Skip Navigation LinksHome-Achtergronden-Archief-Sporvereniging en Passie-Item

Vrijwilligers in de sport mogen best ‘egoïstische’ motieven hebben 9 maart 2010

door: Peter Hopstaken

De Volkskrant van zaterdag 9 januari 2010 publiceerde een uitgebreid artikel over de bestuurlijke oververtegenwoordiging in de georganiseerde sportwereld van mensen uit de hockeywereld. Dit naar aanleiding van de verkiezing van voormalig hockeybondvoorzitter André Bolhuis als nieuwe voorzitter van NOC*NSF terwijl oud-hockeycoach Maurits Hendriks onze chef de mission is en hockeydirecteur Johan Wakkie hardnekkig genoemd werd als nieuwe algemeen directeur van NOC*NSF (wat hij uiteindelijk niet is geworden). Het artikel in de Volkskrant is niet zo actueel, maar enkele citaten eruit zijn dat wel. Dit omdat ze eerder in het openbaar uitgesproken werden en regelmatig in interviews herhaald worden. Johan Wakkie zei in het Volkskrant-artikel:

“Hockeyers zijn in de sport niet alleen ‘halers’, maar ook ‘brengers’. Als ze zich maatschappelijk hebben gevestigd, willen ze wel iets teruggeven aan de sport waaraan ze zelf of via hun kinderen veel plezier hebben beleefd.”

Woorden van dezelfde strekking gebruikte André Bolhuis een aantal jaar geleden in een interview met mij voor het blad SPORT Bestuur & Management. Hij zei toen:

“Een goede sportbestuurder doet het omdat hij wat wil bréngen, en niet vooral iets wil halen. Een goede sportbestuurder mag geen dubbele agenda hebben. Hij mag het niet doen uit ijdelheid, om publiciteit te krijgen of om een netwerk op te bouwen. Dat netwerk is wel belangrijk, maar dat moet je als sportbestuurder meebrengen in plaats van het te consumeren en het weg te halen als je weer vertrekt.”

Dit verhaal van die ‘halers’ en ‘brengers’  heb ik vaker gelezen en gehoord uit de monden van vertegenwoordigers van de hockeywereld. Zij laten zich er graag op voorstaan dat ze als vrijwilliger vooral ‘geven’ in plaats van te ‘nemen’. ‘In tegenstelling tot vele anderen!’, hoor je ze denken. Alleen zeggen ze dat nog net niet. Ik denk echter dat het morele onderscheid tussen ‘halen’ en ‘brengen’ flinterdun is, áls het al bestaat. ‘Halen en brengen’ gaat feitelijk over motieven van mensen om vrijwilliger te worden. Daarbij zijn vele motieven te onderscheiden. Grofweg gaan er twee mogelijke situaties aan vooraf: je wordt ervoor gevraagd of je biedt jezelf aan.

Stel je wordt ervoor gevraagd en zegt ‘ja’ omdat de club bijvoorbeeld in nood zit. Je drijfveer bestaat dan uit ‘helpen’. Het geeft je een goed gevoel om te helpen, om nuttig voor de club te zijn en daarmee voor de lokale samenleving. Als je niet gevraagd wordt maar je weet dat er bijvoorbeeld een bestuursfunctie vacant is, kan je jezelf aanbieden om die functie te vervullen. Ook in dit geval heb je vaak dezelfde drijfveer: je doet het omdat je denkt dat je de club kan helpen. Maar je biedt je misschien ook wel aan omdat je denkt dat de club jou daarmee kan helpen. Want daardoor kan je bestuurservaring opdoen, je cv upgraden en in contact treden met mensen die nuttig kunnen zijn voor het verloop van je carrière. Daarnaast zijn er nog veel meer motieven denkbaar om een bestuursfunctie te vervullen: ‘gewoon’ voor de gezelligheid, hang naar ‘quality time’ in familiale sfeer, om maatschappelijk aanzien te verwerven, om vriendschappen aan te knopen, om liefdesrelaties aan te gaan (de hockeyclub bijvoorbeeld is niet onbelangrijk als huwelijksmarkt), enzovoorts.

Alle bovenstaande motieven zijn volgens mij uiteindelijk van dezelfde soort. De zogenaamde altruïstische motieven (de club willen helpen) hebben dezelfde zogenaamde egoïstische componenten als de zogenaamde egoïstische motieven (er zelf ook iets mee opschieten). Bovendien is het volgens mij helemaal niet erg om mede uit egoïstische motieven een bestuursfunctie te vervullen. Vrijwilligers zullen het ‘langer’ volhouden als ze er zelf ‘ook iets aan hebben’. Veel belangrijker dan het motief van een vrijwilliger om een bestuursfunctie te vervullen is de kwaliteit van zijn of haar werk. Dat zal volgens mij over het algemeen beter zijn naarmate men meer gemotiveerd is om het vrijwilligerswerk te doen.

Het is denk ik al met al heel goed voor de sport dat er zowel zogenaamde ‘halers’ als ‘brengers’ bestuurlijke posities innemen. De sportwereld heeft niet genoeg aan louter mensen die – om de woorden van Johan Wakkie te gebruiken - zich ‘maatschappelijk gevestigd hebben en iets willen teruggeven’. Sport heeft dus niet alleen ‘arrivés’ nodig maar ook ‘beginners’. En zij mogen best iets komen halen: ervaring opdoen, cv opbouwen. Sport heeft in die zin ook een maatschappelijke functie. Een goed bestuur bestaat uit een mix van ervaren krachten en jonge talenten. Net zoals een evenredige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen, ouderen en jongeren, denkers en doeners en conservatieven en creatieven een bestuur sterker maakt.

Om tot slot misverstanden te voorkomen: dit hele verhaal laat onverlet dat de hele georganiseerde sportwereld een voorbeeld mag nemen aan de manier waarop de hockeybond en hockeyverenigingen bestuurd worden. Daarop mag de hockeywereld best trots zijn. Maar mag dat verhaal van de ‘halers’ en ‘brengers’ voortaan achterwege blijven? Ook omdat het in de hockeysport al veel langer gewoon of gebruikelijker is dan in veel andere takken van sport om organisatorische taken aan de leden verplicht te stellen (bardiensten, fluiten, terreindienst). Daar is op zichzelf niets op tegen, maar het geeft toch te denken. Als ‘hockeyers’ zo graag spontaan komen 'brengen', waarom dan al die verplichtingen? Er zijn in de hockeywereld vast en zeker veel mensen te vinden die 'maatschappelijk gevestigd' zijn, maar kennelijk is het toch ook weer niet zó gewoon om zo maar iets 'terug te geven aan de sport'.

Peter Hopstaken is eigenaar/directeur van Sport Knowhow XL. Eerder was hij hoofdredacteur van het vakblad SPORT Bestuur & Management, senior consultant bij KPMG en senioronderzoeker bij de Stichting voor Economisch Onderzoek der Universiteit van Amsterdam (SEO).
« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst