Skip Navigation LinksHome-Achtergronden-De blik van buitenstaanders-Item

"Rotterdam was in het begin van deze eeuw trendsetter" 14 april 2020


Voormalige beleidsbepalers in de sportwereld kijken terug

Ooit werkten zij met volle passie in de sport. Als directeur van een sportbond, als voorzitter daarvan of werkend voor een andere sportorganisatie. Op een zeker moment verlieten zij die sportwereld en kozen ze voor een carrièreswitch naar een ander domein. Waarom maakten zij die stap? Hoe is het hen sindsdien vergaan? Hoe kijken zij terug? Wat kan de sportwereld leren van passanten die nu hun professionele sporen op een ander vlak verdienen?

Vandaag de blik van Hans den Oudendammer, voormalig directeur Rotterdam Topsport.

Curriculum vitae Hans den Oudendammer

Werk in de sport (ook als vrijwilliger/bestuurder)

  • 1999-2019: directeur Rotterdam Topsport
  • 1999-2019: voorzitter Stichting Thorbecke Topsport 
  • 2004-heden: penningmeester Stichting Youth Olympic Games Rotterdam

Werk buiten de sport 

  • 1975-1990: leraar en directeur Montessorischool
  • 1980-1999: (deel)gemeenteraadslid Rotterdam
  • 1994-1998: wethouder Onderwijs, Volksgezondheid, Maatschappelijke dienstverlening, Sport en Recreatie

1. Toen jij in 1999 directeur werd van Rotterdam Topsport kwam je uit de lokale politiek. Hoe kwam je destijds tot die stap?
"Nadat mijn politieke partij D66 de verkiezingen van 1998 verloor werd ik fractievoorzitter en viel D66 uit het college. Na een jaar besloot ik te solliciteren naar de baan van directeur Rotterdam Topsport. Ik kende de organisatie vanuit mijn portefeuille sport en toen al trok mij de betekenis en rol van deze organisatie voor de stad mij erg aan."

BlikBuitenstaandersHdO-12. Kan je je nog herinneren wat je meteen opviel toen je in de sport ging werken?
"Wat mij onmiddellijk opviel was het hands-on gevoel. Bestond mijn vorige leven nog vooral uit erg veel vergaderen en werkbezoeken, nu was het aanpakken en heel veel organiseren. Het werd me ook steeds duidelijker wat de betekenis van (top)sport was voor de samenleving. Ook de relatie met het bedrijfsleven daarin werd voor mij meer zichtbaar." 

3. Waarin verschilde het werken in de politiek vooral van werken in de sport?
"Net als in de politiek wilde ik de stad (de sport) beter maken. Meer kansen voor iedereen, de kracht van topsportevenementen gebruiken om Rotterdam op de (inter)nationale kaart te zetten, talenten de mogelijkheid bieden zich te ontwikkelen etc. In de politiek kijk je daar vooral bestuurlijk en beleidsmatig naar, in de praktijk Rotterdam Topsport zat je zelf met je medewerkers aan de knoppen."

"Rotterdam was in het begin van deze eeuw trendsetter. Heel veel steden hebben hieraan een voorbeeld gehad"

4. Zie je ook overeenkomsten tussen de politiek en sport als werkterrein?
"Sport maakt formeel geen onderdeel uit van de gemeentewet. Het is aan de gemeente zelf in hoeverre ze op dit terrein verantwoordelijkheid naar zich toetrekt. Sport is heel veel particulier initiatief. De overheid kan dat faciliteren. Voor topsport ben je voor een groot deel afhankelijk of de politiek daar de waarde van inziet. Politiek bedrijven is komen met oplossingen voor bestaande problemen of het zien van kansen voor de stad. In de dagelijkse politiek was dat vaak ‘dealen and wheelen’. Het positioneren van topsport binnen de gemeentepolitiek was dat ook. Gelukkig beheerste ik dit spel een beetje… Ik en mijn collega’s creëerden heel veel draagvlak voor het sportbeleid. Rotterdam was in het begin van deze eeuw trendsetter. Heel veel steden hebben hieraan een voorbeeld gehad."

BlikBuitenstaandersHdO-25. Als je met de kennis en ervaring van nu terugkijkt naar toen, wat zou je dan anders gedaan hebben toen je nog in de sport werkte?
"Om eerlijk te zijn niet veel. Ik ben trots op datgeen we bereikt hebben in die 30 jaar dat Rotterdam Topsport bestaat. Misschien toch één ding. Het accent bij Rotterdam Topsport kwam op een gegeven moment wat te veel op het binnenhalen van evenementen te liggen. Daar waren we ook steengoed in. De aandacht voor de ontwikkeling van topsport kwam wat op de achtergrond. Gelukkig veranderde dat bij de oprichting van de talentencentra in Rotterdam en de komst van het CTO Metropool. Met de komst van mijn opvolger Peter Blangé is die richting nu gegarandeerd."

6. Aan wie met wie je gewerkt hebt in de sportwereld denk je in het bijzonder met veel genoegen terug en waarom?
"Ik denk dan vooral aan de drie burgemeesters waarvoor ik gewerkt heb: Bram Peper, Ivo Opstelten en Ahmed Aboutaleb. Zij waren de drijvende krachten waarop het topsportbeleid van Rotterdam op dreef. Zij brachten continuïteit. In de crisistijd rond 2008 waren we met elkaar in staat om het topsportbeleid overeind te houden, terwijl dit beleidsterrein toch geen topprioriteit had in die tijd. Met Joop Alberda hadden we een hele mooie band. Met het volleybal heeft Rotterdam altijd wat gehouden."

"De coronacrisis maakt ons glashelder dat de samenleving de sport zo ontzettend nodig heeft"

7. Als je nu als relatieve buitenstaander de sportwereld van een afstandje bekijkt, wat valt je dan op en/of zou er in jouw ogen anders of beter kunnen in de sportwereld?
"De coronacrisis waar de wereld op dit moment mee worstelt, doet je wel beseffen dat gezondheid boven alles gaat. Boven alle commerciële belangen van de sport. Dan zie je ook meteen dat sporten voor heel veel mensen hét middel is om juist aan die gezondheid te werken. Het is niet voor niets dat iedereen op zijn eigen manier probeert van zijn/haar sport nog iets te maken. We kennen de grappige en creatieve manieren om met het gemis van sport en bewegen om te gaan." 

BlikBuitenstaandersHdO-3"De coronacrisis maakt ons ook glashelder dat de samenleving die sport zo ontzettend nodig heeft. Zowel passief als actief. Wat een gemis dat alle sportevenementen worden uitgesteld of worden afgezegd. We beleven daar met elkaar zoveel plezier aan. Niet meer naar de club, niet meer met elkaar trainen, geen competities, geen live verslagen enzovoorts. Eén ding leren we wel van deze crisis en dat is, dat sport om velerlei redenen onmisbaar is. Als er dan aan de sport wat zou moeten veranderen is de waardering van de politiek voor dit beleidsterrein. Sport maakt de samenleving beter."

8. Denk je ooit nog eens terug te keren in de sportwereld, bijvoorbeeld als vrijwilliger/bestuurder? 
"Natuurlijk wilde ik na mijn terugtreden als directeur Rotterdam Topsport mijn opvolger Peter Blangé niet voor de voeten lopen. Ik ben daarom niet meteen op zoek gegaan naar functies in de lokale sport. Ik had me al opgegeven als vrijwilliger voor het Sportfilm Festival in Rotterdam, maar die gaat vanwege het coronavirus niet door. Ik wil me in de toekomst zeker dienstbaar maken naar de sport. Ik sluit niets uit: vrijwilliger dan wel bestuurder. Het bloedt kruipt…"

BlikBuitenstaandersHdO-4

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst