Skip Navigation LinksHome-Nieuws-5 vragen aan...-Item

5 vragen aan Maurice Leeser, directeur Watersportverbond 22 mei 2018

Terwijl Maurice Leeser trots het nieuwe bondsbureau van het Watersportverbond in DeWeerelt in Utrecht laat zien, wordt hij aan alle kanten gefeliciteerd. Het Watersportverbond is er samen met TIG Sports, de gemeente Den Haag en het ministerie van VWS in geslaagd het WK Zeilen van 2022 naar Den Haag te halen. Dat succes is een afscheidscadeau. Leeser begint in september aan een nieuwe baan als directeur-bestuurder van het Sportbedrijf Lelystad. In het verzamelpand DeWeerelt - waar het Watersportverbond sinds eind oktober is gehuisvest met onder andere de Koninklijke Nederlandse Golf Federatie (NGF), de Nederlandse Ski Vereniging (NSkiV), de Koninklijke Nederlandse Hockeybond (KNHB) en de Nederlandse Volleybal Bond (Nevobo) - blikt Leeser terug en vooruit.

door: Leo Aquina | 22 mei 2018

1. Je verruilt je baan als directeur van het Watersporterbond in september voor een nieuwe functie als directeur-bestuurder van Sportbedrijf Lelystad. Vanwaar die switch?
“Laat ik voorop stellen dat ik het nog steeds enorm naar mijn zin heb bij de bond, maar ik merk dat ik het prettig vind om na een aantal jaren een nieuwe stap te zetten. Daarmee creëer ik ruimte voor mezelf, maar ook voor nieuwe inzichten in de organisatie. Ik ben in december 2011 bij het Watersportverbond begonnen en ik heb in maart 2017 al bij het bestuur aangegeven na te denken over mijn toekomst. Vlak daarna moest onze toenmalige voorzitter Jan Berent Heukensfeldt Jansen door persoonlijke omstandigheden helaas zijn functie neerleggen. Er lag nog een aantal gewichtige dossiers op tafel waarvan ik vond dat ik ze gezien de afwezigheid van Jan Berent eerst moest afronden: de verhuizing naar een nieuw kantoor, het meerjarenbeleidsplan en de meerjarenbegroting. Na de Algemene Ledenvergadering in november heb ik de balans opgemaakt en nogmaals bij het bestuur aangegeven dat ik het na zes jaar tijd vind om over mijn eigen toekomst na te denken."

“Sport kan op allerlei terreinen, zeker voor de kwetsbare groepen in onze samenleving, een grote positieve maatschappelijke rol spelen. Daar wil ik me de komende jaren voor inzetten”

"Ik was nog niet bezig met een nieuwe functie, maar ik wist wel welke kant ik uit wilde. Ik zie veel kansen in het beter benutten van de positieve maatschappelijke waarde van sport en daar wilde ik iets mee. De functie bij Sportbedrijf Lelystad sloot daar perfect bij aan. Het is een maatschappelijke organisatie in een middelgrote gemeente met een Randstedelijke problematiek, waar ik weer veel nieuwe dingen op mijn bord krijg. Ik ga van een functie met nationale en internationale contacten naar een plek waar ik vooral lokaal en regionaal aan de slag mag en laten we eerlijk zijn: daar gebeurt het echt, in de wijken en op de pleintjes. Sport kan op allerlei terreinen, zeker voor de kwetsbare groepen in onze samenleving, een grote positieve maatschappelijke rol spelen, denk aan vitaliteit, gezondheid, re-integratie, sociaal isolement, noem maar op. Daar wil ik me de komende jaren voor inzetten."

XL18-5vragenaanMauriceLeeser-onderschrift-Maurice Leeser, Karsten Klein en Niels Markenstein (v.l.n.r.) 100 dagen voor de finish van de Volvo Ocean Race in Den Haag copy2. Je kwam bij het Watersportverbond destijds niet in een gespreid bedje terecht. In het persbericht over je vertrek spreek je zelf van een 'gecompliceerde start met noodzakelijke financiële en bestuurlijke herstelmaatregelen'. Wat was er aan de hand en hoe staat het Watersportverbond er op dit moment voor?

”We zijn op dit moment een gezonde en moderne organisatie en financieel volledig in control. Het was geen makkelijke start en ik kijk niet met veel plezier terug op die beginperiode, maar ik ben er wel trots op dat we het onder controle hebben gekregen en flinke stappen voorwaarts hebben gezet. Ik was net een paar weken in dienst toen de toenmalige controller mij op de dag voor de kerstvakantie bij zich riep en zei: 'We hebben een klein probleempje.' Toen hij me had uitgelegd wat er aan de hand was, bleek dat ik na een paar weken geconfronteerd werd met een negatief resultaat van 500.000 euro. Dat was natuurlijk echt dramatisch en vooral een hele grote verrassing. Wat kon ik doen? We gingen net aan het kerstmaal en de oliebollen."

“Het was crisis. Ik heb iedereen handelingsonbekwaam verklaard, ik was de enige die nog uitgaven mocht doen”

"In de kerstvakantie ben ik begonnen de boel te analyseren. Het was crisis. Ik heb iedereen handelingsonbekwaam verklaard, ik was de enige die nog uitgaven mocht doen. Gelukkig hebben we wel altijd alle rekeningen kunnen betalen, maar we hadden een acuut liquiditeitsprobleem en we hadden geen controle over de financiën. We hebben strak moeten reorganiseren. Er is een aantal mensen op het bondsbureau en in het bestuur vervangen en we hebben een nieuwe begrotingssystematiek en -discipline doorgevoerd. Pas tijdens de Olympische en Paralympische Spelen van 2012 ging de zon voor mijn gevoel weer een beetje schijnen, mede door de mooie resultaten die we daar op het water haalden met onder andere medailles voor Dorian (van Rijsselberghe), Lisa en Lobke (Westerhof en Berkhout) en Marit (Bouwmeester)."

3. Wat zijn voor jou hoogtepunten in je zesenhalf jaar aan het roer bij het Watersportverbond?
“Ik ben trots dat we er samen met de mensen hier op het bureau in zijn geslaagd de organisatie ‘binnenstebuiten te vouwen’ en om te vormen tot een moderne sportbond. We zijn veel meer gaan redeneren en handelen vanuit de behoefte van de watersporter. Dit vanuit de gedachte dat de watersport groter is dan de optelsom van de leden van de aangesloten watersportverenigingen. Het ook bereiken van niet-aangesloten watersporters vergroot de taart, de inkomsten en creëert een vijver van mogelijk nieuwe leden.” 

“We worden als Watersportverbond gezien als de NOC*NSF van de watersport en de ANWB van de waterrecreatie”

“Er zijn in Nederland meer dan 2,5 miljoen watersporters, waarvan er 80.000 lid zijn van een aangesloten watersportvereniging. Watersport is onverminderd populair, maar het wordt steeds minder bij de verenigingen bedreven. In mijn hart vind ik dat jammer. De vereniging is een prachtige plaats om elkaar te ontmoeten en het is een fantastische plaats om Nederland samen een stukje mooier te maken. Toch zie je dat steeds meer mensen buiten die vereniging om sporten, bewegen of recreëren. Ook dat snap ik en daar moeten we op inspelen. We worden als Watersportverbond dan ook gezien als de NOC*NSF van de watersport en de ANWB van de waterrecreatie."

"Ik constateer nog steeds een licht dalend ledenaantal. Gelukkig gaat het steeds minder hard bij onze aangesloten verenigingen, wat dat betreft is er een kentering bereikt. Toch blijft de vraag voor mensen die het water opgaan: waarom zou ik lid worden van een vereniging of de bond? Wat is de meerwaarde? Wij zoeken naar eigentijdse oplossingen. Dat is niet altijd even makkelijk.” 

XL18-5vragenaanMauriceLeeser-onderschrift-Joost Zuure (Delta Lloyd) en Maurice Leeser, net na het winnen van de SponsorRing (2018) copy“In de sport wordt nog vaak gewerkt met traditionele denkramen, modellen van governance en organisatorische structuren. Ik ken mensen die zeg maar met een Tesla naar hun werk gaan en met paard en wagen naar de sportvereniging. Opmerkelijk, want in het maatschappelijke verkeer gaan ze mee met alle moderne trends, maar eenmaal in de sport tracht men het zoveel mogelijk bij het oude te behouden. Maar je kunt het sportaanbod en de sportinfrastructuur niet meer inrichten zoals in 1880. De behoeften van de (water)sporter is wezenlijk veranderd."

"We hebben in de watersport te maken met vergrijzing. Het is de verwachting dat over een jaar of acht à tien veel bootbezitters afhaken. Oudere mensen verkopen hun boot en de nieuwe generatie watersporters heeft minder behoefte aan bezit en kiest minder snel voor de aanschaf van een zeiljacht of motorboot. Zij huren steeds meer, hebben meer behoefte aan comfort en kiezen steeds vaker voor bijzondere, individuele vormen van watersport. Denk aan suppen, kitesurfen of foilen. Er vindt een verschuiving plaats van meerdaagse tochten naar dagtochten, met als gevolg een stijging van de populariteit van sloepen.” 

“Ook het verenigingsleven verandert in razend tempo. Des te meer reden voor ons om alvast een aantal zaken in gang te zetten en een voortrekkersrol te vervullen en bij te dragen aan het duurzaam veranderen van de watersport. We proberen dit nationaal aan te pakken, een overstijgende aanpak met als doel de aangesloten verenigingen te laten profiteren."

"Een voorbeeld: stel een vereniging wil meer jeugdleden binden. Dan kunnen wij als bond via ‘de achterdeur’ de verenigingen ondersteunen met informatie over hoe ze een jeugdplan moeten opstellen. Onderzoek heeft aangetoond dat dit niet de meest effectieve manier is van verenigingsondersteuning of sportontwikkeling. Daarom pakken wij het op een collectieve manier aan door het opzetten van een nationaal programma jeugd. Alle verenigingen kunnen meedoen en de poort openzetten aan ‘de voordeur’.” 

“We brengen kinderen veel bij over duurzaamheid. Hoe kan je beter omgaan met water, maar ook waarom kun je beter water drinken dan frisdrank”

“Vervolgens ondersteunen wij als bond natuurlijk ook de verenigingen door kennis over te dragen via themabijeenkomsten, materialen te verstrekken, instructeurs te leveren en de samenwerking met zeilscholen vorm te geven. Optimist on Tour is zo’n voorbeeld. We laten kinderen op allerlei bijzondere locaties kennismaken met de watersport en geleiden ze vervolgens door naar de verenigingen. De conversie is zo’n tien à dertien procent. Nog mooier is dat het programma bijna volledig extern gefinancierd is. In het begin heeft Delta Lloyd veel bijgedragen, maar nu zijn het vooral de gemeenten. We hebben er tevens educatieve elementen aan gekoppeld, waarbij we kinderen veel bijbrengen over duurzaamheid. Hoe kan je beter omgaan met water, maar ook waarom kun je beter water drinken dan frisdrank. Op die manier heeft het voor de gemeenten en onderwijsinstellingen ook maatschappelijke en educatieve impact." 

4. Hoogtepunten kunnen niet zonder dieptepunten. Drie jaar geleden was er vanuit een aantal wedstrijdzeilers kritiek en zij wilden zelfs een eigen bond starten. Behoort dat tot de dieptepunten?
"Ik praat eigenlijk niet in termen van dieptepunten. Een aantal mensen had kritiek op de bond en ze dachten dat het beter was het wedstrijdzeilen buiten de bond om te organiseren. Gelukkig zijn we in goed gesprek met deze vier mensen, al zie ik niet zo snel dat er een tweede zeilbond wordt opgericht. Los daarvan is het Watersportverbond zelf heel actief met het platform voor wedstrijdzeilen en dat gaat enorm goed. 

“Je ziet nog wel eens sportbestuurders die eerst in hun eigen gereedschapskist kijken en hun gereedschap op tafel leggen zonder te kijken welk gereedschap echt nodig is om de klus te klaren”

"Wat ik wel als een zeer vervelend heb ervaren is het feit dat onze toenmalige voorzitter, Jan Berent Heukensfeldt Jansen, door persoonlijke omstandigheden zijn functie heeft moeten neerleggen. Wij waren een goed team. Jan Berent verdiepte zich altijd goed in de materie, wist waar hij over sprak en hij kon goed verbinden. De relatie tussen een bondsdirecteur en een voorzitter is belangrijk. Het is een kerstboom met twee pieken. Je moet goed kijken naar elkaars competenties en de rolverdeling. Je ziet nog wel eens sportbestuurders die eerst in hun eigen gereedschapskist kijken en hun gereedschap op tafel leggen zonder te kijken welk gereedschap echt nodig is om de klus te klaren. Een mismatch die op alle niveaus voorkomt."

XL18-5vragenaanMauriceLeeser-3"Wat dat betreft is het wenselijk als mensen minder te pas en te onpas hun mening ventileren zonder te beschikken over kennis, feiten en te weten hoe de vork nou echt in de steel zit. Het is goed dat mensen betrokken zijn en veel bestuurservaring hebben opgedaan in andere domeinen, maar als je daadwerkelijk zo'n passie hebt voor de sport en je serieus wat wilt bijdragen, zorg dan ook op zijn minst dat je je echt erin verdiept hebt. Voor het doorvoeren van strategische duurzame veranderingen is geen plek voor amateurisme, onkunde of hobbyisme.” 

“Ik heb bij het Watersportverbond geluk met een goed bestuur, maar in zijn algemeenheid vind ik dat bestuurders in de sport veel zwaarder moeten worden gescreend, juist om die mismatch te voorkomen. Sportbestuur is echt een vak geworden, als directeur, maar ook als bestuurder moet je van alle markten thuis zijn. Misschien gaat het te ver om zo’n opleiding verplicht te stellen, het blijven natuurlijk vrijwillige functies, maar het gaat wel over een sportbond of vereniging waar heel veel mensen bij betrokken zijn. Daar moet je je eerst goed in verdiepen en weten waar je over praat voordat je beslissingen gaat nemen."

“Ik snap dat de minister in dat landschap een orgaan wil dat onafhankelijk advies uitbrengt en de krachten meer in balans brengt”

5. Goed sportbestuur gaat je aan het hart. Vorig jaar is er een nieuw orgaan bijgekomen, de Nederlandse Sportraad. Denk jij dat deze raad een wezenlijke bijdrage kan leveren aan de kwaliteit van het Nederlandse sportbestuur? 
“De Sportraad dient de minister gevraagd en ongevraagd van advies. Ik geloof in countervailing powers en ik vind het goed dat er een onafhankelijk orgaan is dat de minister van advies dient. NOC*NSF en de sportbonden hebben allemaal belangen, ik snap dat de minister in dat landschap een orgaan wil dat onafhankelijk advies uitbrengt en de krachten meer in balans brengt. Dan moet de Raad natuurlijk wel echt onafhankelijk zijn. Je zou ieder mogelijk conflict of interest in de Sportraad moeten vermijden."

"In zijn algemeenheid vind ik dat we goed moeten kijken hoe we het Nederlandse sportlandschap in de toekomst willen inrichten. NOC*NSF is een veelkoppig monster. Ze hebben veel rollen en de verantwoordelijkheidsverdeling is hier en daar onduidelijk of niet meer van deze tijd. Ik kan me voorstellen dat de topsport bij NOC worden ondergebracht en dat NSF verdergaat als een soort brancheorganisatie. Als je met een tractor over het landschap gaat, alles omploegt en helemaal opnieuw begint, kom je met de eisen van de huidige tijd waarschijnlijk op een heel ander model dan we nu hebben. Ik zou het raadzaam vinden als we nog eens goed naar het huidige sportlandschap gaan kijken, het kan zeker geen kwaad om hier verder over na te denken."

“Ik hoop van harte dat er slimme verbindingen worden gelegd tussen het Preventieakkoord en het Sportakkoord”

"Het Sportakkoord komt eraan, maar dat is geen aanzet om het landschap opnieuw in te richten. Ik kan me goed vinden dat veel diverse stakeholders input hebben kunnen leveren met als uitkomst vier hoofdonderwerpen en zes thema's. Wellicht is wel verstandig dat de Uitvoeringsalliantie, nu nog alleen gedragen wordt door de drie traditionele partijen VSG, NOC*NSF en VWS, verder wordt uitgebreid. Wellicht dat meer maatschappelijke partijen als VNO-NCW en de PO en MBO Raad ook onderdeel kunnen uitmaken van de uitvoeringsalliantie, dit om de Sport sterker te maken. Verder hoop ik van harte dat er slimme verbindingen worden gelegd tussen het Preventieakkoord en het Sportakkoord, mede omdat sport en bewegen een prima instrument is dat ingezet kan worden in de aanpak van vele maatschappelijke opgaven!"

« terug

Reacties: 1

Kees Renzenbrink
22-05-2018

Het heeft mij altijd verbaasd dat sportbestuurders worden binnengehaald omdat zij vaak succesvolle zakenmensen zijn en wanneer zij dan eenmaal sportbestuurders zijn besturen zij plotseling met een 'supportershart'. Zij laten dan vele van hun zakelijke principes vallen en doen mee aan het 'kitchen table-management' van de desbetreffende club of organisatie. Met zo'n - amateuristische maar vaak goedwillende - mentalitieitsverandering zal het nooit wat worden. Probeer maar eens meer zakelijke elementen in een sportorganisatie in te brengen, dan word je al snel beschuldigd van een te commerciële aanpak, alsof sport en zakelijkheid per definitie niet samengaan. Het is natuurlijk wel erg gemakkelijk om geld van anderen uit te geven, in plaats van in de eerste plaats je eigen broek op te houden.

Dan zie je veel bestuurders in de sport die zelf een - al dan niet succesvolle - sportcarrière achter de rug hebben maar vanwege hun eigen sportcarrière zelf amper hun middelbare school hebben afgemaakt en dan op dat denkniveau blijven acteren. Van (management)modellen hebben ze nog nooit gehoord, maar ze zijn nog even fanatiek alsof ze nog op het veld staan. Geen mooier belang dan eigen belang; van samenwerking kan geen sprake zijn. Afspraken worden slechts nagekomen wanneer het uitkomt, zelfs wanneer ze op papier staan en door alle partijen zijn ondertekend. Per hoge uitzondering volgen ze nog enkele weekendcursussen en denken dan dat ze volledig zijn geëquipeerd.

Met dergelijke bestuurders wordt het nooit wat in de sport. Dus ben ik het inderdaad eens met dhr. Leeser om de criteria voor sportbestuurders naar een wat hoger niveau te tillen en inderdaad mensen te screenen op deze criteria.

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst