Skip Navigation LinksHome-Nieuws-Nieuws Alert-Item

Het Sportakkoord | Sport verenigt Nederland 29 juni 2018

Publieksversie Sportakkoord
Op vrijdag 29 juni is het Sportakkoord officieel gelanceerd. Onder deze kadertekst volgt de publieksversie van dat akkoord. De volgende ambities worden daarin toegelicht:

  • Iedere Nederlander heeft een leven lang plezier in sporten en bewegen.
  • We willen in Nederland kunnen beschikken over een goed werkende en duurzame sportinfrastructuur.
  • We willen aanbieders van sport en bewegen toekomstbestendig maken zodat sport en bewegen voor iedereen toegankelijk en bereikbaar blijft.
  • Sporten moet leuk zijn, veilig, eerlijk en zorgeloos. Daar zorgen we met elkaar voor.
  • Wij willen dat meer kinderen voldoen aan de beweegnorm en dat de motorische vaardigheden toenemen.
  • We gaan onze sportinfrastructuur versterken op elk niveau.

SportakkoordgetekendWaarom een nationaal Sportakkoord?

Sport verenigt Nederland
Ruim 9,4 miljoen Nederlanders sporten elke week. De één heeft een abonnement bij het fitnesscentrum of zwembad, de ander is lid van de hockeyclub en weer een ander traint via Runkeeper voor de marathon. We hebben in ons land 26.000 sportverenigingen en 6.000 sport- en beweegondernemers bieden hun diensten aan. We beschikken over prachtige accommodaties en organiseren fantastische sportevenementen. Honderdduizenden vrijwilligers helpen de sport organiseren. Hierdoor is de sport dichtbij huis en laagdrempelig. Dat maakt onze sportinfrastructuur en –cultuur uniek in de wereld.

Deze brede basis is ook het fundament voor succes van de Nederlandse topsport. Iedere topsporter is begonnen bij een plaatselijke club of vereniging. Nederland is trots op hen. We leven massaal mee met topatleten als Dafne, Rico, Epke, Bibian, Kjeld en de Oranje Leeuwinnen.

Sport verenigt mensen, sport verenigt Nederland.

Maar succes is niet vanzelfsprekend
Het gaat goed met de sport maar tegelijkertijd zijn er natuurlijk zorgen en wensen. De motorische vaardigheid van kinderen is afgenomen. Er zijn groepen mensen die nooit sporten. Sportaccommodaties staan te vaak leeg. Niet iedereen weet zich respectvol te gedragen langs de lijn. En de klassieke sportvereniging komt verder onder druk te staan door minder leden en vrijwilligers.

Als het aantal sporters in ons land afneemt, heeft dat ook gevolgen voor de topsport. We willen er daarom voor zorgen dat mensen blijven sporten. Door aanbieders te versterken en kinderen weer meer en beter te laten bewegen. Door de sportaccommodaties aantrekkelijker en toegankelijker te maken. Dan betrekken we iedereen bij sport. Dan kan de sport bijdragen aan een gezond Nederland en aan een samenleving die zich één voelt.

Daarom hebben de minister van Sport (ministerie van VWS), de gemeenten (Vereniging Sport en Gemeenten) en de sportbonden (NOC*NSF) de handen ineen geslagen. Samen met de provincies, tal van maatschappelijke organisatie en bedrijven hebben we een nationaal sportakkoord gesloten. Dat is voor het eerst in de geschiedenis.

Om de ambities van het sportakkoord mogelijk te maken, investeert het kabinet tot en met 2021 elk jaar ruim € 400 miljoen

Het akkoord

Met dit sportakkoord willen we bereiken dat iedereen, écht iedereen, plezier in sport kan hebben. Nu en in de toekomst. Ongehinderd, in een veilige en gezonde omgeving. Een leven lang. Als sporter, vrijwilliger of toeschouwer.

Onze handtekeningen onder dit sportakkoord vormen de eerste stap om dat te bereiken. Een stap die we zetten met een groot aantal partijen. Samen hebben we 6 ambities benoemd. Ambities waar we met elkaar de schouders onder gaan zetten. In 2021 –als het sportakkoord afloopt – moet dat zijn vruchten afwerpen. Voor sporters, sportaanbieders en voor Nederland.

Om de ambities van het sportakkoord mogelijk te maken, investeert het kabinet tot en met 2021 elk jaar ruim € 400 miljoen.

Provincies, gemeenten, de sport zelf, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven betalen mee om de ambities van het sportakkoord te realiseren. Hun investering is jaarlijks een veelvoud van de bijdrage van de Rijksoverheid.

Een paar voorbeelden. Er gaat € 180 miljoen naar buurtsportcoaches (van 2900 naar in totaal 3625 fte). Het kabinet en gemeenten betalen dit samen. Ook besteedt het kabinet jaarlijks € 10 miljoen aan sportevenementen. Bonden, provincies/gemeenten en het bedrijfsleven betalen minimaal hetzelfde bedrag. Daarnaast komt er per jaar € 87 miljoen aan overheidssubsidie beschikbaar voor sportaanbieders die investeren in het moderniseren van hun accommodatie.

Vijf van onze zes ambities staan hieronder kort beschreven. Met daarbij voorbeelden van wat we concreet gaan doen. Het plan voor de zesde ambitie ´Topsport inspireert´ wordt nog gemaakt. Het volgt later omdat we de voorwaarden voor topsporters die zich voorbereiden op de Olympische Spelen van Tokio in 2020, niet tussendoor willen wijzigen.
themassportakkoord


1. Inclusief sporten en bewegen

Iedere Nederlander een leven lang plezier in sporten en bewegen. Ongehinderd door leeftijd, lichamelijke of geestelijke gezondheid, etnische achtergrond, seksuele geaardheid of sociale positie. Dat zou vanzelfsprekend moeten zijn. Belemmeringen die mensen nu nog ervaren nemen we weg.

Op dit moment voldoet ongeveer de helft van alle Nederlanders aan de beweegrichtlijn en 57% van de Nederlanders sport wekelijks. Maar als we kijken naar mensen met een beperking, een laag inkomen of met een migratieachtergrond, dan liggen deze percentages veel lager. De beweegrichtlijn voor kinderen is ministens 1 uur per dag. Voor volwassenen in ieder geval 2,5 uur per week.

Er komt een Code goed sportbestuur voor sportaanbieders. Onderdeel daarvan is diversiteit

Wat gaan we doen?

  • Er komen meer Buurtsportcoaches. We gaan van 2900 naar 3625 coaches. Zij gaan mensen helpen die nu belemmeringen ervaren om te kunnen sporten. En zij gaan de sportaanbieders helpen om deze sporters te kunnen bedienen. Wie gebruik wil maken van een buurtsportcoach, kan daarvoor terecht bij de gemeente.
  • We vragen gemeenten het aantal soorten hulpmiddelen, waar sporters met een beperking een beroep op kunnen doen, uit te breiden. Ook blades of een handbike moeten voor een vergoeding in aanmerking komen. De mogelijkheden zijn in te zien bij het gemeentelijk Wmo-loket.
  • Er komt een Code goed sportbestuur voor sportaanbieders. Onderdeel daarvan is diversiteit. Clubs worden onder meer via deze code gestimuleerd te werken aan diversiteit. Zodat iedereen kan genieten van sport en mee kan helpen met het organiseren ervan. Man en vrouw, jong en oud, met een beperking en zonder, laag en hoogopgeleid, iedereen is in alle geledingen van de sport vertegenwoordigd. Besturen, trainers, coaches en sporters ze zijn een afspiegeling van de samenleving. De sportbonden gaan de sportverenigingen ondersteunen de Code effectief in te zetten.

2. Duurzame sportinfrastructuur

We willen in Nederland kunnen beschikken over een goed werkende en duurzame sportinfrastructuur. Het gaat niet alleen om sportvelden, zwembaden, sporthallen en clubhuizen, maar ook om het stadspark en het trapveldje in de wijk. Overal waar gesport en bewogen wordt, moeten de voorzieningen op orde zijn.

Nederland telt ruim 22.000 sportaccommodaties, variërend van sportzalen tot zwembaden en van honkbalvelden tot ijsbanen. Van de 1,2 miljard euro die gemeenten jaarlijks uitgeven aan sport, wordt 85% besteed aan sportaccommodaties. Veel van deze accommodaties zijn 40 tot 50 jaar oud en niet duurzaam gebouwd. Daardoor hebben sportclubs en gemeenten hoge energierekeningen. Geld dat beter gebruikt kan worden voor de sport en om de sport voor iedereen betaalbaar te houden.

Gemeenten gaan aan de slag om de openbare ruimte beweegvriendelijker te maken

Wat gaan we doen?

  • Sportverenigingen kunnen vanaf 1 januari 2019 voor investeringen die zij doen in hun accommodatie, subsidie aanvragen via het subsidieplein van VWS. Daarnaast is extra subsidie beschikbaar om accommodaties duurzamer en toegankelijker te maken. Gemeenten en bonden verstrekken hierover binnenkort meer informatie.
  • Steeds meer mensen sporten en bewegen in de openbare ruimte. Zoals wandelen, fietsen, hardlopen of yoga in het park. Gemeenten gaan aan de slag om de openbare ruimte beweegvriendelijker te maken. De handreiking ‘Sport, bewegen en de omgevingswet’ die de VSG hiervoor heeft ontwikkeld, is te downloaden via de website van de VSG.
  • Sportverenigingen en gemeenten worden via een zogeheten Routekaart en een expertiseplatform ondersteund om hun sportaccommodaties te verduurzamen. Lagere energielasten betekenen lagere kosten voor de accommodatie. Zo houden we de sport betaalbaar voor iedereen. Meer informatie over de Routekaart is te krijgen bij de VSG.

3. Vitale aanbieders

We willen aanbieders van sport en bewegen toekomstbestendig maken zodat sport en bewegen voor iedereen toegankelijk en bereikbaar blijft. Niet iedere sportaanbieder weet nu in te spelen op ontwikkelingen als vergrijzing, individualisering en digitalisering. Mede hierdoor heeft een kwart van alle verenigingen de afgelopen jaren met een dalend ledenaantal te maken gehad. En veel verenigingen kampen met een tekort aan trainers.

We willen alle aanbieders klaar maken voor de toekomst. Verenigingen kunnen sterker worden door hun sport- en beweegaanbod te verbreden. Door zich ondernemender te gedragen. Commerciële sportaanbieders kunnen zich versterken door meer maatschappelijk betrokken te zijn.

Er komt scholingsaanbod voor sportbestuurders. Dit is erop gericht verenigingen meer ondernemend te laten functioneren

Wat gaan we doen?

  • Om vrijwilligerswerk in de sport te stimuleren, gaat de onbelaste vrijwilligersvergoeding per 1 januari 2019 omhoog van €1500 naar €1700 per jaar. Informatie hierover is te vinden op de website van de belastingdienst.
  • Sportaanbieders worden door de buurtsportcoach geholpen om door samenwerking hun positie te versterken. Samenwerking binnen de eigen tak van sport - bijvoorbeeld door samen 1 trainer aan te stellen. Samenwerking met andere sporten, zoals het oprichten van een omnivereniging. Of samenwerking met partners uit onder andere het onderwijs, de kinderopvang, welzijnsorganisaties of het bedrijfsleven. Via de gemeente is meer informatie te krijgen over buurtsportcoaches.
  • Er komt scholingsaanbod voor sportbestuurders. Dit is erop gericht verenigingen meer ondernemend te laten functioneren. Op de websites van de sportbonden en de Academie voor Sportkader (ASK) staat welk scholingsaanbod beschikbaar is.

4. Positieve sportcultuur

Sporten moet leuk zijn, veilig, eerlijk en zorgeloos. Daar zorgen we met elkaar voor. Plezier in sport is het fundament voor een leven lang sporten. De afgelopen jaren heeft bijna 60 procent van alle sportverenigingen gewerkt aan een plezierig en veilig sportklimaat. We willen ervoor zorgen dat alle sportclubs aandacht hebben voor een positieve sportcultuur. Dat trainers, leraren en instructeurs het welzijn van het kind belangrijker vinden dan winnen en dat ouders en verzorgers langs de lijn positieve supporters zijn.

We gaan investeren in het verbeteren van pedagogische kennis van trainers en begeleiders van jeugdige sporters

Wat gaan we doen?

  • Sportbestuurders kunnen gebruik maken van coaching om een positieve sportcultuur op hun club te realiseren. Bij de sportbonden is hierover meer informatie beschikbaar.
  • Scheidsrechters bij jeugdwedstrijden scholen we om tot spelbegeleiders. Ook gaan we investeren in het verbeteren van pedagogische kennis van trainers en begeleiders van jeugdige sporters. Op de websites van de sportbonden en de Academie voor Sportkader staat het (bij)scholingsaanbod.
  • Sportverenigingen kunnen ondersteuning krijgen voor het opzetten van integriteitbeleid. Het gaat om het voorkomen van ongewenst gedrag op en rond de club. De verklaring omtrent gedrag blijft gratis beschikbaar voor vrijwilligers in de sport. Verenigingen kunnen zich aanmelden via www.gratisvog.nl.

5. Van jongs af aan vaardig in bewegen
Spelen en bewegen is minder vanzelfsprekend geworden in het dagelijks leven van kinderen. Onderzoekers stelden in 2016 vast dat de meeste kinderen van 4 tot 11 jaar maar drie tot zeven uur per week buiten spelen en dat de bewegingsvaardigheid van kinderen minder is dan in 2006. De oorzaken daarvan zijn legio: digitalisering, verstedelijking en te weinig veilige speelplekken. Maar ook de terughoudende en voorzichtige houding van veel ouders en verzorgers bij het buitenspelen speelt een rol.

Wij willen dat meer kinderen voldoen aan de beweegnorm en dat de motorische vaardigheden toenemen. We richten ons vooral op kinderen in de leeftijd van 0 tot 12 jaar. Want als kinderen op jonge leeftijd weinig bewegen, ontwikkelen ze zich motorisch minder goed en hebben ze een grotere kans op overgewicht. En door overgewicht heb je een grotere kans op chronische aandoeningen.

In elke gemeente komt een beweegprogramma voor kinderen onder 6 jaar

Wat gaan we doen?

  • Er komt een publiekscampagne om de beweegrichtlijn bij iedereen bekend te maken. Net zoals de Schijf van Vijf voor voeding. Het communicatiemateriaal komt dit najaar via www.allesoversport.nl beschikbaar.
  • In elke gemeente komt een beweegprogramma voor kinderen onder 6 jaar. Denk aan programma’s zoals het Nijntje beweegdiploma, de Volleybalspeeltuin, Tuimeljudo of Funkey. Informatie over het brede aanbod van beweegprogramma’s van onder andere sportbonden is te krijgen bij NOC*NSF.
  • Het Jeugdfonds Sport en Cultuur verlaagt de leeftijdsgrens van 4 naar 2 jaar. Hierdoor kunnen ouders met een kleine beurs financiële ondersteuning krijgen om hun kinderen vanaf 2 jaar te laten sporten, spelen en bewegen. Voor meer informatie: www.jeugdfondssportencultuur.nl/raadplegen.


Tot Slot

We gaan onze sportinfrastructuur versterken op elk niveau. Lokaal, regionaal en landelijk. Want ook bonden en koepels moeten– net als de sportaanbieders – zich ontwikkelen om tegemoet te komen aan hun nieuwe rol binnen de sport. Daarom hebben we met elkaar afgesproken om naast de zes ambities ook werk te maken van een onderzoek naar de organisatie en financiering van de sport. Met dat onderzoek brengen we in beeld waar de knelpunten zitten en hoe we die kunnen oplossen. Zo verenigen we het lokale en het landelijke speelveld. En zo verenigen we via sporten Nederland op de korte en de lange termijn.

Dit sportakkoord is het startpunt. Heel veel mensen staan klaar om de komende jaren onze gezamenlijke ambities te realiseren. Iedereen kan helpen om de sport te versterken. Iedereen kan helpen om alle Nederlanders het plezier in sporten en bewegen te laten ervaren. Samen zetten we er de schouders onder.

Verder lezen
logoSAHierboven staat de samenvatting van het sportakkoord. De gehele tekst is hier te lezen. Op deze pagina van Allesoversport.nl is de nodige achtergrondinformatie over het sportakkoord te vinden, zoals bijvoorbeeld een visuele samenvatting. Informatie over wat de maatregelen in het sportakkoord voor verenigingen betekenen, is te krijgen bij NOC*NSF. Gemeenten en sportbedrijven kunnen voor aanvullende informatie over de inhoud van het sportakkoord terecht bij de VSG.

Informatie over de subsidiemaatregelen en het Sportakkoord is op te vragen bij het ministerie van VWS; sportakkoord@minvws.nl Of telefonisch: 070-340 6398.

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst