Skip Navigation LinksHome-Nieuws-5 vragen aan...-Item

5 vragen aan Ronald Wouters, algemeen directeur van NL Actief 5 februari 2019

Hij heeft zich voorgenomen om in zijn vijftigste levensjaar een triatlon te doen. Volgend jaar is het zover, dus heeft Ronald Wouters zich onlangs aangemeld bij een triatlonvereniging. Sport loopt als een rode draad door zijn leven. Dat begon met een CIOS-diploma in 1992 en inmiddels is Wouters alweer zestien jaar algemeen directeur van NL Actief, de brancheorganisatie voor sportondernemers in Nederland. Die organisatie speelt wat hem betreft een grote rol bij een gezonder en vitaler Nederland. Daarom is Wouters blij dat NL Actief aan tafel zat bij de totstandkoming van het Sportakkoord. Sportondernemers en de georganiseerde sport moeten volgens hem samen optrekken. 

door: Leo Aquina | 5 februari 2019

1. Je bent zestien jaar directeur van de brancheorganisatie voor fitnessondernemers: Fit!vak, tegenwoordig NL Actief. Met welke achtergrond kwam je bij die organisatie terecht?
“Via een bijbaan tijdens mijn studie aan de NHTV (Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer, red.) kwam ik in de fitnesswereld terecht. Ik had toen al een CIOS-opleiding (Centraal Instituut Opleiding Sportleiders, red.) gedaan. Waar studievrienden bijbaantjes hadden bij de supermarkt, kon ik iets doen met dat CIOS-diploma. In de zomer was ik surfleraar en in de winter werkte ik in een fitnesscentrum. Al snel praatte ik met de ondernemer mee over strategische onderwerpen en na mijn studie kwam ik in dienst als manager. Daarna heb ik overwogen zelf als fitnessondernemer te beginnen, maar thuis was er weerstand tegen het risico dat dit met zich meebracht. Achteraf is het grappig dat ik uiteindelijk op deze plek terechtgekomen ben als belangenbehartiger van die fitnessondernemers.”

“Ik realiseerde me goed dat we als organisatie aan de achterban duidelijk moesten maken wat de voordelen van een lidmaatschap waren”

“Na die eerste baan als manager bij het fitnesscentrum heb ik een uitstapje gemaakt naar een commerciële functie in de medische sector. Via mijn eerste werkgever, met wie ik altijd contact heb onderhouden, kwam ik terecht bij een leverancier van fitnessapparatuur. Daar waren ze op zoek naar een commercieel directeur en dat heb ik zes jaar gedaan. In die functie had ik veel contact met ondernemers. Vanuit dat netwerk kwam Fit!vak op mijn pad. Zij zagen dat de fitnessbranche groeide, maar hun organisatie maakte een omgekeerde beweging. Of ik daar verandering in wilde brengen?”

XL5 5VragenAan-RonaldWouters-1 copy“Er waren toen 216 ondernemers aangesloten, terwijl er landelijk zo'n 1400 tot 1500 fitnessondernemers waren. Dat is natuurlijk een netwerk met de nodige potentie. Ik ben in eerste instantie begonnen met het werven van nieuwe leden. Voordat ik bij Fit!vak begon, heb ik veel ondernemers gevraagd waarom zij wel of niet lid waren van de brancheorganisatie. De vraag die daarbij steeds weer naar boven kwam was: wat kost het en wat levert het op? Daardoor realiseerde ik me goed dat we als organisatie aan de achterban duidelijk moesten maken wat de voordelen waren. Als belangenbehartiger probeer je nadelen voor ondernemers weg te halen en voordelen binnen te halen, op alle terreinen. Om invloed uit te kunnen oefenen heb je volume nodig. Overal wordt de vraag gesteld: hoeveel ondernemers vertegenwoordigen jullie?” 

2. Op je LinkedIn-profiel lezen we: ‘Van jongs af aan speelt sport een centrale rol in mijn leven en nog dagelijks geniet ik ervan om, ook professioneel, met sport bezig te zijn.’ In hoeverre beschouw je fitness als sport?
“Als je dit aan de mensen vraagt die aan fitness doen, zeggen ze allemaal: ‘Natuurlijk doen wij aan sport'. Je kunt zeggen dat er geen competitie-element in zit, maar dat is een heel krappe definitie. Er zijn veel verschillende redenen waarom mensen aan fitness doen. Sommigen willen een mooi strak lichaam. Dat is het stigma dat nog altijd aan fitness kleeft, maar er zijn ook veel mensen bij wie het gaat om gezondheid en vitaliteit, en vaak is er ook het sociale component.”

“Ik vind het belangrijk dat we naar de brede maatschappelijke functie van fitness kijken. Op dit moment associëren mensen fitness nog te veel met die strakke lichamen, de halters en de loopbanden. Als je mensen in de toekomst naar drie elementen van fitness vraagt, hoop ik dat ze zullen zeggen dat het gaat om toegankelijke sport in de buurt, een lokaal kenniscentrum op het gebied van bewegen en vitaliteit, en een leuke plek om andere mensen te ontmoeten.”

“De naamswijziging hebben we doorgevoerd omdat ons imago ver afweek van onze identiteit. Het imago was sportschool/fitness, terwijl we er in een veel bredere zin zijn”

“Er doen op dit moment drie miljoen mensen in Nederland aan fitness. Daarmee is het de meest beoefende sport in het land en de grootste werkgever in de sport. Het aantal fitnessbeoefenaren is ruim twee keer zo groot als het ledental van de KNVB, de grootste sportbond van Nederland. Daar zie je de maatschappelijke component terug. Nederland kent een enorm zorgvraagstuk en daar ligt meteen de grootste kans voor onze branche, vooral als je weet dat er 90 miljard euro omgaat binnen het ministerie van VWS. Veel aandoeningen, met name chronische, kunnen deels worden voorkomen met een gezonde leefstijl.”

XL5 5VragenAan-RonaldWouters-23. In 2017 veranderde Fit!vak van naam. Tegenwoordig is het NL Actief. Dat ging gepaard met een koerswijziging. Wat zijn de belangrijkste veranderingen en zie je al resultaat? 
“Ja, we zien zeker resultaat. Die naamswijziging hebben we doorgevoerd omdat ons imago ver afweek van onze identiteit. Het imago was sportschool/fitness, terwijl we er in een veel bredere zin zijn om mensen in beweging te krijgen. Je zag die ontwikkeling enkele jaren geleden al bij de Europese brancheorganisatie, die heette vroeger EHFA. Dat zei niemand iets. Zij veranderden hun naam zeven jaar geleden in Europe Active. Ik heb diezelfde dag nog aan mijn secretaresse gevraagd om NL Actief te deponeren. Destijds nog niet met de concrete gedachte van een naamswijziging, maar het is de lijn waar we voor staan en dus ook volkomen logisch dat we die naam nu ook dragen.”

“We merken dat we door die naamswijziging met andere partijen in gesprek raken: de wandelbond, Reuma Nederland, de Hersenstichting, maar ook de overheid en daaraan gelieerde partijen hebben meer oog voor onze sociaal-maatschappelijke rol. Die partijen waren nooit naar ons toegekomen als we nog Fit!vak hadden geheten.”

“We hebben ook nadrukkelijk gekozen voor meer transparantie. Om dat te bevorderen, hebben we een certificerings- en kwaliteitssysteem ingevoerd. Ik maak wel eens de vergelijking met Albert Heijn en Lidl. De klant weet bij die winkels van tevoren wat de bedrijfsformule is en dat voorkomt ontevredenheid. Wij zagen dat de consument in onze branche werd geconfronteerd met discounters. Daar betaalden ze 20 euro minder, om er later pas achter te komen dat ze daarvoor ook lang niet kregen wat ze bij hun eerdere fitnessaanbieder wel kregen. Ze moesten bijvoorbeeld opeens betalen voor de douche of een kluisje en er bleek geen personal trainer te zijn." 

"Niets ten nadele van de discounter, maar de consument moet aan de voorkant wel een bewuste keuze kunnen maken. Als je bij Lidl naar binnen loopt en je verwacht Lidl, ben je tevreden over de prijs-kwaliteitsverhouding. Maar als je Albert Heijn verwacht, valt het tegen. Bij een supermarkt kun je de volgende dag gewoon weer naar die ander teruggaan, maar bij een sportschool sluiten consumenten vaak een jaarabonnement af. Als het dan niet aan de verwachtingen voldoet, gaan mensen klagen en daarmee komt de sector als geheel negatief in het nieuws.” 

“We hebben aan tafel gezeten bij het Sportakkoord en het is nu zaak om de sportondernemer op lokaal niveau ook aan tafel te krijgen. Daar ligt nog een grote uitdaging”

“Als brancheorganisatie zijn wij er voor Albert Heijn én Lidl in onze sector. Dat geeft ook spanning, want de gevestigde orde ziet de discounter als concurrent. Als je aan de voorkant transparant bent over de prijs-kwaliteitsverhouding kunnen beide partijen goed naast elkaar bestaan. Als brancheorganisatie hebben we drie kwaliteitspijlers waaraan ondernemers moeten voldoen. Ze moeten zich op onze website identificeren, aangeven wat ze wel en niet aanbieden en voor welke prijs; voldoen aan de wet- en regelgeving en zich houden aan de algemene leveringsvoorwaarden die zijn erkend door de consumentenbond.”

4.  Met Karin van  Bijsterveld heeft NL Actief een nieuwe voorzitter die haar sporen als voorzitter van de tennisbond heeft verdiend in de georganiseerde sport. Is dat een strategische keuze? Zoekt NL Actief naar meer aansluiting bij die georganiseerde sport?
XL5 5VragenAan-RonaldWouters-3“Karin is iemand met een enorme passie voor sport. Ze heeft veel ervaring, een groot netwerk in de sport - ook richting de overheid - en een sterke visie. Zij voldeed aan het profiel en ze zit perfect op haar plaats. Het is interessant om straks, als ook NOC*NSF een nieuwe voorzitter heeft, te kijken hoe we nog meer samen kunnen doen om Nederland aan het bewegen te krijgen. We zijn een sector met veel kansen. Ik kan me voorstellen dat de georganiseerde sport en de ondernemende sport in de toekomst nog verder naar elkaar toegroeien, maar je hebt te maken met een groot cultuurverschil. Veel ondernemers zijn ook actief binnen het verenigingswezen en daar zijn het andere mensen. Een ondernemer in een verenigingsbestuur kan als ondernemer prima met een collega praten, maar op het moment dat hij als bestuurder met een ondernemer praat, verandert het totaal. Dat cultuurverschil blijkt hardnekkig.”

“Toch wil ik dat cultuurverschil niet zozeer benadrukken. De ondernemende sport vervult een belangrijke maatschappelijke rol en dat wordt gelukkig steeds meer onderkend. We hebben aan tafel gezeten bij het Sportakkoord en het is nu zaak om de sportondernemer op lokaal niveau ook aan tafel te krijgen. Daar ligt nog een grote uitdaging. Er zijn al voorbeelden, zoals bijvoorbeeld in Zeeland, waar een voetbalclub samenwerkt met een ondernemer met fitnessapparatuur in een noodgebouw bij de club. Dat zorgt voor dubbele aantrekkingskracht. Als sportondernemers zijn we er niet om ervoor te zorgen dat de georganiseerde sport nog meer leden kwijtraakt. Wij zijn er om Nederland aan het sporten en bewegen te krijgen en daarin willen we als gelijkwaardige partner worden gezien.” 

“Het zou helemaal niet vreemd zijn als er in Nederland zes of zeven miljoen mensen aan fitness doen”

“Sportondernemers zijn vaak beter in staat om in te spelen op de eisen van de nieuwe tijd omdat ze vanuit de wensen van de consument redeneren en niet vanuit de sport, zoals bij bonden en clubs meestal gebeurt. Ik vergelijk onze sector vaak met Netflix of Spotify. Vroeger hadden mensen via de publieke omroep een televisieaanbod, later kwam daar commerciële televisie bij, maar met Netflix en Spotify kunnen mensen kijken en luisteren waar en wanneer zij dat zelf willen. Die wens bestaat ook als het gaat om sport. Daarom stoppen veel mannen van middelbare leeftijd met voetbal en gaan ze fietsen. Als ik bij mijn buurman aanbel met mijn racefiets aan de hand, maken we samen een ritje. Maar iemand van boven de 40 jaar belt niet bij zijn buurman aan met een bal onder zijn arm, terwijl hij dat misschien veel liever doet. Als jochie van 10 deed hij dat nog wel. Voetbalclubs bieden hier geen uitkomst. Daar word je in een team gestopt en speel je op vaste tijden. Ze proberen het wel aan te passen met zeven tegen zeven, maar de meeste mensen stoppen niet met voetbal omdat ze het veld te groot vinden, maar omdat ze zelf willen bepalen wanneer ze kunnen spelen. Daar ligt ruimte voor de sportondernemer.”

5. Je spreekt van een sector met enorm veel ‘kansen’. Waar liggen die kansen vooral?
“Er doen zoals gezegd in Nederland drie miljoen mensen aan fitness. Eigenlijk moet je zeggen: máár drie miljoen. Het zou helemaal niet vreemd zijn als er in Nederland zes of zeven miljoen mensen aan fitness doen. Uit onderzoek van onder meer het Mulier Instituut en NOC*NSF blijkt dat er heel veel mensen zijn die morgen zouden gaan sporten als het aanbod aansluit op hun behoefte. Er is een grote vraag, maar veel mensen hebben nog niet gevonden wat bij hen past. Vaak hebben zij bij fitness dat klassieke beeld in hun hoofd van strakke lichamen, halters en loopbanden in de sportschool, maar als die mensen zouden weten dat fitness ook wandelen kan zijn, of een bootcamp, trainen voor Alpe DuZes of een ander evenement, dan opent het vele mogelijkheden. Voor ons ligt de grote uitdaging om mensen te inspireren, te motiveren en om hen kennis te laten maken met wat er allemaal mogelijk is.”

« terug

Reacties: 0

Reactie toevoegen

Naam*
E-mailadres*
Reactie*
Stuur mij een e-mail als er een nieuwe reactie wordt geplaatst