Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Vraag & Antwoord-Item

De vraag van Michael Vogel aan André de Jeu 13 november 2018

  • De vraag van… Michael Vogel, CEO van TenCate Grass
  • Aan... André de Jeu, directeur van de Vereniging Sport en Gemeenten

MichaelVogel150FCDe vraag
In ons streven naar betere, duurzamere en goedkopere sportaccommodaties is er een samenwerking nodig van alle partijen in de markt, met in het bijzonder de opdrachtgevers/aanbesteders en de leveranciers. Er is een grote hoeveelheid techniek (innovaties) beschikbaar, maar deze wordt nog niet toegepast/ingezet. Wat is de rol die de Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) of belanghebbende organisaties kunnen spelen om partijen bij elkaar te brengen om zodoende het beschikbare potentieel te bundelen en gezamenlijk de uitdaging aan te gaan om sportaccommodaties beter, duurzamer goedkoper te maken?

Het antwoord
AndreDeJeu175FCBij het laatste punt in deze vraag - over ‘sportaccommodaties goedkoper maken’ - valt te betwijfelen of dat ook daadwerkelijk het geval zijn. Aanbestedingen laten op dit moment zien dat die gemiddeld ruim 20 procent duurder uitpakken. De redenen daarvoor zijn uiteraard de overspannen markt, maar juist ook de kosten van innovaties op bijvoorbeeld duurzaamheidsgebied. Die zijn op dit moment, mede doordat het nog geen massaproductie is, gewoon nog duurder dan de traditionele toepassingen.

Op zichzelf is dat geen verwijt, maar goedkoper is dan niet het meest voor de hand liggende woord. Ik gebruik daar zelf liever de omschrijving 'betaalbaar houden voor iedereen' voor. Dus als samenwerking en toepassen van innovatieve oplossingen leidt tot het betaalbaar houden van sport dan wil ik dat graag onderstrepen.

Eén van de pijlers in het Sportakkoord, dat is ondertekend door vele partijen, gaat over de duurzame sportinfrastructuur

Duurzame sportinfrastructuur
Eigenlijk worden Michael en andere innovators de komende jaren op hun wenken bediend. Eén van de pijlers in het Sportakkoord, dat is ondertekend door vele partijen, gaat over de duurzame sportinfrastructuur. Uitgangspunten zijn dat sportaccommodaties, van goede kwaliteit, duurzaam en vooral ook functioneel zijn. 

Om dan maar over dat punt beginnen: daar ligt wel een opgave voor ons allemaal. Een onderdeel van diezelfde pijler wordt namelijk ook beschreven als: ‘De openbare ruimte is beweegvriendelijk ingericht, zodat sporten en bewegen hier vanzelfsprekend is. Dit onder andere door het verbinden van groene gebieden binnen en buiten de stad en het bieden van voldoende ruimte om het vrije buitenspelen te bevorderen'. 

XL38Vraag_AntwoordDeJeu-1Recreatieve sporten
Ik haal dat hier speciaal aan, omdat steeds meer mensen op het moment met wie, en waar zij dat willen hun sportieve activiteiten willen kunnen uitoefenen. Per saldo is grofweg een derde van de mensen die aan sport en bewegen doet lid van een 'traditionele' sportvereniging en tweederde dus niet. Dan heb ik het over bootcamps, door sloten rennen, calisthenics, fietsen, hardlopen en ga nog maar even door.

Hoe zorgen we ervoor dat de accommodaties ook interessant worden voor die anders georganiseerde sporters en wellicht zelfs hele andere activiteiten?

Verreweg het grootste deel van de circa 1,5 miljard euro die gemeenten jaarlijks aan sport uitgeven gaat naar de ca. 22.000 traditionele sportaccommodaties. Steeds meer geld, uit andere gemeentelijke potjes, gaat echter naar dat recreatieve sporten en bewegen in de openbare ruimte. In feite zou je kunnen stellen dat die openbare ruimte daarmee als het ware concurreert met de sportclubs en de voorzieningen daar. Sterker nog, vooral de buitensportvoorzieningen zijn overdag en doordeweeks, hele zomers, of juist winters niet in gebruik. 

Grasmatten voor andere activiteiten
Hiermee krijgen de begrippen duurzaam, innovatie  en betaalbaar ook een andere dimensie mee. Hoe zorgen we ervoor dat de accommodaties juist ook interessant worden voor die anders georganiseerde sporters en wellicht zelfs hele andere activiteiten? Ontwikkeling van een duurzaam kunstgrasveld is natuurlijk mooi, maar kunnen we dat dan ook zonder dat er infill nodig is en dat aan de voorkant al geregeld is dat de later versleten toplaag wordt hergebruikt? Circulair dus. 

XL38Vraag_AntwoordDeJeu-2En leasen we die mat dan van degene die de mat maakt en ook weer recyclet? En kunnen we op die kunstgrasmat dan ook dezelfde verschillende belijning als in een sporthal aanbrengen voor multifunctioneel gebruik, met (led)licht in plaats van het ‘inleggen’? Kan die grasmat dan ook gelijk energie opwekken en opslaan, waar de sportaccommodatie gebruik van kan maken (nul-op-de-meter) en het veld verwarmen als het vriest of sneeuwt? En kunnen die velden dan ook gelijk als wateroverloopgebieden dienen à la operatie Steenbreek, waar iedereen in Nederland wordt gevraagd zijn tuin te vergroenen? En zou je op die smart grasmatten dan ook actief kunnen gamen tegen tegenstanders aan de andere kant van de wereld? 

Er is een verbinding gemaakt vanuit het Sportakkoord met het Energieakkoord. De routekaart daarvoor wordt de komende jaren ontwikkeld en uitgevoerd

Koplopers
Het klinkt misschien allemaal ver weg, maar ik weet dat het kan of ontwikkeld wordt. Ik zei al, we worden op onze wenken bediend. De komende jaren gaan we juist stimuleren dat we hiermee aan de slag gaan. Koplopers, die er altijd zijn, moeten onze etalageprojecten worden. Daar moet je kunnen zien wat er al gebeurt, zodat je zelf niet het wiel hoeft uit te vinden. Ik kijk er naar en met Vereniging Sport en Gemeenten nemen we de handschoen samen met andere partners graag op. 

U denkt misschien, waarom heeft hij het niet over energie? In het Energieakkoord is opgenomen dat al het gemeentelijk vastgoed, en ook dat van andere overheden, de komende decennia moet worden verduurzaamd. Dat gaan we dus ook doen met het gemeentelijk sportvastgoed. Er is dus een verbinding gemaakt vanuit het Sportakkoord met het Energieakkoord. De routekaart daarvoor wordt de komende jaren ontwikkeld en uitgevoerd.

XL38VraagAntwoordGerardDielessen150FCVolgende keer het antwoord op de vraag van André de Jeu aan Gerard Dielessen, algemeen directeur van NOC*NSF :
Sportclubs hebben het lang niet altijd makkelijk. De redenen waarom zijn lang niet altijd eenduidig. Het Sportakkoord moet als het ware verankerd worden in lokale akkoorden waarbij nu juist ook sportverenigingen waar nodig geholpen moeten worden vitaal en dus toekomstproof te worden. Nu zijn die lokale sportclubs lang niet zo verenigd als je soms zou denken en ook sportbonden zijn lang niet altijd unaniem over wat er nodig is voor hun achterban. Wat is er volgens jou nodig om de verenigingen te verenigen en daarmee onder meer tot een sterke(re) gesprekspartner aan tafel te maken?
« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst