Skip Navigation LinksHome-Achtergronden-Sportcommunicatie-Item

Sport, geld, hebzucht en bond 8 november 2016

door: Paul Kok & Maaike Veeling

Van 12 t/m 20 november vindt de Darts Grandslam in Wolverhampton, Engeland plaats. Voor velen bieden de dartstoernooien het inmiddels vertrouwde beeld op televisie van kolkende en stampvolle zalen met gewone mensen die volop genieten en in een sportieve sfeer – onder het genot van een biertje - hun favorieten toejuichen. Die favorieten, gewone jongens, spelen hun spel en genieten van de sfeer en de aandacht. De echte liefhebber van spel en spelen zal geboeid naar het dartsspel kijken en de gave van de topspelers om de pijl in het juiste vakje te werpen op het moment dat het er op aan komt. Dat is indrukwekkend en leidt telkens tot groot enthousiasme onder de toeschouwers en de televisiekijkers. Uiteraard lukt het niet altijd en de worsteling die dat oplevert is steeds fraai zichtbaar in de eerlijke houding en het gedrag van de spelers.

Darts is een sport die zich vooral in Engeland sterk ontwikkeld heeft. Maar Nederlanders doen het - zoals iedereen weet - opvallend goed. Een stukje geschiedenis: de organisator van het toernooi in Wolverhampton is de Professional Darts Corporation (PDC), een dartsorganisatie die begin jaren negentig werd opgericht door zestien professionele darters. Zij hadden onenigheid met de British Darts Organisation (BDO), de grootste bond, en richtten daarop hun eigen bond op. Naarmate de tijd vorderde en steeds meer nationale en internationale top-darters naar de PDC overstapten, verdrong de PDC qua populariteit de BDO. Tegenwoordig worden de door de PDC georganiseerde toernooien ook uitgezonden op de Nederlandse en Belgische televisie. 'Lakeside' en de Winmau World Masters van de BDO zijn te zien op Eurosport. Fun fact: Raymond van Barneveld werd viermaal wereldkampioen op het BDO-toernooi en een keer in het PDC-toernooi.

"Mensen zullen blijven spelen. Overal. Zeker in de kroeg"

Kroeg en spel
Zowel Darts als Pool en Snooker zijn sporten die in kroegen en zalen worden gespeeld. Als gezelligheidspellen. Jongeren bezoeken op een avondje uit graag eerst zalen of kroegen met de pool, biljart of snookertafels voordat ze hun avond elders vervolgen. Maar in kroegen komen we ook dam- en schaakborden, kaartspelen, darts of bowlingspelen tegen. Bovendien duiken er steeds vaker dozen Triviant Pursuit, S-E-T en Mens-erger-je-niet op.

Dit illustreert de fascinatie van mensen voor het spel. Als afleiding (weg uit de druk van het moderne leven). Als uitdaging (kan ik dat ook?). Als strijd (willen winnen). Als kans (op winst en het bijbehorende goede gevoel). Als verrukking (bij een uitzonderlijke prestatie).

Mensen zullen blijven spelen. Overal. Zeker in de kroeg.

Van Spel naar Sport
Spel wordt sport omdat er een georganiseerde en gereguleerde competitie wordt ontwikkeld en de spelers zich graag meten met anderen. En ze willen zich verder bekwamen. In eigen land en daarbuiten. Daarvoor wordt een bond opgericht. En de bond richt zich ook op talentontwikkeling en stimuleert verenigingen en individuele sporters. Ze richt zich op iedereen die deze sport wil bedrijven. In de breedte tot aan de top: een bond is noodzakelijk.

"In veel sporten is het topniveau slechts een beperkte periode vol te houden en daarom willen topsporters graag snel veel verdienen"

In vrijwel elke sport willen de toppers van hun sport kunnen leven. Deze wens wordt ook ingegeven door publieke belangstelling. Wie topsport bedrijft en ziet dat dit vele (tien)duizenden toeschouwers, fans aantrekt wordt zich bewust van zijn of haar waarde.

In veel sporten is het topniveau slechts een beperkte periode vol te houden en daarom willen topsporters graag snel veel verdienen zodat ze na hun sportcarrière over voldoende geld beschikken om comfortabel te kunnen leven.

Topsporters streven dus - begrijpelijk - naar een interessant inkomen. Ze willen geld zien. En ze gaan dat vaak zelf regelen. Zoals in de dartsport met de PDC is gebeurd. Of de ATP in de tennissport. En bij de teamsporten organiseren de betaalde sportorganisaties zich vaak in een eigen entiteit (Eredivisie BV).

Sportbonden in problemen
Een consequentie hiervan is dat de sportbonden in problemen komen. Zij kampen met teruglopende inkomsten en teruglopend aantal leden. Tegelijkertijd moeten zij wel de sport organiseren en reguleren, talenten ontwikkelen, en landenvertegenwoordiging op Olympische Spelen, WK’s en EK’s realiseren. De topsport als inkomstenbron wordt in toenemende mate een illusie voor sportbonden. En dat is toch zeer onwenselijk. Topsport en breedtesport zijn nou eenmaal aan elkaar verbonden.

"Wat verbaast is dat het in veel gevallen uitmondt in een breuk tussen topsporters en bond. Waarom blijft dat niet bij elkaar?"

Maar wat verbaast is dat het in veel gevallen uitmondt in een breuk tussen topsporters en bond. Of anders gezegd, tussen topsport en breedtesport. Zoals met de BDO en de PDC in de dartswereld is gebeurd. En in de tenniswereld. In de biljart wereld. In de wielersport. Voetbal. Enzovoorts. Waarom blijft dat niet bij elkaar?

Hebzucht
Is het hebzucht? Moet een topsporter steenrijk worden? Het valt op dat in die op inkomen en geld gerichte sportorganisaties de neiging ontstaat om dan ook alles maar zelf te regelen. Een eigen competitie, eigen regels. Een bond hebben ze niet nodig, zo lijkt het. En tegelijkertijd is alles er op gericht om de inkomsten te maximaliseren. Dat kan ook leiden tot exorbitante salarissen, inkomsten, premiepotten en sponsorcontracten voor de individuele sporters.

Dat oogt als hebzucht. Daarin is ‘the sky the limit’’. En maatschappelijke wrevel het gevolg. Mogelijk leidt dat zelfs tot afkeer.

Zodoende komt dan zelfs de sport als spel onder druk. En dat willen we al helemaal niet.

"Het is belangrijk dat topsporters goed verdienen gezien hun inspanningen en publieke waardering. Maar dat moet in het belang van de sport binnen de kaders van de bond"

Sportbonden
In dit krachtenveld is het absoluut noodzakelijk dat de bonden veel meer inspanning verrichten om uitleg te geven over de sport en over de strategie van de bond, wat hun rol is en hoe ze dat doen. Kroegsporten ook:

  • Wat is de strategie van de bond en wat zijn de speerpunten?
  • Wat zijn de onderscheidende factoren van de betrokken sport. Hoe relevant zijn die, welke belofte biedt de bond? En welk bewijs hebben ze daarvoor?
  • Hoe worden inkomsten gegenereerd?
  • Welke rol moet de bond spelen?
  • Hoe wordt de regie in de betrokken sport ingevuld?
  • Welke sponsorstrategie volgt de bond?
  • Welke contentstrategie hanteert de bond en hoe content digitaal ontsloten en te gelde gemaakt?

Het is belangrijk dat topsporters goed verdienen gezien hun inspanningen en publieke waardering. Maar dat moet in het belang van de sport binnen de kaders van de bond.

Paul Kok (1956) is strategy director bij Hill+Knowlton Strategies en leader van de sportcommunicatie practice, die werkt voor diverse sportbonden, sportorganisaties, sportsponsors  en sportmerken. Motief is verbetering van de slechte woordvoering in de sport en sportsponsoring. Motto: Je moet schieten, anders kan je niet scoren. Voor meer informatie: paul.kok@hkstrategies.com

Maaike Veeling is senior account executive bij Hill+Knowlton Strategies en maakt er deel uit van de sport practice. Eerder studeerde zij Journalistiek aan de School voor Journalistiek in Utrecht. In 2013 volgde zij de master Communicatiewetenschap aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar zij zich specialiseerde in corporate communicatie en nieuwe media.

« terug

Reacties: 3

Marcella Mesker
08-11-2016

Ha Maaike en Paul, goed verhaal! Waar ik benieuwd naar ben is jullie visie op participatie van oud-topsporters op teruggeven aan de sport in de vorm van opleiding/coaching. De echt succesvolle topsporters, die veel geld en aanzien hebben verdiend, zien we wel terug in de sport, maar dan in de bekende hoek: clinics, promotie, sponsoractiviteiten, tv analist etc. Zij gaan na hun carriere gewoon verder met hun personal branding (heb ik zelf trouwens ook voor een deel gedaan). Er zijn echter weinigen die echt bereid zijn full time terug te geven aan de sport. Door iedere dag met talenten aan het werk te gaan. Met de voeten in de modder te staan. Ik begrijp dat wel, want hun leven is mooi en ze genieten van alle activiteiten die op hun pad komen. Maar zou het niet goed zijn dat sportbonden meer tijd investeren in het aantrekken/interesseren van hun succestoppers voor het begeleiden van jeugd in de sport. Al vroeg het zaadje planten en hen meer betrekken bij beslissingen en opleidingen van de bond. Nu geven ze vanaf de zijlijn commentaar, maar echte commitment zie ik niet. UItzondering op dit moment is bv Paul Haarhuis die sinds kort als hoofdbondscoach een vaste aanstelling bij de KNLTB heeft en dagelijks keihard werkt om talenten op te leiden. Dat zouden er dus meer moeten doen. (vd Hogenband, Huizinga etc). Cruyff en Krajicek en Vergeer hebben natuurlijk ook hun steentje bijgedragen op andere manier. 

Zo maar even een gedachte, succes met de verhalen!

Groet, Marcella Mesker

Paul Kok en Maaike Veeling
13-11-2016

Hallo Marcella, dank voor je interessante reactie. Je vraagt om onze visie op participatie van oud-topsporters op teruggeven aan de sport in de vorm van opleiding/coaching. En ook betrekken van sporters bij beslissingen. In onze ogen zijn dat zeer logische onderdelen van het beleid van een sportbond. In feite vormen de aspecten die je noemt ook de brug tussen topsport en breedtesport. Bij succesvolle topsporters zie je dat er pas een echte verbinding in de breedte ontstaat bij activiteiten van die succestoppers op het niveau van opleiding en coaching van jeugd en breedtesport. Met de voeten in de modder, dat is een zeer aansprekend beeld hiervoor. Het is alleen de sportbond die dat kan en moet doen en stimuleren. Het is wel zaak dat de bond of de vereniging secuur kijkt wie ze waarvoor inzetten. Het is niet zo dat elke topsporter overal geschikt voor is. Paul haarhuis is een geweldig voorbeeld. Precies op zijn plek. En aanhoudend succesvol. Wij spreken ook wel eens ex-topsporters die na het behalen van hun top (bijvoorbeeld Olympisch goud) compleet stoppen met hun sport. De gedachte is dat het beoefenen van hun sport in hun ogen alleen maar minder (leuk) wordt. Maar zelfs in dit soort situaties is er volgens ons aanleiding voor bond of vereniging om te bespreken welke rol –anders dan met de voeten in de modder- er mogelijk is voor een dergelijk icoon. Wij denken dat het topsportbeleid van de bond deze aspecten ook goed moet regelen en tot concrete initiatieven moet leiden. Op die manier moet de bond ook aantrekkelijker worden voor sponsoren of andere vormen van inkomsten zodat meer inkomsten worden gegenereerd. Dat is een stuk beter dan louter focus op (heel) veel geld verdienen voor de individuele sporter.

Marcella Mesker
14-11-2016

Dank voor jullie reactie! We zijn het eens!

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst