Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Nieuwsberichten-Nieuwsbericht

Financiële crisis? Verbinding is het sleutelwoord

door: Leo Aquina | 14 mei 2020

Het Rabobank/NOC*NSF-ondersteuningsprogramma voor sport- en cultuurverenigingen staat niet klaar met een zak geld; clubs krijgen immateriële steun op basis van een specifieke hulpvraag. Nu veel verenigingen door de coronacrisis in acute financiële nood zitten, is dat wellicht nog waardevoller. "Wie om geld vraagt krijgt meestal advies, wie om advies vraagt krijgt uiteindelijk vaak geld", zegt Marjolein van Weegen, die als zelfstandig adviseur en trajectbegeleider veel verenigingen en stichtingen begeleidt. 
 
MarjoleinVanWeegen-1Binnen het Rabobank/NOC*NSF-ondersteuningsprogramma gaat een trajectbegeleider samen met de vereniging aan de slag met het vraagstuk. Doel is om verenigingen zelfredzamer en toekomstbestendiger te maken. Op dit moment liggen de pitches stil, maar in september komt er een nieuwe ronde waarin sport- en cultuurverenigingen in een aantal regio’s een aanvraag kunnen doen. Van Weegen verwacht dat de hulpvraag van verenigingen anders zal zijn dan voorheen door de coronacrisis. 

"De financiële nood in de sportsector is hoog. Veel verenigingen kampten al met financiele uitdagingen, teruglopende ledenaantallen en een groot tekort aan vrijwilligers en goede bestuurders. Nu zijn die uitdagingen alleen maar groter geworden: de horeca-inkomsten liggen stil, contributie is een heikel punt, sponsorinkomsten vallen weg. Dat zal een grote rol gaan spelen. Vorig jaar draaide het bij hulpvragen vaak om vrijwilligers, nu verwacht ik dat de financiën de boventoon voeren en dat de ondersteuningsvraag nog meer gericht is op het verbreden van de financieringsmix."

Nieuwe samenwerkingen
Ondanks de negatieve gevolgen van de coronacrisis ziet Van Weegen ook mooie ontwikkelingen in de sportwereld. "Bij een voetbalclub hier in de buurt hebben ze samen met de lokale supermarkt een boodschappenservice opgezet voor 60-plussers. Het bezorggeld dat normaal naar de supermarkt zou gaan, is nu voor de vereniging. Dat compenseert de gemiste inkomsten niet volledig, maar het vergroot de zichtbaarheid van de vereniging en het baant paden voor nieuwe samenwerkingen in de toekomst."

"Is de club er alleen voor de leden, of vervult de vereniging een bredere rol in de wijk, in samenwerkingsverbanden in lokale projecten? Zoiets vergroot draagvlak"

Van Weegen is als zelfstandig adviseur verbonden aan Charistar, een samenwerkingsverband van 'missie-gedreven' associates en experts, die zelfstandig en soms gezamenlijk in wisselende samenstellingen opdrachten uitvoeren voor organisaties in het maatschappelijk domein, cultuur, sport, onderwijs zorg, welzijn en goede doelen. "Het gaat altijd om opdrachten met een maatschappelijke impact", vertelt zij. Daar ligt ook de link met het ondersteuningsprogramma van Rabobank/NOC*NSF, waarin het uitgangspunt is dat de sport- en cultuurverenigingen een essentiële rol spelen in de lokale leefomgeving. 

MarjoleinVanWeegen-2Van gesloten naar open vereniging
Als voorbeeld noemt zij een korfbalvereniging die met een drieledige hulpvraag zat. Van Weegen: "Zij wilden van een gesloten vereniging naar een open vereniging transformeren, zij wilden een bredere financieringsmix en ze kampten zoals veel verenigingen met een vrijwilligersprobleem." Het verschil tussen wat Van Weegen een 'gesloten' en een 'open' vereniging noemt, zit intern in het meer betrekken van onbekende leden en extern vooral in de mate aan lokale betrokkenheid, netwerk en zichtbaarheid: "Is de club er alleen voor de leden, of vervult de vereniging een bredere rol in de wijk, in samenwerkingsverbanden in lokale projecten. Zoiets vergroot draagvlak en dat heeft ook weer voordelen op die twee andere vlakken."

Het 'verhaal' van de club of organisatie staat centraal: "Als je dit verhaal goed kan uitdragen, is het veel makkelijker om mensen te betrekken. Dit begint al op je website of in de gesprekken die je gaat voeren met potentiële financiers en vrijwilligers. Vraag je als vereniging af wat je kan betekenen en waarom de ander je zou willen steunen of zich wil inzetten voor je organisatie.”

Waardevolle verbinding
Als het ging om sponsoring viste de korfbalvereniging vaak achter het net omdat de lokale bedrijven vaak de voorkeur geven aan de grotere voetbal- en hockeyclubs. Van Weegen: "De lokale verbinding en de verbreding van de financieringsmix gingen in dit geval hand in hand. We zijn heel breed binnen de vereniging op zoek gegaan naar de waarden die bij de club passen en die de club uit wil dragen. Korfbal is bij uitstek een familiesport en dat kun je in je maatschappelijke verbinding op allerlei manieren benutten." 

"Uiteindelijk leidde dat tot een heel mooi partnership met de lokale supermarkt. Daar zat een franchisenemer die familiewaarden ook heel belangrijk vond. Ze vonden elkaar op waarden. De club organiseert een schooltoernooi, de supermarkt heeft vakkenvullers nodig. Op die manier realiseer je als club waardevolle samenwerkingsverbanden en beteken je als club ook iets voor een bedrijf. Dat is iets anders dan betalen voor een bord langs het veld met de bedrijfsnaam erop."

"Als vereniging moet je dus een groot netwerk hebben en je moet de mensen kennen. Wie kun je waarvoor vragen?"

Verbindingen leggen
Ook als het gaat om vrijwilligers is het belangrijk om als club zoveel mogelijk verbindingen te leggen. Van Weegen: "Vroeger waren vrijwilligers decennialang verbonden aan een club en ze spendeerden er vele uren per week. Die tijd willen mensen tegenwoordig niet meer investeren, maar ze willen best bij de club betrokken worden. Tegenwoordig willen mensen echt nog wel wat doen, maar meer op projectmatige basis. Het moet een begin en een einde hebben, liefst moet het ook nog iets bijdragen aan hun cv en passen bij hun interesses. Dit vraagt om een andere benadering in het vrijwilligersbeleid. Als vereniging moet je dus een groot netwerk hebben en je moet de mensen kennen. Wie kun je waarvoor vragen?"

Verbinding is het sleutelwoord, met de (oud-)leden, met de buurt, met de partners, met de vrijwilligers, met scholen. Sportverenigingen worden hard in de portemonnee getroffen door de coronacrisis, maar het draait uiteindelijk niet om die portemonnee. Verenigingen die blijven investeren in verbinding en zich openstellen voor samenwerking, zijn uiteindelijk financieel ook het best tegen de crisis opgewassen.

Voor meer informatie: Marjolein van Weegen, zelfstandig adviseur, trajectbegeleider Verenigingsondersteuningsprogramma Rabobank/NOC NSF en bestuurslid Special Olympics Nederland.

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst