen nog geen jaar alweer van tafel te zijn geveegd. De toezeggingen die Vitesse in het voorjaar van 2024 deed, kwam de club niet na.

Op 23 mei 2025 liet de licentiecommissie aan Vitesse weten dat zij het voornemen had om de licentie in te trekken. De club heeft tijdens een hoorzitting zijn kant van het verhaal kunnen doen, maar dit heeft de commissie niet op andere gedachten gebracht. Omdat het licentiesysteem de integriteit en continuïteit van de competitie moet beschermen en Vitesse deze al lange tijd ernstig in gevaar bracht, zag de licentiecommissie in juli 2025 geen andere mogelijkheid dan de licentie van Vitesse in te trekken.

Vitesse in beroep

Vitesse ging tegen deze beslissing van de licentiecommissie in beroep, maar de beroepscommissie van de KNVB verklaarde het beroep ongegrond. Daarna stapte Vitesse naar de voorzieningenrechter om de besluiten van de licentie- en beroepscommissie te schorsen en de club weer toe te laten tot de voetbalcompetitie. 

"Het hof oordeelde dat de uitsluiting van het betaald voetbal onterecht was"

Martin Bax en Tim Hillenaar

Het was aan de voorzieningenrechter om te oordelen of de KNVB in alle redelijkheid kon besluiten de proflicentie van Vitesse in te trekken. Daarbij toetst de rechter of het besluit zorgvuldig tot stand is gekomen en of de reglementen van de bond juist zijn toegepast. In dit geval kwam de voorzieningenrechter tot de conclusie dat de KNVB bij het nemen van het besluit niet heeft gehandeld in strijd met haar eigen licentiereglement. Het besluit was volgens de rechter redelijk en helder gemotiveerd. Gezien de negen sancties die Vitesse in het voorgaande seizoen ontving, stond de KNVB in alle redelijkheid geen andere maatregel ter beschikking dan de definitieve intrekking van de licentie.

Vitesse in het gelijk gesteld

Omdat de competitie was begonnen en een bodemprocedure maanden zou duren, stelde Vitesse een turbo-spoedappel in, een extreem snelle vorm van een hoger beroepsprocedure bij het gerechtshof die alleen kan worden gebruikt in situaties waarin sprake is van uiterste spoed. Het gerechtshof stelde Vitesse in het hoger beroep in het gelijk. Het hof oordeelde dat de uitsluiting van het betaald voetbal onterecht was en verwachtte dat de Arnhemse club in de bodemprocedure aan het langste eind zou trekken. Het hof schorste het besluit van de KNVB om de proflicentie van Vitesse in te trekken en gaf de KNVB de opdracht om Vitesse per direct weer toe te laten tot het betaald voetbal.

KNVB in cassatie bij de Hoge Raad

De KNVB ging vervolgens bij de Hoge Raad in cassatie tegen de uitspraak van het hof, volgens de bond was dat in het belang van het gehele betaald voetbal. Hiermee wil de KNVB duidelijkheid krijgen over de wijze waarop de rechter besluiten van organen van de KNVB mag toetsen. 

De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de KNVB. Daarmee sloot zij aan bij het oordeel van het hof. Het hof had eerder geoordeeld dat de onvoorwaardelijke intrekking van de proflicentie van Vitesse niet in een redelijke verhouding stond tot de aan de club verweten gedragingen, de geconstateerde overtredingen en de belangen die de KNVB met deze zware sanctie beoogde te beschermen. 

Volgens de Hoge Raad heeft het hof de aan de licentiecommissie en de beroepscommissie toekomende beleids- en beoordelingsruimte niet miskend en evenmin onvoldoende terughoudend getoetst. Daarbij benadrukt de Hoge Raad dat zijn toetsingsruimte in cassatie beperkt is. De beoordeling van het hof is immers sterk verweven met de specifieke feiten en omstandigheden van het geval, terwijl de Hoge Raad als cassatierechter deze niet opnieuw inhoudelijk beoordeelt. Daarnaast acht de Hoge Raad het oordeel van het hof voldoende begrijpelijk en deugdelijk gemotiveerd, mede gelet op het feit dat het hier gaat om een beslissing in kort geding. 

Einde aan onzekerheid voor Vitesse?

Hoewel dit arrest van de Hoge Raad een definitief einde maakt aan het kort geding, is de zaak tussen Vitesse en de KNVB nog niet beslecht. Een eventuele bodemprocedure zou in de toekomst nog roet in het eten kunnen gooien voor Vitesse. In een bodemprocedure wordt de zaak definitief en diepgaand behandeld. 

"Hoewel een kortgedinguitspraak formeel geen eindbeslissing inhoudt, lijken de juridische contouren inmiddels wel duidelijker geworden"

Martin Bax en Tim Hillenaar

Nu de Hoge Raad het oordeel van het hof in stand heeft gelaten, rijst de vraag hoe het nu verder gaat met de door Vitesse aanhangig gemaakte bodemprocedure. Die procedure moet uiteindelijk een definitief oordeel opleveren over de rechtmatigheid van de intrekking van de proflicentie. Hoewel een kortgedinguitspraak formeel geen eindbeslissing inhoudt, lijken de juridische contouren inmiddels wel duidelijker geworden. Dat roept de vraag op of de KNVB nog gelooft dat de kostbare en tijdrovende bodemprocedure opweegt tegen het te verwachten resultaat. Over de gevolgen van het arrest voor de nog lopende bodemprocedure wil de KNVB zich vooralsnog niet uitlaten. Omdat een uitspraak in een eventuele bodemprocedure niet op korte termijn wordt verwacht, hoeft Vitesse zich het komende seizoen geen zorgen te maken en mag de club het jaar in de eerste divisie hoe dan ook afmaken.

Deel dit bericht:

Geschreven door:

Martin Bax

Tim Hillenaar

0 reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Voeg je reactie toe

Meer over:

Blijf op de hoogte

Wij sturen jou één keer per week een e-mail met de 
belangrijkste opinies en artikelen van Sport Knowhow XL.