Skip Navigation LinksHome-Achtergronden-10 sporters, 10 leeftijdsklassen-Item

John Elffers (73): "Hockey is een deel van mijn leven, het is bijna geen keuze" 5 september 2017

door: Marc Hoeben | 5 september 2017

John Elffers is 73 jaar jong, verwoed veteranenhockeyer, 50-voudig international, ex-speler van de eerste teams van HGC uit Wassenaar en SCHC uit Bilthoven, deelnemer aan de Olympische Spelen van 1964 (Tokio) en 1968 (Mexico) en medeoprichter van het adviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF).

John Elffers is niet kapot te krijgen. Hij speelde eind augustus de longen nog uit het lijf bij de Europese kampioenschappen voor veteranen. “Ik doe dat al ruim tien jaar. Ik ben ooit ingestroomd bij de categorie 60 plus en inmiddels is het dus 70 plus.”

JohnElffers638-1Europese titel nu kwijt
In het Schotse Glasgow werd onlangs verwoed strijd geleverd. Schotland (3-1), Duitsland (5-0), Wales (7-1) en België (6-0) moesten eraan geloven. Elffers somt de uitslagen moeiteloos op, maar blijft even hangen bij die van het duel met ‘aartsrivaal’ Engeland. “Je zou zeggen dat we met deze resultaten wel kampioen moesten worden. Maar tegen Engeland was het 0-0 en zij bleken met twee goals meer een beter doelsaldo te hebben. Tsja, dat betekende dat we de Europese titel van twee jaar geleden uit Londen toch kwijt waren.”

"Voor een goed begrip: het gaat mij wel om de liefde voor het spel. Uiteindelijk is er niks mooiers dan een potje hockey"

Inmiddels is de teleurstelling over de tweede plaats wel een beetje weggezakt. Maar helemaal berusten, dat zit er bij Elffers toch ook weer niet in. “Het was natuurlijk allemaal best oké. Maar ja, er zijn ook wel honderd dingen te bedenken waardoor het misschien toch beter had kunnen gaan. Zo zit ik ook wel een beetje in elkaar. Ik ben best kritisch, niet snel tevreden. Maar, voor een goed begrip: het gaat mij wel om de liefde voor het spel. Uiteindelijk is er niks mooiers dan een potje hockey. The aim of the game is the game itself. Dat is mijn motto. Het gaat op de eerste plaats om het spel. En dan is het, ha, wel goed vol te houden als je geregeld wint. In die volgorde moet je het zien.”

Gezondheid
Misschien is hij relatief een bofkont, door op hogere leeftijd en met betrekkelijk goede gezondheid zijn sport te kunnen blijven beoefenen. Dat oordeel laat hij graag aan anderen over, hij zou eigenlijk niet zo goed weten wat hij er precies van moet vinden. Hij heeft zelf ook zo zijn dingetjes gehad. 

“Bijvoorbeeld het afscheuren van mijn achillespezen, een jaar of twintig geleden. En rond mijn 65ste kreeg ik een hernia en spierproblemen. Heb ik een jaar of twee mee getobd. Ik speelde dan nog wel mee op toernooien, maar dan mikte ik het zo uit dat ik in de belangrijkste wedstrijden tegen Engeland en Duitsland voluit kon gaan. Die spierpijn kwam ook van de pillen tegen cholesterol. Ik ben tien jaar geleden gedotterd, het is allemaal goed gegaan, maar dan moet je wel aan de medicijnen. Die heb ik langzaam afgebouwd en de laatste jaren gaat dat iets beter. Alleen zit ik nu weer met slijtage in een gewricht bij de tenen. Ha, man, ik wist niet eens dat het bestond.”

Elffers speelt bij SCHC in Bilthoven nog steeds competitie in team met 50 plussers

Biertje en wijntje hoort erbij
Hij noemt gezondheid ‘een bijkomend fenomeen.’ Het is een randvoorwaarde om een beetje fit te zijn, wil je nog op het hockeyveld rondrennen. Elffers speelt bij SCHC in Bilthoven nog steeds competitie in team met 50 plussers, daarnaast loopt hij één keer per week hard. Een biertje en wijntje hoort erbij, de sport is er tenslotte niet alleen maar om zweet te vergieten. 

JohnElffers350-2“Al zou mijn vrouw liever zien dat ik me wat meer in acht neem wat betreft eten en drinken. Zij heeft daar wat andere gedachten over. Ik ben daar niet zo druk mee. Maar wat me wel echt helpt is dat ik één keer per veertien dagen naar Thaise massage ga voor mijn spieren en mijn rug. Dat is echt verwennen.”

Op z’n twaalfde werd hij als jochie uit de Haagse wijk Marlot gegrepen door het hockeyvirus. “Bij ons in de wijk woonde onder andere de familie Kruize. Dat sprak natuurlijk wel aan. Zij waren lid van HHIJC, de voorloper van Klein Zwitserland. Maar een vriend van mij zei: ‘Kom, we gaan naar HGC in Wassenaar.’ Dat was meteen helemaal goed. Ik was gek van hockey, maar deed eigenlijk van alles. In tennis heb ik nog twee keer meegedaan aan de nationale kampioenschappen. Ik heb squash in de hoogste klasse gespeeld en cricket. Maar hockey ging boven alles. Het ging ook allemaal vanzelf. Ik speelde in de Nederlandse jeugd, stroomde door naar Jong Oranje, debuteerde op mijn zestiende in het eerste van HGC. En in 1964 volgde mijn uitverkiezing voor het Nederlandse team, tijdens de voorbereiding voor de Olympische Spelen van 1964 in Tokio.”

“Het was een beetje not done om hockey heel mooi te vinden. Het stelde niks voor. Die sfeer had het een beetje"

'Mooi tijdverdrijf'
Het was wel een andere tijd, zegt Elffers. Hockeyer was nog geen beroep, zoals het nu soms toch al is, en sport werd toch echt nog meer als een mooi tijdverdrijf gezien. “Het was een beetje not done om het heel mooi te vinden. Het stelde niks voor. Die sfeer had het een beetje. Dat zeiden we dan. Terwijl het in werkelijkheid natuurlijk toch wel anders was.”

Elffers speelde vijftig interlands en kwam ook nog op de Spelen van Mexico in 1968 in actie. Zijn mooiste herinnering aan die tijd? “Nou, deelnemen aan de Spelen was misschien wel mooi, maar hockey was in die landen geen grote sport en de sfeer was best steriel. Het mooiste was eigenlijk wel om in landen als Pakistan en India te komen. Dan speelde je op een soort cricketveld, met soms 30.000 mensen er omheen. Ze zaten heel dicht op het veld, soms werd je door jongetjes even vastgegrepen. Dat was echt heel intens. Fantastisch."

JohnElffers300-3Goede balbehandeling en dito inzicht
Hij was de linksachter of linkshalf van Oranje, van HGC en – na een verhuizing – van SCHC in Bilthoven. Een technisch vaardige speler, gezegend met een goede balbehandeling en dito inzicht. Op z’n 26ste dacht hij te stoppen met topsport, maar na een klemmend verzoek ging hij toch weer hoofdklasse spelen bij SCHC. “Ik was inmiddels 34 jaar, maar ik kon nog prima mee. Ik heb dat drie jaar gedaan en ben toen weer lager gaan spelen.”

Had de topsport in al die jaren nog een levensles voor hem? Hij begint een beetje te zuchten, maar komt dan wel met iets dat later overdrachtelijk bleek naar het advieswerk bij AEF. “Samen dingen doen in bescheidenheid – eerder underdog dan topdog – met grote inzet en focus in een open en vriendschappelijke sfeer kan tot bijzondere resultaten leiden. Dat is het leukste wat er is en dat leer je zeker in topsport en in hockey." 

"Als organisatieadviseur denk ik er nog steeds zo over. Niks is mooier dan in bescheidenheid en met grote intensiteit elkaar energie te geven en in een vriendschappelijke sfeer samen dingen tot stand te brengen, samen met het adviesteam en de opdrachtgever. Dat besef is wel later gekomen. Toen ik hockeyde had ik dat nog totaal niet. Welnee, we waren gewoon verwende jongetjes en hadden nauwelijks weet van de wereld. Ik kende de hockeyclub, de studentensociëteit in Leiden en de collegezaal. Maar daar hield het zo’n beetje ook wel mee op.”

“Ik ben dit gewoon altijd blijven doen. Ik weet gewoon niet beter"

Stoppen geen optie
Heel lang bleef Elffers het idee houden dat hij hetzelfde niveau in zijn sport kon handhaven. Misschien zit daar ook wel een deel van het plezier, het gevoel mee te tellen. Stoppen met hockey is nooit een optie geweest. “Ik ben dit gewoon altijd blijven doen. Ik weet gewoon niet beter. Het is een deel van mijn leven, het is bijna geen keuze.”

JohnElffers300-4Tijdens zijn actieve jaren in HGC I was hij nog een jaar coach van het eerste vrouwenteam. Ze speelden om 10:45 uur en na afloop reed de voorzitter hem dan naar zijn eigen wedstrijd. Hij was vier jaar coach van Jong Oranje, won daarmee brons op het eerste jeugd-WK en veertig jaar terug fungeerde hij een tijdlang als bestuurslid tophockey bij SCHC. Hij is betrokken bij de Batavieren, het gezelschap van ex-internationals, en tegen die achtergrond betrokken bij het doen van onderzoek in hun sport en de publicatie daarvan in boekvorm. 

“Om de twee jaar verschijnt er een boekje. Dat gaat dan over zaken als talentontwikkeling, het ideale team of de houdbaarheid van een coach. Zo zijn we momenteel ook bezig om te kijken hoe de kennis van de nationale teams het beste gedeeld kan worden met de clubs.”

Spoeling steeds dunner
Hij heeft zijn sport zien veranderen. “De snelheid in het spel van nu is onvergelijkbaar met die van toen. Wij als oud-internationals kunnen eigenlijk daarover niet meepraten.” In dat spel liggen voortdurend nieuwe uitdagingen. Op welke leeftijd dan ook. “Zolang de spieren het houden, blijf ik dit doen. Volgend jaar ga ik naar de 75 plus en dan hoop ik een leuk team te kunnen verzamelen. We moeten natuurlijk wel een beetje kans maken. Maar dat valt nog niet mee. Want op deze leeftijd wordt de spoeling wel steeds dunner.”


jubileumlogoSKXLdef

Sport Knowhow XL bestaat tien jaar. In het kader van dat jubileum plaatsen we tien uiteenlopende sportportretten van mensen uit tien verschillende leeftijdsklassen. Samen geven ze een mooi doorkijkje van sportief Nederland waarbij plezier en liefde voor de sport steeds doorklinken maar tegelijkertijd prestaties zeker niet onbelangrijk zijn en soms zelfs een hele voorname drijfveer vormen om een leven lang te sporten. Lees óók de verhalen van:

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst