Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Nieuwsberichten-Nieuwsbericht

Japanse zomer dwingt NOC*NSF tot hitteplan voor optimale prestatie

door: Frank Molema | 12 december 2019

Het wordt tijdens de Olympische Spelen van volgend jaar in Tokyo waarschijnlijk erg warm. Sportkoepel NOC*NSF wil haar sporters zo goed mogelijk voorbereiden op de hitte en riep daarom het Thermo Tokyo-project in het leven. Inspanningsfysioloog Koen Levels, die namens NOC*NSF aan het project is gekoppeld, vertelt erover. 

HiteplanKoenLevels-1Afgaande op de gemiddeldes van de afgelopen jaren wordt volgende zomer in Tokyo bij een temperatuur van zo’n 32 graden om de olympische medailles gestreden. Dat zijn geen waardes waar we enorm van schrikken, maar in combinatie met een luchtvochtigheid van 70 procent kunnen de weersomstandigheden toch van grote invloed zijn op de prestaties. Na de Olympische Spelen van Rio in 2016 startte sportkoepel NOC*NSF daarom met een hitteproject, Thermo Tokyo, om sporters klaar te stomen voor de Japanse zomer. 

Wennen aan de hitte
Daarbij zijn drie zaken essentieel, legt inspanningsfysioloog Koen Levels de kern van het project uit. In aanloop naar de Olympische Spelen is ten eerste acclimatisatie van belang. “Daarmee kan je een groot gedeelte van het prestatieverlies voorkomen”, zegt Levels, die naast zijn werk voor NOC*NSF ook voor de roeibond actief is. “Gedurende een periode van twee weken moet je je dagelijks blootstellen aan de hitte, waarbij je een stijging van je lichaamskerntemperatuur realiseert tot 38,5 graden.” 

Levels neemt roeien als voorbeeld, typisch zo’n sport waarbij de hitte een grote rol kan spelen. “Wij gaan op trainingskamp naar Italië, daar is het lekker warm en vochtig. Op de eerste en tweede dag trainen we buiten. Vervolgens gaan we een dag de sauna in, omdat je sporters niet te veel wilt belasten via trainingen. Op dag vier trainen we in de gym en zetten de verwarming flink hoog. Natuurlijk zullen veel sporters naar Tokyo gaan om daar te acclimatiseren, maar als de condities tegenzitten kan je in de problemen komen. Door een tyfoon en daarbij horende regen kan de temperatuur in Japan dalen naar 20 graden.” 

Via koude drankjes en een ijsslush is het mogelijk om de lichaamstemperatuur omlaag te brengen

Koelen
Het tweede belangrijke element in voorbereiding op de hitte is koelen. Daarbij gaat het om het koelen van de huid en de kern van je lichaam. Sporters kunnen hun huid in temperatuur laten dalen door bijvoorbeeld koelvesten en koude handdoeken te gebruiken. Via koude drankjes en een ijsslush is het mogelijk om de lichaamstemperatuur omlaag te brengen. 

Wie ten derde een goed hydratieplan heeft, zodat hij of zij met de juiste vochtbalans kan sporten, moet het beste uit zichzelf kunnen halen in de Japanse hitte. Besteden sporters voldoende aandacht aan acclimatisatie, koeling en hydratatie, dan is de kans op succes groter. 

Hiteplan-2Buitensporten
In het project van NOC*NSF is voornamelijk aandacht voor sporten die plaatsvinden in de buitenlucht, waarbij een langdurige inspanning is vereist. Denk daarbij aan wielrennen, roeien, watersport, hockey en voetbal. Zaalsporten als handbal en volleybal hoeven zich, mede door de aanwezige airco in Tokio, minder zorgen te maken om de temperatuur. Levels: “Maar ook hand- en volleyballers kunnen het warm krijgen. Voor hen kan een koelvest eveneens interessant zijn.” 

Doordat het lichaam bij hoge temperaturen de warmte niet goed kwijt kan, stroomt het bloed massaal naar de huid. Dit bloed is vervolgens niet beschikbaar voor andere delen van het lichaam, die de vloeistof juist nodig hebben om te presteren. Levels denkt dat een goed hitteplan het verschil maakt tussen strijden om de medailles en een anonieme rol achter aan het veld.

Onderzoek
Door NOC*NSF wordt samengewerkt met verschillende kennisinstellingen zoals de Radboud Universiteit, TU Delft en de Vrije Universiteit, die onderzoek doen naar prestatieverlies en -optimalisatie in Tokyo. Verder leveren ook commerciële bedrijven hun bijdrage, bijvoorbeeld partijen die temperatuurpillen maken of bezig zijn met het ontwikkelen van koelvesten. 

Alle onderzoeken wijzen op hetzelfde: intern koelen is het meest effectief

Volgens Levels heeft Nederland, net als andere landen in de top van de medaillespiegel, zijn zaken goed voor elkaar. Hij wil de concurrentie niet wijzer maken dan ze al is. “Daarom vertel ik natuurlijk niet alles”, zegt hij. “Maar de informatie die wij voor onszelf houden, zal geen gamechanger zijn. Bepaalde zaken die volgens wetenschappelijk onderzoek echt werken, gaan we toepassen. Maar dat doen we pas in Tokyo, voordat andere landen het zien.” 

Infraroodstraling van de zon tegenhouden
De laatste kennis, opgedaan in wetenschappelijk onderzoek, gaat bijvoorbeeld over de acclimatisering in aanloop naar het toernooi. “Een sporter wil dan graag het trainingsvolume terugdraaien, terwijl je ze wel 1,5 uur in de hitte iets wilt laten doen. Ook is er steeds meer kennis over effectief koelen. Alle onderzoeken wijzen op hetzelfde: intern koelen is het meest effectief. Daarnaast wordt bijvoorbeeld in Delft onderzoek gedaan naar materialen die infraroodstraling van de zon tegenhouden. Die kennis gaat vervolgens naar de producent van de koelvesten, zodat de sporter nog meer profiteert. Een kleine nuance kan het verschil maken, maar de sporter moet uiteindelijk zelf die medaille binnenhalen.” 

« terug

Reacties: 2

Henk Kraaijenhof
12-12-2019

Ja, de Olympisch Spelen staan weer voor de deur en daarmee ook de overbodige projecten zoals u raadt het al: warmte.  De Duitsers hebben hier een mooi woord voor; Dauerbrenner, een topic dat steeds weer terugkomt, terecht of niet. Dit project is overbodig omdat ten eerste de sporter ook nog wel andere en belangrijkere problemen heeft dan de warmte, denk aan jet-lag, voeding, en o ja, trainen en zich kwalificeren. En ten tweede, vrijwel alles wat we kunnen doen aan warmte eigenijk al de revue gepasseerd is om de simpele reden dat de laaste jaren de meeste internationale toernooien in warme landen plaats vonden, denk aan de laatste WK atletiek in Doha, het WK voetbal in Zuid-Afrika, de Olympisch Spelen in Rio. Daarnaast en nu doel ik voornamelijk op de atletiek, atleten vaak al op trainingskamp zijn geweest of verkennende wedstrijden hebben gedaan in warme streken. Het feit dat dit project wordt opgestart kan twee betekenissen hebben: 1. het is overbodig omdat coaches en sporters alles al uitgeprobeerd hebben en precies weten wat ze moeten doen of 2. dit is niet het geval, omdat trainers en coaches niet bijblijven op hun vakgebied of hun kennis en ervaring opgedaan op voorafgaande toernooien niet overdragen op de volgende generatie trainers of delen met collega's of omdat de ervaringen op voorafgaande towernooien, trainingskampen of wedstrijden zijn vergeten. In dat laatste geval zijn ze blijkbaar niet zo slim als ze zich voordoen.

Otto Koppius
12-12-2019

Henk, aan de ene kant snap ik wel waar je heen wil, want er gebeurt genoeg onderzoek waarvan de conclusie is dat wat er in de praktijk gedaan wordt, best aardig klopt (al weten we dat dan tenminste wel op basis van echt bewijs en niet anekdotes) en tegelijkertijd zijn er ook hordes coaches die dingen doen die op zijn zachtst gezegd niet optimaal zijn volgens de huidige stand van zaken, maar aan de andere kant lijkt het wel alsof zowel coaches als wetenschappers het nooit goed kunnen doen bij jou.

Of coaches lopen voorop, weten alles al, hebben alles al uitgeprobeerd (uiteraard volgens goede methodologische standaarden, met een controle-groep en rekening houdend met allerlei verstorende factoren) en dan is de wetenschap overbodig en mosterd na de maaltijd. Of de wetenschap loopt voorop en dan zijn de coaches dom dat ze niet elke dag in de sportwetenschappelijke literatuur zitten en continu hun coachpraktijk aanpassen op basis van de laatste inzichten.

De karikatuur die je hierboven schetst vind ik niet heel constructief, vooral niet als de werkelijkheid een stuk genuanceerder is. Het gaat een beetje een lang verhaal worden, maar ik hoop dat ik je toch een beetje hiervan kan overtuigen.

Als ik mijn wetenschapper-pet opzet, zie ik zoveel varieteit in verschillende coach-aanpakken binnen een en dezelfde sport, dat het onmogelijk is dat iedereen exact weet wat het perfecte plan is. Dus moet er uitgezocht worden wat er wel en niet werkt (en vooral ook *waarom* het wel of niet werkt!), zodat je dan steeds genuanceerdere kennis kunt ontwikkelen. In het voorbeeld van koelen: eerst wisten we dat pre-cooling positief werkte, vervolgens dat interne koeling beter werkte dan externe koeling (al lijkt dat nu toch ook weer genuanceerder te liggen, zie onderaan), daarna dat interne koeling d.m.v. ice slurries meestal beter werkt dan interne koeling d.m.v. koud water. Natuurlijk kun je dan tegen de slurry-onderzoekers zeggen "ja, dat wisten we al dat koeling werkte", maar dat was het startpunt van het onderzoek, niet het eindpunt van het onderzoek, dus dat zou niet echt terecht zijn, het ging juist om de verdere nuance van de methode van koeling.

Maar andersom ligt het ook genuanceerder: als ik mijn coach-pet opzet, ga ik niet bij elke nieuwe wetenschappelijke studie die uitkomt mijn coach-praktijk veranderen. Een losse studie is zelden doorslaggevend bewijs voor mij als coach, omdat het vaak in een andere context gedaan is dan die ik nodig heb bij mijn roeiers. Leuk dat er een studie is gedaan naar wat de beste koeling is voor b.v. sprinters bij atletiek in Doha, maar als ik moet bepalen wat de beste koeling is voor roeiers in Tokyo, dan zitten daar nog wel een aantal niet-triviale vragen voordat ik de resultaten van de Doha-studie meteen overneem.

Sowieso is een resultaat van 1 studie nooit gelijk 100% betrouwbaar (om allerlei redenen waar je als coach of wetenschapper niets aan kunt doen) en wil je liever dat het resultaat herhaald is in meerdere studies. Maar zelfs als er meerdere studies in Doha met sprinters gedaan zijn, die allemaal hetzelfde resultaat laten zien, dan nog blijven er veel vragen open: 

1- Heeft koelen voor primair aerobe sporten als roeien evenveel voordeel als voor anaerobe als sprinten?

2- Stel dat ze in Doha het hele lichaam gekoeld hebben, moet ik dat dan ook doen, of kan ik beter een andere methode gebruiken?

3- Kan ik uberhaupt wel generaliseren van de relatief droge hitte van Doha naar de relatief vochtige hitte van Tokyo of heeft de luchtvochtigheid zo'n invloed op je interne vochthuishouding en temperatuur dat het echt volledig verschillend is?

Dan wacht ik als coach wel even totdat er wat meer onderzoek is geweest, en liefst een meta-analyse die meerdere studies samenvat, want als ik na elke nieuwe aparte studie mijn coachaanpak omgooi, dan ga ik ook vaak genoeg de mist in dan dat ik het goed heb (er zijn ook meerdere studies die laten zien dat koeling niet of nauwelijk een effect heeft!). Toen ik in 2015 met een ploeg naar de Universiade in Korea ging, waar het ook heel heet en vochtig was, was er nog lang geen consensus rondom b.v. de ice slurries: er waren een paar studies die een positief effect lieten zien, maar ook studies die geen effect lieten zien, en ook een jaar later in 2016 kwam er nog zo'n geen-effect-studie uit. Had ik er dan in 2015 mee moeten beginnen en in 2016 weer mee moeten stoppen? Overigens, die consensus was er ook niet in de praktijk (maar 24% van de atleten op het WK atletiek in Beijing in 2015 gebruikte ice slurries en sowieso deed uberhaupt maar de helft aan pre-cooling). Inmiddels is die consensus een stuk groter, maar die consensus komt pas na meerdere studies en die uitvoeren kost flink wat tijd. Dus als ik mijn coachpraktijk dan uiteindelijk toch aanpas, dan heb ik dus wel die ene, allereerste studie van 5-6 jaar geleden 'gemist' en was ik dus officieel niet bijgebleven op mijn vakgebied omdat ik niet al gelijk jaren geleden op die trend was gesprongen (hoe onduidelijk die toen ook was).

Gelukkig is er over koeling net vorige maand zo'n meta-analyse verschenen (https://doi.org/10.1111/sms.13521) waardoor in ieder geval vragen 1 en 2 redelijk goed beantwoord kunnen worden:

1- koelen bij anaerobe sporten zoals een sprint heeft veel minder effect dan bij primair aerobe sporten als roeien, dus voor aerobe sporten: absoluut doen!

2- nee, bij roeien is het hele lichaam koelen niet de beste strategie, beter alleen bovenlichaam of gezicht koelen, dat is duidelijk effectiever (leuk ander detail over het verschil aeroob/anaeroob: de in het artikel genoemde methode van intern koelen blijkt alleen te werken bij aerobe sporten en niet bij anaerobe sporten, dus als je als sprint-coach die methode zou overnemen op basis van een studie onder roeiers, zou je je atleten geen dienst bewijzen)

En het antwoord op vraag 3 over of je andere koeling nodig hebt in droge hitte vs. vochtige hitte is nog onvoldoende duidelijk, dus er is meer onderzoek nodig voor de specifieke condities van Tokyo. Precies wat hierboven beschreven wordt.

En gaan de resultaten wereldschokkend zijn? Waarschijnlijk niet, en dingen als training, voeding en slaap hebben natuurlijk meer invloed en daarom werken daar ook andere mensen hard aan. Maar als beter omgaan met de hitte net dat kleine beetje kan schelen als het gaat om een gouden medaille (een gemiddelde Olympische roeirace duurt, afhankelijk van het boottype, tussen de 5 en 7 minuten en wordt regelmatig op slechts een paar tienden beslist), dan is dat het zeker waard. En als het gaat leiden tot een beetje beter begrip van hoe ons lichaam met hitte omgaat, dan konden we daar nog best wel eens nut van hebben, met 'dank' aan klimaatverandering (maar da's een hele andere discussie...).

Vriendelijke groeten, Otto

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst