Skip Navigation LinksHome-Achtergronden-Werkende wetenschap-Item

Train specifiek, train onder druk 6 december 2011

door: Rob Pijpers

Een van de oudste adagia in de sport luidt, train zo specifiek mogelijk, dat wil zeggen, boots datgene waarvoor je traint – de wedstrijden – zo goed mogelijk na om de kans op succes in de ‘echte situatie’ zo groot mogelijk te maken. Niets lijkt dan ook logischer dan om veel wedstrijden te spelen. Maar in Nederland lijkt er een trainingscultuur te heersen, roepen sommige coaches in koor, en niet de eerste de besten. Onlangs verwoordde korfbalbondscoach Jan-Sjouke van den Bos het als volgt: ‘Wie beter wil worden heeft competitie nodig. (…) …je moet variëren en concurreren. Er moet minder worden getraind en meer wedstrijden worden gespeeld. Je wordt alleen maar beter als je de competitie met elkaar aangaat.’ (NRC Handelsblad, 22 oktober 2011).

Van den Bos slaat de spijker op zijn kop. Niet alleen omdat een verscheidenheid aan tegenstanders de creativiteit van spelers ontwikkelt, zoals Van den Bos in hetzelfde interview aangaf, maar ook omdat in wedstrijden een component aanwezig is die in trainingen dikwijls veel minder prominent aanwezig is, namelijk spanning, druk, stress. Juist die druk kan ervoor zorgen dat sporters zich anders gaan gedragen dan dat zij ‘normaal’ (in de trainingen) doen waardoor ze slechter presteren. De vraag is: hoe is die prestatiedaling te voorkomen wanneer er echt wat op het spel staat? Moet het aantal trainingen inderdaad drastisch naar beneden en het aantal wedstrijden flink omhoog?

Een groep Amsterdamse onderzoekers - waarvan Arne Nieuwenhuys en Raôul Oudejans twee representanten zijn - stelt een tussenoplossing voor: train onder druk. In een serie studies toonde de groep onderzoekers bij uiteenlopende sporttakken aan (basketbal, darten, pistoolschieten) dat zelfs milde vormen van druk tijdens de trainingen al kon voorkomen dat in stressvolle omstandigheden de sportprestaties verslechterden. In een recente studie bij politiebeambten, lieten Nieuwenhuys en Oudejans zien dat ook op de lange termijn gunstige effecten van trainen onder druk te verwachten zijn. Een groep ervaren politiebeambten voerde de gebruikelijke schiettaak uit: schieten op een kartonnen pop. Bij een andere groep even ervaren politiebeambten werd de druk flink opgevoerd door de pop te vervangen door een levensechte (goed beschermde) instructeur op wie geschoten moest worden. Die instructeur schoot af en toe terug met een bepaald soort munitie die venijnige blauwe en pijnlijke plekken bij de opponent veroorzaakt. Wanneer beide groepen vervolgens na enige tijd opnieuw werden getest, brachten de onder stress getrainde politiemensen het er beter vanaf dan hun ‘normaal’ getrainde collega’s.

Het is een kunst op zich om in trainingen de druk te verhogen, maar gelukkig lijkt het dus niet nodig te zijn om druk zover op te voeren dat die gelijk is aan de dikwijls hoge druk die sporters tijdens wedstrijden ervaren. Dat is waarschijnlijk ook niet haalbaar. Globaal gesproken kan druk worden opgevoerd door middel van zogeheten ‘ego-stressor methoden’, zoals cameraopnames, weddenschappen, straffen (opdrukken, kniebuigingen), het kunnen winnen van prijzen, maar ook door coaches (of scouts!) de prestaties te laten beoordelen. Het is sterk afhankelijk van de sport, en bijvoorbeeld het niveau van de sporters welke methode of combinatie van methoden helpt. Ook de creativiteit en het vakmanschap van de trainer heeft uiteraard grote invloed op het succes van ‘drukverhogende’ methoden.

Trainen onder druk is breed toepasbaar en biedt kansen om mensen beter voor te bereiden op allerhande stressvolle omstandigheden. Niet lang geleden was de 520 dagen durende fake reis naar Mars flink in de publiciteit. Zes volwassen mannen hadden zich ergens in Moskou opgesloten. 520 dagen geen daglicht, geen familie, geen tv, geen internet, bepaald geen sinecure. Alles werd in het werk gesteld om de ruimtemissie zo goed mogelijk na te bootsen. Zo duurde de communicatie met ‘de aarde’ steeds langer om de toenemende afstand tot de aarde te simuleren. Hoewel, alles? Geen gewichtloosheid… maar op aarde lange tijd gewichtloosheid creëren is ondoenlijk. En hoe zat het met de (psychologische) druk? Op het Youtube-filmpje ‘Mars500 - 520 days in 15 minutes’ is te zien dat een van de ‘astronauten’ tijdens een ‘Marswandeling’ door zijn niet al te comfortabele ruimtepak languit onderuit gaat. In de ‘werkelijkheid van Mars’ zou zo’n val rampzalige gevolgen kunnen hebben. Zijn collega-astronauten leken de ernst er niet van in te zien en konden er smakelijk om lachen… Publicist Herbert Blankesteijn vatte het prachtig samen: ‘Meer psychologische druk had de nepreis naar Mars goed gedaan’.

Bron:
Nieuwenhuys, A., & Oudejans, R.R.D. (2011). Training with anxiety: short- and long-term effects on police officers’ shooting behavior under pressure. Cognitive Processes, 12, 277-288.

Rob Pijpers is als docent werkzaam bij de Faculteit der Bewegingswetenschappen (FBW), Vrije Universiteit te Amsterdam en als docent/onderzoeker werkzaam bij EXPOSZ, een van de expertisecentra van de FBW. Zijn onderzoek richt zich op de effecten van nervositeit op het perceptueel-motorisch handelen. Hij is één van de oprichters, en de huidige opleidingscoördinator, van de Postacademische Opleiding tot Praktijksportpsycholoog. Pijpers maakt deel uit van de redactie van het tijdschrift Sportpsychologie Bulletin. Voor meer informatie: j.r.pijpers@vu.nl
« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst