Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Open Podium-Item

Verbruggen wist het een slordige 15 jaar geleden al beter dan zijn huidige critici 17 december 2013

door: Klaas Faber

Het zal de trouwe volger van het wielrennen niet zijn ontgaan dat Lance Armstrong onlangs met zware beschuldigingen kwam richting ons aller übersportbobo Hein Verbruggen. De titel van het stuk - 'Lance Armstrong says he has evidence to ‘sink’ Hein Verbruggen' - dekt de lading volledig. Noem het voor het gemak maar beschuldiging van corruptie.

In het kielzog van dit stuk werd in het AD een emmertje gier over Verbruggen uitgestort door Thijs Zonneveld. Ook hier laat de titel - 'Verbruggen verzuipt in zijn moeras van leugens' – weinig te raden over, maar dien je jezelf mijns inziens af te vragen of de auteur er niet teveel van zichzelf in heeft gelegd.

Een typerend fragment uit Zonneveld's verhaal:

'Een kleine greep: hij gedoogde epo-gebruik door een hematocrietgrens van 50 in te stellen (en wilde het verhogen naar 53, toen Marco Pantani in de Giro op 52 bleek te zitten), hij vergeleek het eten van spaghetti met doping, hij werd in een BBC-onderzoek beschuldigd van het aannemen van smeergeld, hij intimideerde klokkenluiders als Landis en Hamilton en hij spande rechtszaken aan tegen journalisten die de integriteit van hemzelf en de UCI in twijfel trokken.'

Die ‘kleine greep’ komt neer op een onontwarbaar kluwen van ad rem (op de inhoud) en ad hominem (op de man) argumenten. Waar ligt hier de grens tussen fact en fiction? Hoe moet je jezelf hiertegen verdedigen? Bovendien: mocht je al ruimte krijgen in het AD.

Neem die rechtszaken die Verbruggen aanspande tegen lieden die zijn naam (en die van de UCI) beweerdelijk publiek besmeurden? Ik zou zeggen: wat anders? Voor eigen rechter spelen? Niks doen? Zonneveld heeft rechten gestudeerd, maar wellicht heeft hij iets van de essentie gemist over hoe juridisch-getinte conflicten tegenwoordig in het beschaafde deel van de wereld worden opgelost. Namelijk, op professionele wijze. Is dat het?

Wellicht ten overvloede: al die rechtszaken werden door Verbruggen gewonnen. Zo doet die ‘kleine greep’ me denken aan een beproefd recept: door een essentieel deel van de waarheid weg te laten, wordt de meest hardnekkige leugen verkregen. Dat zal toch niet de bedoeling van Zonneveld zijn geweest?

Het stuk van Zonneveld heeft dan weer geleid tot giftige reacties als die van Ben van der Burg op BNR.nl: 'Natuurlijk wisten we allemaal dat Hein Verbruggen niet deugde (...)'

Toen ik dat las, moest ik direct terugdenken aan prins Bernard die graag zag dat men hem in gedachten hield als een deugniet en (vooral) niet als iemand die niet deugt!

Voor de duidelijkheid: zelf wist ik niet dat Verbruggen niet deugde c.q. niet deugt. Kortom: wie of wat is ‘we’? Zijn ‘we’ hier getuige van een goedkope schrijftruc? Terzijde: ik weet het nog steeds niet. Alsof dat er iets toe doet, zie verder.

Ik sluit hier af met een citaat van Hugo Camps in het NRC: 'Als omhooggevallen provinciaal uit een Brabants gehucht beroesde hij zich grenzeloos aan het wereldforum wielrennen.' De insider weet dat Camps in reservetijd leeft, mede dankzij een drankprobleem. Het ligt dan ook bepaald voor de hand dat hier de grens letterlijk is vervaagd tussen zijn gebruikelijke diaree aan ‘gewichtige’ stijlbloempjes en een freudiaanse verschrijving. Mocht het slechts een tikkeltje vilein bedoeld zijn, dan lijkt het mij téveel ad hominem.

De kern van het betoog van Camps lijkt (mij) overigens neer te komen op de volgende stelling: 'Het peloton is van origine gezagsgetrouw.' Tja, daarom waren de renners en masse aan de EPO. Wat een aantoonbaar gezever van die Camps. Mag ik dat zeggen?

De hematocrietregel
Ik beperk me hier tot een infinitesimaal klein onderdeel van de ‘kleine greep’ van Zonneveld. Mijn excuus? Het betreft bepaald geen onbelangrijk verwijt. De maatregel van Verbruggen om een hematocrietgrens van 50 in te stellen, zou renners namelijk gedwongen hebben tot doping!

Opmerkelijk is dat Verbruggen hierover reeds in 1999 uitgebreid verantwoording heeft afgelegd. Ik laat hem dan ook liefst verder zelf aan het woord:

'Wij kloppen ons niet op de borst met deze anti-EPO bloedtests. We kennen zeer wel de tegenargumenten, met name:
• betekent het toestaan tot 50% haematocriet een legalisering van EPO-gebruik (geen misbruik in dat geval) tot die grens?
• betekent het toestaan tot 50% haematocriet dat diegenen die absoluut geen EPO wensen te gebruiken alsnog gedwongen worden om dat te doen omdat ze weten dat anderen (hun concurrenten) minder problemen hebben met EPO-toedieningen?

Maar zijn we beter af zonder die limiet? Zonder iets te doen?'


Bedenk: men was in paniek vanwege de alom gevreesde risico’s van misbruik van (exogeen) EPO voor de gezondheid. Renners, medici en zelfs de voorloper van de Dopingautoriteit, evenals andere bonden waren vóór.

Resultaat? Opnieuw citeer ik Verbruggen uit 1999:

'Enkele feiten na 2 jaar en 2147 bloedtesten:
• Een gering aantal renners (15) heeft een natuurlijke haematocrietwaarde van boven de 50%. Na een gedegen onderzoek krijgen ze een certificaat; ze blijven uiteraard onder controle.
• De gemiddelde haematocriet die gevonden wordt is 45,5%. Deze dient vergeleken te worden met de 43,5% van vóór het EPO-tijdperk. Er is dus sprake van een stijging, zonder enige twijfel een sterke indicatie voor EPO misbruik (zie verder over Festina), alhoewel het bemoedigend is, dat 45,5% nog geen 50% is.
• In totaal werd bij 30 renners een haematocriet van boven de 50% vastgesteld. Dat is 1,4% van het totaal aantal controles.'

Men is dus echt niet over één nachtje ijs gegaan. En, nogmaals, ik beperk me hier tot hetgeen reeds vele jaren openbare kennis is.

Samenvattend: die maatregel was toentertijd niet omstreden, integendeel. De consensus luidde: best is een test met een behoorlijke pakkans. Die oplossing was echter niet voorhanden, noch in zicht. Dan resteert slechts second-best. Klaar is Kees. Bovendien is deze maatregel - voor zover ik weet - niet bedacht door Verbruggen, terwijl hij dat nu wél op zijn bord krijgt, laten we dat vooral niet vergeten!

De casus Danny Nelissen
Danny Nelissen heb ik wel eens gesproken via de telefoon. Danny had ‘abnormaal’ hoge bloedwaarden maar hij benadrukte graag dat die een natuurlijke oorsprong hadden. Oftewel: certificaat, zie hierboven. Nooit een merkbare hapering in zijn stem. Bij al die gelegenheden kwam hij eigenlijk heel overtuigend over. Later heeft hij dan dopinggebruik bekend, maar pas vanaf 1996. Bijzonder gelukkig toeval voor hem: die wereldtitel in 1995 is schoon behaald!

Terzijde: geen wonder dat er mensen zijn die denken dat doping niks uithaalt...

Van ervaringsdeskundige Nelissen zou ik dus graag vernemen hóe de UCI zich níet door hem in de luren had moeten laten leggen, in het tijdsvak van zijn keuze.

Overige kritiek is naar verwachting het onderwerp van onafhankelijk onderzoek
Voor een passende opheldering van de andere punten van ‘kritiek’ moeten we mijns inziens wachten op de uitkomsten van het langverwachte onderzoek dat de UCI begin volgend jaar gaat opstarten. Ik heb een sterk vermoeden dat daar niets gedenkwaardigs uit gaat komen.

Als advocaat van de duivel stel ik voorts: iemand publiekelijk aan de schandpaal nagelen, dat doen we toch niet meer? Zelfs indien de beschuldiging terecht is, komt het neer op een dubbele bestraffing. Anders gezegd: de beschuldigde kan aldus op een strafvermindering aanspraak maken. Is dat wat we willen? Of willen we dat rechtgesproken wordt? Samenvattend: willen we het krom of willen we het recht?

De digitale schandpaal vormt geen uitzondering op die redenering: 'Volgens Kohnstamm is het opsporen van criminelen een taak van politie en justitie, en hebben ondernemers niet het recht om privacygevoelige informatie van vermeende dieven en criminelen te publiceren.'

Vervang 'politie en justitie' door die commissie waar de UCI goede sier mee maakt (en waar Brian Cookson - de huidige voorzitter van de UCI - wellicht zijn verkiezing aan te danken heeft), en verder uiteraard 'ondernemers' door 'journalisten' die er - in tegenstelling tot veel van die ‘dubieuze’ ondernemers - zonder uitzondering voor betaald worden, en het muntje valt hopelijk.

Het is niet meer of minder dan een kwestie van beschaving.

Terug naar de titel boven mijn verhaal: ik durf de ontnuchterende stelling uit de titel te verdedigen dat Verbruggen het een slordige vijftien jaar geleden al beter wist dan zijn huidige critici. Grosso modo en zonder het voordeel van achteruitkijken. In wezen is dat best wel een treurige constatering. Ik zou zeggen: wie het beter weet, mag het zeggen.

Zonneveld c.s.: ooit gehoord van opbouwende kritiek?

Klaas Faber is in 1994 aan de Radboud Universiteit te Nijmegen gepromoveerd in de chemometrie. Hierop volgden twee jaar onderzoek in de VS. Tussen 1996 en 2002 heeft hij chemometrisch en statistisch advies gegeven binnen het Nederlands Forensisch Instituut (Rijswijk) en de Agrotechnology and Food Sciences group (Wageningen). Vanaf 2002 voert hij deze activiteiten zelfstandig uit, zie www.chemometry.com. Daarnaast onderhoudt hij contacten met meer dan tien verschillende universiteiten voor het verder ontwikkelen en toepassen van methoden voor onderzoek.
« terug

Reacties: 3

-
17-12-2013
Een objectief stuk van iemand die ECHT WEET waar hij het over heeft. WAT had men DESTIJDS anders moeten DOEN? Kees Renzenbrink
-
20-12-2013
Check even het interview van Dione de Graaff met Hein Verbruggen. http://nos.nl/video/483144-volledig-interview-verbruggen.html Hierin zegt Verbruggen: ‘ik heb er alles aan gedaan, maar ik heb het niet gezien.’
Klaas Faber
15-09-2016

Dione ligt in bed met iemand die alles heeft gezien maar er niks aan gedaan heeft.

En ze zijn hartstikke gelukkig met mekaar.

Mooi toch?

En wie ben jij als ik vragen mag?

Anoniem = 0 punten.

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst